Zitting van 08 04 2026
Verslag van de vorige zitting dd. 01.04.2026
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 01.04.2026 opgesteld.
Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.
Feiten en context
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 01.04.2026 opgesteld.
Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.
Juridische grond
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Niet van toepassing.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het verslag van de vorige zitting wordt goedgekeurd.
Zitting van 08 04 2026
Fluvius Limburg - Algemene Vergadering dd. 11.06.2026
Besluit
Zitting van 08 04 2026
Fluvius OV - Algemene Vergadering dd. 03.06.2026
Besluit
Zitting van 08 04 2026
Nieuws van de week
De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.
Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.
Feiten en context
De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.
Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.
Juridische grond
Wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
In het kader van openbaarheid van bestuur is het aangewezen om de inwoners op een laagdrempelige manier op de hoogte te houden over belangrijke beslissingen die door het schepencollege worden genomen.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist dat er wekelijks via de gemeentelijke communicatiekanalen gecommuniceerd zal worden over 1 specifiek recent agendapunt, beslissing of actuele gebeurtenis.
Artikel 2 :Voor deze week heeft het beleid gekozen om te communiceren over de bloesemperiode met bijhorende initiatieven en parkeermogelijkheden.
Zitting van 08 04 2026
Raamovereenkomst ondersteuning dossiers milieu 2025-2029 – Niet verlenging.
Het college van burgemeester en schepenen verleende in zitting van 16 juli 2025 goedkeuring aan de gunning van de opdracht “Raamovereenkomst ondersteuning dossiers milieu 2025-2029” aan BK Ecosys, Gouverneur Roppesingel 83 te 3500 Hasselt.
In het bestek en de brief sluiting wordt vermeld dat de overeenkomst start op 1 augustus 2025 voor een periode van één jaar. Deze termijn kan maximaal driemaal verlengd worden telkens voor een periode van één jaar.
Binnen deze periode hebben beide partijen het recht de overeenkomst op te zeggen, mits inachtname van een opzegtermijn van minimaal drie maanden.
Aangezien er momenteel andere behoeften en vereisten nodig zijn dan beschreven in de technische bepalingen van het bestek 2025/046, is het dan ook aangewezen om de huidige opdracht niet te verlengen waardoor de opdracht eindigt op 31 juli 2026.
De dienstverlener BK Ecosys, Gouverneur Roppesingel 83 te 3500 Hasselt zal hierover per aangetekende zending ingelicht worden.
Een nieuwe opdracht die voldoet aan de huidige behoeften zal worden opgestart.
Feiten en context
In het kader van de opdracht “Raamovereenkomst ondersteuning dossiers milieu 2025-2029” werd een bestek met nr. 2025/046 opgesteld door de Dienst Woon-en leefomgeving.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 49.586,78 excl. btw of € 60.000,00 incl. 21% btw.
Het college van burgemeester en schepenen verleende in zitting van 28 mei 2025 goedkeuring aan de lastvoorwaarden, de raming en de plaatsingsprocedure van deze opdracht, met name de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Het college van burgemeester en schepenen besliste in zitting van 28 mei 2025 om de plaatsingsprocedure te starten en volgende ondernemers uit te nodigen om deel te nemen aan de onderhandelingsprocedure:
- Reynders milieuadvies, Gouverneur Roppesingel 83 te 3500 Hasselt;
- Envicas, Begijnhofplein 5 bus 8 te 3545 Halen;
- BK Ecosys, Gouverneur Roppesingel 83 te 3500 Hasselt;
- VGD Beringen, Hasseltsesteenweg 107 te 3580 Beringen.
Het college van burgemeester en schepenen verleende in zitting van 16 juli 2025 goedkeuring aan de gunning van deze opdracht aan BK Ecosys, Gouverneur Roppesingel 83 te 3500 Hasselt.
In het bestek en de brief sluiting wordt vermeld dat de overeenkomst start op 1 augustus 2025 voor een periode van één jaar. Deze termijn kan maximaal driemaal verlengd worden telkens voor een periode van één jaar.
Binnen deze periode hebben beide partijen het recht de overeenkomst op te zeggen, mits inachtname van een opzegtermijn van minimaal drie maanden.
Juridische grond
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 85, betreffende het stopzetten of herbeginnen van de plaatsingsprocedure en artikel 43.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 90, 1°.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De gemeentelijke ambtenaar die milieudossiers afhandelt heeft intussen voldoende kennis en ervaring opgedaan om de meeste dossiers zelf te behandelen. Er is enkel nog begeleiding nodig bij moeilijke dossiers omtrent milieu, mer, landbouw, vegetatiewijzigingen, KLE’s of vellen van bomen. Aanvullend is ondersteuning nodig voor meldingen van milieu bij
afwezigheid van de milieuambtenaar.
Er zijn dus momenteel andere behoeften en vereisten nodig dan beschreven in de technische bepalingen van het bestek 2025/046.
Het is dan ook aangewezen om de huidige opdracht niet te verlengen waardoor de opdracht eindigt op 31 juli 2026 (volgens de voorwaarden van het bestek waarbij beide partijen het recht hebben de opdracht niet te verlengen mits inachtname van een opzegperiode van minimaal drie maanden).
Een nieuwe opdracht die voldoet aan de huidige behoeften zal worden opgestart.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: De opdracht “Raamovereenkomst ondersteuning dossiers milieu 2025-2029” wordt niet verlengd (volgens de voorwaarden in het bestek waarbij beide partijen het recht hebben de overeenkomst op te zeggen, mits inachtname van een opzegtermijn van minimaal drie maanden).
Artikel 2: De dienstverlener BK Ecosys, Gouverneur Roppesingel 83 te 3500 Hasselt zal hierover per aangetekende zending ingelicht worden.
Zitting van 08 04 2026
Ter beschikking stellen van elektrische wagens - verandering van opdrachtnemer
Op 4 februari 2026 heeft het college van burgemeester en schepenen de opdracht 'Ter beschikking stellen van elektrische wagens met autodeelsysteem' gegund aan de firma Stapp.In België bvba, Kapelanielaan 1 te 9140 Temse. De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 83.305,79 excl. btw of € 100.800,00 incl. 21% btw voor de maximale looptijd van 4 jaar.
De firma Stapp.In werd inmiddels overgenomen door de firma Mobilize Share bv, Gouverneur Roppesingel 2 te 3500 Hasselt.
De inhoud en de uitvoering van de opdracht blijft identiek, deze overname brengt geen wezenlijke wijzigingen met zich mee.
De facturatie zal voortaan gebeuren door de partner van Mobilize Share bv: Autoverhuur Limburg.
(Toezichthoudend ambtenaar: Koen Vanmuysen)
Feiten en context
4 februari 2026 heeft het college van burgemeester en schepenen de opdracht 'Ter beschikking stellen van elektrische wagens met autodeelsysteem' gegund aan de firma Stapp.In België bvba, Kapelanielaan 1 te 9140 Temse. De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 83.305,79 excl. btw of € 100.800,00 incl. 21% btw voor de maximale looptijd van 4 jaar.
De firma Stapp.In werd inmiddels overgenomen door de firma Mobilize Share bv, Gouverneur Roppesingel 2 te 3500 Hasselt. Zie brief in bijlage.
Juridische grond
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De inhoud en de uitvoering van de opdracht blijft identiek, deze overname brengt geen wezenlijke wijzigingen met zich mee.
De facturatie zal voortaan gebeuren door de partner van Mobilize Share bv: Autoverhuur Limburg.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen geeft goedkeuring aan de verandering van opdrachtnemer voor de opdracht 'Ter beschikking stellen van elektrische wagens met autodeelsysteem'. De opdrachtnemer aan wie werd gegund, Stapp.In België bvba, Kapelanielaan 1 te 9140 Temse werd overgenomen door Mobilize Share bv, Gouverneur Roppesingel 2 te 3500 Hasselt met btw-nummer BE0759.823.764.
Zitting van 08 04 2026
Alken Vallei: schrijven van Deckx d.d. 19.03.2026 betreffende overmachtssituatie oorlog Midden-Oosten.
Besluit
Zitting van 08 04 2026
Verbindingsriolering Langenakker- Bulsstraat Project 23.399: addendum samenwerkingsovereenkomst.
Besluit
Zitting van 08 04 2026
DB-PPS De Molen - werfverslag nr.16 d.d. 26.03.2026.
Besluit
Zitting van 08 04 2026
DB-PPS De Molen - werfverslag nr. 17 d.d. 02.04.2026.
Besluit
Zitting van 08 04 2026
Belastingkohier reclamedrukwerk - Februari 2026
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand februari 2026 bedraagt 4.196,13 euro.
Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Feiten en context
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand februari 2026 bedraagt 4.196,13 euro. Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Juridische grond
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Het gemeenteraadsbesluit van 18 december 2025 betreffende de belasting op de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en van gelijkgestelde stukken.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Ingevolge het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, dienen de belastingkohieren vastgesteld en uitvoerbaar verklaard te worden door het college van burgemeester en schepenen.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
4.196,13 euro | Niet van toepassing | MJP001025 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen stelt het belastingkohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand februari 2026 vast en verklaart het uitvoerbaar voor een bedrag van 4.196,13 euro.
Zitting van 08 04 2026
Belastingkohier reclamedrukwerk - Januari 2026 b
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand januari 2026 bis bedraagt 239.96 euro.
Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Feiten en context,,
Het kohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand januari 2026 bis bedraagt 239.96 euro. Het college van burgemeester en schepenen dient het kohier vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren.
Juridische grond
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Het gemeenteraadsbesluit van 18 december 2025 betreffende de belasting op de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en van gelijkgestelde stukken.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Ingevolge het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, dienen de belastingkohieren vastgesteld en uitvoerbaar verklaard te worden door het college van burgemeester en schepenen.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
239.96 euro | Niet van toepassing | MJP001025 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen stelt het belastingkohier betreffende de verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten voor de maand januari 2026 bis vast en verklaart het uitvoerbaar voor een bedrag van 239.96 euro.
Zitting van 08 04 2026
Betaalbaarstelling facturen SC
Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.
Feiten en context
Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.
Juridische grond
Conform interne afspraken keurt het college van burgemeester en schepenen de facturen goed voor betaling.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Alle facturen worden - na controle op juistheid - betaalbaar gesteld door het college van burgemeester en schepenen.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist bijgevoegde lijst met facturen betaalbaar te stellen en geeft opdracht aan de financieel directeur om tot betaling over te gaan.
Zitting van 08 04 2026
Aanstelling referentieambtenaar identiteitsfraude
Het college van burgemeester stelde op 10 juni 2015 Johnny Smets aan als referentieambtenaar inzake identiteitsfraude. Gezien zijn pensionering is het aangewezen om Rebecca Morano als nieuwe gemeentelijke SPOC identiteitsfraude aan te duiden vanaf 1 mei 2026.
Feiten en context
Het college van burgemeester stelde op 10 juni 2015 Johnny Smets aan als referentieambtenaar inzake identiteitsfraude. Gezien zijn pensionering is het aangewezen om Rebecca Morano als nieuwe gemeentelijke SPOC identiteitsfraude aan te duiden vanaf 1 mei 2026.
Juridische grond
De ministeriële omzendbrief van 26 maart 2014 betreffende het verhogen van het risicobewustzijn voor administratieve identiteitsfraude.
De omzendbrief van de Federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken van 27 mei 2016 inzake de gecoördineerde aanpak van de preventie en de bestrijding van identiteitsfraude op federaal en lokaal niveau.
De omzendbrief van de Federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken van 11 februari 2026 inzake de bestrijding van identiteitsfraude.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De gemeenten zijn de eerste schakel in de identificatie van de bevolking en het beheer van de identiteit. De gemeentelijk ambtenaar, die belast is met het bijwerken van identificatiegegevens in het Rijksregister en het afleveren van de identiteits- en reisdocumenten en akten van de burgerlijke stand, bevindt zich in de eerste lijn voor het opsporen van identiteitsfraude. Het is daarom aangewezen Rebecca Morano, administratief medewerker dienst burgerzaken, aan te wijzen als gemeentelijke SPOC/referentieambtenaar inzake identiteitsfraude. De gemeentelijke SPOC is de dagelijkse referentiepersoon bij het gemeentebestuur en de centrale schakel tussen de lokale en federale overheid op het vlak van communicatie en de uitwisseling van informatie en expertise, teneinde identiteitsfraude efficiënt te bestrijden op lokaal niveau, en een integraal en geïntegreerd beleid inzake preventie en bestrijding van identiteitsfraude te concretiseren op federaal niveau.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist om Rebecca Morano, administratief medewerker dienst bevolking, aan te stellen als referentieambtenaar/gemeentelijke SPOC inzake identiteitsfraude vanaf 1 mei 2026.
Artikel 2: De contactgegevens van de gemeentelijke SPOC worden meegedeeld aan de helpdesk fraude van het Rijksregister.
Zitting van 08 04 2026
Aanvraag personenlijst +85-jarigen door dienstencentrum De Kouter
Dienstencentrum De Kouter vraagt een personenlijst van de +85 jarigen, dit in het kader van de organisatie van een volledige seniorenmaand in november. Tijdens deze maand is er extra aandacht voor ouderen van 85 jaar en ouder. Het dienstencentrum is een laagdrempelige plek waar senioren terechtkunnen voor informatie, ondersteuning en sociaal contact. Om ook de mensen te bereiken die minder snel zelf langskomen, gaan vijftien vrijwilligers op huisbezoek. Zij bellen aan met een kleine attentie, samen met folders over de dienstverlening van het OCMW voor senioren. Het bezoek is informeel en vrijblijvend. Op een rustige en aangename manier maken de vrijwilligers kennis, luisteren ze naar wat er leeft en geven ze uitleg over de werking van het lokaal dienstencentrum en de ondersteuning van het OCMW. Als er vragen of bezorgdheden zijn, geven de vrijwilligers dit door aan het dienstencentrum. Indien nodig wordt er verder contact opgenomen of doorverwezen naar de juiste hulp. Zo wordt er voor gezorgd dat de senioren zich gezien en gehoord voelen, en weten waar ze terechtkunnen wanneer ze ondersteuning nodig hebben.
Feiten en context
Dienstencentrum De Kouter vraagt een personenlijst van de +85 jarigen, dit in het kader van de organisatie van een volledige seniorenmaand in november. Tijdens deze maand is er extra aandacht voor ouderen van 85 jaar en ouder. Om ook de mensen te bereiken die minder snel zelf langskomen, gaan vijftien vrijwilligers op huisbezoek. Zij bellen aan met een kleine attentie, samen met folders over de dienstverlening van het OCMW voor senioren. Het bezoek is informeel en vrijblijvend. Op een rustige en aangename manier maken de vrijwilligers kennis, luisteren ze naar wat er leeft en geven ze uitleg over de werking van het lokaal dienstencentrum en de ondersteuning van het OCMW. Als er vragen of bezorgdheden zijn, geven de vrijwilligers dit door aan het dienstencentrum. Indien nodig wordt er verder contact opgenomen of doorverwezen naar de juiste hulp. Zo wordt er voor gezorgd dat de senioren zich gezien en gehoord voelen, en weten waar ze terechtkunnen wanneer ze ondersteuning nodig hebben.
Juridische grond
De wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten en tot wijziging van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen.
De wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens.
Het Koninklijk Besluit van 16 juli 1992 betreffende het bevolkingsregister en het vreemdelingenregister, inzonderheid artikel 7, eerste lid betreffende de afwijkingen van het principe van niet-verstrekking van personenlijsten aan derden.
De algemene onderrichtingen betreffende het houden van de bevolkingsregisters, gecoördineerde versie van 31 maart 2019; inzonderheid punt 126 tot en met 127 betreffende de verstrekking van derden van de personenlijsten van de registers.
De Ministeriële omzendbrief van 1 juli 2011 betreffende de raadpleging van de bevolkingsregisters voor interne doeleinden.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De centrumleider van LDC ‘de Kouter’ diende op 4 maart 2026 een aanvraag in om de lijst van de +85 jarigen. Het dienstencentrum is een laagdrempelige plek waar senioren terechtkunnen voor informatie, ondersteuning en sociaal contact. In november organiseert dienstencentrum De Kouter een volledige seniorenmaand. Tijdens die maand is er extra aandacht voor ouderen van 85 jaar en ouder, en voor senioren met een chronische ziekte. Een vijftien vrijwilligers gaan op huisbezoek bij deze senioren om te luisteren naar wat er leeft en ze geven waar nodig uitleg over de werking van het lokaal dienstencentrum en de ondersteuning van het OCMW. Als er vragen of bezorgdheden zijn, geven de vrijwilligers dit door aan het dienstencentrum. Indien nodig wordt er verder contact opgenomen of doorverwezen naar de juiste hulp. Deze organisatie is een initiatief namens het gemeentebestuur/OCMW en geenszins een persoonlijk initiatief van de burgemeester, een schepen, lid van het vast bureau, gemeente- of OCMW-raadslid . Hierdoor is voldaan aan een van de vereisten van de Gegevensbeschermingsautoriteit. De op de lijst vermelde gegevens worden gebruikt door de vrijwilligers voor huisbezoeken en enkel voor deze doeleinden. In het belang van de volledigheid en correctheid van de gegevens en het persoonlijk contact met de burger, wordt er in dit geval gekozen voor deze specifieke communicatie en niet voor minder indringende communicatiemiddelen zoals bijvoorbeeld communicatie via het infoblad, website, affiches, flyers, digitaal informatiebord of sociale media. De op de lijst vermelde gegevens worden niet gebruikt voor andere doeleinden als vermeld in de aanvraag en mogen niet verstrekt worden aan derden. Er is voldaan aan het finaliteits- en proportionaliteitsbeginsel, de aanvraag wordt als gegrond beoordeeld.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist om de personenlijst van de +85 jarigen af te leveren aan de dienstencentrum de Kouter en dit voor huisbezoeken in het kader van de seniorenmaand in november.
Artikel 2: Deze lijsten worden, in het belang van de volledigheid en correctheid van de gegevens en het persoonlijk contact, gebruikt voor huisbezoeken aan de +85-jarigen.
Artikel 3: Het onthaal van de nieuwe inwoners is een initiatief van het lokaal dienstencentrum ‘De Kouter en geenszins een privé initiatief van de burgemeester, een schepen, een lid van het vast bureau, een gemeente-of OCMW-raadslid.
Artikel 4: deze lijsten mogen niet verstrekt worden aan derden en mogen enkel gebruikt worden voor de doeleinden vermeld in de aanvraag.
Zitting van 08 04 2026
Cyclotocht 'Dylan Teuns Classic' op zaterdag 23 mei 2026
Op zaterdag 23 mei 2026 organiseert de wielertoeristenclub Het Zilveren Wiel uit Halen de jaarlijkse cyclotocht 'Dylan Teuns Classic'.
Ingevolge wegenwerken in de Rechtstraat en de Grootstraat wordt de initiële aanvraag niet weerhouden.
De aanvrager maakte een nieuwe route over: komende van Nieuwerkerken - Heiligenbornstraat - Steenweg - Wolfstraat - Hemelsveldstraat - Eduard Dompasstraat - Hendrikstraat - Langveldstraat - Stationsstraat - Grootstraat - Alkerstraat - Leemkuilstraat - in de richting van Wellen
De organisator vraagt een toelating voor de doortocht in de gemeente Alken.
Zij vragen tevens een toestemming voor bewegwijzering. Deze tijdelijke bewegwijzering wordt binnen de 48 uren na het evenement verwijderd.
Er zijn geen wegeniswerken voorzien op het gewijzigd parcours.
Feiten en context
Op zaterdag 23 mei 2026 organiseert de wielertoeristenclub Het Zilveren Wiel uit Halen de jaarlijkse cyclotocht 'Dylan Teuns Classic'.
Ingevolge wegenwerken in de Rechtstraat en de Grootstraat wordt de initiële aanvraag niet weerhouden.
De aanvrager maakte een nieuwe route over: komende van Nieuwerkerken - Heiligenbornstraat - Steenweg - Wolfstraat - Hemelsveldstraat - Eduard Dompasstraat - Hendrikstraat - Langveldstraat - Stationsstraat - Grootstraat - Alkerstraat - Leemkuilstraat - in de richting van Wellen
De organisator vraagt een toelating voor de doortocht in de gemeente Alken.
Zij vragen tevens een toestemming voor bewegwijzering. Deze tijdelijke bewegwijzering wordt binnen de 48 uren na het evenement verwijderd.
Er zijn geen wegeniswerken voorzien op het gewijzigd parcours.
Juridische grond
Wet betreffende de politie over het wegverkeer.
KB 1.12.1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het KB 20.07.1990
Decreet lokaal bestuur van 22.12.2017
Adviezen
Gunstig advies van de technische dienst.
Dieter Vanbrabant, hoofd wegenwerken, bevestigt op 07.04.2026 telefonisch dat de route gewijzigd wordt zoals gevraagd (zie mail Jan Stroobants 02.04.2026)
Argumentatie
Het betreft een jaarlijkse cyclotocht waarbij de deelnemende wielertoeristen zich dienen te houden aan de wegcode.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met de recreatieve fietstocht 'Dylan Teuns Classic' op zaterdag 23 mei 2026 en de bewegwijzering op het grondgebied van de gemeente Alken over de Heiligenbornstraat, de Steenweg, de Wolfstraat, de Hemelsveldstraat, de Eduard Dompasstraat, de Hendrikstraat, de Langveldstraat, de Stationsstraat, de Grootstraat, de Alkerstraat en de Leemkuilstraat.
Zitting van 08 04 2026
Organisatie Boktopus op 2 mei 2026
Chiro Jokadi wenst op zaterdag 2 mei 2026 vanaf 21u de fuif Boktopus te organiseren in gc. Taeymans. Aanvraag in bijlage. Zij vragen een sluitingsuur aan om 03u en daarnaast vragen ze een geluidslimiet aan met als maximumnorm 95 dB(A)LAeq,15min.
Zij vragen toelating voor het plaatsen van publiciteitsborden naast de Alkense gewest- en gemeentewegen. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor deze activiteit.
Feiten en context
Chiro Jokadi wenst op zaterdag 2 mei 2026 vanaf 21u de fuif Boktopus te organiseren in gc. Taeymans. Aanvraag in bijlage. Zij vragen een sluitingsuur aan om 03u en daarnaast vragen ze een geluidslimiet aan met als maximumnorm 95 dB(A)LAeq,15min.
Zij vragen toelating voor het plaatsen van publiciteitsborden naast de Alkense gewest- en gemeentewegen. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor deze activiteit.
Juridische grond
Het gemeentelijk administratief sanctiereglement (GAS) van 1 januari 2023.
Het gebruikersreglement van de gemeenschapscentra van 1 april 2023.
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college
Adviezen
Advies van de politie: toegevoegd als bijlage.
Argumentatie
Met het oog op een veilig en goed verloop van de organisatie van een evenement is een schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en schepen nodig. Op basis van het ingediende dossier kan de organisatie goedgekeurd worden.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1:Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating aan Chiro Jokadi voor de organisatie van de fuif Boktopus op zaterdag 2 mei 2026 in gc. Taeymans. Het uiterlijke sluitingsuur wordt vastgelegd op 03u en het maximale geluidsvolume is 95 dB(A)LAeq,15min.
Artikel 2: Er dient rekening gehouden te worden met het advies van de politie. Het advies wordt als bijlage toegevoegd aan het besluit.
Artikel 3: De organisator is steeds de eindverantwoordelijke en dient de nodige maatregelen te nemen zodat de wettelijke bepalingen inzake geluidsoverlast, rookverbod en de verkoop van drank aan jongeren nageleefd worden.
Artikel 4: Het college van burgemeester en schepenen geeft toelating voor de plaatsing van publiciteitsborden naast de Alkense gemeente- en gewestwegen op de voorgestelde plaatsen op voorwaarde dat er voor de gewestwegen ook een vergunning wordt afgeleverd door het agentschap wegen en verkeer. De publiciteitsborden naast gemeentewegen mogen max. 6 weken op voorhand geplaatst worden en dienen ten laatste een week na de activiteit opgeruimd te worden. Voor de borden naast gewestwegen geldt de vergunning van het agentschap wegen en verkeer.
Zitting van 08 04 2026
Organisatie Kermisbar St.-Joris op 25 en 26 april 2026
Stretchrent Alken wenst tijdens het kermisweekend in St.-Joris op 25, 26 en 27 april 2026 telkens van 14u tot ca. 24u (of op maandag einde kermis) een kermisbar te organiseren aansluitend aan de kermis zelf. Aanvraag in bijlage. Ze willen een gezellige bar maken waar mensen die naar de kermis in Sint-Joris gaan even kunnen gaan zitten en iets kunnen drinken. Zij vragen een geluidslimiet aan met als maximumnorm 85 dB(A)LAeq,15min. Er werd samen met de standhouders van de kermis zelf bekeken worden wat de beste locatie is om de kermisbar te organiseren. Deze werd in onderling overleg vastgelegd (zie plan in bijlage). Zij wensen tenslotte gebruik te maken van de evenementenkast daar aanwezig. Voor het gebruik van een blauwe stekker wordt een forfait aangerekend van € 20, voor het gebruik van een rode stekker wordt een forfait aangerekend van € 40. Dit zal na het evenement gefactureerd worden aan de organisatie. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor de organisatie van deze activiteit alsook voor het gebruik van de evenementenkasten en het mogen factureren van de kosten aan de organisatie.
Feiten en context
Stretchrent Alken wenst tijdens het kermisweekend in St.-Joris op 25, 26 en 27 april 2026 telkens van 14u tot ca. 24u (of op maandag einde kermis) een kermisbar te organiseren aansluitend aan de kermis zelf. Aanvraag in bijlage. Ze willen een gezellige bar maken waar mensen die naar de kermis in Sint-Joris gaan even kunnen gaan zitten en iets kunnen drinken. Zij vragen een geluidslimiet aan met als maximumnorm 85 dB(A)LAeq,15min. Er werd samen met de standhouders van de kermis zelf bekeken worden wat de beste locatie is om de kermisbar te organiseren. Deze werd in onderling overleg vastgelegd (zie plan in bijlage). Zij wensen tenslotte gebruik te maken van de evenementenkast daar aanwezig. Voor het gebruik van een blauwe stekker wordt een forfait aangerekend van € 20, voor het gebruik van een rode stekker wordt een forfait aangerekend van € 40. Dit zal na het evenement gefactureerd worden aan de organisatie. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor de organisatie van deze activiteit alsook voor het gebruik van de evenementenkasten en het mogen factureren van de kosten aan de organisatie.
Juridische grond
Het gemeentelijk administratief sanctiereglement (GAS) van 1 januari 2023.
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college
Adviezen
Advies van de politie: toegevoegd als bijlage.
Argumentatie
Met het oog op een veilig en goed verloop van de organisatie van een evenement is een schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en schepen nodig. Op basis van het ingediende dossier kan de organisatie goedgekeurd worden.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
Bedrag nog niet gekend | NVT | MJP001642 |
Datum visumaanvraag: | NVT | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | NVT | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating aan Stretchrent Alken om tijdens het kermisweekend op 25, 26 en 27 april 2026 telkens van 14u tot 24u (of einde kermis) een kermisbar te organiseren aansluitend aan de kermis zelf. Ze willen een gezellige bar maken waar mensen die naar de kermis in Sint-Joris gaan even kunnen gaan zitten en iets kunnen drinken. De maximale geluidslimiet wordt vastgelegd op 85 dB(A)LAeq,15min. Er werd samen met de standhouders van de kermis zelf bekeken worden wat de beste locatie is om de kermisbar te organiseren.
Artikel 2: Er dient rekening gehouden te worden met het advies van de politie. Het advies wordt met het besluit doorgestuurd als bijlage.
Artikel 3: Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating om gebruik te maken van de evenementenkast daar aanwezig. Voor het gebruik van een blauwe stekker wordt een forfait aangerekend van € 20, voor het gebruik van een rode stekker wordt een forfait aangerekend van € 40. De opbrengsten kunnen geboekt worden op MJP001642
Zitting van 08 04 2026
Organisatie Rommelmarkt Terkoest op 9 augustus 2026
Dhr. Senne Thijs wenst op zondag 9 augustus 2026 een rommelmarkt te organiseren tussen 9u en 16u op en rond het Claes d'Erckenteelplein in Terkoest en vraagt hiervoor toelating. Aanvraag in bijlage. Daarnaast vraagt zij of er een aparte verkeersregeling uitgewerkt kan worden. Zij wensen tenslotte gebruik te maken van de evenementenkasten daar aanwezig. Voor het gebruik van een blauwe stekker wordt een forfait aangerekend van € 20, voor het gebruik van een rode stekker wordt een forfait aangerekend van € 40. Dit zal na het evenement gefactureerd worden aan de organisatie. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor de organisatie van deze activiteit alsook voor het gebruik van de evenementenkasten en het mogen factureren van de kosten aan de organisatie.
Feiten en context
Dhr. Senne Thijs wenst op zondag 9 augustus 2026 een rommelmarkt te organiseren tussen 9u en 16u op en rond het Claes d'Erckenteelplein in Terkoest en vraagt hiervoor toelating. Aanvraag in bijlage. Daarnaast vraagt zij of er een aparte verkeersregeling uitgewerkt kan worden. Zij wensen tenslotte gebruik te maken van de evenementenkasten daar aanwezig. Voor het gebruik van een blauwe stekker wordt een forfait aangerekend van € 20, voor het gebruik van een rode stekker wordt een forfait aangerekend van € 40. Dit zal na het evenement gefactureerd worden aan de organisatie. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor de organisatie van deze activiteit alsook voor het gebruik van de evenementenkasten en het mogen factureren van de kosten aan de organisatie.
Juridische grond
Het gemeentelijk administratief sanctiereglement (GAS) van 1 januari 2023.
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college
Adviezen
Advies van de politie: toegevoegd als bijlage.
Argumentatie
Met het oog op een veilig en goed verloop van de organisatie van een evenement is een schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en schepen nodig. Op basis van het ingediende dossier kan de organisatie goedgekeurd worden.
Het is aangewezen een verkeersregeling uit te werken.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
Nog niet gekend | / | MJP001642 |
Datum visumaanvraag: | / | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | / | |
Besluit
Artikel 1:Het college van burgemeester en schepenen geeft Dhr. Senne Thijs toelating om op zondag 9 augustus 2026 een rommelmarkt te organiseren tussen 9u en 16u op en rond het Claes d'Erckenteelplein.
Artikel 2: Er dient rekening gehouden te worden met het advies van de politie. Het advies wordt als bijlage toegevoegd aan het besluit.
Artikel 3: Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating om gebruik te maken van de evenementenkasten daar aanwezig. Voor het gebruik van een blauwe stekker wordt een forfait aangerekend van € 20, voor het gebruik van een rode stekker wordt een forfait aangerekend van € 40. De opbrengsten kunnen geboekt worden op MJP001642
Artikel 4: Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating voor het opmaken van een verkeersregeling.
Artikel 5: De organisator dient via een bewonersbrief de bewoners in de nabije omgeving van het evenement op de hoogte te brengen. Bezorg een kopie van de brief aan de Dienst Communicatie ter goedkeuring: communicatie@alken.be. Gelieve in de bewonersbrief steeds naam en gsm nummer van de verantwoordelijke te vermelden zodat men bij opmerkingen of vragen iemand kan bereiken.
Zitting van 08 04 2026
Organisatie Sacramentsprocessie op 7 juni 2026
De Parochiefederatie van Alken wenst op zondag 7 juni 2026 een Sacramentsprocessie te organiseren in Alken-Centrum van 10u15 tot 11u45. Aanvraag en route in bijlage. Zij vragen politiebegeleiding. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor deze activiteit.
Feiten en context
De Parochiefederatie van Alken wenst op zondag 7 juni 2026 een Sacramentsprocessie te organiseren in Alken-Centrum van 10u15 tot 11u45. Aanvraag en route in bijlage. Zij vragen politiebegeleiding. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor deze activiteit.
Juridische grond
Het gemeentelijk administratief sanctiereglement (GAS) van 1 januari 2023.
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college
Adviezen
Advies van de politie: toegevoegd als bijlage.
Argumentatie
Met het oog op een veilig en goed verloop van de organisatie van een evenement is een schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en schepen nodig. Op basis van het ingediende dossier kan de organisatie goedgekeurd worden.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1:Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating aan de Parochiefederatie van Alken om op zondag 7 juni 2026 een Sacramentsprocessie te organiseren in Alken-Centrum van 10u15 tot 11u45.
Artikel 2: Er dient rekening gehouden te worden met het advies van de politie. Het advies wordt als bijlage toegevoegd aan het besluit.
Zitting van 08 04 2026
Verkeersregeling kermis St.-Joris 2026
Op zaterdag 25 april, zondag 26 april en maandag 27 april 2026 gaat in Sint-Joris de jaarlijkse kermis door. De kermis neemt plaats op de parking aan het gemeenschapscentrum St.-Jorisheem en op een gedeelte van de parkeerplaatsen aan de zijkant van de kerk. Hierdoor is het aangewezen om van dinsdag 21 april 2026 om 08u tot en met dinsdag 28 april 2026 om 20u de parking van gemeenschapscentrum St.-Jorisheem en een gedeelte van de parkeerplaatsen aan de zijkant van de kerk af te sluiten voor het verkeer. (zie schets in bijlage). Er geldt een parkeerverbod. Het gemeentelijk domein wordt gebruikt voor het plaatsen van de kermis. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor deze verkeersregeling.
Feiten en context
Op zaterdag 25 april, zondag 26 april en maandag 27 april 2026 gaat in Sint-Joris de jaarlijkse kermis door. De kermis neemt plaats op de parking aan het gemeenschapscentrum St.-Jorisheem en op een gedeelte van de parkeerplaatsen aan de zijkant van de kerk. Hierdoor is het aangewezen om van dinsdag 21 april 2026 om 08u tot en met dinsdag 28 april 2026 om 20u de parking van gemeenschapscentrum St.-Jorisheem en een gedeelte van de parkeerplaatsen aan de zijkant van de kerk af te sluiten voor het verkeer. (zie schets in bijlage). Er geldt een parkeerverbod. Het gemeentelijk domein wordt gebruikt voor het plaatsen van de kermis. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor deze verkeersregeling.
Juridische grond
De wet betreffende de politie over het wegverkeer;
Het KB van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het KB van 20 juli 1990;
De bepalingen van het decreet lokaal bestuur;
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college
Adviezen
Gunstig advies van de technische dienst
Gunstig advies van de politie
Argumentatie
Met het oog op het veilig kunnen organiseren van het evenement dienen bijzondere maatregelen getroffen te worden en dient een verkeersregeling toegepast te worden.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Op zaterdag 25 april, zondag 26 april en maandag 27 april 2026 gaat in Sint-Joris de jaarlijkse kermis door. De kermis neemt plaats op de parking aan het gemeenschapscentrum St.-Jorisheem en op een gedeelte van de parkeerplaatsen aan de zijkant van de kerk. Het college van burgemeester en schepen geeft toelating om van dinsdag 21 april 2026 om 08u tot en met dinsdag 28 april 2026 om 20u de parking van gemeenschapscentrum St.-Jorisheem en een gedeelte van de parkeerplaatsen aan de zijkant van de kerk af te sluiten voor het verkeer. (zie schets in bijlage). Er geldt een parkeerverbod. Het gemeentelijk domein wordt gebruikt voor het plaatsen van de kermis.
Artikel 2: De nodige signalisatie wordt door de organisatie wettelijk te worden aangebracht.
Artikel 3: De borden parkeerverbod dienen uiterlijk binnen de 24 uren voor het ingaan van de verkeersregeling geplaatst te worden.
Artikel 4: De organisator is verantwoordelijk om het openbaar domein net en rein achter te laten na het evenement.
Artikel 5: Een afschrift van dit besluit zal worden overgemaakt aan de dienst evenementen politiezone LRH, de brandweer, De Lijn, de technische dienst van de gemeente en de organisator.
Zitting van 08 04 2026
Subsidieaanvraag 'T ABC - herstelling vloer polyvalente zaal
Besluit
Zitting van 08 04 2026
Attest van verdeling
Op 19/03/2026 ontvingen we van de Federale Overheidsdienst Financiën de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor percelen gelegen aan de Stationsstraat 110 kadastraal gekend als Afd. 2 Sie C nr. 137/P.
Feiten en context
Op 19/03/2026 ontvingen we van de Federale Overheidsdienst Financiën de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor percelen gelegen aan de Stationsstraat 110 kadastraal gekend als Afd. 2 Sie C nr. 137/P.
Juridische grond
Artikel 5.2.2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Het verdelingsplan, opgemaakt door Landmeter-Expert K. Tackaert op 25/02/2025, voorziet een verdeling voor de percelen, kadastraal gekend als kadastraal gekend als Sie C nrs. 137/P (deel van) en een deel zonder nummer (openbaar domein) waarbij de percelen worden opgesplitst zoals bijgevoegd plan.
De reden van splitsing is het verlijden van een akte betreffende de ruiling
Het perceel is gelegen in RUP Kolmen.
Volgens het gewestplan Hasselt-Genk d.d. 03.04.1979 is het perceel is gelegen in zone voor ambachtelijke bedrijven en KMO's:
De gebieden voor ambachtelijke bedrijven en de gebieden voor kleine en middelgrote ondernemingen. Deze gebieden zijn mede bestemd voor kleine opslagplaatsen van goederen, gebruikte voertuigen en schroot, met uitzondering van afvalprodukten van schadelijke aard.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen heeft geen opmerkingen aangaande het voorgestelde attest van verdeling ingediend door de Federale Overheidsdienst Financiën voor percelen gelegen aan de Stationsstraat 110 kadastraal gekend als Sie C nrs. 137/P (deel van) en een deel zonder nummer (openbaar domein).
Zitting van 08 04 2026
Melding van een IIOA M274
Melding van een Ingedeelde Inrichting of Activiteit (IIOA) ingediend door Luc Wouters wonende te Nachtegaalstraat 41 te 3570 Alken voor melding tussentijdse inspanning reductie stikstof voor rundveehouderijen en mestverwerkingsinstallaties op een perceel, gelegen Nachtegaalstraat 41, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie A 480 D, (afd. 1) sectie A 484 R, (afd. 1) sectie A 484 S en (afd. 1) sectie A 484 F.
De melding werd ingediend door Wouters Luc wonende te Nachtegaalstraat 41, 3570 Alken via het omgevingsloket op 30/03/2026.
Deze melding werd onderzocht, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen, in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten.
Artikel 111 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning luidt:
“De bevoegde overheid, vermeld in artikel 107, gaat na of de gemelde handelingen of exploitatie meldingsplichtig zijn of niet verboden zijn bij of krachtens:
1° artikel 5.4.3, § 3, van het DABM;
2° artikel 4.2.2, § 1, van de VCRO.
Als de handelingen of de exploitatie meldingsplichtig en niet verboden zijn, neemt de bevoegde overheid, vermeld in artikel 107, akte van de melding. Ze bezorgt de meldingsakte per beveiligde zending aan de persoon die de melding heeft verricht binnen een termijn van 30 dagen vanaf de dag na de datum van ontvangst van de melding.
Als de handelingen of de exploitatie niet meldingsplichtig of verboden zijn, stelt de overheid, vermeld in artikel 107, de persoon die de melding heeft verricht binnen dezelfde ordetermijn daarvan in kennis. In dat geval wordt geen akte genomen en wordt aan de melding geen verder gevolg gegeven.”
Voorwerp van de melding
De melding heeft betrekking op een terrein, gelegen te Nachtegaalstraat 41 te Alken, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie A, nrs. 480/D, 484/R, 484/F en 484/S.
Het betreft een melding van een tussentijdse reductie door beweiding.
Bevoegdheid
De melding heeft geen betrekking op een Vlaams of provinciaal project, noch op een ingedeelde inrichting van klasse 1, noch op een gemeentegrensoverschrijdend project.
Het college van burgemeester en schepenen is dan ook bevoegd voor de aktename.
Onderzoek van het meldingsplichtig en niet-verboden karakter
De melding vindt plaats in bestaande, vergunde of vergund geachte gebouwen waar geen wijzigingen aan gebeuren.
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 in agrarisch gebied.
De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens paraagrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden.
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd ruimtelijk uitvoeringsplan RUP of een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.
Omschrijving aanvraag
De exploitatie van de rundveehouderij gelegen te Nachtegaalstraat 41 te Alken, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie A, nrs. 480/D, 484/R, 484/F en 484/S was al vergund op 28 oktober 2015. De exploitant wenst de tussentijdse reductie van 5% te realiseren door de toepassing van AERM maatregelen (beweiding).
De exploitant wenst met deze melding te voldoen aan de tussentijdse inspanning voor rundveehouderijen die opgenomen werd in artikel 8 van het PAS-decreet. Deze tussentijdse inspanning vereist dat iedere rundveehouder tegen 31/12/2025 een ammoniakemissiereducerende
maatregel met een minimaal rendement van 5% toepast.
De exploitant wenst volgende ammoniakemissiereducerende maatregelen toe te passen om zo te
voldoen aan het PAS-decreet:
Code | Beschrijving | Voorziene reductie | Toegepast op |
PAS R-2.1b | 50 dagen beweiding voor zoogkoeien | 14,6 % | 20 dierplaatsen |
PAS R-3.1d | 50 dagen beweiding voor runderen < 1 jaar
| 14,6 % | 10 dierplaatsen |
Beoordeling
Om aan de tussentijdse inspanning rundvee te voldoen, dient men tegen eind 2025, 5% reductie toe te passen op basis van de vergunning. Om te voldoen aan de 5% reductie van de ammoniak werd er gekozen om de runderen minimaal 50 dagen aaneengesloten beweiding te laten doen. De beweiding is van toepassing op 20 zoogkoeien en 10 runderen < 1 jaar. De weilanden waarop de runderen grazen zullen geregistreerd worden in de verzamelaanvraag van 2026. De beweiding zal geregistreerd worden in een logboek.
De gemeentelijke omgevingsambtenaar geeft een voorwaardelijk gunstig advies met volgende voorwaarden:
● Tijdens controle in de beweidingsperiode mogen geen dieren aanwezig zijn in de stal of stalafdeling, waarvoor de maatregel geldt.
● Om na te gaan of er voldoende graasweiden aanwezig zijn, moeten de verzamelaanvragen van de afgelopen 5 jaar altijd ter inzage voorgelegd kunnen worden aan de bevoegde toezichthouder.
● De weiden moeten geschikt zijn voor permanent beweiden: er zijn minstens water en schuilmogelijkheden voorzien.
● De veehouder noteert in een logboek de startdatum waarop de stal of stalafdeling volledig leeg komt en de datum van opstallen.
De gemelde exploitatie is meldingsplichtig en niet verboden.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 08/04/2026 HET VOLGENDE:
Artikel 1. Er wordt akte genomen van de melding voor een tussentijdse inspanning voor rundveehouderijen conform artikel 8 van het decreet over de Programmatische Aanpak Stikstof van 26 januari 2024, ingediend door Wouters Luc wonende te Nachtegaalstraat 41, 3570 Alken.
De melding heeft betrekking op een terrein, gelegen te Nachtegaalstraat 41 te Alken, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie A, nrs. 480/D, 484/R, 484/F en 484/S.
Artikel 2. De plannen en het meldingsdossier waarop deze akte gebaseerd is, maken integraal deel uit van de meldingsakte.
Artikel 3. De aktename is afhankelijk van de strikte naleving van de volgende milieuvoorwaarden:
● Tijdens controle in de beweidingsperiode mogen geen dieren aanwezig zijn in de stal of stalafdeling, waarvoor de maatregel geldt.
● Om na te gaan of er voldoende graasweiden aanwezig zijn, moeten de verzamelaanvragen van de afgelopen 5 jaar altijd ter inzage voorgelegd kunnen worden aan de bevoegde toezichthouder.
● De weiden moeten geschikt zijn voor permanent beweiden: er zijn minstens water en schuilmogelijkheden voorzien.
● De veehouder noteert in een logboek de startdatum waarop de stal of stalafdeling volledig leeg komt en de datum van opstallen.
De opgesomde algemene en sectorale milieuvoorwaarden staan in titel II van het VLAREM. Deze opsomming is louter indicatief. Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven. De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link: https://navigator.emis.vito.be/
Uitvoerbaarheid
U mag het project uitvoeren of exploiteren de dag na de datum van de betekening van de meldingsakte.
Aanplakking
U moet de meldingsakte bekend maken door de aanplakking van een gele affiche op de plaats waar het voorwerp van de melding uitgevoerd zal worden conform artikel 139 BVR OVG. De aanplakking moet gebeuren vooraleer u start met de uitvoering van de melding.
De gemeente kan u hierbij helpen.
Beroepsmogelijkheid
U kan beroep instellen tegen deze uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing door een verzoekschrift tot vernietiging (desgevallend met een verzoek tot schorsing of tot schorsing wegens uiterst dringende noodzakelijkheid) in te dienen bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen.
Doe dit op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending binnen een vervaltermijn van 45 dagen die ingaat de dag na de dag van aanplakking van de uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing.
1. hetzij via het digitale platform dat door de dienst van de Bestuursrechtscolleges ter beschikking wordt gesteld met het oog op de digitale procesvoering voor de Vlaamse bestuursrechtscolleges: https://www.dbrc.be/digitaal-platform
Op straffe van onontvankelijkheid dienen de volgende partijen of raadsmannen gebruik te maken van het digitale platform:
1° de Vlaamse overheid, de Vlaamse administratie, de Vlaamse adviesorganen, de Vlaamse openbare instellingen die niet behoren tot de Vlaamse administratie, de lokale overheden en de externe overheden, vermeld in artikel I.3, 1° tot en met 5° en 8°, van het Bestuursdecreet van 7 december 2018, inclusief al hun vertegenwoordigers;
2° een advocaat in zijn hoedanigheid van vertegenwoordiger van een partij;
3° een partij of raadsman die geen advocaat is, en die een beroep doet op het digitale platform om een verzoekschrift of het eerste processtuk neer te leggen.
Op straffe van onontvankelijkheid geldt de gemaakte keuze van een partij of raadsman als vermeld in het eerste lid, 3°, om al dan niet gebruik te maken van het digitale platform voor alle vorderingen in dezelfde zaak.
2. hetzij per aangetekend schrijven gericht aan:
Raad voor Vergunningsbetwistingen
p/a Dienst van de Bestuursrechtscolleges
Koning Albert II-laan 15 bus 130
1210 Brussel
3. hetzij door neerlegging ter griffie op het adres.
Marie-Elisabeth Belpairegebouw
Toren Noord (2de verdieping)
Simon Bolivarlaan 17
1000 Brussel
Gelijktijdig dient een afschrift van het verzoekschrift ter informatie te worden bezorgd aan de verwerende partij (dit is de overheid die de beslissing genomen heeft) en aan de melder/exploitant.
Het verzoekschrift moet worden gedagtekend, worden ondertekend door de verzoeker of zijn raadsman en in ieder geval minstens de volgende gegevens bevatten:
- de naam, de hoedanigheid, de woonplaats of de zetel van de verzoeker, de één enkele gekozen adreskeuze (hetzij een digitale adreskeuze met een e-mailadres voor partijen die gebruik maken van het digitale platform, hetzij een analoge adreskeuze met een postadres in België voor de andere partijen), een telefoonnummer en een e-mailadres;
- de naam van de verweerder;
- het voorwerp van het beroep of bezwaar;
- een uiteenzetting van de feiten en de ingeroepen middelen;
- een omschrijving van het belang van de verzoeker;
- een inventaris van de overtuigingsstukken;
- als de verzoeker een rechtspersoon is: haar ondernemingsnummer, OVO-code of onderwijsinstellingsnummer.
De verzoeker voegt in voorkomend geval de volgende documenten bij het verzoekschrift:
1° een afschrift van de bestreden beslissing of het bestreden besluit, dan wel een verklaring van de verzoeker dat hij niet in het bezit is van een dergelijk afschrift;
2° als de verzoeker een rechtspersoon is en hij geen raadsman heeft die advocaat is, een afschrift van zijn geldende en gecoördineerde statuten en van de akte van aanstelling van zijn organen, alsook het bewijs dat het daarvoor bevoegde orgaan beslist heeft in rechte te treden;
3° de schriftelijke volmacht van zijn raadsman als hij geen advocaat is;
4° de overtuigingsstukken die in de inventaris zijn vermeld en overeenkomstig die inventaris genummerd zijn.
U bent een rolrecht verschuldigd bij het indienen van het verzoekschrift van
● 200 euro bij het indienen van een verzoekschrift tot vernietiging;
● 100 euro bij het indienen van een verzoekschrift tot schorsing of tot schorsing wegens uiterst dringende noodzakelijkheid.
Collectieve verzoekschriften geven aanleiding tot het betalen van zoveel malen het recht als er verzoekende partijen zijn.
Het verschuldigde rolrecht wordt gestort op de rekening van het Fonds Bestuursrechtscolleges. De betaling kan ook worden uitgevoerd via het digitale platform.
De procedure voor de Raad voor Vergunningsbetwistingen wordt geregeld in het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges, het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse Bestuursrechtscolleges.
Meer info vindt u op de website van de Raad voor Vergunningsbetwistingen (http://www.dbrc.be/vergunningsbetwistingen)
Zitting van 08 04 2026
Omgevingsvergunning 1052
Aanvraag omgevingsvergunning over: een wijziging van de milieuvergunning ingediend door de heer Klaas Schiffeleers met als contactadres Aardbruggenstraat 94 te 3570 Alken. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Stapstraat 1, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 166 A, (afd. 2) sectie F 168 H, (afd. 2) sectie F 244 B, (afd. 2) sectie F 245 K, (afd. 2) sectie F 245 L en (afd. 2) sectie F 257 G. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.
VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers:
| Schiffeleers Klaas, Aardbruggenstraat 94 te 3570 Alken |
Ligging van het perceel:
| Stapstraat 1, te 3570 Alken |
Kadastrale gegevens:
| Afdeling 2 sectie F nrs. 244/B, 168/H, 257/G, 245/L, 245/K en 166/A |
Projectnaam:
| Stapstraat 1 - Klaas Schiffeleers |
Dossiernummer:
| 2025109 |
Intern dossiernummer:
| 1052 |
ID omgevingsplatform: | OMV_2025095711
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
Een wijziging van de omgevingsvergunning voor milieutechnische handelingen.
Rubrieken
Volgende inrichtingen of activiteiten zijn opgenomen in de Bijlage 1. Indelingslijst van de VLAREM II en worden aangevraagd:
Rubriek | Omschrijving | Klasse |
15.2 | Het hebben van een 2-palenhefbrug voor het onderhouden van eigen voertuigen (nieuw) | 3 |
17.3.2.1.2.1° | De opslag van 2x200 liter afvalolie in 2 vaten van 200 liter en 10x200 liter nieuwe olie in 10 vaten van 200 liter met een totale opslag van 2,64 ton (nieuw) | 3 |
17.3.6.1°b) | De opslag van 200 liter ruitenwisservloeistof in een vat van 200 liter en van 200 liter koelvloeistof in een vat van 200 liter met een totaal van 0,4 ton (nieuw) | 3 |
17.4 | De opslag van diverse gevaarlijke stoffen (koelvloeistof, diverse oliën, remvloeistof,...) in kleine verpakkingen met een individuele inhoud van 20 tot 50 l van in het totaal 1.000 liter (nieuw) | 3 |
19.3.1°b) | Het gebruiken van een paneelzaag van 5 kW, een schaaf van 3 kW en een lintzaag van 3 kW met een totaal van 11 kW (nieuw) | 3 |
29.5.2.1°b) | Het in gebruik hebben van een schuurband van 3 kW, een kolomboor van 1,5 kW, een lintzaag van 3 kW, een draaibank van 6 kW, een plaatschaar van 4 kW, een plooibank van 17 kW, een ponsmachine van 4 kW en een freesmachine van 3 kW met een totaal van 41,5 kW (nieuw) | 3 |
6.5.1° | 2 verdeelslangen waarvan één verdeelslang op de dubbelwandige bovengrondse opslagtank van 8.000 liter diesel en één verdeelslang op de bovengrondse dubbelwandige opslagtank van 15.000 liter gasolie extra (verandering) | 3 |
16.3.2°a) | Een luchtcompressor met een vermogen van 11 kW voor garage activiteiten (oppompen van banden) (verandering) | 3 |
17.3.2.1.1.2° | De opslag van 6,664 ton of 8.000 liter diesel (witte gasolie) in plaats van 12,510 ton in een dubbelwandige bovengrondse houder, de opslag van 12,495 ton of 15.000 liter gasolie extra in een bovengrondse dubbelwandige houder en de opslag van 16,660 ton of 20.000 liter gasolie verwarming in een bovengrondse houder met een totaal van 35,819 ton (verandering) | 2 |
3.4.1°a) | Het lozen van bedrijfsafvalwater afkomstig van het uitwendig reinigen van één voertuig per dag, aan een lozingsdebiet van 0,2 m³/u-0,2 m³/dag-44 m³/jaar, totaal: 0,2 m³/u (ongewijzigd) | 3 |
15.1.1° | Stallen van 25 voertuigen (ongewijzigd) | 3 |
15.4.2°a) | Het uitwendig reinigen van één voertuig per dag in de loods met behulp van een hoge drukreiniger-totaal 1 motorvoertuig en hun aanhangwagens/dag (ongewijzigd) | 3 |
19.6.1°b) | Opslag van in totaal 282 ton hout of 564 m³ (als onder meer fruitpalloxen) in open lucht-totaal 564 m³ (ongewijzigd) | 3 |
43.1.1°a) | Verwarmingsketel met een thermische vermogen van 383 kW (ongewijzigd) | 3 |
Rubriek 16.1.b°2° (Gas-scrubber voor de conditionering van de luchtkwaliteit in de koelcellen, met het oog op de bewaring van opgeslagen fruit, met een capaciteit van ca. 80 Nm³/u - totaal: 80 Nm³/u) en 12.3.2° (Batterijlader voor het laden van de batterijen van de elektrisch aangedreven vorkheftruck, met een vermogen van 25,2 kW - totaal 25,2 kW) zijn niet langer van toepassing.
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt volgens het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 (BS 23 mei 1979) in agrarisch gebied.
De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden.
De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd APA, BPA of RUP.
Het blijft de bevoegdheid van de overheid de aanvraag te toetsen aan de gebruikelijke inzichten en noden betreffende een goede aanleg der plaats, gebaseerd op de eerder geciteerde voorschriften van het van kracht zijnde gewestplan.
Verordeningen:
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 01.01.2014 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht goedgekeurd.
1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)
Waterwetboek:
///
Watertoets:
///
Milieu:
De aanvraag omvat milieutechnische handelingen die ingedeeld zijn in bijlage 1 van Vlarem II.
1.e. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 24/09/2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 29/12/2025 |
Opening openbaar onderzoek | 08/01/2026 |
Afsluiten openbaar onderzoek | 06/02/2026 |
Gemeenteraad voor wegenwerken | Geen |
Dossierbehandelaar | Charlotte Beerten |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum advies GOA | 02/04/2026 |
1.f. Historiek
Perceelnummer : (afd. 2) sectie F, nrs. 244/B, 168/H, 257/G, 245/L, 245/K en 166/A
● Besluit van de deputatie op 31/08/2023 voor de afbraak van een loods, de nieuwbouw van landbouwloods en de regularisatie van bedrijfsverharding: voorwaardelijk vergund.
2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag
Naar aanleiding van het niet overeenkomen van de exploitatie met de voorwaardelijke omgevingsvergunning OMV_2022102184, wordt deze aanvraag gedaan voor een wijziging van de omgevingsvergunning voor milieutechnische handelingen.
De aanvrager verklaart waarom er metaalbewerkingsmachines en houtbewerkingsmachines worden gebruikt en dus in de aanvraag zijn opgenomen? De exploitant, opteert ervoor om, indien er iets moet gemaakt worden uit metaal of hout, dit zelf te maken, in plaats van dit uit te besteden.
Het is van belang om te weten dat wat er gemaakt wordt voor eigen doeleinden is. Het is dus niet zo dat de exploitant werkt in opdracht van derden. Het zijn dus geen industriële toepassingen, slechts activiteiten op kleine schaal. Wat dus gemaakt/geproduceerd wordt, kan zijn: een schap uit hout of metaal om ordelijk gereedschap te kunnen bergen. Een metalen kast om alweer materiaal in weg te kunnen bergen. Houten panelen kunnen gezaagd worden om een bekisting te maken of om wanden. Ook kunnen met behulp van deze toestellen herstellingen worden uitgevoerd aan de eigen voertuigen.
De frequentie waarmee deze toestellen worden ingezet hangt af van de behoefte en/of noodzaak. Dit kan maandelijks of jaarlijks zijn. Vooral in de wintermaanden en bij slecht weer is er meer tijd om dergelijke onderhoudswerken uit te voeren, of om nuttige materialen te maken.
De palenhefbrug wordt gebruikt om voertuigen naar boven te tillen om gemakkelijk onderhoud aan eigen voertuigen te kunnen doen. Dit kan inhouden, het olie verversen, banden vervangen, koppeling vervangen, .... en deze werken worden uitgevoerd wanneer dit nodig is.
De compressor wordt ingezet om banden op te pompen, een cabine uit te blazen, en vroeger het losmaken van banden, wat tegenwoordig elektrisch wordt gedaan.
Het hebben van verdeelslangen heeft tot doel de eigen voertuigen te voorzien van brandstof. De witte diesel dient voor de voertuigen die eventueel op de openbare weg mogen rijden. De rode diesel dient voor het aandrijven van de eigen landbouwmachines.
Wat de tussentijdse opslagplaats voor al dan niet verontreinigde uitgegraven bodem met zeefinstallatie betreft: deze is inmiddels verwijderd. Bijgevolg wordt deze activiteit niet opgenomen in deze aanvraag.
2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)
De betreffende percelen zijn volgens het gewestplan gelegen binnen agrarisch gebied.
Er werd advies gevraagd aangaande de huidige aanvraag aan het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, waarbij zij benadrukken dat aan de aanvrager op 31.08.2023 een voorwaardelijke vergunning werd verleend voor het gebruik van de gebouwen in kader van agrarische en para-agrarische activiteiten (loonwerken). Onderstaande voorwaarden werden aan de omgevingsvergunning opgenomen:
Aan deze voorwaarden werd echter niet voldaan. Bovendien is de aard van de activiteiten verschoven en betreft het uitvoeren van grondwerken nu de hoofdactiviteit. Dit wordt bevestigd doordat vorig jaar een vraag tot vooroverleg werd ontvangen m.b.t. de mogelijkheden tot aanvraag van een stedenbouwkundig attest, waarin men dit verklaarde.
Een verdere uitbreiding en ontwikkeling van een zonevreemd bedrijf kan binnen agrarisch gebied niet worden toegestaan.
Door middel van voormelde wordt er niet tegemoetgekomen aan de bestemming volgens het gewestplan, zijnde agrarisch gebied, met deze aanvraag.
2.c. Adviezen
Externe Adviezen
Adviesinstantie
| Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Conclusie |
Agentschap Landbouw en Zeevisserij | 29/12/2025 | 13/02/2026 | ongunstig |
ELIA Asset | 29/12/2025 | 5/01/2026 | gunstig |
Fluvius | 29/12/2025 | 12/01/2026 | geen advies |
Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij | 29/12/2025 | 23/01/2026 | geen advies |
2.d. Bespreking van de adviezen
Externe Adviezen
● Advies Agentschap Landbouw en Zeevisserij
De aanvraag werd op 29/12/2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Department Landbouw en Zeevisserij. Op 13/02/2026 werd er een ongunstig advies uitgebracht met ref. 2025_008946_v1 ontvangen en volgende motivatie:
Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij heeft uw in het onderwerp vermelde adviesvraag betreffende de wijziging en verandering van de ingedeelde inrichtingen/activiteiten (IIOA) goed ontvangen. Gezien de aanvraag geen betrekking heeft op stedenbouwkundige handelingen valt de voorliggende adviesvraag niet onder de adviesbevoegdheid van het Agentschap Landbouw en Zeevisserij.
In afd. 3 art. 37 van het Omgevingsvergunningsbesluit, handelend over de instanties die advies verlenen over de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, en de inhoud van de adviezen, wordt het Agentschap Landbouw en Zeevisserij als adviesinstantie genoemd met de volgende omschrijving:
§ 16. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij verleent advies over de inrichtingen of activiteiten inzake aquacultuur, vermeld in rubriek 62 van de indelingslijst.
Wij zullen voor deze louter milieu gerelateerde aanvraag dan ook geen advies vanuit landbouwkundig standpunt formuleren.
Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij wenst hier wel te benadrukken dat aan de aanvrager op 31.08.2023 een voorwaardelijke vergunning werd verleend voor het gebruik van de gebouwen in kader van agrarische en para-agrarische activiteiten (loonwerken). Onderstaande voorwaarden werden aan de omgevingsvergunning opgenomen:
Aan deze voorwaarden werd echter niet voldaan. Bovendien is de aard van de activiteiten verschoven en betreft het uitvoeren van grondwerken nu de hoofdactiviteit. Dit wordt bevestigd doordat vorig jaar een vraag tot vooroverleg werd ontvangen m.b.t. de mogelijkheden tot aanvraag van een stedenbouwkundig, attest waarin men dit verklaarde.
Een verdere uitbreiding en ontwikkeling van een zonevreemd bedrijf kan binnen agrarisch gebied niet worden toegestaan.
De beperkingen van deze site, gelegen binnen agrarisch gebied waren en zijn nog altijd duidelijk. De aanvrager wordt erop gewezen dat hij de vergunningsvoorwaarden moet uitvoeren. De gebouwen kunnen enkel worden gebruikt in kader van agrarische en para-agrarische activiteiten.
Gelet op het feit dat een omgevingsvergunning zowel gaat over milieu en stedenbouw en gelet op het feit dat er niet voldaan wordt aan de in het verleden opgelegde voorwaarden, is er geen sprake van een hoofdzakelijk vergunde site en kan er ons inziens dan ook geen wijziging van milieuvergunning worden vergund. Op deze site moet handhaving worden toegepast.
Conclusie
Dit advies wordt bijgetreden. Een verdere uitbreiding en ontwikkeling van een zonevreemd bedrijf kan binnen agrarisch gebied niet worden toegestaan. De aangevraagde wijzigingen worden daarom ONGUNSTIG geadviseerd.
● Advies ELIA Asset
De aanvraag werd op 29/12/2025 digitaal voor advies voorgelegd aan ELIA Asset. Op 05/01/2026 werd er een voorwaardelijk gunstig advies uitgebracht met ref. 562707-KVR ontvangen en volgende motivatie:
Uitvoering van werken in de nabijheid van onze installaties
Aanpassing milieuvergunning voor activiteiten in de loods
Plaats van de werken:
Alken: Stapstraat 1
ELIA-installaties:
Naar aanleiding van uw aanvraag, verklaren wij hierbij geen bezwaar te hebben tegen de bovenvermelde aanvraag aangezien er geen werken zullen uitgevoerd worden.
Teneinde de veiligheid van mensen, de continuïteit van de elektriciteitsvoorzieningen en de vrijwaring van alle betrokken installaties te garanderen, dient men in de onmiddellijke omgeving van de hoogspanningsgeleiders enkele wettelijke bepalingen te eerbiedigen.
Gelieve daarom kennis te nemen van de veiligheidsvoorschriften ter zake die wij in een beknopte weergave als bijlage zenden. De opdrachtgever wordt geacht deze richtlijnen mee te delen aan iedereen die in zijn (directe of indirecte) opdracht werken uitvoert.
Conclusie
Dit advies wordt bijgetreden.
De Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij en Fluvius reageerden op respectievelijk 23/01/2026 en 12/01/2026 dat er in dit dossier geen advies gegeven wordt.
2.e. Openbaar onderzoek
Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de gewone procedure behandeld. Er werd bijgevolg een openbaar onderzoek gehouden.
Het openbaar onderzoek werd gehouden door aanplakking op de gewone aanplakplaatsen, van 7/01/2026 tot 6/02/2026.
Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en één digitale bezwaar.
Naar aanleiding van het openbaar onderzoek werd één bezwaarschrift ontvangen. Dit bezwaarschrift werd ingediend op 6/02/2026 en is dus tijdens het openbaar onderzoek ingediend en ontvankelijk.
Dit bezwaarschrift bevat volgende elementen
● De aangevraagde activiteiten zijn strijdig met de gewestplanbestemming agrarisch gebied
● Het opleggen van voorwaarden volstaat kennelijk niet
● De mobiliteitsimpact is niet (voldoende) in kaart gebracht
2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek
Om te voldoen aan de opgelegde motiveringsverplichting volstaat het dat de vergunningverlener in haar beslissing de redenen vermeldt waarop deze is gesteund.
Zij is er niet toe gehouden alle in de loop van de procedure aangevoerde bezwaren één voor één te beantwoorden (RvVb/A/1516/0884 van 31 maart 2016, in dezelfde zin: RvVb nr. A/2015/0261 van 21 april 2015 en RvVb/A/1516/0239 van 24 november 2015).
Er werd naar aanleiding van het openbaar onderzoek één schriftelijk bezwaar ingediend. Het ingediende bezwaar is geheel ontvankelijk, en in de aangegeven mate gegrond.
Het bezwaarschrift werd onderzocht en kan als volgt worden beoordeeld:
De tijdens het openbaar onderzoek ingediende bezwaren worden volgens onderdeel hieronder besproken:
● De aangevraagde activiteiten zijn strijdig met de gewestplanbestemming agrarisch gebied
De bewering van bezwaarindiener dat de aanvraag strijdig is met de bestemmingsvoorschriften van het agrarisch gebied lijkt aldus niet helemaal uit de lucht gegrepen. Gezien het advies van het Agentschap Landbouw en Zeevisserij wordt bijgetreden door een verdere uitbreiding en ontwikkeling van een zonevreemd bedrijf binnen agrarisch gebied niet toe te staan wordt tegoemoet gekomen aan dit argument van de bezwaarindiener.
● Het opleggen van voorwaarden volstaat kennelijk niet
Het bezwaarschrift verwijst naar het niet volgen van de huidige omgevingsvergunning zoals de exploitant reeds in de aanvraag verklaart. De voorwaarden uit deze vergunning werden niet nageleefd.
● De mobiliteitsimpact is niet (voldoende) in kaart gebracht
Het bezwaar inzake mobiliteit kan niet worden bijgetreden. De voorliggende wegenis is voldoende uitgerust met het oog op de verkeersafwikkeling. De effecten op de mobiliteit zijn niet aanzienlijk, zoals ook omschreven in de aanvraag. Er is nu reeds een bedrijf gevestigd waardoor de invloed op de mobiliteit beperkt zal blijven door deze aanvraag.
2.g. Beoordeling
Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:
In de beoordeling van de effecten op de omgeving is de impact omschreven en wordt nagegaan of de effecten als niet aanzienlijk mogen beschouwd worden.
Mobiliteit:
De invloed op de mobiliteit is zeer gering. De aanvrager gaat ervan uit dat er meer voertuigbewegingen zijn door het feit dat de exploitatie op deze site gebeurt dan indien de exploitatie er niet was. Maar dit gaat slechts om enkele voertuigen per dag die in- en uitrijden. Dus eigenlijk niets noemenswaardig. Door deze nieuwe aanvraag echter wordt de mobiliteit niet mèèr geïmpacteerd dan bij de vergunde toestand en is dus eigenlijk zonder voorwerp.
Bodem:
De bodem zou kunnen geïmpacteerd worden door de opslag of bij het manipuleren van "gevaarlijke stoffen". De opslag van diesel en gasolie gebeurt echter in bovengrondse tanks, die ingekuipt en/of dubbelwandig zijn, en voorzien van overvulbeveiliging. Bovendien staan de desbetreffende houders boven vloeistofdichte betonnen vloeren.
Hetzelfde geldt voor de plaatsen waar deze gevaarlijke stoffen worden verdeeld aan eigen voertuigen. De verdeelslangen bevinden zich boven een vloeistofdichte betonnen vloer. Ter hoogte van de verdeelslang die buiten staat opgesteld, wordt een acodrain aangelegd die het eventueel verontreinigd regenwater afvoert naar een KWS-afscheider.
Maatregelen die de aanvrager stelt om beperking van de effecten te bekijken:
● Vloeistofdichte betonnen vloeren ter hoogte van de opslag en verdeling van vloeibare brandstoffen.
● Lekbakken waarop de opslag van gevaarlijke stoffen in vaten en kleine verpakkingen plaatsvindt, die op hun beurt staan boven een vloeistofdichte betonnen vloer.
● Acodrain met KWS-afscheider voor de opvang en zuivering van eventueel verontreinigd hemelwater bij de verdeling, buiten, van dieselolie.
● Absorberende korrel voor het eventueel indijken en opvangen van gemorste gevaarlijke stoffen.
Geluid of trillingen:
De verschillende hout- en metaalbewerkingsmachines kunnen geluid produceren. Dit is echter zeer miniem. De toestellen zijn CE gekeurd en voldoen aan strenge normen, ook op vlak van geluidsemissie. Men zal steeds, waar mogelijk, met gesloten deuren werken. Bovendien zijn de bedrijfsgebouwen geïsoleerd, waardoor dat de geluidsemissie naar de omgeving minimaal is. De toestellen maken sowieso weinig tot geen geluid. De werknemers die met deze toestellen werken dragen, waar nodig, geluidsbescherming. Naar de omgeving toe heeft de exploitatie geen impact wat geluid en trillingen betreft.
Afvalstoffen:
Ten gevolge van het bewerken van metalen en hout kunnen er, in beperkte mate, afvalstoffen ontstaan. Deze zullen, waar mogelijk, maximaal gerecupereerd worden. Indien ze verder onbruikbaar zijn, zullen ze als afval worden opgehaald en afgevoerd. Het gaat bovendien om niet gevaarlijk afval. Dus zijn de effecten verwaarloosbaar.
Rubriek 17.2
De diesel, gasolie extra en gasolie verwarming worden opgeslagen in bovengrondse dubbelwandige houders. De gasolie extra en de gasolie verwarming liggen opgeslagen in een vloeistofdichte betonnen inkuiping.
De nieuwe olie en afvalolie, en de ruitenwisservloeistof en koelvloeistof zijn opgeslagen in vaten van 200 liter die zich op hun beurt boven lekbakken bevinden.
Conclusie: Ongunstig
Conclusie:
Ongunstig advies
BEOORDELING COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN:
Het college van burgemeester en schepenen is van oordeel dat de huidige aanvraag kadert binnen agrarische en /of para-agrarische activiteiten. De toelichting van het Agentschap Landbouw en Zeevisserij wordt niet gedetailleerd genoeg beschouwd om ongunstig te beslissen. Er worden bijkomende voorwaarden opgelegd:
● De inrichtingen of activiteiten enkel voor eigen gebruik en voor eigen materieel (machines, wagens, etc.) gebruikt mogen worden binnen een agrarische / para-agrarische activiteit.
● De voorwaarden opgenomen in de vergunning van 2023 worden hernomen .
Bijkomende dienen de wettelijke bepalingen zoals omschreven in het advies van ELIA gevolgd te worden, waardoor volgende bijkomende voorwaarden worden opgelegd:
● De veiligheidsvoorschriften beschreven door ELIA dienen gevolgd te worden en de opdrachtgever wordt geacht deze richtlijnen mee te delen aan iedereen die in zijn (directe of indirecte) opdracht werken uitvoert.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHPENEN IN DE ZITTING VAN 8/04/2026
1. De aanvraag ingediend door Schiffeleers Klaas, wonende te Aardbruggenstraat 94 te 3570 Alken, voor een wijziging van de omgevingsvergunning voor milieutechnische handelingen, voor een perceel gelegen te Stapstraat 1, te 3570 Alken, gelegen te Afdeling 2 sectie F nrs. 244/B, 168/H, 257/G, 245/L, 245/K en 166/A, voorwaardelijk te vergunnen voor de in de omgevingsvergunning opgenomen rubrieken.
Rubriek | Omschrijving | Klasse |
15.2 | het hebben van een 2-palenhefbrug voor het onderhouden van eigen voertuigen (nieuw) | 3 |
17.3.2.1.2.1° | De opslag van 2x200 liter afvalolie in 2 vaten van 200 liter en 10x200 liter nieuwe olie in 10 vaten van 200 liter met een totale opslag van 2,64 ton (nieuw) | 3 |
17.3.6.1°b) | De opslag van 200 liter ruitenwisservloeistof in een vat van 200 liter en van 200 liter koelvloeistof in een vat van 200 liter met een totaal van 0,4 ton (nieuw) | 3 |
17.4 | De opslag van diverse gevaarlijke stoffen (koelvloeistof, diverse oliën, remvloeistof,...) in kleine verpakkingen met een individuele inhoud van 20 tot 50 l van in het totaal 1.000 liter (nieuw) | 3 |
19.3.1°b) | Het gebruiken van een paneelzaag van 5 kW, een schaaf van 3 kW en een lintzaag van 3 kW met een totaal van 11 kW (nieuw) | 3 |
29.5.2.1°b) | Het in gebruik hebben van een schuurband van 3 kW, een kolomboor van 1,5 kW, een lintzaag van 3 kW, een draaibank van 6 kW, een plaatschaar van 4 kW, een plooibank van 17 kW, een ponsmachine van 4 kW en een freesmachine van 3 kW met een totaal van 41,5 kW (nieuw) | 3 |
6.5.1° | 2 verdeelslangen waarvan één verdeelslang op de dubbelwandige bovengrondse opslagtank van 8.000 liter diesel en één verdeelslang op de bovengrondse dubbelwandige opslagtank van 15.000 liter gasolie extra (verandering) | 3 |
16.3.2°a) | Een luchtcompressor met een vermogen van 11 kW voor garage activiteiten (oppompen van banden) (verandering) | 3 |
17.3.2.1.1.2° | De opslag van 6,664 ton of 8.000 liter diesel (witte gasolie) in plaats van 12,510 ton in een dubbelwandige bovengrondse houder, de opslag van 12,495 ton of 15.000 liter gasolie extra in een bovengrondse dubbelwandige houder en de opslag van 16,660 ton of 20.000 liter gasolie verwarming in een bovengrondse houder met een totaal van 35,819 ton (verandering) | 2 |
3.4.1°a) | Het lozen van bedrijfsafvalwater afkomstig van het uitwendig reinigen van één voertuig per dag, aan een lozingsdebiet van 0,2 m³/u-0,2 m³/dag-44 m³/jaar, totaal: 0,2 m³/u (ongewijzigd) | 3 |
15.1.1° | Stallen van 25 voertuigen (ongewijzigd) | 3 |
15.4.2°a) | Het uitwendig reinigen van één voertuig per dag in de loods met behulp van een hoge drukreiniger-totaal 1 motorvoertuig en hun aanhangwagens/dag (ongewijzigd) | 3 |
19.6.1°b) | Opslag van in totaal 282 ton hout of 564 m³ (als onder meer fruitpalloxen) in open lucht-totaal 564 m³ (ongewijzigd) | 3 |
43.1.1°a) | Verwarmingsketel met een thermische vermogen van 383 kW (ongewijzigd) | 3 |
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
● De inrichtingen of activiteiten enkel voor eigen gebruik en voor eigen materieel (machines, wagens, etc.) gebruikt mogen worden binnen een agrarische / para-agrarische activiteit;
● De voorwaarden opgenomen in de vergunning van 2023 worden hernomen.
● Bijkomende groenvoorziening aan te planten eerstvolgende plantseizoen cfr. het inplantingsplan;
● De bedrijfsgebouwen, constructies en verhardingen kunnen enkel in functie van agrarische en para-agrarische activiteiten worden gebruikt;
● Zonevreemde activiteiten binnen agrarisch gebied (o.a. het breken van puin, zeven van grond en opslag van grond en bouwpuin,...) worden uitgesloten uit de vergunning, dergelijke activiteiten horen niet thuis in agrarisch gebied en dienen te worden geherlokaliseerd naar een geëigende gebiedsbestemming, de niet-vergunde loods dient zo spoedig mogelijk te worden afgebroken, binnen het jaar na vergunning;
● De percelen 166a en 168h dienen in oorspronkelijke toestand te worden hersteld en in landbouwgebruik worden genomen binnen het jaar na vergunning.
● Advies van Provincie Limburg - afdeling Waterbeheer dd. 10 mei 2023 na te leven,
● Brandweeradvies Hulpverleningszone Zuidwest Limburg dd. 22 juni 2023 na te leven, brandstofopslagplaats moet van de bestaande fruitloods gescheiden zijn met wanden (R)E|120,
● Advies Elia dd. 10 mei 2023 na te leven.
● De veiligheidsvoorschriften beschreven door ELIA dienen gevolgd te worden en de opdrachtgever wordt geacht deze richtlijnen mee te delen aan iedereen die in zijn (directe of indirecte) opdracht werken uitvoert.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 08/04/2026 HET VOLGENDE:
1. De aanvraag ingediend door de heer Klaas Schiffeleers met als contactadres Aardbruggenstraat 94 te 3570 Alken, een wijziging van de milieuvergunning, gelegen Stapstraat 1, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 166 A, (afd. 2) sectie F 168 H, (afd. 2) sectie F 244 B, (afd. 2) sectie F 245 K, (afd. 2) sectie F 245 L en (afd. 2) sectie F 257 G voorwaardelijk te vergunnen.
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
a. De algemene en toepasselijke sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM.
b. Bijzondere voorwaarden:
- De inrichtingen of activiteiten enkel voor eigen gebruik en voor eigen materieel (machines, wagens, etc.) gebruikt mogen worden binnen een agrarische / para-agrarische activiteit;
- De voorwaarden opgenomen in de vergunning van 2023 worden hernomen.
● Bijkomende groenvoorziening aan te planten eerstvolgende plantseizoen cfr. het inplantingsplan;
● De bedrijfsgebouwen, constructies en verhardingen kunnen enkel in functie van agrarische en para-agrarische activiteiten worden gebruikt;
● Zonevreemde activiteiten binnen agrarisch gebied (o.a. het breken van puin, zeven van grond en opslag van grond en bouwpuin,...) worden uitgesloten uit de vergunning, dergelijke activiteiten horen niet thuis in agrarisch gebied en dienen te worden geherlokaliseerd naar een geëigende gebiedsbestemming, de niet-vergunde loods dient zo spoedig mogelijk te worden afgebroken, binnen het jaar na vergunning;
● De percelen 166a en 168h dienen in oorspronkelijke toestand te worden hersteld en in landbouwgebruik worden genomen binnen het jaar na vergunning.
● Advies van Provincie Limburg - afdeling Waterbeheer dd. 10 mei 2023 na te leven,
● Brandweeradvies Hulpverleningszone Zuidwest Limburg dd. 22 juni 2023 na te leven, brandstofopslagplaats moet van de bestaande fruitloods gescheiden zijn met wanden (R)E|120,
● Advies Elia dd. 10 mei 2023 na te leven.
- De veiligheidsvoorschriften beschreven door ELIA dienen gevolgd te worden en de opdrachtgever wordt geacht deze richtlijnen mee te delen aan iedereen die in zijn (directe of indirecte) opdracht werken uitvoert.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;
5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.
De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.
De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.
Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.
§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.
§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.
Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.
Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. (…)
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° ...;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;
7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;
8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.
Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.
De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:
1° de beroepsindiener;
2° de vergunningsaanvrager;
3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
4° het college van burgemeester en schepenen.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)
Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.
Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.
§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.
§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.
De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.
§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:
1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;
2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;
3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.
(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Zitting van 08 04 2026
Omgevingsvergunning 1070
Aanvraag omgevingsvergunning over: de aanleg van een terras of andere verharding ingediend door Jonas Janssens met als contactadres Steenweg 380 te 3570 Alken. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Steenweg 380, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie H 591 C. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.
VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers: | Jonas Janssens met als contactadres Steenweg 380 te 3570 Alken
|
Ligging van het perceel: | Steenweg 380
|
Kadastrale gegevens: | afdeling 1 sectie H nr. 591C
|
Projectnaam: | Steenweg 380 - Janssens Jonas
|
Dossiernummer: | 2025134
|
Intern dossiernummer: | 1070
|
ID omgevingsplatform: | OMV_2025132794
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
De aanvraag betreft de uitbreiding van een bestaand terras
Werken
Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:
de uitbreiding van een terras
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 - woongebied met landelijk karakter (eerste 50m achter de rooilijn) en achterliggend agrarisch gebied.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven;
De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden.
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp gewestplannen en de gewestplannen).
De eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg, noch ruimtelijk uitvoeringsplan. De eigendom is wel gelegen binnen een niet-vervallen verkaveling met intern nummer 682 dd. 12.10.2022. Overwegende dat de voorschriften van de verkaveling primeren op deze van het gewestplan.
Verordeningen :
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.
1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)
Waterwetboek:
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt in hoofdstuk III – afdeling I bepaalde verplichtingen op, die “de watertoets” genoemd worden Deze verplichtingen zijn ondertussen verstrengd in enkele wijzigingen van dit decreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten, waaronder het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 05/07/2013 en de latere wijzigingen en verstrengingsbeslissingen. De kaarten beschikbaar op www.waterinfo.be/watertoets , die vastgesteld zijn door de Vlaamse Regering op 25 november 2022, vormen de basis voor de watertoets.
Watertoets :
Overwegende dat voorliggende aanvraag, het uitbreiden van het terras betreft waarvan het hemelwater ter plaatse infiltreert.
Milieu:
///
Stikstofdecreet:
Het Decreet van de Vlaamse Overheid over de programmatische aanpak stikstof (kortweg ‘Stikstofdecreet’) verstaat het bouwen van dit project volgens artikel 2.41° als een vergunningsplichtig verkeergenererend project en dat geen verkeerdragend infrastructuurproject is en dat stikstofemissiegererende vervoersbewegingen veroorzaakt, of de wijziging van een dergelijk project.
De door de aanvrager berekende gecumuleerde effecten van de stikstofdepositie ten gevolge van vervoersbewegingen en/of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase en exploitatiefase, veroorzaakt door de activiteit, zijn lager dan 1% minimisdrempelwaardes en een verdere passende beoordeling voor de effecten van stikstofdepositie via lucht zijn niet nodig. Dit betekent dat zelfs indien het project op het meest kritische habitat gebouwd wordt, de impact niet zal zorgen voor een overschrijding van de 1% minimisdrempelwaardes.
1.e. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 31 oktober 2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 12 januari 2026 |
Opening openbaar onderzoek | 22 januari 2026 |
Afsluiten openbaar onderzoek | 20 februari 2026 |
Gemeenteraad voor wegenwerken | geen |
Dossierbehandelaar | Carla Van Acker |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum verslag GOA |
|
1.f. Historiek
Perceelnummer : (afd. 1) sectie H 591 C
Er zijn geen relevante voorgaande vergunningen gekend voor het perceel.
2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag
De aanvraag behelst het uitbreiden van het terras aansluitend aan de achtergevel. Het perceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gewestweg, zijnde de Steenweg, gelet op de plaatselijke toestand. De onmiddellijke omgeving wordt gekenmerkt door een variatie aan bebouwingen en dit in verschillende typologieën en bouwstijlen. Het rechter aanpalende perceel betreft een open ééngezinswoning en het linker aanpalende perceel betreft een halfopen ééngezinswoning.
De bestaande en vergunde toestand betreft een terras van 5m op 4m zijnde 20m² aansluitend met de achtergevel tot op 1m16 van de perceelsgrens met de aanpalende woning. Op de scheiding staat er hier een scheidingsmuur over de gehele diepte van het terras. Huidige aanvraag betreft het terras uit te breiden tot tegen deze scheidingsmuur. Het nieuwe terras zal 6m57 breed zijn en 4m81 diep. Dit geeft een oppervlakte van 31.6m² i.p.v. de 20m² toegelaten binnen de verkavelingsvoorschriften.
2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)
De aanvraag wijkt af van de geldende verkavelingsvoorschriften d.d. 12.10.2022 met intern nummer 682 omwille van de oppervlakte. De verkavelingsvoorschriften staan terrassen tot 20m² toe. Huidige aanvraag betreft de uitbreiding van het bestaande terras van 20m² tot 31.6m². Dergelijke minimale uitbreiding aansluitend aan de achtergevel van de woning en binnen de diepte van de scheidingsmuur op de perceelsgrens heeft geen ruimtelijke invloed en is bijgevolg stedenbouwkundig aanvaardbaar.
2.c. Adviezen
Externe Adviezen
Adviesinstantie
| Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Conclusie |
AWV - District Zuid-Limburg | 12 januari 2026 | 3 februari 2026 | voorwaardelijk gunstig |
2.d. Bespreking van de adviezen
De aanvraag werd op 12.01.20236 digitaal voor advies voorgelegd aan het Agentschap Wegen en Verkeer. Op 03.02.2026 werd er een voorwaardelijk gunstig advies met ref. AV/719/2026/00027 verleend. De integrale inhoud van dit advies kan worden bijgetreden en onderschreven.
2.e. Openbaar onderzoek
Het openbaar onderzoek werd gehouden door aanplakking op de gewone aanplakplaatsen, van 22 januari 2026 tot 20 februari 2026.
Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en geen digitale bezwaren
2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek
Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en geen digitale bezwaren.
2.g. Beoordeling
Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:
De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.
Functionele inpasbaarheid: De ééngezinswoning is gelegen in woongebied met landelijk karakter volgens het gewestplan. De aanvraag betreft uitbreiden van het terras en is functioneel inpasbaar en niet storend in de ruimtelijke context en kan bijgevolg worden aanvaard.
Mobiliteitsaspect: De aanvraag voor het plaatsen van een vrijstaande garage, zal in alle redelijkheid, geen invloed hebben op de mobiliteit.
Schaal: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat de aanvraag geen invloed zal hebben op de schaal. Er is geen verlies van ruimtelijke kwaliteit gezien de aanvraag een voldoende samenhangend geheel vormt. De aanvraag is niet storend in de ruimtelijke context en kan bijgevolg worden aanvaard.
Ruimtegebruik en bouwdichtheid: De aanvraag voor het uitbreiden van het terras, is niet in strijd met het ruimtegebruik en zal geenszins de draagkracht van het terrein overschrijden. Er is nog voldoende kwalitatieve niet-verharde buitenruimte/tuin aanwezig.
Visueel-vormelijke elementen: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat de aanvraag geen negatieve invloed zal hebben op de visueel-vormelijke elementen.
Cultuurhistorische aspecten: Dit perceel en deze bebouwing ligt niet in een beschermd stads- of dorpsgezicht, noch palend aan of in het gezichtsveld van een monument. De aanvraag heeft geen invloed op de cultuurhistorische aspecten.
Het bodemreliëf: Het bestaande bodemreliëf blijft behouden. De aanvraag wijzigt het bodemreliëf niet.
Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat door uitbreiding van het terras, de privacy van de omwonenden geenszins wordt geschonden.
Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:
Conclusie
Conclusie Voorwaardelijk gunstig advies
Gunstig advies, onder volgende voorwaarde:
● De aandachtspunten uit het advies van Wegen en verkeer dd. 03/02/2026 met referte AV/719/2026/00027 na te leven.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 08/04/2026 HET VOLGENDE:
1. De aanvraag ingediend door Jonas Janssens met als contactadres Steenweg 380 te 3570 Alken, de aanleg van een terras of andere verharding, gelegen Steenweg 380, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie H 591 C voorwaardelijk te vergunnen.
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
● De aandachtspunten uit het advies van Wegen en verkeer dd. 03/02/2026 met referte AV/719/2026/00027 na te leven.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;
5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.
De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.
De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.
Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.
§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.
§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.
Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.
Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. (…)
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° ...;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;
7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;
8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.
Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.
De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:
1° de beroepsindiener;
2° de vergunningsaanvrager;
3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
4° het college van burgemeester en schepenen.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)
Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.
Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.
§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.
§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.
De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.
§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:
1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;
2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;
3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.
(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Zitting van 08 04 2026
Subsidie voor sterilisatie of castratie van huiskatten
Op 1 april 2026 werd conform de voorschriften van vernoemd gemeenteraadsbesluit door mevrouw Wendy Goris, Bosveldstraat 43 te 3570 Alken een aanvraag ingediend voor toekenning van de subsidie voor castratie van haar huiskater.
Feiten en context
Op 1 april 2026 werd conform de voorschriften van het gemeenteraadsbesluit dd. 26.02.2026 door Wendy Goris, Bosveldstraat 43 te 3570 Alken een aanvraag ingediend voor toekenning van de subsidie voor castratie van haar huiskater
Juridische grond
Het gemeenteraadsbesluit van de gemeenteraad van 26 februari 2026, houdende goedkeuring van een premieregeling voor sterilisatie of castratie van huiskatten.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Hoewel het steriliseren en castreren van zwerfkatten reeds jaren succesvol is, groeit de zwerfkattenpopulatie toch vaak aan door huiskatten die onderling of met zwerfkatten in contact komen en niet gecastreerd/gesteriliseerd zijn (wat tot ongewenste nestjes leidt). De gemeente wil castratie/sterilisatie van huiskatten stimuleren en geeft voor castratie van een huiskater een totaalsubsidie van €20 en voor sterilisatie van een huiskattin €30.
Financiële gevolgen
De uitbetaling van de subsidie gebeurt als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€20,00 | niet van toepassing | 002223 |
Datum visumaanvraag: | niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Aan mevrouw Wendy Goris, Bosveldstraat 43, 3570 Alken wordt een toelage van € 20,00 toegekend voor de castratie van haar huiskater, conform het gemeenteraadsbesluit van 26 februari 2026 inzake een gemeentelijke subsidie voor sterilisatie of castratie van huiskatten.
Artikel 2: De subsidie wordt betaald van MJP002223 van het budget 2026.
Zitting van 08 04 2026
Standpunt inzamelen van hol glas
Limburg.net zal een nieuwe overheidsopdracht uitschrijven voor de inzameling van hol glas door middel van glasbollen in Alken. De inhoud hiervan is terug te vinden in de bijlage.
Tijdens de looptijd van de huidige overeenkomst werden er vragen gesteld aan Limburg.net over een mogelijke omschakeling naar huis-aan-huis ophaling van hol glas, of omgekeerd: een omschakeling van huis-aan-huis ophaling naar glasbollen.
Limburg.net wenst te informeren naar het standpunt van de gemeente Alken hierover zodat ze het dossier voor de aanbesteding correct kunnen opstellen.
Feiten en context
Limburg.net zal een nieuwe overheidsopdracht uitschrijven voor de inzameling van hol glas door middel van glasbollen in Alken. De inhoud hiervan is terug te vinden in de bijlage.
Tijdens de looptijd van de huidige overeenkomst werden er vragen gesteld aan Limburg.net over een mogelijke omschakeling naar huis-aan-huis ophaling van hol glas, of omgekeerd: een omschakeling van huis-aan-huis ophaling naar glasbollen.
Limburg.net wenst te informeren naar het standpunt van de gemeente Alken hierover zodat ze het dossier voor de aanbesteding correct kunnen opstellen.
Zie het schrijven van Limburg.net in de bijlage.
Juridische grond
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, o.a. artikel 2.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Limburg.net zal een nieuwe overheidsopdracht uitschrijven voor de inzameling van hol glas door middel van glasbollen in Alken. De inhoud hiervan is terug te vinden in de bijlage.
Tijdens de looptijd van de huidige overeenkomst werden er vragen gesteld aan Limburg.net over een mogelijke omschakeling naar huis-aan-huis ophaling van hol glas, of omgekeerd: een omschakeling van huis-aan-huis ophaling naar glasbollen.
Huis-aan-huisinzameling kan op eigen initiatief georganiseerd worden door de gemeente. Hier is geen dienstverlening (opzet aanbesteding, aankoop & uitleveren van bakken, etc) voor voorzien door Limburg.net.
Het huidige systeem wordt daarom aangeraden om te behouden.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen geeft zijn goedkeuring aan Limburg.net voor het behouden van de inzameling van hol glas door middel van glasbollen in Alken.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.