Zitting van 28 01 2026
Verslag van de vorige zitting dd. 21.01.2026
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 21.01.2026 opgesteld.
Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.
Feiten en context
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 21.01.2026 opgesteld.
Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.
Juridische grond
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Niet van toepassing.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het verslag van de vorige zitting wordt goedgekeurd.
Zitting van 28 01 2026
Kienspel 06.02.2026 - Vandebos NV ten voordele van Kom op tegen Kanker
Op maandag 26 januari 2026 ontvingen wij de aanvraag van mevrouw Miek Coomans, management assistent van Vandebos NV voor het houden van een kienspel op vrijdag 6 februari 2026 in gc Sint-Jorisheem in Alken. Ze doen dit ten voordele van Kom op tegen Kanker.
Feiten en context
Op maandag 26 januari 2026 ontvingen wij de aanvraag van mevrouw Miek Coomans, management assistent van Vandebos NV voor het houden van een kienspel op vrijdag 6 februari 2026 in gc Sint-Jorisheem in Alken. Ze doen dit ten voordele van Kom op tegen Kanker.
Juridische grond
Artikel 7 van de wet van 31.12.1851 op de loterijen.
De omzendbrief van de Gouverneur dd. 03.05.1994 kenmerk
022.01.00//1438/CR/BB
Volgens deze omzendbrief dient er een prijzenlijst bij de aanvraag gevoegd te worden met vermelding van de prijzen, de waarde en de herkomst van de prijs.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Een goedkeuring van het college van burgemeester en schepenen is vereist voor het inrichten van een kienspel waarbij prijzen verloot worden.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen geeft toestemming aan mevrouw Miek Coomans, management assistent van Vandebos NV, Bisschopsweyerstraat 17, 3570 Alken om op vrijdag 6 februari in het Sint-Jorisheem te Alken een kienspel in te richten, onder de volgende voorwaarden:
- er wordt op voorhand een lijst binnengebracht van de prijzen, met vermelding van de kostprijs of de waarde, en de herkomst van de prijs.
- het kienspel geen prijzen in geld of onmiddellijk in geld omkeerbaar zal behelzen.
- de bekendmaking alleen binnen de gemeentegrenzen zal geschieden overeenkomstig art. 7 van de wet op de loterijen van 31 december 1851,
- de publiciteit volgende gegevens zal bevatten: dag en tijdstip van de activiteit, deelnameprijs, bestemming van de opbrengst en datum goedkeuring .
- de inrichters nadien een verslag indienen bij het college van burgemeester en schepenen inzake werking van het kienspel, volledige afrekening met alle inkomsten en uitgaven en bestemming die gegeven wordt aan de opbrengst ervan.
Artikel 2: In geval van niet-naleving van de voorwaarden, stelt de overtreder zich bloot aan de vervolgingen voorzien bij artikel 301 e.v. van het strafwetboek.
Zitting van 28 01 2026
Kienspel ouderraad Sint-Joris dd. 07.03.2026
Op maandag 19 januari ontvingen wij een aanvraag namens de Ouderraad van basisschool Sint-Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken voor het houden van een kienspel op zaterdag 7 maart 2026 in de sportzaal van Basisschool Sint-Joris. Ze vulden het aanvraagformulier correct in. Er dienen enkel nog bewijzen ingeleverd te worden i.v.m. de aankoopbewijzen van de prijzen en de concrete aanwending van de opbrengst van het kienspel.
Feiten en context
Op maandag 19 januari ontvingen wij een aanvraag van Isabel Jacobs, Koosterstraat 30, 3570 Alken namens de Ouderraad van basisschool Sint-Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken voor het houden van een kienspel op zaterdag 7 maart 2026 in de sportzaal van Basisschool Sint-Joris. Ze vulden het aanvraagformulier correct in. Er dienen enkel nog bewijzen ingeleverd te worden i.v.m. de aankoopbewijzen van de prijzen en de concrete aanwending van de opbrengst van het kienspel.
Juridische grond
Artikel 7 van de wet van 31.12.1851 op de loterijen.
De omzendbrief van de Gouverneur dd. 03.05.1994 kenmerk
022.01.00//1438/CR/BB
Volgens deze omzendbrief een prijzenlijst bij de aanvraag gevoegd dient te worden met vermelding van de prijzen, de waarde en de herkomst van de prijs.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Een goedkeuring van het college van burgemeester en schepenen is vereist voor het inrichten van een kienspel waarbij prijzen verloot worden. In dit geval moet er worden overgegaan tot een goedkeuring onder voorwaarde dat de correcte documenten nog bezorgd worden.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen geeft toestemming aan Isabel Jacobs, Koosterstraat 30, 3570 Alken, voorzitter van de Ouderraad van basisschool Sint-Joris om op zaterdag 7 maart 2026 een kienspel in te richten in de sporthal van basisschool Sint-Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken, onder de volgende voorwaarden:
- er wordt op voorhand een lijst binnengebracht van de prijzen, met vermelding van de kostprijs of de waarde, en de herkomst van de prijs.
- het kienspel geen prijzen in geld of onmiddellijk in geld omkeerbaar zal behelzen.
- de bekendmaking alleen binnen de gemeentegrenzen zal geschieden overeenkomstig art. 7 van de wet op de loterijen van 31 december 1851,
- de publiciteit volgende gegevens zal bevatten: dag en tijdstip van de activiteit, deelnameprijs, bestemming van de opbrengst en datum goedkeuring .
- de inrichters nadien een verslag indienen bij het college van burgemeester en schepenen inzake werking van het kienspel, volledige afrekening met alle inkomsten en uitgaven en bestemming die gegeven wordt aan de opbrengst ervan.
Artikel 2: In geval van niet-naleving van de voorwaarden, stelt de overtreder zich bloot aan de vervolgingen voorzien bij artikel 301 e.v. van het strafwetboek.
Zitting van 28 01 2026
Manoeuvreaanvraag 10 tem 14 Februari 2026
Besluit
Zitting van 28 01 2026
Uitnodiging opening horecazaak El Momento
Besluit
Zitting van 28 01 2026
Verkeersmaatregel Keulemanweg
Op vrijdagavond 14 november is rond 21.40 uur een auto aan hoge snelheid een woning binnengereden op het kruispunt van de Keulemanweg en de Sterappelweg in Alken. De bestuurder kwam van de parking van de sporthal en wou zich via de Boskoopweg naar de Alkerstraat begeven maar reed onbewust de Sterappelweg in, een doodlopende straat in een zone 30 waar normaal enkel plaatselijk verkeer rijdt. Vermoedelijk werd de bestuurder onwel, waardoor hij de controle over het voertuig verloor, rechtdoor reed en uiteindelijk tegen de woning met huisnummer 6 op de Keulemanweg botste. Volgens getuigen komt het op dit T-kruispunt vaker voor dat bestuurders rechtdoor rijden en daardoor op de oprit van Keulemanweg 6 terechtkomen. In de meeste gevallen gebeurt dit aan lagere snelheid, waardoor de schade beperkt blijft. Bewoners melden dat het doorgaans om lichte blikschade aan geparkeerde voertuigen gaat. Hiervan kan door de politie maar 1 voorval worden bevestigd. Omdat de straat doodlopend is en gelegen in een zone 30, mag worden verwacht dat het merendeel van de weggebruikers vertrouwd is met de verkeerssituatie en de geldende regels naleeft.
Feiten en context
Op vrijdagavond 14 november is rond 21.40 uur een auto aan hoge snelheid een woning binnengereden op het kruispunt van de Keulemanweg en de Sterappelweg in Alken. De bestuurder kwam van de parking van de sporthal en wou zich via de Boskoopweg naar de Alkerstraat begeven maar reed onbewust de Sterappelweg in, een doodlopende straat in een zone 30 waar normaal enkel plaatselijk verkeer rijdt. Vermoedelijk werd de bestuurder onwel, waardoor hij de controle over het voertuig verloor, rechtdoor reed en uiteindelijk tegen de woning met huisnummer 6 op de Keulemanweg botste. Volgens getuigen komt het op dit T-kruispunt vaker voor dat bestuurders rechtdoor rijden en daardoor op de oprit van Keulemanweg 6 terechtkomen. In de meeste gevallen gebeurt dit aan lagere snelheid, waardoor de schade beperkt blijft. Bewoners melden dat het doorgaans om lichte blikschade aan geparkeerde voertuigen gaat. Hiervan kan door de politie maar 1 voorval worden bevestigd. Omdat de straat doodlopend is en gelegen in een zone 30, mag worden verwacht dat het merendeel van de weggebruikers vertrouwd is met de verkeerssituatie en de geldende regels naleeft.
Juridische grond
Decreet lokaal bestuur 22 december 2017, artikel 56 e.v.
Decreet houdende gemeentewegen 3 mei 2019, onder andere artikel 34
Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg, artikel 71
Adviezen
Advies politiezone LRH van 9 januari 2026: de politie adviseert een hindernis te plaatsen in de vorm van een bloembak.
Argumentatie
Risico inschatting:
Hier wordt een beoordeling van de ernst en kans dat het probleem opnieuw voorkomt geformuleerd. Aangezien het hier gaat om een samenloop van onvoorziene omstandigheden, waarvan de kans op herhaling klein is, is het nemen van ingrijpende maatregelen niet aangewezen. In de praktijk wordt doorgaans pas overgegaan tot het nemen van maatregelen wanneer deze een bredere, positieve impact hebben op de samenleving in Alken en niet enkel van individueel belang zijn.
Mogelijke maatregelen:
Verplaatsen verkeersbord F45b: In de huidige situatie staat het verkeersbord F45b, dat een doodlopende straat voor gemotoriseerd verkeer aanduidt, pas aan het einde van de Sterappelweg. Een logischere locatie voor dit bord zou de T-splitsing van de Boskoopweg met de Sterappelweg zijn. Door het bord daar te plaatsen worden weggebruikers reeds vóór het inrijden van de straat geïnformeerd dat deze doodlopend is.
Plaatsen bloembak als buffer: De beschikbare vrije ruimte op het openbaar domein, waar het technisch en praktisch mogelijk is om een bloembak te plaatsen, wordt in onderstaande illustratie duidelijk weergegeven. Deze zone geeft aan waar een plaatsing zonder hinder voor doorgang of zichtbaarheid kan gebeuren. Bij de plaatsing van de bloembak moet rekening worden gehouden met het profiel van vrije ruimte voor voetgangers, dat idealiter tussen 1,5 en 1,8 meter bedraagt. Omdat deze locatie zich in de nabijheid van een woonzorgcentrum bevindt, waar rolstoelen regelmatig passeren en een hoog comfort voor alle weggebruikers gewenst is, gaat de voorkeur uit naar een vrije ruimte van 1,8 meter.
Zichtbaarheid weginrichting verhogen met LED of markering: Het plaatsen van LED-roadstuds op de T-kruising kan de voorspelbaarheid van de kruising verbeteren door de zichtbaarheid te verhogen. Deze roadstuds trekken de aandacht van chauffeurs en waarschuwen hen voor potentiële gevaren of onverwachte situaties. Dankzij het knipperende effect versterken ze bovendien de alertheid en het reactievermogen van weggebruikers. Door de LED-roadstuds zo te programmeren dat ze mee knipperen met de rijrichtingen, wordt de verkeerssituatie extra duidelijk gemaakt voor de chauffeurs. LED wegmarkering op zonne-energie | VVSNV Webshop In een woonwijk is het niet wenselijk om wegmarkeringen aan te brengen, omdat deze de indruk kunnen wekken van een autogerichte omgeving, waardoor automobilisten sneller zouden rijden. In deze gebieden kiest men er bewust voor de straat zo in te richten dat de ruimte wordt gedeeld tussen verschillende weggebruikers. Zo kunnen ook fietsers veilig gebruikmaken van de rijbaan. Het idee is dat automobilisten hun snelheid en gedrag automatisch aanpassen aan de aanwezigheid van andere weggebruikers, wat bijdraagt aan een veiligere straat en een hogere leefkwaliteit voor de bewoners. Zeker op een doodlopende straat, waar het enkel om plaatselijk gemotoriseerd verkeer gaat, is het niet de bedoeling maatregelen te treffen die gericht zijn op rijgemak gemotoriseerd verkeer. Wegmarkeringen zouden in deze situatie tegen de gewenste functie van de straat ingaan. Vergelijken en afwegen maatregelen:
Maatregel 1: Verplaatsen verkeersbord F45b
Voordelen:
- Geen aankoop nieuwe verkeersinfrastructuur nodig → lage kosten.
- Situatie wordt verduidelijkt → nog minder verkeer op Sterappelweg. Heeft invloed op volledige woonwijk.
Nadelen:
- Geen nadelen in deze situatie.
Maatregel 2: Plaatsen bloembak
Voordelen:
- Woning nummer 6 Keulemanweg heeft fysieke buffer tegen gemotoriseerd verkeer. Een mogelijkheid om de straat met groen in te kleden.
Nadelen:
- Vraagt onderhoud van de beplanting in de bloembak.
- Maatregel enkel effect op bewoners Keulemanweg nr 6 → geen maatregel met impact op samenleving of woonwijk.
- Seizoensgebonden effect → tijdens de winter kan een bloembak rommelig ogen bij het afsterven van de beplanting.
Maatregel 3: LED-roadstuds
Voordelen:
- De weginrichting wordt visueel verduidelijkt voor iedere weggebruiker.
- Attentie-verhogend effect → Het knipperende of ritmische licht stimuleert alertheid van bestuurders, waardoor ze sneller reageren.
Nadelen:
- Kosten → Aanschaf, installatie en onderhoud zijn relatief duurder dan traditionele wegmarkeringen.
Advies: Meest geschikte maatregel:
Na afweging van de voor- en nadelen van de verschillende maatregelen, in combinatie met de bevindingen uit de probleemanalyse, is maatregel 1 (het verplaatsen van het F45bbord) de meest geschikte optie. Deze maatregel zorgt ervoor dat weggebruikers tijdig geïnformeerd worden dat de straat doodlopend is, waardoor het doorgaand verkeer in de woonwijk afneemt, een positief effect voor de leefkwaliteit van de bewoners. Bovendien is deze maatregel kostenefficiënt en eenvoudig uitvoerbaar binnen korte tijd. Het nemen van verdere maatregelen is in deze situatie niet aangewezen, aangezien het incident, waarbij een chauffeur eerst een onjuiste route volgt en vervolgens onwel wordt, een onbeïnvloedbare gebeurtenis betreft. Dit soort voorvallen kan overal plaatsvinden en staat los van de inrichting van de verkeerssituatie
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen besluit het verkeersbord F45b in de Keulemanweg te verplaatsen naar de kruising met de Boskoopweg.
Zitting van 28 01 2026
Communicatie Meerjarenplan 2026-2031
Het meerjarenplan is goedgekeurd en vormt de basis voor ons beleid de komende jaren. De volgende stap is om dit op een duidelijke en toegankelijke manier te communiceren naar onze inwoners.
Transparante en duidelijke communicatie hierover is cruciaal om:
● Inwoners te informeren over de keuzes en de impact op hun leefomgeving.
● Betrokkenheid te creëren.
● Vertrouwen op te bouwen in het beleid en de uitvoering.
De communicatiedienst heeft, in nauwe samenwerking met alle coördinatoren, een conceptdocument opgesteld dat zal dienen als externe communicatie naar de inwoners over het nieuwe meerjarenplan. Dit document legt op een toegankelijke manier uit:
● welke inhoudelijke keuzes het lokaal bestuur maakt;
● hoe de middelen worden ingezet;
● welke projecten en acties de komende jaren worden gerealiseerd.
Wij raden aan om het overzicht van de investeringen in het document te behouden. Uit de communicatiemonitor blijkt dat Alkenaren nood hebben aan meer transparantie, ook over de beslissingen van het college en de gemeenteraad. Het document wordt nu opnieuw aan de leden van het college voorgelegd ter goedkeuring, zodat de communicatie naar de inwoners tijdig kan worden ingepland. Aan de leden van het college wordt bovendien een quote gevraagd om het document te vervolledigen.
Feiten en context
Het meerjarenplan is goedgekeurd en vormt de basis voor ons beleid de komende jaren. De volgende stap is om dit op een duidelijke en toegankelijke manier te communiceren naar onze inwoners.
Transparante en duidelijke communicatie hierover is cruciaal om:
● Inwoners te informeren over de keuzes en de impact op hun leefomgeving.
● Betrokkenheid te creëren.
● Vertrouwen op te bouwen in het beleid en de uitvoering.
De communicatiedienst heeft, in nauwe samenwerking met alle coördinatoren, een conceptdocument opgesteld dat zal dienen als externe communicatie naar de inwoners over het nieuwe meerjarenplan. Dit document legt op een toegankelijke manier uit:
● welke inhoudelijke keuzes het lokaal bestuur maakt;
● hoe de middelen worden ingezet;
● welke projecten en acties de komende jaren worden gerealiseerd.
Wij raden aan om het overzicht van de investeringen in het document te behouden. Uit de communicatiemonitor blijkt dat Alkenaren nood hebben aan meer transparantie, ook over de beslissingen van het college en de gemeenteraad. Het document wordt nu opnieuw aan de leden van het college voorgelegd ter goedkeuring, zodat de communicatie naar de inwoners tijdig kan worden ingepland. Aan de leden van het college wordt bovendien een quote gevraagd om het document te vervolledigen.
Juridische grond
Bestuursdecreet van 7 december 2018, Art. II.2–II.9 (principes informeren en participeren) en Art. II.10–II.15 (normen overheidscommunicatie).
Decreet Lokaal bestuur van 22 december 2017, art. 56 e.v.
Besluit van de gemeenteraad dd. 18 december 2025 tot goedkeuring van het meerjarenplan.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Het meerjarenplan bevat strategische keuzes die een directe impact hebben op het leven van onze inwoners. Zonder gerichte communicatie bestaat het risico op misverstanden, negatieve perceptie of een gevoel van afstand tussen beleid en bevolking. Door een transparante en toegankelijke communicatiestrategie:
● Versterken we het vertrouwen in het gemeentebestuur door openheid en duidelijkheid.
● Voorkomen we desinformatie en zorgen we dat inwoners correcte informatie krijgen via officiële kanalen.
● Vergroten we betrokkenheid door te tonen hoe inspraak en participatie zijn meegenomen in het plan.
● Ondersteunen we interne medewerkers zodat zij vragen van inwoners correct kunnen beantwoorden.
Een goed uitgewerkte communicatiecampagne draagt bij aan positieve beeldvorming, participatie en efficiënte dienstverlening.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1 : Het college van burgemeester en schepenen keurt het communicatieplan rond het meerjarenplan 2026-2031 goed en geeft opdracht aan de communicatiedienst om het plan uit te voeren.
Zitting van 28 01 2026
Nieuws van de week
De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.
Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.
Feiten en context
De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.
Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.
Juridische grond
Wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
In het kader van openbaarheid van bestuur is het aangewezen om de inwoners op een laagdrempelige manier op de hoogte te houden over belangrijke beslissingen die door het schepencollege worden genomen.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist dat er wekelijks via de gemeentelijke communicatiekanalen gecommuniceerd zal worden over 1 specifiek recent agendapunt, beslissing of actuele gebeurtenis.
Artikel 2 :Voor deze week heeft het beleid gekozen om te communiceren over het discoschaatsen dat plaatsvindt einde februari 2026.
Zitting van 28 01 2026
Verbindingsriolering Pleinstraat 22.828A. Besprekingsvergadering verslag nr. 14 d.d. 14.01.2026.
Besluit
Zitting van 28 01 2026
Belastingkohier reclamedrukwerk - Oktober 2025 bis
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand oktober 2025 bis bedraagt 862,41 euro.
Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Feiten en context
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand oktober 2025 bis bedraagt 862.41 euro. Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Juridische grond
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Het gemeenteraadsbesluit van 30 november 2023 betreffende de belasting op de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en van gelijkgestelde stukken.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Ingevolge het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, dienen de belastingkohieren vastgesteld en uitvoerbaar verklaard te worden door het college van burgemeester en schepenen.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
862.41 euro | Niet van toepassing | MJP001025 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen stelt het belastingkohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand oktober 2025 bis vast en verklaart het uitvoerbaar voor een bedrag van 862,41 euro.
Zitting van 28 01 2026
Belastingkohier reclamedrukwerk - November 2025 bis
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand november 2025 bis bedraagt 558,67 euro.
Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Feiten en context,
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand november 2025 bis bedraagt 558,67 euro. Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Juridische grond
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Het gemeenteraadsbesluit van 30 november 2023 betreffende de belasting op de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en van gelijkgestelde stukken.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Ingevolge het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, dienen de belastingkohieren vastgesteld en uitvoerbaar verklaard te worden door het college van burgemeester en schepenen.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
558.67 euro | Niet van toepassing | MJP001025 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen stelt het belastingkohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand november 2025 bis vast en verklaart het uitvoerbaar voor een bedrag van 558,67 euro.
Zitting van 28 01 2026
Betaalbaarstelling facturen SC
Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.
Feiten en context
Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.
Juridische grond
Conform interne afspraken keurt het college van burgemeester en schepenen de facturen goed voor betaling.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Alle facturen worden - na controle op juistheid - betaalbaar gesteld door het college van burgemeester en schepenen.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist bijgevoegde lijst met facturen betaalbaar te stellen en geeft opdracht aan de financieel directeur om tot betaling over te gaan.
Zitting van 28 01 2026
Cyclotocht 'Fruitsnacks Fietstocht' op zondag 30 augustus 2026
Op zondag 30 augustus 2026 heeft de Fruitsnacks Fietstocht plaats.
Deze fietstocht is bedoeld voor gezinnen, senioren en E-bikers die op een rustige manier Haspengouw willen ontdekken.
Ingevolge wegenwerken in de Pleinstraat wordt de initiële aanvraag niet weerhouden.
De aanvrager maakte een nieuwe route: Komende van Sint-Truiden - Kluisstraat - Weyerstraat - Simsebeekweg - Hendrikstraat - Laagsimsestraat - Hoogsimsetstraat - in de richting van Wellen.
De organisator vraagt een toelating voor de doortocht in de gemeente Alken en het plaatsen van bewegwijzering.
Er zijn geen wegenwerken voorzien op het gewijzigd parcours.
Feiten en context
Op zondag 30 augustus 2026 heeft de Fruitsnacks Fietstocht plaats.
Deze fietstocht is bedoeld voor gezinnen, senioren en E-bikers die op een rustige manier Haspengouw willen ontdekken.
Ingevolge wegenwerken in de Pleinstraat wordt de initiële aanvraag niet weerhouden.
De aanvrager maakte een nieuwe route: Komende van Sint-Truiden - Kluisstraat - Weyerstraat - Simsebeekweg - Hendrikstraat - Laagsimsestraat - Hoogsimsetstraat - in de richting van Wellen.
De organisator vraagt een toelating voor de doortocht in de gemeente Alken en het plaatsen van bewegwijzering.
Er zijn geen wegenwerken voorzien op het gewijzigd parcours.
Juridische grond
Wet betreffende de politie over het wegverkeer
KB 1.12.1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het KB 20.07.1990
Decreet lokaal bestuur van 22.12.2017
Adviezen
Gunstig advies van de technische dienst
Argumentatie
Het betreft een organisatie van G4Cycling, in samenwerking met Sport Vlaanderen.
De deelnemers dienen zich te houden aan de wegcode.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met Fruitsnacks Fietstocht, een cyclotocht op zondag 30 augustus 2026 op het grondgebied van de gemeente Alken over de Kluisstraat, de Weyerstraat, de Simsebeekweg, de Hendrikstraat, de Laagsimsestraat en de Hoogsimsestraat.
Tevens wordt een toelating gegeven voor het aanbrengen van tijdelijke bewegwijzering.
Zitting van 28 01 2026
Activiteiten Jeugdboekenmaand
Jeugdboekenmaand is een campagne voor kinderen en jongeren tussen 3 en 15 jaar. Tijdens deze maand wil Iedereen Leest aandacht vragen voor het plezier van lezen, voorlezen en naar illustraties kijken, aan de hand van een kwaliteitsvol aanbod. Elk jaar staat er een ander thema centraal. Jeugdboekenmaand 2026 heeft als thema ‘Dieren’.
De bibliotheek wenst graag enkele activiteiten te organiseren om de jeugdboekenmaand onder de aandacht te brengen op zondag 15 maart (workshop) en op woensdag 25 maart (voorleesmoment).
Feiten en context
Jeugdboekenmaand is een campagne voor kinderen en jongeren tussen 3 en 15 jaar. Tijdens deze maand wil Iedereen Leest aandacht vragen voor het plezier van lezen, voorlezen en naar illustraties kijken, aan de hand van een kwaliteitsvol aanbod. Elk jaar staat er een ander thema centraal. Jeugdboekenmaand 2026 heeft als thema ‘Dieren’.
De bibliotheek wenst graag enkele activiteiten te organiseren om de jeugdboekenmaand onder de aandacht te brengen op zondag 15 maart (workshop) en op woensdag 25 maart (voorleesmoment).
Juridische grond
Art. 56 Decreet Lokaal bestuur
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
De bibliotheek wenst volgende activiteiten te organiseren voor de Jeugdboekenmaand 2026:
- zondag 15 maart 2026 tussen 10u en 12u: een workshop rond stopmotion creëren in het thema ‘Dieren’, gegeven door Villa Basta. Er kunnen maximaal 12 kinderen deelnemen tussen 6 en 10 jaar oud. Er dient op voorhand te worden ingeschreven en de deelnamekost bedraagt 2€. Tijdens de workshop voorzien we een drankje en een koekje voor de deelnemende kinderen.
- woensdag 25 maart 2026 tussen 15u en 16u: voorlees- en knutselmoment in het thema dieren.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn als het volgt:
- workshop
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
165,50€ | /// | MJP001283 |
Datum visumaanvraag: | // | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | // | |
- hapje en drankje
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
30€ | /// | MJP001283 |
Datum visumaanvraag: | // | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | // | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen geeft toestemming voor het organiseren van enkele activiteiten voor de Jeugdboekenmaand nl.:
- zondag 15 maart 2026 tussen 10u en 12u: een workshop rond stopmotion creëren in het thema ‘Dieren’, gegeven door Villa Basta. Er kunnen maximaal 12 kinderen deelnemen tussen 6 en 10 jaar oud. Er dient op voorhand te worden ingeschreven en de deelnamekost bedraagt 2€.
- woensdag 25 maart 2026 tussen 15u en 16u: voorlees- en knutselmoment in het thema dieren.
Artikel 2: De nodige uitgaven zijn voorzien op MJP001283
Zitting van 28 01 2026
Principiële goedkeuring Cristalfeesten / Uitstap adviesraden 30 mei 2026
INLEIDING
Vanuit het beleid kwam de vraag om de uitstap van de adviesraden, met speeddating te organiseren op de dag van de Cristalfeesten. Ook is er gewenst om die dag een kinderactiviteit te organiseren. Dit alles in het kader dat er die dag heel wat voorzieningen zijn (tent, licht/geluid,…) en personeelsbezetting is. Voor de uitstap adviesraden gaan we uit van een 100-tal inschrijvingen.
WERKINGSBUDGET
Voor de uitstap adviesraden is een budget van € 2.000 voorzien.
Voor de kinderactiviteit is geen budget voorzien.
Voor de Cristalfeesten is een budget van € 58.450 voorzien.
VOORSTEL ACTIVITEITEN
Kinderactiviteit
Het voorstel is om hier een spelletjesparcours te voorzien, met wat randanimatie (bijvoorbeeld springkasteel, clown,…). Op voorhand kunnen er ‘speelkaarten’ aangekocht worden voor een beperkt bedrag. Hiermee kunnen ze dan de spelletjes (bijvoorbeeld: cornhole, blikken gooien, …) vervolgens doen, samen met de ouders. Bij elk spel kunnen ze hun kaart laten afstempelen, tot ze aan het einde hun volle kaart kunnen inleveren tegen een drankje en/of een hapje. De kinderactiviteit willen we niet té opzichtig koppelen met de Cristalfeesten om geen foute perceptie te krijgen. Daarom is het voorstel om deze in de voormiddag te doen.
Financieel concept: er wordt een kleine bijdrage van 1€/2€ voor de speelkaarten gevraagd, hiervoor krijgen ze een drankje/hapje aan het einde.
De uitstap adviesraden
Alle leden van de adviesraden worden welkom geheten en krijgen uitleg over de activiteit. Daarna krijgen zij een nummer en zullen ze om de 15 minuten gekoppeld worden aan een ander nummer/ lid van een andere adviesraad, waarmee ze dan enkele minuten een gesprek hebben (speeddate). Daarnaast is het de bedoeling dat zij elkaar ook een keertje uitdagen om een activiteit/spel samen te doen. Dit is gekoppeld aan de spelen van de voormiddag, maar dan meer in thema van de Cristalfeesten gebracht. Hierdoor is het niet enkel stilzitten en babbelen, maar is er een plezierelement aan gekoppeld, waar de leden ook kans krijgen om op een informelere manier kennis te maken.
Enkele toevoegingen op de activiteit:
Wij doen op voorhand de nummerkoppeling, zodat leden altijd aan leden van een andere adviesraad worden gekoppeld.
We bereiden ook enkele ‘gespreksonderwerpen’ voor, zodat het gesprek snel op gang kan komen. Er wordt een ideeënbus voorzien. Als er uit de gesprekken enkele goede ideeën komen, kunnen deze hierin verzameld worden.
Na deze activiteit is het de bedoeling om een receptie te organiseren waar ook de mogelijkheid is tot een aangeboden hapje. Deze receptie kan in de tent, buiten of desgevallend in Taeymans (Academiezaal) plaatsvinden. Hier is de mogelijkheid voor een speech of kleine toelichting vanuit het bestuur of managementteam. De leden van de adviesraad zijn zo al op het terrein van de Cristalfeesten en hebben via hun inschrijving toegang tot het festival. Voor de Cristalfeesten is het ook een meerwaarde dat er onmiddellijk wat volk op het terrein is. Tijdens het receptiemoment kan alles klaargezet worden voor de Cristalfeesten
Financieel concept: om de activiteit en de deelname aan de activiteit en de Cristalfeesten niet té vrijblijvend te maken, vragen we een bijdrage van 5€ voor deze namiddag; Hier zit inbegrepen:
● Activiteit
● Receptie met hapje
● Dranken tijdens activiteit en receptie
● Toegang tot de Cristalfeesten (enkel voor de leden van de adviesraad zelf) inclusief 2 drankbonnen.
Opmerking: alle ambtenaren/secretarissen van de adviesraden worden verwacht aanwezig te zijn op de activiteit. Er zal een ‘save the date’ verstuurd worden hiervoor.
De Cristalfeesten
De Cristalfeesten zullen ook dit jaar georganiseerd worden zoals de afgelopen 2 jaar.
Een evenement waar de bezoekers kunnen genieten van het samenzijn aangevuld met muziek, een drankje en een hapje. Dit jaar willen we proberen om in plaats van Foodtrucks verenigingen aan te trekken die het eten willen voorzien voor de aanwezigen. De opbrengst gaat naar de vereniging zelf. Zo geven we de verenigingen de kans om een extra centje bij te verdienen voor hun werking. In ruil vragen we wel om eetbonnetjes te voorzien voor alle crewleden, bands en organisatie.
Voor de uitbating van de togen zal er opnieuw gevraagd worden aan de Alkense cafés en/of verenigingen om dit te doen. Hiervoor zal een vergoeding betaald worden. Er zal tevens gewerkt worden met herbruikbaar cateringmateriaal. Om dit in goede banen te leiden zal er extra hulp gevraagd moeten worden aan een eco-team.
Financieel concept: er zal gewerkt worden met ticketverkoop (gebaseerd op hoeveel mensen het terrein op kunnen). Verkoop per ticket is € 10 per persoon incl. 1 drankbon. Indien mogelijk en de geldautomaat dit toelaat zullen we de prijs van een drankbon verhogen van € 2,50 naar € 2,80 per bon.
Er zal tevens een verkeersregeling opgesteld moeten worden.
VOORSTEL DAGINDELING 30.05
10u - 12u: Kinderactiviteit
12u - 15u: Opruimen kinderactiviteit + klaarzetten uitstap adviesraden
15u - 17u: Speeddatingactiviteit (uitstap adviesraden)
17u - 18u: Receptie (hapje en drankje) met mogelijkheid tot speeching (uitstap adviesraden)
+ opbouw en soundcheck eerste band Cristalfeesten (dit wordt professioneel gedaan)
18u - 18u30: Officiële opening Cristalfeesten en achtergrondmuziek
18u30 - 19u30: 1ste band (Knightshift = een Alkense coverband)
19u30 - 20u: ombouw (achtergrondmuziek)
20u - 21u: 2de band (Swentibolt = tribute Clouseau band)
21u - 21u30: ombouw (achtergrondmuziek)
21u30 - 23u: 3de band (Grooveband = coverband allround)
23u - 01u: DJ
01u: Einde Cristalfeesten
Aan het college van burgemeester en schepenen wordt een principiële goedkeuring gevraagd voor bovenstaande zodat we kunnen starten met de organisatie.
Feiten en context
INLEIDING
Vanuit het beleid kwam de vraag om de uitstap van de adviesraden, met speeddating te organiseren op de dag van de Cristalfeesten, zijnde zaterdag 30 mei 2026. Ook is er gewenst om die dag een kinderactiviteit te organiseren. Dit alles in het kader dat er die dag heel wat voorzieningen zijn (tent, licht/geluid,…) en personeelsbezetting is. Voor de uitstap adviesraden gaan we uit van een 100-tal inschrijvingen.
WERKINGSBUDGET
● Voor de uitstap adviesraden is een budget van € 2.000 voorzien.
● Voor de kinderactiviteit is geen budget voorzien.
● Voor de Cristalfeesten is een budget van € 58.450 voorzien.
VOORSTEL ACTIVITEITEN
Kinderactiviteit
Het voorstel is om hier een spelletjesparcours te voorzien, met wat randanimatie (bijvoorbeeld springkasteel, clown,…). Op voorhand kunnen er ‘speelkaarten’ aangekocht worden voor een beperkt bedrag. Hiermee kunnen ze dan de spelletjes (bijvoorbeeld: cornhole, blikken gooien, …) vervolgens doen, samen met de ouders. Bij elk spel kunnen ze hun kaart laten afstempelen, tot ze aan het einde hun volle kaart kunnen inleveren tegen een drankje en/of een hapje. De kinderactiviteit willen we niet té opzichtig koppelen met de Cristalfeesten om geen foute perceptie te krijgen. Daarom is het voorstel om deze in de voormiddag te doen.
Financieel concept: er wordt een kleine bijdrage van 1€/2€ voor de speelkaarten gevraagd, hiervoor krijgen ze een drankje/hapje aan het einde.
De uitstap adviesraden
Alle leden van de adviesraden worden welkom geheten en krijgen uitleg over de activiteit. Daarna krijgen zij een nummer en zullen ze om de 5 minuten gekoppeld worden aan een ander nummer/ lid van een andere adviesraad, waarmee ze dan enkele minuten een gesprek hebben (speeddate). Daarnaast is het de bedoeling dat zij elkaar ook een keertje uitdagen om een activiteit/spel samen te doen. Dit is gekoppeld aan de spelen van de voormiddag, maar dan meer in thema van de Cristalfeesten gebracht. Hierdoor is het niet enkel stilzitten en babbelen, maar is er een plezierelement aan gekoppeld, waar de leden ook kans krijgen om op een informelere manier kennis te maken.
Enkele toevoegingen op de activiteit:
● Wij doen op voorhand de nummerkoppeling, zodat leden altijd aan leden van een andere adviesraad worden gekoppeld.
● We bereiden ook enkele ‘gespreksonderwerpen’ voor, zodat het gesprek snel op gang kan komen.
● Er wordt een ideeënbus voorzien. Als er uit de gesprekken enkele goede ideeën komen, kunnen deze hierin verzameld worden.
Na deze activiteit is het de bedoeling om een receptie te organiseren waar ook de mogelijkheid is tot een aangeboden hapje. Deze receptie kan in de tent, buiten of desgevallend in Taeymans (Academiezaal) plaatsvinden. Hier is de mogelijkheid voor een speech of kleine toelichting vanuit het bestuur of managementteam. De leden van de adviesraad zijn zo al op het terrein van de Cristalfeesten en hebben via hun inschrijving toegang tot het festival. Voor de Cristalfeesten is het ook een meerwaarde dat er onmiddellijk wat volk op het terrein is. Tijdens het receptiemoment kan alles klaargezet worden voor de Cristalfeesten
Financieel concept: om de activiteit en de deelname aan de activiteit en de Cristalfeesten niet té vrijblijvend te maken, vragen we een bijdrage van 5€ voor deze namiddag; Hier zit inbegrepen:
● Activiteit
● Receptie met hapje
● Dranken tijdens activiteit en receptie
● Toegang tot de Cristalfeesten (enkel voor de leden van de adviesraad zelf) inclusief 2 drankbonnen.
Opmerking: alle ambtenaren/secretarissen van de adviesraden worden verwacht aanwezig te zijn op de activiteit. Er zal een ‘save the date’ verstuurd worden hiervoor.
De Cristalfeesten
De Cristalfeesten zullen ook dit jaar georganiseerd worden zoals de afgelopen 2 jaar.
Een evenement waar de bezoekers kunnen genieten van het samenzijn aangevuld met muziek, een drankje en een hapje. Dit jaar willen we proberen om in plaats van Foodtrucks verenigingen aan te trekken die het eten willen voorzien voor de aanwezigen. De opbrengst gaat naar de vereniging zelf. Zo geven we de verenigingen de kans om een extra centje bij te verdienen voor hun werking. In ruil vragen we wel om eetbonnetjes te voorzien voor alle crewleden, bands en organisatie.
Voor de uitbating van de togen zal er opnieuw gevraagd worden aan de Alkense cafés en/of verenigingen om dit te doen. Hiervoor zal een vergoeding betaald worden. Er zal tevens gewerkt worden met herbruikbaar cateringmateriaal. Om dit in goede banen te leiden zal er extra hulp gevraagd moeten worden aan een eco-team.
Financieel concept: er zal gewerkt worden met ticketverkoop (gebaseerd op hoeveel mensen het terrein op kunnen). Verkoop per ticket is € 10 per persoon incl. 1 drankbon. Indien mogelijk en de geldautomaat dit toelaat zullen we de prijs van een drankbon verhogen van € 2,50 naar € 2,80 per bon.
Er zal tevens een verkeersregeling opgesteld moeten worden.
VOORSTEL DAGINDELING 30.05
10u - 12u: Kinderactiviteit
12u - 15u: Opruimen kinderactiviteit + klaarzetten uitstap adviesraden
15u - 17u: Speeddatingactiviteit (uitstap adviesraden)
17u - 18u: Receptie (hapje en drankje) met mogelijkheid tot speeching (uitstap adviesraden)
+ opbouw en soundcheck eerste band Cristalfeesten (dit wordt professioneel gedaan)
18u - 18u30: Officiële opening Cristalfeesten en achtergrondmuziek
18u30 - 19u30: 1ste band (Knightshift = een Alkense coverband)
19u30 - 20u: ombouw (achtergrondmuziek)
20u - 21u: 2de band (Swentibolt = tribute Clouseau band)
21u - 21u30: ombouw (achtergrondmuziek)
21u30 - 23u: 3de band (Grooveband = coverband allround)
23u - 01u: DJ
01u: Einde Cristalfeesten
Aan het college van burgemeester en schepenen wordt een principiële goedkeuring gevraagd voor het programma zoals voorgesteld zodat we kunnen starten met de organisatie.
Juridische grond
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Om tegemoet te komen aan de vraag van het beleid werd een programma uitgewerkt om op zaterdag 30 mei 2026 verschillende activiteiten te organiseren op het terrein van de Cristalfeesten.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€ 2.000 | Niet van toepassing | MJP001144 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen verleent een principieel akkoord voor de organisatie van volgende activiteiten op zaterdag 30 mei 2026 op het Laagdorp/gc. Taeymans zoals voorgesteld in de toelichting: Kinderactiviteit, Uitstap adviesraden en Cristalfeesten.
Zitting van 28 01 2026
Aanvraag drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van El Momento
Alberto Dekom Pastran, wonende te Eduard Dompasstraat 71 in 3570 Alken, uitbater van El Momento, Dorpstraat 1 in 3570 Alken, vraag een drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van El Momento.
Feiten en context
Alberto Dekom Pastran, wonende te Eduard Dompasstraat 71 in 3570 Alken, uitbater van El Momento te Dorpstraat 1 in 3570 Alken, vraag een drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van El Momento.
Juridische grond
Het koninklijk besluit van 03/04/1953 tot samenordening van de wetsbepalingen inzake de slijterijen van gegiste dranken, inzonderheid art. 5, 6 en 7;
De wet van 28/12/1983, betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke drank, en latere wijzigingen;
De wet op de administratieve vereenvoudiging d.d. 15/12/2005 betreffende de vergunning voor het schenken van gegiste dranken en van sterke dranken;
De aanvragers bevinden zich niet in één van de gevallen van uitsluiting bepaald bij artikel 11, § 1, 2° tot 9° van de wet van 28/12/1983 betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke dranken;
Het provinciaal horecareglement inzake brandveiligheid dat goedgekeurd werd door de gemeenteraad op 26 januari 2017;
Adviezen
Tijdelijk gunstig advies van de brandweer tot 31/07/2026.
Argumentatie
Alle voorwaarden zijn voldaan om een drankvergunning af te leveren. De vergunninghouder staat zelf in om tijdig te voldoen aan de voorwaarden opgenomen in het brandweerattest en dient dit attest zelf aan te vragen en te bezorgen aan het gemeentebestuur.
In bijlage:
- Registratie FOD economie
- Kopie identiteitskaart
- Bewijs verzekering
- Uittreksel strafregister
- Aanvraag drankvergunning
- Brandweerattest
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen verleent vergunning aan Alberto Dekom Pastran wonende te Eduard Dompasstraat 71 in 3570 Alken, voor het verkopen, verstrekken en schenken van gegiste en sterke dranken in El Momento, Dorpsstraat 1 te 3570 Alken.
Artikel 2: De in artikel 1 verleende vergunning wordt verleend op voorwaarde dat de vergunninghouder zelf tijdig voldoet aan de voorwaarden opgenomen in het brandweerattest, dit attest tijdig opnieuw aanvraagt en bezorgt aan het gemeentebestuur.
Artikel 3: De uitbater zorgt ten alle tijde voor de correcte uithanging van de vergunning FAVV, geldende alcoholverboden, de wet op de beteugeling van dronkenschap en alle andere wettelijke verplichtingen.
Zitting van 28 01 2026
Discoschaatsen met partybus
Besluit
Zitting van 28 01 2026
Attest van verdeling
Op 19 januari 2026 ontvingen we van Notalim notarissen de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen Knipscheerstraat 37 kadastraal gekend als Afd. 2 Sie G nrs. 430/F.
Feiten en context
Op 19 januari 2026 ontvingen we van Notalim notarissen de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen Knipscheerstraat 37 kadastraal gekend als Afd. 2 Sie G nrs. 430/F.
Juridische grond
Artikel 5.2.2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Het verdelingsplan, opgemaakt door landmeter-expert Hendrik Appeltans op 5 november 2014, voorziet een verdeling voor het perceel, kadastraal gekend als Afd. 2 Sie G nr. 430F waarbij het perceel wordt opgesplitst zoals bijgevoegd plan.
Een deel van perceel 430F (lot 1) zal worden gesplitst om gevoegd te worden bij perceel 430G als achterliggende tuin van perceel 425/F.
Het agrarisch gebied dient juridisch gezien in agrarisch gebruik te blijven, dit mag geen residentiële tuinzone worden (vertuining van percelen gelegen binnen een agrarische bestemming). Enkel de zone binnen een straal van 30m rondom een vergunde woning kan aangewend worden als tuinzone bij een "zonevreemde woning".
Volgens het gewestplan Hasselt-Genk d.d. 03.04.1979 is het perceel gelegen in agrarisch gebied.
De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden
De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd APA, BPA of RUP alsook niet binnen de omschrijving van een niet-vervallen verkaveling.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen heeft geen opmerkingen aangaande het voorgestelde attest van verdeling ingediend door Notalim notarissen voor het perceel gelegen Knipscheerstraat 37, kadastraal gekend als afd.1 Sie G nr. 430/F mits de randvoorwaarde dat het agrarisch gebied in agrarisch gebruik moet blijven en dus geen residentiële tuinzone mag worden.
Zitting van 28 01 2026
Attest van verdeling
Op 20/01/2026 ontvingen we van notariaat Wilsens, Cleeren, Verduyn & D'Joos de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen Koosterstraat 16, kadastraal gekend als Afd. 1 Sie A nrs. 204/S en 204/R.
Feiten en context
Op 20/01/2026 ontvingen we van notariaat Wilsens, Cleeren, Verduyn & D'Joos de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen Koosterstraat 16, kadastraal gekend als Afd. 1 Sie A nrs. 204/S en 204/R.
Juridische grond
Artikel 5.2.2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Het verdelingsplan, opgemaakt door Landmeter-Expert Bart Cleuren op 2 augustus 2025, voorziet een verdeling voor het perceel, kadastraal gekend als Afd. 1 Sie A nrs. 204/S en 204/R waarbij het perceel wordt opgesplitst zoals bijgevoegd plan.
De woningen op lot 2 en lot 1, na fase ruwbouw-winddicht van de woning in aanbouw op lot 1 worden verkocht.
Volgens het gewestplan Hasselt-Genk d.d. 03.04.1979 is het perceel gelegen in Parkgebied
De parkgebieden moeten in hun staat bewaard worden of zijn bestemd om zodanig ingericht te worden, dat ze, in de al dan niet verstedelijkte gebieden, hun sociale functie kunnen vervullen.
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg of niet vervallen verkaveling. De aanvraag ligt wel binnen de contouren van het RUP Terkoest d.d. 23.05.2013 – zone voor open bebouwing.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen heeft geen opmerkingen aangaande het voorgestelde attest van verdeling ingediend door notariaat Wilsens, Cleeren, Verduyn & D'Joos voor het perceel gelegen Koosterstraat 16, kadastraal gekend als Afd. 1 Sie A nrs. 204/S en 204/R.
Zitting van 28 01 2026
Melding van een IIOA M262
Melding van een Ingedeelde Inrichting of Activiteit (IIOA) ingediend door Stefanie Ver Eecken namens KINERVUS BV gevestigd te Hoogsimsestraat 27 te 3570 Alken voor het plaatsen van een bronbemaling op een perceel, gelegen , kadastraal bekend: (afd. 1) sectie I 1 V.
De melding werd aangevraagd voor KINERVUS BV met maatschappelijke zetel in de Hoogsimsestraat 27, te 3570 Alken via het omgevingsloket op 20/01/2026.
Deze melding werd onderzocht, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen, in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten.
Artikel 111 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning luidt:
“De bevoegde overheid, vermeld in artikel 107, gaat na of de gemelde handelingen of exploitatie meldingsplichtig zijn of niet verboden zijn bij of krachtens:
1° artikel 5.4.3, § 3, van het DABM;
2° artikel 4.2.2, § 1, van de VCRO.
Als de handelingen of de exploitatie meldingsplichtig en niet verboden zijn, neemt de bevoegde overheid, vermeld in artikel 107, akte van de melding. Ze bezorgt de meldingsakte per beveiligde zending aan de persoon die de melding heeft verricht binnen een termijn van 30 dagen vanaf de dag na de datum van ontvangst van de melding.
Als de handelingen of de exploitatie niet meldingsplichtig of verboden zijn, stelt de overheid, vermeld in artikel 107, de persoon die de melding heeft verricht binnen dezelfde ordetermijn daarvan in kennis. In dat geval wordt geen akte genomen en wordt aan de melding geen verder gevolg gegeven.”
Voorwerp van de melding
De melding heeft betrekking op een terrein, gelegen te Hendrikstraat zn, te 3570 Alken, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie I nr. 1/V.
De melding omvat de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit (IIOA) van de derde klasse.
De IIOA omvat: Een bronbemaling voor het bouwen van een kelder met liftput.
Rubrieken
Volgende inrichtingen of activiteiten zijn opgenomen in de Bijlage 1. Indelingslijst van de VLAREM II en worden aangevraagd:
Rubriek | Omschrijving | Klasse |
53.2.1° | Bemaling i.k.v. het bouwen van een kelder met bouwput: vacuum bemaling met een max. debiet van 9.820 m³/jaar en 229 m³/dag gedurende max. 90 dagen. (tijdelijk) | 3 |
Bevoegdheid
De melding heeft geen betrekking op een Vlaams of provinciaal project, noch op een ingedeelde inrichting van klasse 1, noch op een gemeentegrensoverschrijdend project.
Het college van burgemeester en schepenen is dan ook bevoegd voor de aktename.
Onderzoek van het meldingsplichtig en niet-verboden karakter
De melding vindt plaats in bestaande, vergunde of vergund geachte gebouwen waar geen wijzigingen aan gebeuren.
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 in woongebied met landelijk karakter.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.
Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven.
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd ruimtelijk uitvoeringsplan RUP of een bijzonder plan van aanleg.
(KB van 28/12/72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen)
Omschrijving aanvraag
Er wordt een tijdelijke (ongeveer 90 dagen) bronbemaling aangevraagd voor het uitgraven van een kelder met liftput. Met een maximum volume van 109,11 m³/dag. Het betreft een vacuum bemaling via 6 filters. Deze melding wordt opnieuw gemaakt doordat de uitvoerder van de droogzuiging een eigen bemalingsnota heeft opgesteld en hier een daar enkele getallen wijzigen.
Beoordeling
Het cascadesysteem dat gehanteerd wordt voor het lozen van bemalingswater is eerst infiltratie ter plaatse, indien dit technisch niet mogelijk is, lozen in de gracht en enkel in uitzonderlijke gevallen, wanneer kan aangetoond worden dat voorgaande opties technisch niet haalbaar zijn, kan er geloosd worden in de openbare riolering.
Het bemalingswater zal zoveel mogelijk nuttig aangewend worden. Het water zal opgevangen worden in een buffervat (type IBC-container) zodat het zoveel mogelijk nuttig hergebruikt kan worden. Het water zal zoveel als mogelijk gebruikt worden op de werf. Denk maar aan schoonmaak op de bouwplaats, en eventueel mengen van beton/cement. Er kan een afnamepunt voorzien worden voor buurtbewoners, om bv. tuinen te sproeien of aanvullen van vijvers/sloten om droogte tegen te gaan of waterpeilen te stabiliseren. Als de kwaliteit het toelaat, kan er eventueel contact opgenomen worden met landbouwers in de buurt of zij het water nuttig kunnen hergebruiken.
Echter is het grondwater redelijk diep op deze locatie, dus er zal een beperkte hoeveelheid water uitkomen. Er zal geprobeerd worden de droogzuiging zo snel mogelijk uit te schakelen. En het bemalingswater dat dan toch niet nuttig kan gebruikt worden loopt over in de Simsebeek verderop de straat.
Het nuttig aanwenden van bemalingswater is een mogelijkheid maar dan is de exploitant verplicht volgende handelingen te voorzien/uit te voeren:
● Je moet als bouwheer d.m.v. signalisatie waarschuwen dat dit geen drinkwater is aan elk afnamepunt.
● De aftappunten moeten op veilig bereikbare plaatsen voorzien worden.
● Indien gebruik gemaakt wordt van een motorvoertuig voor het transport van bemalingswater, mag het aftappen niet voor 7 uur en niet na 19 uur gebeuren, en eveneens niet op zon- en feestdagen. Hiervan kan afgeweken worden in de omgevingsvergunning. De uren waarop bemalingswater beschikbaar gesteld wordt, moeten duidelijk geafficheerd worden bij het aftappunt.
● Bemalingswater kan ijzer bevatten, dat wanneer het in contact komt met lucht voor een bruine verkleuring zorgt. Dit kan een ongewenst effect hebben op o.a. bepaalde teelten of te reinigen oppervlaktes.
Een bemalingsnota is opgenomen in de aanvraag met volgende parameters:
● Bemalingskader: breedte: circa 15 m en lengte: circa 13 m, met het oorspronkelijk peil op 41,89 m-mv
● Bemalingskenmerken: gewenste verlaging tot 1,19 m-mv, duur bemaling: 90 dagen
● Er is 1 OVAM-dossier gelegen binnen de invloedstraal van de bemaling. Er werd geen verontreiniging aangetroffen.
Op basis van deze parameters berekent het rekeninstrument van Dupuit en Sichard volgende data::
● Initieel debiet: max. 9,54 m³/uur of 229,04 m³/dag
● Stationair debiet: max. 4,25 m³/uur of 102,06 m³/dag
● Invloedstraal: circa 217,78 m
● Maximale debiet bedraagt 9.820 m³/jaar
Vanuit de Vlarem-wetgeving is een debietmeter op de pomp verplicht, waardoor het effectief opgepompte debiet achterhaald wordt. Het bijhouden van de begin- en eindstand van de bemalingshoeveelheid met een foto en logdocument is aangeraden om op te nemen als voorwaarde.
Om mogelijke effecten op de omgeving te beperken wordt volgende motivering aangehaald:
● Geen grote zettingen te verwachten, zie bemalingsnota. Hieruit blijkt dat er geen zettingen te verwachten zijn. De invloedsstraal is ook beperkt en zal geen effect hebben op een nabijgelegen omgeving. Dus hier zal de tijdelijke droogzuiging geen (negatief) effect op hebben.
● Het enigste effect dat te verwachten is, het geluid van de pompen. Dit is uiteraard onvermijdelijk bij het plaatsen van een tijdelijke droogzuiging. Maar door de lage grondwaterstand, zal de droogzuiging wellicht sneller kunnen uitgeschakeld worden. Door een snelle uitvoering van de kelder, wordt ervoor gezorgd dat de droogzuiging zeer snel afgezet worden en het geluid van de pompen dus snel kan stoppen.
Zodat de ingedeelde inrichting of activiteit voortaan omvat:
Rubriek | Omschrijving | Klasse |
53.2.1° | Bemaling i.k.v. het bouwen van een kelder met bouwput: vacuum bemaling met een max. debiet van 9.820 m³/jaar en 229 m³/dag gedurende max. 90 dagen. (tijdelijk) | 3 |
De gemeentelijke omgevingsambtenaar geeft een voorwaardelijk gunstig advies met volgende voorwaarden:
● Een bemalingspomp mag enkel geplaatst worden door een boorbedrijf dat erkend is volgens het VLAREL van 19 november 2010 voor de discipline, vermeld in artikel 6, 7°, a), 1) van het voormelde besluit. Uiterlijk de derde werkdag nadat een bemalingspomp is geplaatst, bezorgt het erkende boorbedrijf van elke debietmeter die bedoeld is voor de registratie van het opgepompte en terug in de ondergrond gebrachte debiet, de volgende informatie via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen:
○ 1° het merk en serienummer;
○ 2° het tijdstip van plaatsing en de tellerstand op het moment van de plaatsing;
● Bij het ontmantelen van de bemalingsinstallatie, bezorgt het erkende boorbedrijf uiterlijk de derde werkdag na de ontmanteling het tijdstip van de ontmanteling en de tellerstand op het moment van de ontmanteling via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen.
● Vóór de bemaling mag in gebruik genomen worden, dient nagekeken en gedocumenteerd te worden of er bodem- en/of grondwaterverontreinigingen zijn waarop de bemaling een invloed kan hebben. Mocht tijdens de opstart van de bemaling verontreiniging of twijfel van verontreiniging worden vastgesteld, moet de bemaling onmiddellijk worden stopgezet en dit onmiddellijk gemeld worden aan het college van burgemeester en schepenen en de dienst woon- en leefomgeving.
● Indien het bemalingswater ijzerhoudend is, wordt een ontijzeringsinstallatie geplaatst.
● De bronbemaling moet voorzien zijn van een meetinrichting, bijvoorbeeld een debietmeter.
● Het logboek, waarin de grondwaterstandmetingen in de peilput(ten) in functie van de tijd geregistreerd zijn, moet op de werf ter inzage liggen van voor de opstart tot de dag van de verwijdering van de bemaling.
● De bouwheer maakt voorafgaand aan de bemaling een plaatsbeschrijving op van de meest nabijgelegen constructies, met bijhorende gedetailleerde foto’s en zorgt ervoor dat de bemaling zo kort mogelijk in tijd en zo beperkt mogelijk in volume wordt uitgevoerd. De bouwheer is verantwoordelijk voor de berokkende schade aan onder meer aanpalende constructies ten gevolge van het verlagen van de grondwaterspiegel.
● De voorkeur gaat uit naar het gebruik van pompen die rechtstreeks op het elektriciteitsnet zijn aangesloten, dus waarbij er geen gebruik gemaakt wordt van dieselgeneratoren. Indien er toch gebruikgemaakt wordt van een dieselgenerator, dient er rekening gehouden te worden met volgende zaken:
○ De generatoren worden zo geplaatst dat de afstand tot de omwonenden maximaal is en het geluidsdrukniveau, afkomstig van de generatoren, bij de omwonenden afneemt.
○ De generatoren worden zo veel mogelijk omkast of ingekapseld zodat het geluidsdrukniveau gedempt wordt. Er wordt hiervoor best rekening gehouden met de aanvoer van de luchtinstroom en de afvoer van de uitlaatgassen.
○ De generatoren worden zo geplaatst dat de uitlaatgassen van de dieselgeneratoren zo min mogelijk overlast bezorgen bij de omwonenden.
○ Het omkasten of inkapselen van de installatie geldt voor elke zijde van het betrokken toestel (pomp, generator, …). Dit geldt dus ook voor de onderkant waar bijvoorbeeld rubberen matten kunnen gebruikt om het geluid te dempen en eveneens trillingen te dempen.
● De bronbemaling wordt toegestaan voor een termijn van 90 dagen.
● Indien het bemalingswater nuttig aangewend wordt is de exploitant verplicht volgende handelingen te voorzien/uit te voeren:
○ Je moet als bouwheer d.m.v. signalisatie waarschuwen dat dit geen drinkwater is aan elk afnamepunt.
○ De aftappunten moeten op veilig bereikbare plaatsen voorzien worden.
○ Indien gebruik gemaakt wordt van een motorvoertuig voor het transport van bemalingswater, mag het aftappen niet voor 7 uur en niet na 19 uur gebeuren, en eveneens niet op zon- en feestdagen. De uren waarop bemalingswater beschikbaar gesteld wordt, moeten duidelijk geafficheerd worden bij het aftappunt.
○ Er dient gecommuniceerd te worden dat het bemalingswater ijzer kan bevatten, dat wanneer het in contact komt met lucht voor een bruine verkleuring zorgt. Dit kan een ongewenst effect hebben op o.a. bepaalde teelten of te reinigen oppervlaktes.
● De exploitant meldt de start van de werken aan het college van burgemeester en schepenen.
De gemelde exploitatie is meldingsplichtig en niet verboden.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 28/01/2026 HET VOLGENDE:
Artikel 1. Er wordt akte genomen van de melding voor een Ingedeelde Inrichting Of Activiteit (IIOA) ingediend voor KINERVUS BV met maatschappelijke zetel in de Hoogsimsestraat 27, te 3570 Alken voor de in het meldingsdossier opgenomen rubrieken:
Rubriek | Omschrijving | Klasse |
53.2.1° | Bemaling i.k.v. het bouwen van een kelder met bouwput: vacuum bemaling met een max. debiet van 9.820 m³/jaar en 229 m³/dag gedurende max. 90 dagen. (tijdelijk) | 3 |
De melding heeft betrekking op een terrein, gelegen te Hendrikstraat zn, te 3570 Alken, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie I nr. 1/V.
Artikel 2. De plannen en het meldingsdossier waarop deze akte gebaseerd is, maken integraal deel uit van de meldingsakte.
Artikel 3. De aktename is afhankelijk van de strikte naleving van de volgende milieuvoorwaarden:
1. De algemene en sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM:
Hoofdstukken 4 | Algemene milieuvoorwaarden - algemeen |
Hoofdstuk 5.53 | Sectorale milieuvoorwaarden - winning van grondwater |
2. Volgende bijzondere milieuvoorwaarden:
● Een bemalingspomp mag enkel geplaatst worden door een boorbedrijf dat erkend is volgens het VLAREL van 19 november 2010 voor de discipline, vermeld in artikel 6, 7°, a), 1) van het voormelde besluit. Uiterlijk de derde werkdag nadat een bemalingspomp is geplaatst, bezorgt het erkende boorbedrijf van elke debietmeter die bedoeld is voor de registratie van het opgepompte en terug in de ondergrond gebrachte debiet, de volgende informatie via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen:
○ 1° het merk en serienummer;
○ 2° het tijdstip van plaatsing en de tellerstand op het moment van de plaatsing;
● Bij het ontmantelen van de bemalingsinstallatie, bezorgt het erkende boorbedrijf uiterlijk de derde werkdag na de ontmanteling het tijdstip van de ontmanteling en de tellerstand op het moment van de ontmanteling via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen.
● Vóór de bemaling mag in gebruik genomen worden, dient nagekeken en gedocumenteerd te worden of er bodem- en/of grondwaterverontreinigingen zijn waarop de bemaling een invloed kan hebben. Mocht tijdens de opstart van de bemaling verontreiniging of twijfel van verontreiniging worden vastgesteld, moet de bemaling onmiddellijk worden stopgezet en dit onmiddellijk gemeld worden aan het college van burgemeester en schepenen en de dienst woon- en leefomgeving.
● Indien het bemalingswater ijzerhoudend is, wordt een ontijzeringsinstallatie geplaatst.
● De bronbemaling moet voorzien zijn van een meetinrichting, bijvoorbeeld een debietmeter.
● Het logboek, waarin de grondwaterstandmetingen in de peilput(ten) in functie van de tijd geregistreerd zijn, moet op de werf ter inzage liggen van voor de opstart tot de dag van de verwijdering van de bemaling.
● De bouwheer maakt voorafgaand aan de bemaling een plaatsbeschrijving op van de meest nabijgelegen constructies, met bijhorende gedetailleerde foto’s en zorgt ervoor dat de bemaling zo kort mogelijk in tijd en zo beperkt mogelijk in volume wordt uitgevoerd. De bouwheer is verantwoordelijk voor de berokkende schade aan onder meer aanpalende constructies ten gevolge van het verlagen van de grondwaterspiegel.
● De voorkeur gaat uit naar het gebruik van pompen die rechtstreeks op het elektriciteitsnet zijn aangesloten, dus waarbij er geen gebruik gemaakt wordt van dieselgeneratoren. Indien er toch gebruikgemaakt wordt van een dieselgenerator, dient er rekening gehouden te worden met volgende zaken:
○ De generatoren worden zo geplaatst dat de afstand tot de omwonenden maximaal is en het geluidsdrukniveau, afkomstig van de generatoren, bij de omwonenden afneemt.
○ De generatoren worden zo veel mogelijk omkast of ingekapseld zodat het geluidsdrukniveau gedempt wordt. Er wordt hiervoor best rekening gehouden met de aanvoer van de luchtinstroom en de afvoer van de uitlaatgassen.
○ De generatoren worden zo geplaatst dat de uitlaatgassen van de dieselgeneratoren zo min mogelijk overlast bezorgen bij de omwonenden.
○ Het omkasten of inkapselen van de installatie geldt voor elke zijde van het betrokken toestel (pomp, generator, …). Dit geldt dus ook voor de onderkant waar bijvoorbeeld rubberen matten kunnen gebruikt om het geluid te dempen en eveneens trillingen te dempen.
● De bronbemaling wordt toegestaan voor een termijn van 90 dagen.
● Indien het bemalingswater nuttig aangewend wordt is de exploitant verplicht volgende handelingen te voorzien/uit te voeren:
○ Je moet als bouwheer d.m.v. signalisatie waarschuwen dat dit geen drinkwater is aan elk afnamepunt.
○ De aftappunten moeten op veilig bereikbare plaatsen voorzien worden.
○ Indien gebruik gemaakt wordt van een motorvoertuig voor het transport van bemalingswater, mag het aftappen niet voor 7 uur en niet na 19 uur gebeuren, en eveneens niet op zon- en feestdagen. De uren waarop bemalingswater beschikbaar gesteld wordt, moeten duidelijk geafficheerd worden bij het aftappunt.
○ Er dient gecommuniceerd te worden dat het bemalingswater ijzer kan bevatten, dat wanneer het in contact komt met lucht voor een bruine verkleuring zorgt. Dit kan een ongewenst effect hebben op o.a. bepaalde teelten of te reinigen oppervlaktes.
● De exploitant meldt de start van de werken aan het college van burgemeester en schepenen.
De opgesomde algemene en sectorale milieuvoorwaarden staan in titel II van het VLAREM. Deze opsomming is louter indicatief. Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven. De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link: https://navigator.emis.vito.be/
Uitvoerbaarheid
U mag het project uitvoeren of exploiteren de dag na de datum van de betekening van de meldingsakte.
Aanplakking
U moet de meldingsakte bekend maken door de aanplakking van een gele affiche op de plaats waar het voorwerp van de melding uitgevoerd zal worden conform artikel 139 BVR OVG. De aanplakking moet gebeuren vooraleer u start met de uitvoering van de melding.
De gemeente kan u hierbij helpen.
Beroepsmogelijkheid
Men kan beroep instellen tegen deze uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing door een verzoekschrift tot schorsing en/of vernietiging in te dienen bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen.
Bezorg hiertoe een verzoekschrift tot schorsing en/of vernietiging per aangetekende brief aan:
Raad voor Vergunningsbetwistingen
p/a Dienst van de Bestuursrechtscolleges
Koning Albert II-laan 15 bus 130
1210 Brussel
Neerlegging ter griffie kan ook op volgend bezoekersadres:
Marie-Elisabeth Belpairegebouw
Toren Noord (2de verdieping)
Simon Bolivarlaan 17
1000 Brussel
Men doet dit op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending binnen een vervaltermijn van 45 dagen die ingaat de dag na de dag van aanplakking van de uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing.
Het verzoekschrift wordt in vijfvoud ingediend, namelijk één origineel en vier afschriften (fotokopies of een digitale kopie).
Gelijktijdig met de indiening van het verzoekschrift stuurt u een afschrift van het verzoekschrift ter informatie aan de verwerende partij (dit is de overheid die de beslissing genomen heeft) en aan de melder/exploitant.
Het verzoekschrift moet minstens de volgende gegevens bevatten:
- De naam, de hoedanigheid, de woonplaats of de zetel van de verzoekende partij, de gekozen woonplaats in België, een telefoonnummer en een e-mailadres;
- De naam en het adres van de verweerder;
- Het voorwerp van het beroep of bezwaar;
- Een uiteenzetting van de feiten en de ingeroepen middelen;
- Een inventaris van de overtuigingsstukken.
Meer info vindt u op de website van de Raad voor Vergunningsbetwistingen.
(http://www.dbrc.be/vergunningsbetwistingen)
Zitting van 28 01 2026
Omgevingsvergunning 1048
Aanvraag omgevingsvergunning over: het verbouwen van een halfopen woning en de regularisatie van een tuinberging en verhardingen ingediend door Sylvia en Timmy Ponet - Broux met als contactadres Steenweg 171A te 3570 Alken. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Steenweg 171B, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie B 487 D. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.
VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers: | Sylvia en Timmy Ponet - Broux met als contactadres Steenweg 171A te 3570 Alken
|
Ligging van het perceel: | Steenweg 171B
|
Kadastrale gegevens: | afdeling 1 sectie B nr. 487D
|
Projectnaam: | Steenweg 171B - Broux-Ponet
|
Dossiernummer: | 2025104
|
Intern dossiernummer: | 1048
|
ID omgevingsplatform: | OMV_2025106745
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
het verbouwen van een halfopen woning en de regularisatie van een tuinberging en verhardingen.
Werken
Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:
het verbouwen van een halfopen woning en de regularisatie van een tuinberging en verhardingen.
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 - woongebied met landelijk karakter.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven;
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg of een ruimtelijk uitvoeringsplan. De aanvraag is wel gelegen binnen de omschrijving van een niet-vervallen verkaveling met ref. 471 a dd. 10/02/1999 en de wijziging van verkaveling 471 ter d.d. 15/10/2008. Het betreft hier een verkaveling ouder dan 15 jaar waardoor er door de recente wijziging inzake de codextrein, deze verkavelingsvoorschriften geen weigeringsgrond meer vormen. Dit wordt bepaalt onder andere door de volgende artikels 4.3.1§1 en 4.4.1§2 VCRO: Verkavelingsvoorschriften van verkavelingen ouder dan 15 jaar, zijn geen weigeringsgrond meer voor aanvragen voor een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen. Het gewestplan blijft bijgevolg van toepassing;
Verordeningen :
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.
1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)
Waterwetboek:
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt in hoofdstuk III – afdeling I bepaalde verplichtingen op, die “de watertoets” genoemd worden Deze verplichtingen zijn ondertussen verstrengd in enkele wijzigingen van dit decreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten, waaronder het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 05/07/2013 en de latere wijzigingen en verstrengingsbeslissingen. De kaarten beschikbaar op www.waterinfo.be/watertoets , die vastgesteld zijn door de Vlaamse Regering op 25 november 2022, vormen de basis voor de watertoets.
Watertoets :
Overwegende dat het voorliggende project het verbouwen van een ééngezinswoning en de regularisatie van een tuinberging en verhardingen betreft, waarbij het perceel niet gelegen is in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem beperkt.
De totale oppervlakte van het af te wateren dakoppervlak ((tuinhuis en uitbreiding woning ) bedraagt 73.4m². Het dakoppervlak watert af naar een bestaande hemelwaterput van 10 000 liter die overloopt naar een open infiltratie/buffer voorziening in de tuinzone van 2 500 liter en een infiltratieoppervlakte van 10,62m².
Er werd op de plannen aangeduid dat er verhardingen zullen worden aangelegd voor de inrit en een tuinpad, alsook het terras. Voor deze verhardingen kan het hemelwater afwateren op het eigen perceel gezien dit ter plaatse kan infiltreren. De aan te leggen verhardingen dienen zoveel mogelijk in waterdoorlatende materialen te worden voorzien zowel in fundering als opbouw.
Het afvalwater wordt gescheiden afgevoerd tot op de perceelsgrens en aangesloten op de openbare riolering volgens de geldende richtlijnen en bepalingen. De bestaande hemelwaterput en infiltratie/buffervoorziening compenseren de te verharden oppervlakte.
De voorliggende aanvraag voldoet aan het besluit van de Vlaamse regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.
Milieu:
///
Stikstofdecreet:
Het Decreet van de Vlaamse Overheid over de programmatische aanpak stikstof (kortweg ‘Stikstofdecreet’) verstaat het bouwen van dit project volgens artikel 2.41° als een vergunningsplichtig verkeergenererend project en dat geen verkeerdragend infrastructuurproject is en dat stikstofemissiegererende vervoersbewegingen veroorzaakt, of de wijziging van een dergelijk project.
De door de aanvrager berekende gecumuleerde effecten van de stikstofdepositie ten gevolge van vervoersbewegingen en/of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase en exploitatiefase, veroorzaakt door de activiteit, zijn lager dan 1% minimisdrempelwaardes en een verdere passende beoordeling voor de effecten van stikstofdepositie via lucht zijn niet nodig. Dit betekent dat zelfs indien het project op het meest kritische habitat gebouwd wordt, de impact niet zal zorgen voor een overschrijding van de 1% minimisdrempelwaardes.
1.e. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 8 september 2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 24 oktober 2025 |
Opening openbaar onderzoek | 3 november 2025 |
Afsluiten openbaar onderzoek | 2 december 2025 |
Gemeenteraad voor wegenwerken | geen |
Dossierbehandelaar | Carla Van Acker |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum verslag GOA |
|
1.f. Historiek
Perceelnummer : (afd. 1) sectie B 487 D
Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:
- Overwegende dat op 16/12/2009 een stedenbouwkundige vergunning (5505) voor bouwen van een halfopen ééngezinswoning werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.
- Overwegende dat op 10/02/1999 een verkavelingsvergunning met nr 471a werd bekomen en dat dezeop15/10/2008 werd gewijzigd. De wijziging van verkaveling heeft het nr 471ter.
2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag
Deze aanvraag is gelegen langs de Steenweg, zijnde een gewestweg. De weg is voldoende uitgerust, gelet op de plaatselijke toestand.
Langs de weg staan een verscheidenheid aan gebouwen in gevariëerde stijlen en uit verschillende periodes. De gebouwen zijn voornamelijk woningen met daartussen een aantal handelspanden.
De vergunde woning is halfopen met links de aangrenzende buur. Het gabariet van de woningen is gelijk, de buur heeft een lage achterbouw langs de gemeenschappelijke perceelsgrens. De woning werd volgens de vergunde plannen gebouwd.
Deze aanvraag handelt over - Uitbreiding van de woning met een lage achterbouw. - Regularisatie van een vrijstaande tuinberging - Vergunnen van verhardingen. De huidige woning is zeer compact en heeft weinig bergruimte. Hierdoor wordt tegen de achtergevel een uitbreiding voorzien om de huidige leefruimte te vergroten en meer praktische bergruimte te creëren. De uitbreiding komt voor het grootste deel tegen de bestaande achterbouw van de buur. Het dieper deel wordt bij de buur, in onderling overleg, afgewerkt met een aan de buurwoning gelijkende gevelsteen. Wegens het ontbreken van een garage werd kort na het bouwen van de woning, voor het opbergen van de tuinspullen en fietsen, in de achtertuin een vrijstaande tuinberging gebouwd,. De achtergevel van deze berging staat op (13.64 + 14.87 =) 28,51m achter de voorgevel van de woning. Dit valt binnen de toegelaten 29m. zoals gesteld in de voorschriften. De aanwezige verhardingen 243,6m2 worden verminderd tot een minimale noodzakelijke verhardingen 116,32m . Samen met de gebouwen geeft dit aan verharde oppervlakte: 116,32+161,21=277,53m2 of 51% van het perceel. De verharding bevat enkel noodzakelijke delen nl. de inrit, een voetpad naar voordeur, terras en voetpad naar de achterdeur. Om de achtertuin berijdbaar te houden voor een aanhangwagen werd in de zijtuin een karrenspoor voorzien. In de voortuin wordt een parkeerzone voor 2 voertuigen voorzien in waterdoorlatend versterkt gras. Alle verharding infiltreert ernaast op eigen terrein (min. 25%).
2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)
Overwegende dat de aanvraag in regel is met het geldende gewestplan. Het betreft hier een oudere verkaveling d.d. 15.10.2008 met intern nummer 47ter, deze verkaveling is ouder dan 15 jaar waardoor er door de recente wijziging inzake de codextrein, deze verkavelingsvoorschriften geen weigeringsgrond meer vormen. Toepassing van artikel 4.3.1§1 en 4.4.1§2 VCRO: Verkavelingsvoorschriften van verkavelingen ouder dan 15 jaar, zijn geen weigeringsgrond meer voor aanvragen voor een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen. Huidige aanvraag wijkt af van de verkavelingsvoorschriften :
● Inrit van 4,5m en parking in de voortuin ipv inrit max 3m + parking beperkt tot een minimum
● Bijgebouw van 38.44m² ipv max 25m²
● Bijgebouw op 1m van de perceelsgrens ipv min 2m
De in de aanvraag voorziene afwijkingen zijn mits het beperken van de verharding, zijnde de strook van 40 cm groen tegen de perceelgrens door te trekken over de gehele inrit en het versterkt gras van de parking te halveren met oog op plaats voor 1 wagen, ruimtelijke aanvaardbaar en noodzakelijk voor het woongenot van een eengezinswoning.
2.c. Adviezen
Externe Adviezen
Adviesinstantie
| Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Conclusie |
AWV - District Zuid-Limburg | 24 oktober 2025 | 5 november 2025 | voorwaardelijk gunstig |
2.d. Bespreking van de adviezen
De aanvraag werd op 24.10.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Agentschap Wegen en Verkeer. Op 05.11.2025 werd een voorwaardelijk gunstig advies ontvangen. De integrale inhoud van dit advies kan worden onderschreven en bijgetreden.
2.e. Openbaar onderzoek
Het openbaar onderzoek werd gehouden door aanplakking op de gewone aanplakplaatsen, van 3 november 2025 tot 2 december 2025.
Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en geen digitale bezwaren
2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek
Overwegende dat het openbaar onderzoek werd gehouden van 3 november 2025 tot 2 december 2025 omwille van de toepassing van de codextrein. Er werden naar aanleiding van het openbaar onderzoek geen bezwaarschriften en/of opmerkingen ingediend.
2.g. Beoordeling
Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:
De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.
- Functionele inpasbaarheid: De aanvraag is gelegen binnen een woonzone, voorliggende aanvraag, zijnde het verbouwen van een halfopen woning en de regularisatie van een tuinberging en verhardingen, is bijgevolg niet strijdig met de geldende voorschriften en is bijgevolg functioneel inpasbaar in de omgeving.
- Mobiliteitsaspect: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat onderhavige aanvraag geen invloed zal hebben op de mobiliteit. Er worden ook voldoende parkeerplaatsen voorzien op het eigen terrein.
- Schaal, ruimtegebruik en bouwdichtheid: voorliggende aanvraag betreft het verbouwen van een halfopen woning en de regularisatie van een tuinberging en verhardingen
Voorgestelde uitbreiding geeft geen aanleiding tot verlies van ruimtelijke kwaliteit. Het ontwerp is wat omvang en gabarit betreft mits beperking van de verhardingen niet storend in de ruimtelijke context en kan bijgevolg worden aanvaard.
- Visueel-vormelijke elementen: De uitbreiding gebeurt met materialen in overeenstemming met het materiaalgebruik van de woning. Het vrijstaand bijgebouw werd eveneens uitgevoerd met gevelsteen in overeenstemming met het hoofdgebouw. De aanvraag is stedenbouwkundig verantwoord en verenigbaar met de bestaande en voorziene bebouwing en de aanwezige infrastructuur. De werken hebben een geringe impact ten aanzien van de omgeving en brengen de goede ruimtelijke ordening niet in het gedrang.
- Cultuurhistorische aspecten: Het eigendom ligt niet in een beschermd stads- of dorpsgezicht, noch palend aan of in het gezichtsveld van een monument. De aanvraag heeft geen invloed op de cultuurhistorische aspecten.
Het bodemreliëf: Het bestaande bodemreliëf zal niet wijzigen.
- Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat de privacy van de omwonenden geenszins wordt geschonden. De voorgestelde invulling zal geen invloed hebben op de leefbaarheid en kwaliteit van de omgeving.
Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:
Conclusie
Voorwaardelijk gunstig advies Gunstig advies, onder voorwaarden:
● Het voorwaardelijk gunstig advies van Agentschap Wegen en Verkeer dd. 05.11.2025 dient strikt nageleefd te worden.
● De verharding dient beperkt door de strook van 40 cm groen tegen de perceelgrens door te trekken over de gehele inrit en het versterkt gras van de parking te halveren met oog op plaats voor 1 wagen.
● Verhardingen dienen maximaal uitgevoerd te worden in waterdoorlatende materialen of dienen zijdelings naar de aanliggende groenzones af te wateren waar het hemelwater in de bodem kan infiltreren. Het hemelwater dient alleszins op het eigen terrein opgevangen te worden. De aanpalende percelen mogen hiermee niet belast worden
● De maximum oppervlakte aan gebouwen en verhardingen is bereikt met deze aanvraag.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 28/01/2026 HET VOLGENDE:
1. De aanvraag ingediend door Sylvia en Timmy Ponet - Broux met als contactadres Steenweg 171A te 3570 Alken, het verbouwen van een halfopen woning en de regularisatie van een tuinberging en verhardingen, gelegen Steenweg 171B, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie B 487 D voorwaardelijk te vergunnen.
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
● Het voorwaardelijk gunstig advies van Agentschap Wegen en Verkeer dd. 05.11.2025 dient strikt nageleefd te worden.
● De verharding dient beperkt door de strook van 40 cm groen tegen de perceelgrens door te trekken over de gehele inrit en het versterkt gras van de parking te halveren met oog op plaats voor 1 wagen.
● Verhardingen dienen maximaal uitgevoerd te worden in waterdoorlatende materialen of dienen zijdelings naar de aanliggende groenzones af te wateren waar het hemelwater in de bodem kan infiltreren. Het hemelwater dient alleszins op het eigen terrein opgevangen te worden. De aanpalende percelen mogen hiermee niet belast worden
● De maximum oppervlakte aan gebouwen en verhardingen is bereikt met deze aanvraag.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;
5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.
De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.
De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.
Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.
§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.
§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.
Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.
Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. (…)
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° ...;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;
7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;
8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.
Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.
De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:
1° de beroepsindiener;
2° de vergunningsaanvrager;
3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
4° het college van burgemeester en schepenen.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)
Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.
Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.
§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.
§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.
De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.
§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:
1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;
2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;
3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.
(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Zitting van 28 01 2026
Omgevingsvergunning 1066
Aanvraag omgevingsvergunning over: het bouwen van een nieuwbouw bedrijfshal ingediend door Christophe Knuts wonende te Meerdegatstraat 25 te 3570 Alken en Saskia Gaens wonende te Meerdegatstraat 25 te 3570 Alken. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Pickardstraat 4 en 1202, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie C 98 T. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.
VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers: | Christophe Knuts wonende te Meerdegatstraat 25 te 3570 Alken en Saskia Gaens wonende te Meerdegatstraat 25 te 3570 Alken
|
Ligging van het perceel: | Pickardstraat 4 en 1202
|
Kadastrale gegevens: | afdeling 2 sectie C nr. 98T
|
Projectnaam: | Pickardstraat-Groenmolenstraat - Knuts-Gaens
|
Dossiernummer: | 2025125
|
Intern dossiernummer: | 1066
|
ID omgevingsplatform: | OMV_2025070901
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
het bouwen van een nieuwbouw bedrijfshal
Werken
Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:
● Het realiseren van een nieuwbouw industriegebouw
● Het aanleggen van waterdoorlatende verharding
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 - industriegebied.
De industriegebieden zijn bestemd voor de vestiging van industriële of ambachtelijke bedrijven. Ze omvatten een bufferzone. Voor zover zulks in verband met de veiligheid en de goede werking van het bedrijf noodzakelijk is, kunnen ze mede de huisvesting van het bewakingspersoneel omvatten. Tevens worden in deze gebieden complementaire dienstverlenende bedrijven ten behoeve van de andere industriële bedrijven toegelaten, namelijk: bankagentschappen, benzinestations, transportbedrijven, collectieve restaurants, opslagplaatsen van goederen bestemd voor nationale of internationale verkoop.
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).
Overwegende dat het goed ligt binnen het RUP Kolmen goedgekeurd door de deputatie Limburg op 23 augustus 2012 – zone voor lokaal bedrijventerrein.
Het goed is niet gelegen binnen de contouren van een bijzonder plan van aanleg, noch binnen de omschrijving van een goedgekeurde en niet-vervallen verkaveling.
Art. 7.4.5. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat de voorschriften van de ruimtelijke uitvoeringsplannen, voor het grondgebied waarop ze betrekking hebben, de voorschriften van de plannen van aanleg vervangen, tenzij het ruimtelijk uitvoeringsplan het uitdrukkelijk anders bepaalt.
De voorschriften van het RUP Kolmen primeren op die van het gewestplan.
Verordeningen:
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.
1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)
Waterwetboek:
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt in hoofdstuk III – afdeling I bepaalde verplichtingen op, die “de watertoets” genoemd worden Deze verplichtingen zijn ondertussen verstrengd in enkele wijzigingen van dit decreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten, waaronder het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 05/07/2013 en de latere wijzigingen en verstrengingsbeslissingen. De kaarten beschikbaar op www.waterinfo.be/watertoets , die vastgesteld zijn door de Vlaamse Regering op 25 november 2022, vormen de basis voor de watertoets.
Watertoets:
Het voorliggende project betreft de realisatie van een nieuwbouw industriehal en de aanleg van verhardingen.
De locatie te Alken 2de afdeling, sectie C nr. 0098 T is niet gelegen langs een onbevaarbare waterloop van eerste categorie, maar stroomt af naar de Herk, een onbevaarbare waterloop van eerste categorie die wordt beheerd door de VMM – kern Beheer en Investeringen Waterlopen.
Volgens de bijlage III, IV en V van het uitvoeringsbesluit watertoets kan de overstromingsgevoeligheid als volgt beschreven worden: geen overstroming gemodelleerd voor kustoverstroming, deels pluviaal
overstromingsgevoelig en geen fluviale overstromingen gemodelleerd.
Aangaande de huidige aanvraag werd er dan ook advies gevraagd aan de VMM, team watertoets. Zij verleenden een voorwaardelijk gunstig advies met ref. WT 2025 OH 1841_1, waarbij volgende voorwaarden worden opgelegd:
● De bovengrondse infiltratievoorziening moeten aangelegd worden met een minimale inhoud van 15.675 liter en infiltratieoppervlakte van 38 m². Het infiltratievolume wordt gemeten vanaf de gemiddelde hoogste grondwaterstand tot aan de onderzijde van de overloop.
● De diepte van de infiltratievoorziening moet beperkt zijn tot 50 cm onder het maaiveld, tenzij aangetoond wordt dat de gemiddelde hoogste grondwaterstand lager is.
● Indien een noodoverlaat op de infiltratievoorziening wordt voorzien, moet deze op maximaal 30 cm onder het maaiveld geplaatst worden.
● De fundering onder waterdoorlatende verharding dient eveneens waterdoorlatend te zijn.
● Ophogingen rondom het gebouw moeten beperkt blijven tot noodzakelijke toegangen van het gebouw. De omliggende groenzone mag alleszins niet opgehoogd worden. Uitgegraven grond moet afgevoerd worden.
● De hemelwaterput en de septische put moeten voorzien worden van een kneveldeksel om te vermijden dat overstromingswater kan binnendringen. Aansluitingen op de openbare riolering moeten voorzien worden van een terugslagklep.
Bijkomende aandachtspunt in het kader van de doelstellingen en beginselen van het decreet integraal waterbeleid:
● Bij het plannen van de werkzaamheden moet rekening gehouden worden met de locaties waar infiltratie voorzien wordt. Deze moeten vrijgehouden worden van zware belastingen om bodemverdichting te vermijden en om de infiltratiecapaciteit van het terrein maximaal te vrijwaren tijdens de werken.
Het project wordt voorwaardelijk gunstig geadviseerd en is in overeenstemming te brengen met de doelstellingen en beginselen van de gecodificeerde decreten betreffende het integraal waterbeleid, indien aan de bovenstaande voorwaarden wordt voldaan.
Milieu:
Bij de aanvraag tot omgevingsvergunning werd meegedeeld dat de eigenaar het bestaande gebouw verhuurd en het nieuwe gebouw zal gebruiken voor een kleinschalige industriële activiteit waarvoor geen milieu-rubrieken van toepassing zijn.
De al of niet noodzakelijkheid voor het aanvragen van een milieuvergunning is afhankelijk van de ondergebrachte activiteit. Het is de uitbater dewelke zal dienen te zorgen voor de nodige milieuvergunning en of inrichtingsnummer indien dit van toepassing zou zijn.
MER:
De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004, maar wel onder bijlage III (MER-screening). In de beoordeling van de effecten op de omgeving is de impact omschreven en wordt nagegaan of de effecten als niet aanzienlijk mogen beschouwd worden.
Stikstofdecreet:
Het Decreet van de Vlaamse Overheid over de programmatische aanpak stikstof (kortweg ‘Stikstofdecreet’) verstaat het bouwen van dit project volgens artikel 2.41° als een vergunningsplichtig verkeersgenererend project en dat geen verkeersdragend infrastructuurproject is en dat stikstofemissiegererende vervoersbewegingen veroorzaakt, of de wijziging van een dergelijk project.
De door de aanvrager berekende gecumuleerde effecten van de stikstofdepositie ten gevolge van vervoersbewegingen en/of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase en exploitatiefase, veroorzaakt door de activiteit, zijn lager dan 1% minimisdrempelwaardes en een verdere passende beoordeling voor de effecten van stikstofdepositie via lucht zijn niet nodig. Dit betekent dat zelfs indien het project op het meest kritische habitat gebouwd wordt, de impact niet zal zorgen voor een overschrijding van de 1% minimisdrempelwaardes.
1.e. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 22 oktober 2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 21 november 2025 |
Opening openbaar onderzoek | 1 december 2025 |
Afsluiten openbaar onderzoek | 30 december 2025 |
Gemeenteraad voor wegenwerken | geen |
Dossierbehandelaar | Anne Hermans |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum verslag GOA | 22 januari 2026 |
1.f. Historiek
Perceelnummer : (afd. 2) sectie C 98 T
De woning dateert van 1976 en wordt geacht vergund te zijn.
Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:
● Overwegende dat er op 29 december 1976 een stedenbouwkundige vergunning werd verleend voor het bouwen van een werkhuis met ref. 1418 door het college van burgemeester en schepenen.
● Overwegende dat er op 19 november 1996 een stedenbouwkundige vergunning werd verleend voor de uitbreiding van een industrieel gebouw met ref. 3213 en 3214 door het college van burgemeester en schepenen.
● Overwegende dat er op 20 december 2023 een omgevingsvergunning werd verleend voor het realiseren van een bedrijfsgebouw met ref. 803 verleend door het college van burgemeester en schepenen
2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag
De aanvrager wenst een industriehal te plaatsen links van de bestaande industriehal.
Het perceel is gelegen binnen het industrieterrein Kolmen, ten noorden van de kern van Alken. De voorliggende aanvraag situeert zich op een perceel gelegen op de hoek van de Pickardstraat en de Groenmolenstraat. Het perceel is gelegen binnen de zone voor lokaal bedrijventerrein volgens het geldende RUP Kolmen. De omliggende percelen betreffen grotendeels eveneens bedrijfsgebouwen binnen dit bedrijventerrein. Aan de linkerzijde grenst het perceel aan het sanitairbedrijf Croes-Bellen. Aan de rechterzijde grenst het perceel aan de Groenmolenstraat.
Huidige aanvraag betreft dus de realisatie van een nieuwe industriehal links van de bestaande industriehal. Deze nieuwbouwhal zal worden ingeplant op 8m van de voorliggende rooilijn en op 3m van de linker perceelsgrens. Het nieuwbouwvolume heeft een oppervlakte van 505m² en een voorgevelbreedte van 14m62. Door de realisatie van dit volume zal er een beperkte afstand behouden blijven tussen de nieuwbouw en de bestaande loods op het perceel van 1m93 aan de voorzijde en 20cm ter hoogte van de achtergevel van de bestaande loods. Het nieuwe gebouw heeft geen functionele relatie met het bestaande gebouw op het perceel. De eigenaar heeft het bestaande gebouw verhuurd en zal uitsluitend het nieuwe gebouw gebruiken voor een kleinschalige industriële activiteit, zijnde voor lichte productie en assemblage, zonder opslag van gevaarlijke stoffen.
Er wordt een nieuwbouw industriehal voorzien met een hoogte van ongeveer 9m15 ten aanzien van het maaiveld over een diepte van 34m55. Het gebouw wordt afgewerkt met een plat dak constructie.
De loods wordt uitgevoerd in een staalstructuur, met wanden in prefab beton (onderaan) en sandwichpanelen (bovenaan). Het dak bestaat uit een lichte staalstructuur met steel deck en EPDM-afwerking
Aan de voorzijde van de loods worden er 2 parkeerplaatsen voorzien en een plaats voor het stallen van 5 fietsen. Links vooraan en in de bouwvrije strook links van de hal worden er tevens infiltratiezones voorzien.
2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)
De aanvraag is deels in strijd met de voorschriften van het RUP Kolmen wat betreft de inplanting van de constructie en de inrichting van de onbebouwde ruimte.
Conform artikel 4.4.1.§1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordeningen kunnen in een stedenbouwkundige vergunning, na een openbaar onderzoek, beperkte afwijkingen worden toegestaan op stedenbouwkundige voorschriften en verkavelingsvoorschriften met betrekking tot perceelsafmetingen, de afmetingen en de inplanting van constructies, de dakvorm en de gebruikte materialen. Afwijkingen kunnen niet worden toegestaan voor wat betreft:
1° de bestemming;
2° de maximaal mogelijke vloerterreinindex;
3° het aantal bouwlagen.
De voorschriften van het RUP stellen dat:
‘Art. 1. Zone voor lokaal bedrijventerrein
Inplanting van de gebouwen
Vrijstaande gevels worden op minimaal 5m van de perceelsgrens ingeplant. De plaatsing tegen de perceelsgrens is toegelaten mits akkoord van de aanpalende buur en op voorwaarde dat de betrokken gevel op een volwaardige manier wordt afgewerkt.
Inrichting van de onbebouwde ruimte
Per 300m² bebouwde oppervlakte wordt 1 parkeerplaats voorzien met een minimum van 5 parkeerplaatsen per bedrijf.
Huidige aanvraag betreft de realisatie van een nieuwbouw industriehal naast een bestaand bedrijfsgebouw. Volgens de voorschriften van het RUP dient er 1 parkeerplaats per 300 m2 bebouwde oppervlakte voorzien te worden met een min. van 5 parkeerplaatsen. In verhouding met de oppervlakte van de nieuwe loods worden er aan de voorzijde van het terrein 2 parkeerplaatsen voorzien. Er zullen slechts 1 tot max. 5 werknemers aanwezig zijn en er wordt aan de voorzijde van het perceel een fietsenstalplaats voorzien voor 5 fietsen. Echter betreft de nieuwbouw samen met de bestaande loods één perceel. In totaliteit zijn er dus voor dit perceel wel min. 5 parkeerplaatsen voorzien. Echter in een volgende fase bij de afbraak van de bestaande loods en het voorzien van een nieuwbouw op deze locatie zal ook het parkeerbeleid dienen bekeken te worden in zijn geheel. Verder wijkt het ontwerp ook af van de afstand ten opzichte van de perceelsgrens. Zo zal de nieuwbouw voorzien worden op 3m van de linker perceelsgrens ipv de voorgeschreven 5m volgens het RUP. De aanpalende eigenaar heeft hiervoor getekend voor akkoord, en dit document werd gevoegd bij de huidige aanvraag. De voorgestelde afstand van 3m ten aanzien van deze linker perceelsgrens is ter plaatse voldoende waardoor voorgesteld ontwerp geen hinder geeft voor de omliggende bebouwingen. De voorgestelde afwijkingen zijn dan ook beperkt in omvang en impact en kunnen ter plaatse aanvaard worden.
De gemeentelijke parkeerverordening stelt het volgende met betrekking tot bedrijfsruimten:
Artikel 12. KMO: GEBOUWEN VOOR INDUSTRIE EN WERKPLAATSEN
Voor een werkplaats, KMO, opslag, fabriekshal, stapelplaats, enz. wordt het aantal parkeerplaatsen als volgt bepaald: 2 parkeerplaatsen per 3 werknemers én 1 parkeerplaats per 200m 2 vloeroppervlakte
Voor de bepaling van het juiste aantal parkeerplaatsen dient er een beschrijving van de activiteiten en de daarmee gepaard gaande mobiliteitsimpact toegevoegd te worden aan de motivatienota van de architect gevoegd bij de aanvraag tot omgevingsvergunning.
Aan de hand van deze berekening zal bepaald worden welke minimum parkeervereisten er zijn.
Gezien de architect bij de aanvraag aangaande de moblititeit verklaart dat de impact zeer beperkt is daar het om een kleinschalige industriële activiteit gaat voor lichte productie en assemblage. Ook is de nieuwe loods een toevoeging aan het bestaande perceel waar er reeds parkeermogelijkheden voorzien werden. Echter zoals ook eerder aangehaald in de vorige alinea’s dient het parkeerbeleid bekeken te worden in zijn geheel voor dit perceel en zal de aanvrager dienen te zorgen voor de opvang van de parkeerdruk op het eigen terrein. In een volgende fase bij de afbraak van de bestaande loods en de heropbouw zal dit bijgevolg ook meegenomen dienen te worden in het ontwerp.
2.c. Adviezen
Externe Adviezen
Adviesinstantie
| Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Conclusie |
watertoets@vmm.be | 21 november 2025 | 19 december 2025 | voorwaardelijk gunstig |
preventie@zuidwestlimburg.be | 21 november 2025 | 27 november 2025 | voorwaardelijk gunstig |
Fluvius | 21 november 2025 | 16 december 2025 | voorwaardelijk gunstig |
De Watergroep | 21 november 2025 | 5 december 2025 | voorwaardelijk gunstig |
Omgevingsloket Wyre | 21 november 2025 | 25 november 2025 | gunstig |
2.d. Bespreking van de adviezen
● De aanvraag werd op 21.11.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan de Vlaamse Milieumaatschappij – team watertoets (VMM). Op 19.12.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies met ref. WT 2025 OH 18941_1 ontvangen. De integrale inhoud van dit advies kan worden onderschreven en bijgetreden.
● De aanvraag werd op 21.11.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan de brandweerzone Zuid-West-Limburg. Op 27.11.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies verleend met ref. 2025-0159-002. De integrale inhoud van dit advies kan worden onderschreven en bijgetreden.
● De aanvraag werd op 21.11.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Fluvius - Kenniscentrum riolering. Op 16.12.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies verleend met ref. 5000115993 - 2025070901. De integrale inhoud van dit advies kan worden onderschreven en bijgetreden.
● De aanvraag werd op 21.11.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Wyre. Op 25.11.2025 werd er een gunstig advies ontvangen. De integrale inhoud van dit advies kan bijgetreden worden.
● De aanvraag werd op 21.11.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan De Watergroep. Op 05.12.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies ontvangen. De integrale inhoud van dit advies kan bijgetreden worden.
2.e. Openbaar onderzoek
Het openbaar onderzoek werd gehouden door aanplakking op de gewone aanplakplaatsen, van 1 december 2025 tot 30 december 2025.
Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en geen digitale bezwaren
2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek
Overwegende dat het openbaar onderzoek werd gehouden van 01.12.2025 tot en met 30.12.2025 omwille van het feit dat voorliggend ontwerp afwijkt van het RUP.
Er werden naar aanleiding van het openbaar onderzoek geen bezwaarschriften en/of opmerkingen ingediend.
2.g. Beoordeling
Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:
De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.
● Functionele inpasbaarheid: de aanvraag betreft de realisatie van een nieuwe industriehal links van een bestaand bedrijfsgebouw conform het bestaande industriële karakter van de omgeving. Huidige aanvraag is in overeenstemming met de zone voor het lokaal bedrijventerrein. Functioneel is de aanvraag dus in regel met de geldende voorschriften van het RUP Kolmen mits de toegekende afwijkingen zoals beschreven onder rubriek 2b.
● Mobiliteitsaspect: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat onderhavige aanvraag geen negatieve invloed zal hebben op de mobiliteit. De huidige aanvraag voorziet voldoende parkeerruimte op het eigen perceel.
● Schaal, ruimtegebruik en bouwdichtheid: Het betreft de realisatie van een nieuwe industriehal links van het bestaande industriegebouw. De schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid worden bijgevolg niet wezenlijk gewijzigd en staan in verhouding met de specifieke kenmerken van de industriële omgeving. Naar ruimtegebruik en bouwdichtheid toe vormt de inname van de bedrijfsgebouwen op het terrein een voldoende samenhangend geheel, zodat er geen overdreven ruimtebeslag is en de goede ruimtelijke ordening niet in het gedrang wordt gebracht.
● Visueel-vormelijke elementen:. Het uiterlijk van de gebouwen is conform aan de industriële omgeving waarbij de uitbreiding werd voorzien in harmonie met het bestaande bedrijfsgebouw en met de bestaande industriegebouwen in de omgeving. De gebouwen zijn opgetrokken in industriële materialen en hebben aldus een zone-eigen uiterlijk. De uitbreiding wordt uitgevoerd in een staalstructuur, met wanden in prefab beton (onderaan) en sandwichpanelen (bovenaan). Het dak bestaat uit een lichte staalstructuur met steel deck en EPDM-afwerking. De harmonie tussen de bestaande bebouwing en de uitbreiding zorgt ervoor dat het gebouw een geheel vormt en een moderne uitstraling heeft. Aldus is deze situatie aanvaardbaar en visueel-vormelijk in harmonie met de bestaande omgeving.
● Cultuurhistorische aspecten: Het perceel en deze eigendom liggen niet in een beschermd stads- of dorpsgezicht, noch palend aan of in het gezichtsveld van een monument. De aanvraag heeft geen invloed op de cultuurhistorische aspecten.
● Het bodemreliëf: Het ontwerp wijzigt het bodemreliëf beperkt. Het reliëf van het terrein wordt plaatselijk minimaal aangepast om het gebouw correct te positioneren. De nulpeil (0-pas) van het gebouw wordt voorzien op +40 cm ten opzichte van het wegpeil ter hoogte van het middelpunt van de weg. - Deze ophoging is beperkt en gebeurt uitsluitend rondom de voet van het gebouw.
● Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat, gelet op de voorgestelde plannen voor de realisatie van een nieuwbouw industriehal links van de bestaande hal, de privacy van de omwonenden en aanpalende geenszins wordt geschonden. De voorgestelde invulling zal geen invloed hebben op de leefbaarheid en kwaliteit van de omgeving. Er kan gesteld worden dat de gevraagde werken geen hinder zullen veroorzaken voor de buren en de omgeving. De activiteiten die de aanvrager uitvoert zullen geen significante hinderaspecten met zich mee brengen. . Deze activiteiten zijn tevens zone-eigen, het betreft een zone voor lokale bedrijvigheid waar deze activiteiten en de gevolgen die ze eventueel met zich meebrengen aanvaardbaar zijn.
Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:
///
Conclusie
Voorwaardelijk gunstig advies
Voorwaarden:
○ De groenzone voorzien op het inplantingsplan dient conform het RUP Kolmen ingericht te worden als een representatief voorgebied met een aangepaste beplanting bestaande uit hoogstammen en struiken. De beplanting bedraagt minimaal 5% van de perceelsoppervlakte.
○ Het parkeerbeleid dient bekeken te worden over het geheel perceel en zal zich moeten richten naar de gemeentelijke parkeerverordening. Het parkeergebeuren dient gerealiseerd te worden op het eigen terrein.
○ Het advies van de Vlaamse Milieumaatschappij – team watertoets, d.d. 19.12.2025 met ref. WT 2025 OH 1841_1 dient strikt nageleefd te worden, zijnde:
○ De bovengrondse infiltratievoorziening moeten aangelegd worden met een minimale inhoud van 15.675 liter en infiltratieoppervlakte van 38 m². Het infiltratievolume wordt gemeten vanaf de gemiddelde hoogste grondwaterstand tot aan de onderzijde van de overloop.
○ De diepte van de infiltratievoorziening moet beperkt zijn tot 50 cm onder het maaiveld, tenzij aangetoond wordt dat de gemiddelde hoogste grondwaterstand lager is.
○ Indien een noodoverlaat op de infiltratievoorziening wordt voorzien, moet deze op maximaal 30 cm onder het maaiveld geplaatst worden.
○ De fundering onder waterdoorlatende verharding dient eveneens waterdoorlatend te zijn.
○ Ophogingen rondom het gebouw moeten beperkt blijven tot noodzakelijke toegangen van het gebouw. De omliggende groenzone mag alleszins niet opgehoogd worden. Uitgegraven grond moet afgevoerd worden.
○ De hemelwaterput en de septische put moeten voorzien worden van een kneveldeksel om te vermijden dat overstromingswater kan binnendringen. Aansluitingen op de openbare riolering moeten voorzien worden van een terugslagklep.
Bijkomende aandachtspunt in het kader van de doelstellingen en beginselen van het decreet integraal waterbeleid:
○ Bij het plannen van de werkzaamheden moet rekening gehouden worden met de locaties waar infiltratie voorzien wordt. Deze moeten vrijgehouden worden van zware belastingen om bodemverdichting te vermijden en om de infiltratiecapaciteit van het terrein maximaal te vrijwaren tijdens de werken.
○ Het advies van Fluvius d.d. 16.12.2025 met ref. 5000115993 dient strikt nageleefd te worden.
○ Het advies van de brandweerzone Zuid-West-Limburg d.d. 27.11.2025 met ref. 2025-0159-002 dient strikt nageleefd te worden
● Het toegevoegde inplantingsplan dient uitgevoerd te worden zoals voorzien, waarbij er in aansluiting met de voorliggende weg een groenstrook zal worden aangeplant en de toegang beperkt wordt tot 5m.
● De bestemming van de nieuwe gebouwen dient conform te zijn aan de voorschriften van het RUP Kolmen, met andere woorden deze percelen dienen voor de inplanting van lokale bedrijven zijnde KMO of ambachtelijke bedrijven waar er een link moet zijn met ambacht, productie, opslag van producten.
● De vergunning is afhankelijk van de strikte naleving van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM.
● Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 28/01/2026 HET VOLGENDE:
1. De aanvraag ingediend door Christophe Knuts wonende te Meerdegatstraat 25 te 3570 Alken en Saskia Gaens wonende te Meerdegatstraat 25 te 3570 Alken, voor het bouwen van een nieuwbouw bedrijfshal, gelegen Pickardstraat 4 en 1202, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie C 98 T wordt vergund onder voorwaarden.
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
● De groenzone voorzien op het inplantingsplan dient conform het RUP Kolmen ingericht te worden als een representatief voorgebied met een aangepaste beplanting bestaande uit hoogstammen en struiken. De beplanting bedraagt minimaal 5% van de perceelsoppervlakte.
● Het parkeerbeleid dient bekeken te worden over het geheel perceel en zal zich moeten richten naar de gemeentelijke parkeerverordening. Het parkeergebeuren dient gerealiseerd te worden op het eigen terrein.
● Het advies van de Vlaamse Milieumaatschappij – team watertoets, d.d. 19.12.2025 met ref. WT 2025 OH 1841_1 dient strikt nageleefd te worden, zijnde:
○ De bovengrondse infiltratievoorziening moeten aangelegd worden met een minimale inhoud van 15.675 liter en infiltratieoppervlakte van 38 m². Het infiltratievolume wordt gemeten vanaf de gemiddelde hoogste grondwaterstand tot aan de onderzijde van de overloop.
○ De diepte van de infiltratievoorziening moet beperkt zijn tot 50 cm onder het maaiveld, tenzij aangetoond wordt dat de gemiddelde hoogste grondwaterstand lager is.
○ Indien een noodoverlaat op de infiltratievoorziening wordt voorzien, moet deze op maximaal 30 cm onder het maaiveld geplaatst worden.
○ De fundering onder waterdoorlatende verharding dient eveneens waterdoorlatend te zijn.
○ Ophogingen rondom het gebouw moeten beperkt blijven tot noodzakelijke toegangen van het gebouw. De omliggende groenzone mag alleszins niet opgehoogd worden. Uitgegraven grond moet afgevoerd worden.
○ De hemelwaterput en de septische put moeten voorzien worden van een kneveldeksel om te vermijden dat overstromingswater kan binnendringen. Aansluitingen op de openbare riolering moeten voorzien worden van een terugslagklep.
○ Bij het plannen van de werkzaamheden moet rekening gehouden worden met de locaties waar infiltratie voorzien wordt. Deze moeten vrijgehouden worden van zware belastingen om bodemverdichting te vermijden en om de infiltratiecapaciteit van het terrein maximaal te vrijwaren tijdens de werken.
● Het advies van Fluvius d.d. 16.12.2025 met ref. 5000115993 dient strikt nageleefd te worden.
● Het advies van de brandweerzone Zuid-West-Limburg d.d. 27.11.2025 met ref. 2025-0159-002 dient strikt nageleefd te worden
● Het toegevoegde inplantingsplan dient uitgevoerd te worden zoals voorzien, waarbij er in aansluiting met de voorliggende weg een groenstrook zal worden aangeplant en de toegang beperkt wordt tot 5m.
● De bestemming van de nieuwe gebouwen dient conform te zijn aan de voorschriften van het RUP Kolmen, met andere woorden deze percelen dienen voor de inplanting van lokale bedrijven zijnde KMO of ambachtelijke bedrijven waar er een link moet zijn met ambacht, productie, opslag van producten.
● De vergunning is afhankelijk van de strikte naleving van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM.
● Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;
5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.
De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.
De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.
Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.
§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.
§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.
Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.
Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. (…)
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° ...;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;
7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;
8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.
Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.
De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:
1° de beroepsindiener;
2° de vergunningsaanvrager;
3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
4° het college van burgemeester en schepenen.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)
Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.
Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.
§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.
§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.
De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.
§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:
1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;
2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;
3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.
(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Zitting van 28 01 2026
Beslissing deputatie OMV P37 Wemar Cars
Besluit
Zitting van 28 01 2026
Cadeau mooimakers 2026 - receptie
Al jarenlang zetten vrijwilligers zich in om zwerfvuil te ruimen langs de Alkense straten: zwerfvuilmeters en -peters, ook mooimakers genoemd. Om de zwerfvuilmeters en -peters te bedanken wordt jaarlijks een cadeau voorzien. Voor het werk gedaan in 2025 wordt op 20 maart 2026 een receptie georganiseerd ter bedanking voor hun inzet. Tijdens de receptie kunnen de mooimakers ervaringen en bekommernissen delen en wordt een kleine attentie voorzien. Verder worden 25 Slimmesorteerpunten toegekend per kwartaal dat een Mooimaker zwerfvuil heeft opgeruimd in 2025.
Feiten en context
Al jarenlang zetten vrijwilligers zich in om zwerfvuil te ruimen langs de Alkense straten: zwerfvuilmeters en -peters, ook mooimakers genoemd. Om de zwerfvuilmeters en -peters te bedanken wordt jaarlijks een cadeau voorzien. Voor het werk gedaan in 2025 wordt op 20 maart 2026 een receptie georganiseerd ter bedanking voor hun inzet. Tijdens de receptie kunnen de mooimakers ervaringen en bekommernissen delen en wordt een kleine attentie voorzien. Verder worden 25 Slimmesorteerpunten toegekend per kwartaal dat een Mooimaker zwerfvuil heeft opgeruimd in 2025.
Juridische grond
Art.56 Decreet lokaal bestuur
Art.42, §1 Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
De zwerfvuilvrijwilligers zijn een belangrijk onderdeel van een doordachte zwerfvuilpreventie. Hun aanwezigheid zorgt voor een zichtbaarheid en controle in het straatbeeld en signaleren de burgerzin in het bekomen van een propere buurt. Verder ruimen ze en voorkomen ze zwerfvuil en sluikstort. Om structureel zwerfvuilvrijwilligers te ondersteunen en bedanken voor hun inspanningen wordt een receptie georganiseerd. De kleine attentie, de receptie en de Slimmesorteerpunten zorgt voor verbinding met de gemeente, voor het delen van informatie en zorgt voor motivatie zodat de zwerfvuilvrijwilligers zich blijven actief inzetten.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Onder de kosten zit het drinken en versnaperingen tijdens de receptie, en een kleine attentie om mee te geven. Deze hebben een maximum waarde van 10 euro per mooimaker. Een terugvordering van de kosten wordt aangevraagd via Mooimakers met de subsidie 'Vergoeding structurele vrijwilligers'.
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€ 1.000 receptie en kleine attentie | 21% | 001231 |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen geeft haar goedkeuring om een receptie te organiseren op 20 maart en een kleine attentie te voorzien voor de mooimakers. Het budget van 1.000 euro is voorzien via MJP001231.
Artikel 2: Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met het toekennen van 25 Slimmesorteerpunten per kwartaal dat een Mooimaker zwerfvuil heeft opgeruimd in 2025.
Zitting van 28 01 2026
Subsidie verdelging van een nest Aziatische hoornaars
Op 16 januari 2026 werd conform de voorschriften van vernoemd gemeenteraadsbesluit door Frederic Vanswijgenhoven, Lindestraat 62B, 3570 Alken een aanvraag ingediend voor toekenning van de subsidie voor verdelging van een secundair nest Aziatische hoornaars, gelegen op volgend adres: Lindestraat 62B te 3570 Alken. Met de subsidies voor verdelging van de nesten Aziatische hoornaars wil de gemeente de (honing)bijen en andere inheemse insecten beschermen. Voor het bestrijden van deze nesten voorziet de gemeente de terugbetaling van het bedrag van de factuur van de brandweer of erkende verdelger, met een maximum van €60 voor een secundair nest (incl. BTW).
Feiten en context
Op 16 januari 2026 werd conform de voorschriften van vernoemd gemeenteraadsbesluit door Frederic Vanswijgenhoven, Lindestraat 62B, 3570 Alken een aanvraag ingediend voor toekenning van de subsidie voor verdelging van een secundair nest Aziatische hoornaars, gelegen op volgend adres: Lindestraat 62B te 3570 Alken.
Juridische grond
Artikel 56 Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;
Het besluit van de gemeenteraad van 28 augustus 2025, houdende goedkeuring van een subsidieregeling voor verdelging van een nest Aziatische hoornaars
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Met de subsidies voor verdelging van de nesten Aziatische hoornaars wil de gemeente de (honing)bijen en andere inheemse insecten beschermen. Voor het bestrijden van deze nesten voorziet de gemeente de terugbetaling van het bedrag van de factuur van de brandweer of erkende verdelger, met een maximum van €60 voor secundaire nesten (incl. BTW).
Financiële gevolgen
De uitbetaling van de subsidie gebeurt als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€60,00 | 21% | 002001 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Aan Frederic Vanswijgenhoven, Lindestraat 62B, 3570 Alken wordt een toelage van € 60,00 toegekend voor de verdelging van een secundair nest Aziatische hoornaars, conform het gemeenteraadsbesluit van 28 augustus 2025 inzake een gemeentelijke subsidieregeling voor de verdelging van Aziatische hoornaars.
Artikel 2: De subsidie wordt betaald van registratiesleutel MJP002001 van het budget 2026.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.