Zitting van 10 12 2025
Verslag van de vorige zitting dd. 3.12.2025
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 3.12.2025 opgesteld.
Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.
Feiten en context
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 3.12.2025 opgesteld.
Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.
Juridische grond
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Niet van toepassing.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het verslag van de vorige zitting wordt goedgekeurd.
Zitting van 10 12 2025
Gemeenteraad - Mededeling Definitieve Agenda dd. 18.12.2025
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur wordt de agenda van de eerstvolgende vergadering van de gemeenteraad dd. 18.12.2025 bekendgemaakt.
Deze agenda, zie bijlage, wordt ter goedkeuring voorgelegd.
Feiten en context
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur wordt de agenda van de eerstvolgende vergadering van de gemeenteraad dd. 18.12.2025 bekendgemaakt.
Deze agenda, zie bijlage, wordt ter goedkeuring voorgelegd.
Juridische grond
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Niet van toepassing.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen neemt er kennis van dat de voorzitter van de gemeenteraad, de heer Jan Robeyns, de gemeenteraad samenroept op donderdag 18.12.2025 om 20u00.
Zitting van 10 12 2025
PZ LRH - Engagementsverkaring Veilig Huis
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Nieuws van de week
De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.
Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.
Feiten en context
De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.
Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.
Juridische grond
Wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
In het kader van openbaarheid van bestuur is het aangewezen om de inwoners op een laagdrempelige manier op de hoogte te houden over belangrijke beslissingen die door het schepencollege worden genomen.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist dat er wekelijks via de gemeentelijke communicatiekanalen gecommuniceerd zal worden over 1 specifiek recent agendapunt, beslissing of actuele gebeurtenis.
Artikel 2 :Voor deze week heeft het beleid gekozen om te communiceren over de MOS-subsidies 2025 die het college goedgekeurd heeft voor alle Alkense scholen.
Zitting van 10 12 2025
Personeelsfeest 2026
Het OCMW-en gemeentebestuur organiseert jaarlijks een personeelsfeest voor alle bestuursleden van de gemeente en het OCMW, voor alle gemeentelijke en alle OCMW-personeelsleden en voor alle gepensioneerden.
In 2026 zal het personeelsfeest georganiseerd worden op vrijdag 30 januari van 19 tot 02u. in gc Taeymans. Er is eten voorzien en er zal tevens sterke drank geschonken worden.
Feiten en context
Het OCMW-en gemeentebestuur organiseert jaarlijks een personeelsfeest voor alle bestuursleden van de gemeente en het OCMW, voor alle gemeentelijke en alle OCMW-personeelsleden en voor alle gepensioneerden.
In 2026 zal het personeelsfeest georganiseerd worden op vrijdag 30 januari van 19 tot 02u. in gc Taeymans. Er is eten voorzien en er zal tevens sterke drank geschonken worden.
Juridische grond
Decreet Lokaal bestuur van 22 december 2017, art. 56 betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Het college van burgemeester en schepenen beslist om in 2026 het personeelsfeest te organiseren op vrijdag 30 januari 2026 in gc Taeymans. Er is eten voorzien en er mag sterke drank geschonken worden.
Het budget wordt bepaald op € 25 per genodigde (vaste kost) en € 35 per aanwezige (variabele kost).
Thema: Monty versus De Molen (Disco versus alternatief)
De genodigden (zonder partner) zijn:
● Gemeente-en OCMW-raad
● College van burgemeester en schepenen en vast bureau
● Bijzonder Comité van de Sociale dienst
● Personeel gemeentehuis
● Personeel dienst vrije tijd en bibliotheek
● Personeel technische dienst
● Personeel gemeenteschool
● Personeel gemeenschapscentra en sporthallen
● Onderhoudspersoneel
● Personeel OCMW
● Personeel Wijkteam Alken + gemeenschapswacht
● Gepensioneerden gemeente + OCMW
● Ereburgemeester, ereschepenen & eresecretaris
● Ereraadsleden gemeente + OCMW
Volgende personeelsleden worden NIET meer uitgenodigd:
Werknemers die ontslag genomen hebben of ontslagen zijn in 2025
Einde contracten bepaalde duur, reeds uit dienst
Einde vervangingscontracten
Volgende personeelsleden worden wel nog uitgenodigd
Tijdelijke contracten die nog steeds in dienst zijn
Personeelsleden die nog in voltijdse loopbaanonderbreking of onbetaald verlof zitten.
Financiële gevolgen
Het budget wordt bepaald op€ 25 per genodigde (vaste kost) en € 35 per aanwezige (variabele kost).
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist om in 2026 het personeelsfeest te organiseren op vrijdag 30 januari 2026 in gc Taeymans.
Het budget wordt bepaald op € 25 per genodigde (vaste kost) en € 35 per aanwezige (variabele kost). Er is eten voorzien en er mag sterke drank geschonken worden.
De genodigden (zonder partner) zijn:
Gemeente-en OCMW-raad
College van burgemeester en schepenen en vast bureau
Bijzonder Comité van de Sociale dienst
Personeel gemeentehuis
Personeel dienst vrije tijd en bibliotheek
Personeel technische dienst
Personeel gemeenteschool
Personeel gemeenschapscentra en sporthallen
Onderhoudspersoneel
Personeel OCMW
Personeel Wijkteam Alken + gemeenschapswacht
Gepensioneerden gemeente + OCMW
Ereburgemeester, ereschepenen & eresecretaris
Ereraadsleden gemeente + OCMW
Volgende personeelsleden worden NIET meer uitgenodigd:
Werknemers die ontslag genomen hebben of ontslagen zijn in 2025
Einde contracten bepaalde duur, reeds uit dienst
Einde vervangingscontracten
Volgende personeelsleden worden wel nog uitgenodigd
Tijdelijke contracten die nog steeds in dienst zijn
Personeelsleden die nog in voltijdse loopbaanonderbreking of onbetaald verlof zitten.
Zitting van 10 12 2025
Huur en onderhoud van koffieautomaten en aankoop van koffie en toebehoren - Goedkeuring lastvoorwaarden, gunningswijze en uit te nodigen firma's
De huidige overeenkomst voor de huur van koffieautomaten en de levering van bijhorende producten is bijna afgelopen en dient opnieuw in de markt gezet te worden.
De automaten in de refter van het gemeentehuis, de technische dienst, de gemeentelijke basisschool en het OCMW dienen opnieuw te worden voorzien.
De automaten in de bar van het gemeentehuis en DC De Kouter worden geschrapt omdat ze te weinig gebruikt worden.
Deze nieuwe opdracht zal worden afgesloten voor de duur van 1 jaar en kan stilzwijgend verlengd worden tot maximaal 5 jaar.
Volgende ondernemers worden uitgenodigd om deel te nemen aan de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking:
- JACOBS DOUWE EGBERTS PRO BE BVBA, Esplanade 1, Bus 18 te 1020 Brussel;
- KOFFIE F. ROMBOUTS NV, Antwerpsesteenweg 136 te 2630 Aartselaar;
- Oxfam Fair Trade cvba, Ververijstraat 15 te 9000 Gent.
(Toezichthoudend ambtenaar: Bart De Keersmaecker)
Feiten en context
De huidige overeenkomst voor de huur van koffieautomaten en de levering van bijhorende producten is bijna afgelopen en dient opnieuw in de markt gezet te worden.
De automaten in de refter van het gemeentehuis, de technische dienst, de gemeentelijke basisschool en het OCMW dienen opnieuw te worden voorzien.
De automaten in de bar van het gemeentehuis en DC De Kouter worden geschrapt omdat ze te weinig gebruikt worden.
Deze nieuwe opdracht zal worden afgesloten voor de duur van 1 jaar en kan stilzwijgend verlengd worden tot maximaal 5 jaar.
Juridische grond
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, § 3, 5°, waarbij wordt bepaald dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de vaststelling van de plaatsingsprocedure en de voorwaarden van overheidsopdrachten als het gaat om een opdracht van dagelijks bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 2 september 2021 houdende vaststelling van de opdrachten voor werken, leveringen en diensten die kunnen beschouwd worden als opdrachten van dagelijks bestuur.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van € 143.000,00 niet), en meer bepaald artikel 2, 6° en 7°a (de aanbestedende overheid verricht gecentraliseerde aankoopactiviteiten voor de verwerving van leveringen of diensten die bestemd zijn voor aanbesteders) en artikel 43.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 90, 1°.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
In het kader van de opdracht “Huur en onderhoud van koffieautomaten en aankoop van koffie en toebehoren” werd een bestek met nr. 2025/090 opgesteld door de Dienst overheidsopdrachten.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 74.000 incl. btw voor de maximale looptijd van 5 jaar (€ 10.000 per jaar voor de gemeente en € 4.800 per jaar voor het OCMW).
De opdracht zal worden afgesloten voor een maximale duur van 60 maanden.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Het bestuur beschikte bij het opstellen van de lastvoorwaarden voor deze opdracht niet over de exact benodigde hoeveelheden.
Gemeente Alken treedt op als aankoopcentrale voor OCMW Alken bij de gunning en de uitvoering van de opdracht.
Financiële gevolgen
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het exploitatiebudget van 2025, op budgetcodes gemeente:
60000000/02/0800 (actie/raming AC000001/MJP001383), 61300630/01/0119 (actie/raming AC000001/MJP001160), 60000000/01/0119 (actie/raming AC000001/MJP001135) en 61300630/02/0800 (actie/raming AC000001/MJP001778)
budgetcodes OCMW:
61300630/01/0119 (actie/raming AC000001/MJP001760) en 61300000/01/0119 (actie/raming AC000001/MJP001432)
en in het budget van de volgende jaren.
Besluit
Artikel 1: Het bestek met nr. 2025/090 en de raming voor de opdracht “Huur en onderhoud van koffieautomaten en aankoop van koffie en toebehoren”, opgesteld door de Dienst overheidsopdrachten worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 74.000 incl. btw voor de maximale looptijd van 5 jaar (€ 10.000 per jaar voor de gemeente en € 4.800 per jaar voor het OCMW)..
Artikel 2: Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Artikel 3: In toepassing van artikel 2, 6°a en 7°a van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, zal Gemeente Alken optreden als aankoopcentrale voor volgende entiteit:
OCMW Alken.
Artikel 4: Volgende ondernemers worden uitgenodigd om deel te nemen aan de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking:
- JACOBS DOUWE EGBERTS PRO BE BVBA, Esplanade 1, Bus 18 te 1020 Brussel;
- KOFFIE F. ROMBOUTS NV, Antwerpsesteenweg 136 te 2630 Aartselaar;
- Oxfam Fair Trade cvba, Ververijstraat 15 te 9000 Gent.
Artikel 5: De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het meerjarenplan 2020-2025 onder verschillende budgetcodes.
Zitting van 10 12 2025
Riolerings- en wegeniswerken Oude Baan Fluvius project R/005519 - Goedkeuring voorlopige oplevering.
Op 26 november 2025 vond de voorlopige oplevering van de werken “Riolerings- en wegeniswerken Oude Baan Fluvius project R/005519” plaats.
De ontwerper, Geotec, Riemsterweg 117 te 3742 Bilzen - Martenslinde stelde een proces-verbaal op van deze voorlopige oplevering waaruit blijkt dat er geen opmerkingen zijn.
De aannemer Martens Wegenbouw nv, Grote Baan 572 te 3530 Houthalen-Helchteren heeft aan zijn verplichtingen voldaan.
De opdracht “Riolerings- en wegeniswerken Oude Baan Fluvius project R/005519” wordt voorlopig opgeleverd.
(toezichthoudend ambtenaar: Bert Penxten).
Feiten en context
Het college van burgemeester en schepenen verleende in zitting van 12 juni 2024 goedkeuring aan de gunning van de opdracht “Riolerings- en wegeniswerken Oude Baan Fluvius project R/005519” aan Martens Wegenbouw nv, Grote Baan 572 te 3530 Houthalen-Helchteren tegen het nagerekende en verbeterde offertebedrag van € 726.640,32 excl. btw of € 879.234,79 incl. 21% btw (€ 152.594,47 btw medecontractant).
De uitvoering moet gebeuren overeenkomstig de lastvoorwaarden vastgelegd in het bestek met nr. 2020/014.
Het betreft een gezamenlijke opdracht waarbij Fluvius optrad in naam van Gemeente Alken bij de gunning van de opdracht.
Juridische grond
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 36, en meer bepaald artikels 2, 36° en 48 die een gezamenlijke realisatie van de opdracht in naam en voor rekening van meerdere aanbesteders toelaat.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De aannemer Martens Wegenbouw nv, Grote Baan 572 te 3530 Houthalen-Helchteren heeft aan zijn verplichtingen voldaan.
De ontwerper, Geotec, Riemsterweg 117 te 3742 Bilzen - Martenslinde stelde een proces-verbaal op van voorlopige oplevering, die plaatsvond op 26 november 2025.
Uit het bijgevoegde proces-verbaal van voorlopige oplevering blijkt dat er geen opmerkingen zijn.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: De opdracht “Riolerings- en wegeniswerken Oude Baan Fluvius project R/005519” wordt voorlopig opgeleverd.
Zitting van 10 12 2025
DB-PPS De Molen - werfverslag nr. 04 d.d. 27.11.2025.
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Vergaderverslag nr. 26 d.d. 02.12.2025 Alken vallei.
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Betaalbaarstelling facturen SC
Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.
Feiten en context
Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.
Juridische grond
Conform interne afspraken keurt het college van burgemeester en schepenen de facturen goed voor betaling.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Alle facturen worden - na controle op juistheid - betaalbaar gesteld door het college van burgemeester en schepenen.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist bijgevoegde lijst met facturen betaalbaar te stellen en geeft opdracht aan de financieel directeur om tot betaling over te gaan.
Zitting van 10 12 2025
Aanvullende belasting op de personenbelasting
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Belasting op de aanplakborden geplaatst op het grondgebied van de gemeente langs de openbare weg of op een plaats zichtbaar van op de openbare weg.
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Belasting op de inname van het openbaar domein en gronden toebehorend tot het privaat domein van de gemeente Alken.
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Belasting op de verspreiding van ongeadresseerde drukwerken en van gelijkgestelde producten
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij het optrekken van nieuwe gebouwen en bij het uitvoeren van verbouwingswerken/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen.
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Opcentiemen op onroerende voorheffing
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Brugdagen en collectief verlof 2026
Jaarlijks worden de brugdagen en collectief verlof voor het volgend jaar voor de personeelsleden vastgelegd. Het is wenselijk om de brugdagen en collectieve verlofdagen voor 2026 vast te stellen voor de verschillende personeelsgroepen, zodat deze tijdig gecommuniceerd kunnen worden aan de personeelsleden en de burgers.
Feiten en context
Jaarlijks worden de brugdagen en collectief verlof voor het volgend jaar voor de personeelsleden vastgelegd.
Juridische grond
Artikel 56 Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Rechtpositieregeling voor het personeel, zoals goedgekeurd door de raad van 28 maart 2024;
Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 19 maart 2025 inzake de sluitingsdagen van de sportaccommodaties.
Adviezen
Positief advies van het managementteam van 20 november 2025.
Argumentatie
Het is wenselijk om de brugdagen en collectieve verlofdagen voor 2026 vast te stellen voor de verschillende personeelsgroepen, zodat deze tijdig gecommuniceerd kunnen worden aan de personeelsleden en de burgers.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen keurt onderstaande brug- en collectieve verlofdagen voor 2026 goed:
● Voor de personeelsleden werkzaam in de administratie en de technische dienst:
○ Vrijdag 15 mei 2026
○ Maandag 20 juli 2026
○ Donderdag 24 december 2026 vanaf 12u00
○ Donderdag 31 december 2026 vanaf 12u00
● Voor de personeelsleden werkzaam in de bibliotheek:
○ Zondag 12 juli 2026
○ Zondag 16 augustus 2026
○ Donderdag 24 december 2026 vanaf 12u00
○ Donderdag 31 december 2026 vanaf 12u00
○ Zondag 27 december 2026
○ Zondag 3 januari 2027
● Voor de personeelseden werkzaam in de gemeenschapscentra:
○ Donderdag 24 december 2026 vanaf 17u00
○ Vrijdag 25 december 2026 collectief gesloten
○ Collectief verlof tijdens de zomermaand(en)
● Voor de personeelseden werkzaam in de sporthal
○ Op basis van het door het college van burgemeester en schepenen eerder goedgekeurde besluit inzake de sluitingsdagen.
Zitting van 10 12 2025
Afvoering van ambtswege
Johan en Kevin Conard, beiden ingeschreven in het bevolkingsregister, Stoukstraat 72 hebben sedert 31 oktober 2025 de woonst verlaten, zonder de vereiste aangifte te doen. De nieuwe verblijfplaats kon niet achterhaald worden.
Feiten en context
Johan en Kevin Conard, beiden ingeschreven in het bevolkingsregister, Stoukstraat 72 hebben sedert 31 oktober 2025 de woonst verlaten, zonder de vereiste aangifte te doen. De nieuwe verblijfplaats kon niet achterhaald worden.
Juridische grond
De wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten en tot wijziging van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen.
Het Koninklijk Besluit van 16 juli 1992 betreffende het bevolkingsregister en het vreemdelingenregister, inzonderheid artikel 8
De algemene onderrichtingen betreffende het houden van de bevolkingsregisters, gecoördineerde versie van 31 maart 2019; inzonderheid punt 86 tot en met 91
Het gemeenteraadsbesluit van 30 juni 2016 betreffende het reglement van onderzoek naar de werkelijke verblijfplaats van personen op het grondgebied van de gemeente Alken;
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Johan Conard en zijn zoon Kevin, beiden ingeschreven op het adres Stoukstraat 72, hebben dit adres verlaten op 31 oktober 2025. Dit blijkt uit het politieverslag van Kristien Hoebrechts inspecteur politiezone LRH, van oktober 2025. Na een rondgang in de woning is vastgesteld dat deze leeg staat. Er werd proces-verbaal opgesteld met nr. HA.13L.1.029021/2025. Vermits de huidige verblijfplaats niet kan achterhaald worden stelt de wijkagent voor om over te gaan tot een afvoering van ambtswege. Betrokkenen zijn niet opgesloten in een strafinrichting of een instelling van sociale bescherming. Bij nazicht in het rijksregister blijkt dat er in geen andere gemeente een onderzoek naar haar hoofdverblijfplaats wordt gevoerd. De ambtenaar van de burgerlijke stand stelt in zijn verslag van 1 december 2025 voor om betrokkene af te voeren van ambtswege.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Johan Christiaan Joseph Conard, geboren te Landen op 5 december 1959 en Kevin Tanja Patrick Conard, beiden van Belgische nationaliteit en ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente Alken, Stoukstraat 72 verblijven niet meer op dit adres.
Artikel 2: de nieuwe verblijfplaats kon niet worden vastgesteld.
Artikel 3: het college van burgemeester beslist om Johan en Kevin Conard af te voeren van ambtswege.
Zitting van 10 12 2025
Live enrollment
Op 26.11.2025 besloot het college de apparatuur, geleverd in het kader van het live enrollment-project, effectief in werking te stellen waardoor de burger foto's voor allerhande producten rechtstreeks door dienst burgerzaken kan laten maken.
Het college van burgemeester en schepenen verzocht echter verduidelijking te bieden omtrent de impact van het gebruik van de apparatuur op de werking van de dienst en om te onderzoeken of het mogelijk is hiervoor een administratieve kost aan te rekenen.
Feiten en context
Op 26.11.2025 besloot het college de apparatuur, geleverd in het kader van het live enrollment-project, effectief in werking te stellen waardoor de burger foto's voor allerhande producten rechtstreeks door dienst burgerzaken kan laten maken.
Het college van burgemeester en schepenen verzocht echter verduidelijking te bieden omtrent de impact van het gebruik van de apparatuur op de werking van de dienst en om te onderzoeken of het mogelijk is hiervoor een administratieve kost aan te rekenen.
Juridische grond
Wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters, de identiteitskaarten, de vreemdelingenkaarten en de verblijfsdocumenten, o.a. art. 6, §1.
Koninklijk besluit van 25 maart 2003 betreffende de identiteitskaarten, o.a. art. 3. Europese verordening nr. 2252/2004 van de Raad van 13 december 2004.
Besluit van het college van burgemeester en schepenen dd. 26.11.2025.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Conform de vraag van het college van burgemeester en schepenen werd onderzocht welke impact het gebruik van de apparatuur op de werking van de dienst burgerzaken zou kunnen hebben en of het wenselijk is een administratieve kost aan de burger door te rekenen. De bevindingen zijn als volgt:
● Wachttijd:
○ In het begin van het gebruik van de apparatuur zal er mogelijks een ietwat langere wachttijd ontstaan, gezien het gebruik van de apparatuur aanpassingstijd zal vergen voor de medewerkers van de dienst.
■ De afgelopen dagen werd de apparatuur echter uitgetest en werd duidelijk dat de toestellen gebruiksvriendelijk zijn.
○ Op dit moment is er slechts één toestel ter beschikking, dat opgesteld staat in het lokaal en wat betekent dat burgers mogelijks even zullen moeten wachten op het maken van een foto wanneer het apparaat reeds gebruikt wordt voor een andere burger.
■ Dienst burgerzaken deed echter reeds navraag over de mogelijkheid om een bijkomend toestel te leveren zodat deze geïnstalleerd kunnen worden aan de loketten; hierop werd nog geen concreet antwoord ontvangen van de FOD.
● Soms minder goede foto’s:
○ In sommige gevallen zal de burger toch nog moeten worden doorverwezen naar een professioneel fotograaf, bijvoorbeeld in geval het om zeer jonge kinderen gaat, in geval de burger een brildrager is en de bril niet wenst af te zetten, etc.
● Dubbele afspraken:
○ Het systeem van de FOD laat het niet toe om op hetzelfde moment een foto te maken voor een nieuwe e-ID en een nieuw rijbewijs. In geval de burger beiden opnieuw zou willen aanvragen, zal hij/zij later een nieuwe afspraak moeten maken voor het rijbewijs.
● Administratieve kost:
○ Het systeem is voor de gemeente op dit moment gratis.
○ Uit navraag bij omliggende besturen die gebruik maken van de apparatuur (Hasselt, Tongeren-Borgloon) blijkt dat zij geen administratieve kost aanrekenen. Wellen en Nieuwerkerken gebruiken het systeem in het geheel niet; van enkele andere besturen ontvingen we nog geen reactie.
○ Het aanrekenen van een administratieve kost zou bovendien voorbijgaan aan het gegeven dat de burger een voordeel haalt uit het laten maken van de foto’s door het bestuur, nl. dat het kosteloos is.
○ Burgers hebben bovendien nog steeds de mogelijkheid toch naar een professionele fotograaf te gaan voor de foto’s. Wanneer een administratieve kost zou worden doorgerekend, zouden ook de burgers die zelf foto’s meebrengen deze kost moeten betalen.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing.
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen besluit geen administratieve kost voor de burger te koppelen aan het gebruik van de apparatuur, geleverd in het kader van het live enrollment-project, zodat deze dienst voor de burger kosteloos blijft.
Zitting van 10 12 2025
Aanvraag drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van Brasserie De Ton, Laagdorp 1 te 3570 Alken.
Jan Goddet, wonende te Pleinstraat 96 te 3570 Alken, uitbater van Brasserie De Ton, Laagdorp 1 te 3570 Alken, vraag een drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van Brasserie De Ton. De Ton is momenteel open en dit betreft dus een regularisering.
Feiten en context
Jan Goddet, wonende te Pleinstraat 96 te 3570 Alken, uitbater van Brasserie De Ton, Laagdorp 1 te 3570 Alken, vraag een drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van Brasserie De Ton. De Ton is momenteel open en dit betreft dus een regularisering.
Juridische grond
Het koninklijk besluit van 03/04/1953 tot samenordening van de wetsbepalingen inzake de slijterijen van gegiste dranken, inzonderheid art. 5, 6 en 7;
De wet van 28/12/1983, betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke drank, en latere wijzigingen;
De wet op de administratieve vereenvoudiging d.d. 15/12/2005 betreffende de vergunning voor het schenken van gegiste dranken en van sterke dranken;
De aanvragers bevinden zich niet in één van de gevallen van uitsluiting bepaald bij artikel 11, § 1, 2° tot 9° van de wet van 28/12/1983 betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke dranken;
Het provinciaal horecareglement inzake brandveiligheid dat goedgekeurd werd door de gemeenteraad op 26 januari 2017;
Adviezen
Gunstig advies van de brandweer tot 30/11/2026.
Argumentatie
Alle voorwaarden zijn voldaan om een drankvergunning af te leveren. De vergunninghouder staat zelf in om tijdig te voldoen aan de voorwaarden opgenomen in het brandweerattest en dient dit attest zelf aan te vragen en te bezorgen aan het gemeentebestuur.
In bijlage:
- Registratie FOD economie
- Kopie identiteitskaart
- Bewijs verzekering
- Uittreksel trafregister
- Aanvraag drankvergunning
- Brandweerattest
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen verleent vergunning aan Jan Goddet, wonende te Pleinstraat 96 te 3570 Alken, voor het verkopen, verstrekken en schenken van gegiste en sterke dranken in Brasserie De Ton, Laagdorp 1 te 3570 Alken.
Artikel 2: De in artikel 1 verleende vergunning wordt verleend op voorwaarde dat de vergunninghouder zelf tijdig voldoet aan de voorwaarden opgenomen in het brandweerattest, dit attest tijdig opnieuw aanvraagt en bezorgt aan het gemeentebestuur.
Artikel 3: De uitbater zorgt ten alle tijde voor de correcte uithanging van de vergunning FAVV, geldende alcoholverboden, de wet op de beteugeling van dronkenschap en alle andere wettelijke verplichtingen.
Zitting van 10 12 2025
Aanvraag drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van Yeung’s Garden.
Yanyan Hu, wonende te Klein Kloosterstraat 2 in 3570 Alken, uitbater van Yeung’s Garden, Steenweg 161 te 3570 Alken, vraag een drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van Yeung’s Garden. Yeung’s Garden is momenteel open en dit betreft dus een regularisering.
Feiten en context
Yanyan Hu, wonende te Klein Kloosterstraat 2 in 3570 Alken, uitbater van Yeung’s Garden, Steenweg 161 te 3570 Alken, vraag een drankvergunning voor gegiste en sterke dranken voor de uitbating van Yeung’s Garden. Yeung’s Garden is momenteel open en dit betreft dus een regularisering.
Juridische grond
Het koninklijk besluit van 03/04/1953 tot samenordening van de wetsbepalingen inzake de slijterijen van gegiste dranken, inzonderheid art. 5, 6 en 7;
De wet van 28/12/1983, betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke drank, en latere wijzigingen;
De wet op de administratieve vereenvoudiging d.d. 15/12/2005 betreffende de vergunning voor het schenken van gegiste dranken en van sterke dranken;
De aanvragers bevinden zich niet in één van de gevallen van uitsluiting bepaald bij artikel 11, § 1, 2° tot 9° van de wet van 28/12/1983 betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke dranken;
Het provinciaal horecareglement inzake brandveiligheid dat goedgekeurd werd door de gemeenteraad op 26 januari 2017;
Adviezen
Gunstig advies van de brandweer tot 31/10/2026.
Argumentatie
Alle voorwaarden zijn voldaan om een drankvergunning af te leveren. De vergunninghouder staat zelf in om tijdig te voldoen aan de voorwaarden opgenomen in het brandweerattest en dient dit attest zelf aan te vragen en te bezorgen aan het gemeentebestuur.
In bijlage:
- Registratie FOD economie
- Kopie identiteitskaart
- Bewijs verzekering
- Uittreksel strafregister
- Aanvraag drankvergunning
- Brandweerattest
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen verleent vergunning aan Yanyan Hu, wonende te Klein Kloosterstraat 2 in 3570 Alken, voor het verkopen, verstrekken en schenken van gegiste en sterke dranken in Yeung’s Garden, Steenweg 161 te 3570 Alken.
Artikel 2: De in artikel 1 verleende vergunning wordt verleend op voorwaarde dat de vergunninghouder zelf tijdig voldoet aan de voorwaarden opgenomen in het brandweerattest, dit attest tijdig opnieuw aanvraagt en bezorgt aan het gemeentebestuur.
Artikel 3: De uitbater zorgt ten alle tijde voor de correcte uithanging van de vergunning FAVV, geldende alcoholverboden, de wet op de beteugeling van dronkenschap en alle andere wettelijke verplichtingen.
Zitting van 10 12 2025
Afrekening werkingskosten gebruik turnzaal en creaklassen 2024-2025
Overeenkomstig de beheersovereenkomst tussen de vzw Vrije Gesubsidieerde Basisschool Terkoest en het gemeentebestuur (betreffende het gezamenlijk gebruik van de turnzaal en de creaklassen in de school van Terkoest) werd er voor de periode 01/09/2024 - 31/08/2025 een afrekening opgemaakt van de werkingskosten. Deze beheersovereenkomst werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 31 augustus 2017.
Feiten en context
Overeenkomstig de beheersovereenkomst tussen de vzw Vrije Gesubsidieerde Basisschool Terkoest en het gemeentebestuur (betreffende het gezamenlijk gebruik van de turnzaal en de creaklassen in de school van Terkoest) werd er voor de periode 01/09/2024 - 31/08/2025 een afrekening opgemaakt van de werkingskosten. Deze beheersovereenkomst werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 31 augustus 2017.
Juridische grond
Beheersovereenkomst tussen de vzw Vrije Gesubsidieerde Basisschool Terkoest betreffende het gezamenlijk gebruik van de turnzaal en creaklassen in de school van Terkoest.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De afrekening in bijlage werd besproken tussen beide partijen op 24 november 2025. Na verdeling van de kosten volgens de overeenkomst bedraagt het gemeentelijk aandeel € 20 779,54.
Hierbij komt de verrekening van 1 factuur die het gemeentebestuur van Alken reeds betaalde:
-Janssen en Fritsen € 553,70 (50% school = € 276,85)
Als we deze bedragen aftrekken komen we uit op € 20 779,54 – € 276,85 = € 20 502,69.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€ 20 502,69 | / | MJP001353 |
Datum visumaanvraag: | / | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | / | |
Besluit
Artikel 1: Goedkeuring wordt verleend aan het gemeentelijk aandeel van de werkingskosten voor de periode 1/09/2024 - 31/08/2025. Volgens de berekening in bijlage bedraagt het gemeentelijk aandeel € 20 502,69.
Artikel 2: In 2025 werden er reeds drie voorschotten van € 6.500 met een totaal van € 19.500 betaald aan de school.
Artikel 3: Aangezien er geen overschot is na betalingen van de drie voorschotten, zal het gemeentebestuur dit jaar het restbedrag van € 1002,69 nog uitbetalen aan de school.
Artikel 4: De kredieten zijn voorzien in het meerjarenplan 2020-2025 onder het nummer MJP001353.
Artikel 5: In 2026 zal er opnieuw gewerkt worden met 3 voorschotten van € 6.500 en met een jaarlijkse afrekening. De voorschotten zullen betaald worden in januari, april en juli.
Zitting van 10 12 2025
Organisatie De Warmste Koer op 20 december 2025
JH De Molen wenst op zaterdag 20 december 2025 hun evenement "De Warmste Koer" te organiseren ten voordele van de Warmste Week. Aanvraag in bijlage. Zij vragen een sluitingsuur aan om 03u en daarnaast vragen ze een geluidslimiet aan met als maximumnorm 95 dB(A)LAeq,15min. De organisatie wenst tenslotte in aanmerking te komen voor een gemeentelijke ondersteuning in kader van het ondersteuningsreglement voor evenementen.
Feiten en context
JH De Molen wenst op zaterdag 20 december 2025 hun evenement "De Warmste Koer" te organiseren ten voordele van de Warmste Week. Aanvraag in bijlage. Zij vragen een sluitingsuur aan om 03u en daarnaast vragen ze een geluidslimiet aan met als maximumnorm 95 dB(A)LAeq,15min. De organisatie wenst tenslotte in aanmerking te komen voor een gemeentelijke ondersteuning in kader van het ondersteuningsreglement voor evenementen.
Juridische grond
Het gemeentelijk administratief sanctiereglement (GAS) van 1 januari 2023.
Het reglement ondersteuning evenementen van 30 mei 2013.
Het gebruikersreglement van de gemeenschapscentra van 1 april 2023.
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college
Adviezen
Advies van de politie: toegevoegd als bijlage.
Argumentatie
Met het oog op een veilig en goed verloop van de organisatie van een evenement is een schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en schepen nodig. Op basis van het ingediende dossier kan de organisatie goedgekeurd worden.
In het kader van het gemeentelijk ondersteuningsreglement voor evenementen een maximale ondersteuning van max. € 250 toekennen.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€ 250 | Niet van toepassing | MJP001328 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing. | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1:Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating aan JH De Molen voor de organisatie van hun evenement "De Warmste Koer" in gc. Taeymans op zaterdag 20 december 2025. Het uiterlijke sluitingsuur wordt vastgelegd op 03u en het maximale geluidsvolume is 95 dB(A)LAeq,15min.
Artikel 2: Er dient rekening gehouden te worden met het advies van de politie. Het advies wordt als bijlage toegevoegd aan het besluit.
Artikel 3: De organisator is steeds de eindverantwoordelijke en dient de nodige maatregelen te nemen zodat de wettelijke bepalingen inzake geluidsoverlast, rookverbod en de verkoop van drank aan jongeren nageleefd worden.
Artikel 4: De organisatie komt in aanmerking voor een gemeentelijke ondersteuning in het kader van het ondersteuningsreglement voor evenementen. Het maximale ondersteuningsbedrag wordt vastgelegd op max. € 250 en kan betaald worden van MJP001328.
Zitting van 10 12 2025
Uitbetaling kermisbonnenactie 2025
Tijdens de kermissen in Alken die plaatsvonden in april, mei en juni 2025 in Sint-Joris, Alken-Centrum en Terkoest werden er in totaal 167 kermisbonnen gebruikt door de kinderen. De foorkramers hebben de bonnen verzameld en binnen gebracht bij de dienst vrije tijd. De gemeente Alken is € 167 verschuldigd aan de foorkramers. Dit mag als volgt uitbetaald worden: € 34 aan foorkramer Davy Jacobs (Pottenspel), € 91 aan foorkramer Jochen Spruyt (botsauto's), € 17 aan foorkramer Nico Piccard (schietkraam) en € 25 aan foorkramer Tobias Vercauteren (kindermolen). De nodige gegevens zijn terug te vinden in bijlage. De kermisbonnen kunnen betaald worden van MJP001329. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor het uitbetalen van de kermisbonnen.
Feiten en context
Tijdens de kermissen in Alken die plaatsvonden in april, mei en juni 2025 in Sint-Joris, Alken-Centrum en Terkoest werden er in totaal 167 kermisbonnen gebruikt door de kinderen. De foorkramers hebben de bonnen verzameld en binnen gebracht bij de dienst vrije tijd. De gemeente Alken is € 167 verschuldigd aan de foorkramers. Dit mag als volgt uitbetaald worden: € 34 aan foorkramer Davy Jacobs (Pottenspel), € 91 aan foorkramer Jochen Spruyt (botsauto's), € 17 aan foorkramer Nico Piccard (schietkraam) en € 25 aan foorkramer Tobias Vercauteren (kindermolen). De nodige gegevens zijn terug te vinden in bijlage. De kermisbonnen kunnen betaald worden van MJP001329. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt toelating gevraagd voor het uitbetalen van de kermisbonnen.
Juridische grond
College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De kermisbonnenactie werd goedgekeurd tijdens het college van 26 maart 2025. Het is aangewezen de foorkramers uit te betalen.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€ 167 | Niet van toepassing | MJP001329 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing. | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing. | |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist dat er € 167 aan kermisbonnen uitbetaald mag worden aan de foorkramers. Dit mag als volgt uitbetaald worden: € 34 aan foorkramer Davy Jacobs (Pottenspel), € 91 aan foorkramer Jochen Spruyt (botsauto's), € 17 aan foorkramer Nico Piccard (schietkraam) en € 25 aan foorkramer Tobias Vercauteren (kindermolen). De nodige gegevens zijn terug te vinden in bijlage. De kermisbonnen kunnen betaald worden van MJP001329.
Zitting van 10 12 2025
Overeenkomst interlokale vereniging knst.Hasselt (teken- en muziekacademie)
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Advies beroep omgevingsvergunning 999
Er werd een beroep ingediend tegen de omgevingsvergunning 999 (OMV_2025022384) afgeleverd op 24 september 2025 voor het bouwen van 8 gekoppelde ééngezinswoningen aan D&V Woonprojecten. Het college verleent hierbij een advies in beroep.
ADVIES BEROEP - GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers: | Dirk Deveux namens D & V Woonprojecten BV gevestigd te Molenstraat 24 te 3570 Alken en de heer Dirk Deveux wonende te Molenstraat 24 te 3570 Alken
|
Ligging van het perceel: | Langveldstraat zn.
|
Kadastrale gegevens: | afdeling 2 sectie F nr. 4067A
|
Projectnaam: | Langveldstraat zn - D&V Woonprojecten
|
Dossiernummer: | 202535
|
Intern dossiernummer: | 999
|
ID omgevingsplatform: | OMV_2025022384
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
het bouwen van 8 gekoppelde ééngezinswoningen
Rubrieken
Volgende inrichtingen of activiteiten zijn opgenomen in de Bijlage 1. Indelingslijst van de VLAREM II en worden aangevraagd:
Rubriek | Omschrijving | Gevraagd voor |
16.3.2°a) | Elke woning zal individueel worden verwarmd worden met een warmtepomp. De warmtevraag voor een goed geïsoleerde woning ligt rond 0,04kW/m2 , in dit geval is in totaal maximaal ca. 37kW noodzakelijk. (ca. 925m2 vloeroppervlakte x 0,04) Rekening houden met een COP tussen 4 en 6 geeft dit een elektrisch vermogen van de compressor rond de tot max 9,25kW | 9,25 kW |
Werken
Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:
● Het bouwen van 8 geschakelde ééngezinswoningen (2 blokken van 4 woningen)
● Het bouwen van 2 gekoppelde carports op de loten 10 en 11
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt in woongebied volgens het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg en/of RUP.
De aanvraag is gelegen binnen de omschrijving van een niet-vervallen verkaveling met ref. V676 goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen op 13.07.2022 voor het verkavelen van 29 loten waarvan 5 loten voor open bebouwing, 12 loten halfopen bebouwing en 10 loten gesloten bebouwing en 2 kavels voor projecten voor meergezinswoningen.
Overwegende dat de voorschriften van de verkaveling V676 d.d. 13.07.2022 primeren op die van het gewestplan.
Verordeningen:
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.
1.d. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 24 maart 2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 25 juni 2025 |
Opening openbaar onderzoek | 3 juli 2025 |
Afsluiten openbaar onderzoek | 1 augustus 2025 |
Gemeenteraad voor wegenwerken | geen |
Dossierbehandelaar | Anne Hermans |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum verslag GOA | 16 september 2025 |
Datum beslissing 1e aanleg (CBS) | 24 september 2025 |
Datum beroepsschrift | 19 oktober 2025 |
1.f. Historiek
Overwegende dat er een omgevingsvergunning voor het verkavelen van 29 loten waarvan 5 loten voor open bebouwing, 12 loten halfopen bebouwing en 10 loten gesloten bebouwing en 2 kavels voor projecten voor meergezinswoningen werd vergund door het college van burgemeester en schepenen op 13.07.2022 (V676).
2.a. Advies beroep
Het college van burgemeester en schepenen heeft met betrekking tot dit dossier reeds een advies verleend in 1e aanleg waarbij er een omgevingsvergunning werd afgeleverd op 24 september 2025 voor het bouwen van 8 gekoppelde ééngezinswoningen.
Naar aanleiding van het ingediende omgevingsberoep wenst het college van burgemeester en schepenen haar ingenomen standpunt in de beslissing van 24 september 2025 te behouden en te bevestigen. Er werden in het beroepschrift geen bijkomende elementen aangehaald.
Besluit
Artikel 1: het college van burgemeester en schepenen heeft met betrekking tot dit dossier reeds een advies verleend in 1e aanleg waarbij er een omgevingsvergunning werd afgeleverd op 24 september 2025 voor het bouwen van 8 gekoppelde ééngezinswoningen.
Naar aanleiding van het ingediende omgevingsberoep wenst het college van burgemeester en schepenen haar ingenomen standpunt in de beslissing van 24 september 2025 te behouden en te bevestigen. Er werden in het beroepschrift geen bijkomende elementen aangehaald.
Artikel 2: Een afschrift van dit advies zal worden opgeladen in het omgevingsloket.
Zitting van 10 12 2025
Attest van verdeling
Op 1 december 2025 ontvingen we van notarissen Levecq & Beelen, St-Truidersteenweg 23 te Herk-deStad de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen O.L.Vrouwstraat 144, kadastraal gekend als Sie A nr. 167/v.
Feiten en context
Op 1 december 2025 ontvingen we van notarissen Levecq & Beelen, St-Truidersteenweg 23 te Herk-deStad de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen O.L.Vrouwstraat 144, kadastraal gekend als Sie A nr. 167/v.
Juridische grond
Artikel 5.2.2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Het verdelingsplan, opgemaakt door landmeter Bart Cleuren op 12 juni 2025, voorziet een verdeling voor het perceel, kadastraal gekend als Sie A, nr. 167/v in 2 loten zoals aangeduid op bijgevoegd plan.
Lot 1 betreft de woning met achterliggende grond met een oppervlakte van 7a63 hetwelk verkocht zal worden.
Lot 2 betreft een achterliggend gedeelte grond met een oppervlakte van 1a63 hetwelk in gebruik is van de aanpalende eigenaar rechts (dewelke de verkoper is van lot 1) opdat dit in gebruik kan blijven van de verkoper.
Volgens het gewestplan Hasselt-Genk d.d. 03.04.1979 is het perceel is gelegen in woongebied met landelijk karakter (eerste 50m vanaf de rooilijn) en agrarisch gebied (achterliggend gedeelte):
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven.
De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden.
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).
De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd APA, BPA of RUP alsook niet binnen de omschrijving van een niet-vervallen verkaveling.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen heeft geen opmerkingen aangaande het voorgestelde attest van verdeling ingediend door notarissen Levecq & Beelen, St-Truidersteenweg 23 te Herk-deStad voor een perceel gelegen O.L.Vrouwstraat 144, kadastraal gekend als Sie A nr. 167/v.
Zitting van 10 12 2025
Attest van verdeling
Op 27 november 2025 ontvingen we van notarissen Van Hoof en Versele, Luikersteenweg 54 te Sint-Truiden de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen Lindestraat, kadastraal gekend als Sie A nr. 408/l.
Feiten en context
Op 27 november 2025 ontvingen we van notarissen Van Hoof en Versele, Luikersteenweg 54 te Sint-Truiden de aanvraag om een attest van verdeling af te leveren voor een perceel gelegen Lindestraat, kadastraal gekend als Sie A nr. 408/l.
Juridische grond
Artikel 5.2.2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
Adviezen
Niet van toepassing
Argumentatie
Het verdelingsplan, opgemaakt door landmeter expert Arne Pyferoen op 23 november 2025, voorziet een verdeling voor het perceel, kadastraal gekend als Sie A, nr. 408/l waarbij het perceel wordt opgesplitst zoals aangeduid op bijgevoegd plan.
Het deel dat grenst aan de percelen A391V en A391W zal hierbij gevoegd worden. Het deel dat grenst aan A409C zal bij dit perceel gevoegd worden
Volgens het gewestplan Hasselt-Genk d.d. 03.04.1979 is het perceel is gelegen in agrarisch gebied:
De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden.
(KB van 28/12/72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen)
De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd APA, BPA of RUP alsook niet binnen de omschrijving van een niet-vervallen verkaveling.
Financiële gevolgen
Niet van toepassing
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen heeft geen opmerkingen aangaande het voorgestelde attest van verdeling ingediend door notarissen Van Hoof en Versele, Luikersteenweg 54 te Sint-Truiden voor een perceel gelegen Lindestraat, kadastraal gekend als Sie A nr. 408/l.
Zitting van 10 12 2025
Omgevingsvergunning 1034 - de heer Charlie Martens wonende te Poelgoedstraat 15 te 3570 Alken. Het betreft een aanvraag over: het uitbreiden van bestaande eengezinswoning met een bergruimte en overdekt terras. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Poelgoedstraat 15, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 591 S.
Aanvraag omgevingsvergunning over: het uitbreiden van bestaande eengezinswoning met een bergruimte en overdekt terras ingediend door de heer Charlie Martens wonende te Poelgoedstraat 15 te 3570 Alken. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Poelgoedstraat 15, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 591 S. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.
VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers: | de heer Charlie Martens wonende te Poelgoedstraat 15 te 3570 Alken
|
Ligging van het perceel: | Poelgoedstraat 15
|
Kadastrale gegevens: | afdeling 2 sectie F nr. 591S
|
Projectnaam: | Poelgoedstraat 15 - Martens Charlie
|
Dossiernummer: | 202589
|
Intern dossiernummer: | 1034
|
ID omgevingsplatform: | OMV_2025083620
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
het uitbreiden van bestaande eengezinswoning met een bergruimte en overdekt terras
Werken
Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:
● het uitbreiden van bestaande eengezinswoning met een bergruimte en overdekt terras
● regulariseren tuinberging
● regulariseren zwembad
● regulariseren terras in hout
● regulariseren terras in beton
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 - woongebied met landelijk karakter.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven;
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.
Verordeningen :
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.
1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)
Waterwetboek:
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt in hoofdstuk III – afdeling I bepaalde verplichtingen op, die “de watertoets” genoemd worden Deze verplichtingen zijn ondertussen verstrengd in enkele wijzigingen van dit decreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten, waaronder het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 05/07/2013 en de latere wijzigingen en verstrengingsbeslissingen. De kaarten beschikbaar op www.waterinfo.be/watertoets , die vastgesteld zijn door de Vlaamse Regering op 25 november 2022, vormen de basis voor de watertoets.
Watertoets :
Overwegende dat voorliggende aanvraag, het verbouwen van een eengezinswoning betreft waarbij de bestaande aansluitingen behouden blijven en de nieuwbouw bergruimte en overdekt terras waarvan het hemelwater ter plaatse infiltreert.
Milieu:
///
Stikstofdecreet:
Het Decreet van de Vlaamse Overheid over de programmatische aanpak stikstof (kortweg ‘Stikstofdecreet’) verstaat het bouwen van dit project volgens artikel 2.41° als een vergunningsplichtig verkeergenererend project en dat geen verkeerdragend infrastructuurproject is en dat stikstofemissiegererende vervoersbewegingen veroorzaakt, of de wijziging van een dergelijk project.
De door de aanvrager berekende gecumuleerde effecten van de stikstofdepositie ten gevolge van vervoersbewegingen en/of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase en exploitatiefase, veroorzaakt door de activiteit, zijn lager dan 1% minimisdrempelwaardes en een verdere passende beoordeling voor de effecten van stikstofdepositie via lucht zijn niet nodig. Dit betekent dat zelfs indien het project op het meest kritische habitat gebouwd wordt, de impact niet zal zorgen voor een overschrijding van de 1% minimisdrempelwaardes.
1.e. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 11 juli 2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 21 oktober 2025 |
Opening openbaar onderzoek | geen |
Afsluiten openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor wegenwerken | geen |
Dossierbehandelaar | Carla Van Acker |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum verslag GOA |
|
1.f. Historiek
Perceelnummer : (afd. 2) sectie F 591 S
De woning dateert van 1976 en wordt geacht vergund te zijn.
Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:
- Overwegende dat op 07/12/2016 een stedenbouwkundige vergunning (6600) voor het uitbreiden en verbouwen van een ééngezinswoning en regulariseren van een garage werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.
2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag
De aanvrager wenst het uitbreiden van bestaande eengezinswoning met een bergruimte en overdekt terras.
De aanvraag situeert zich aan een gemeenteweg, nl. de Poelgoedstraat, die voldoende is uitgerust, gelet op de lokale toestand. Het betreft een landelijke omgeving gekenmerkt door vrijstaande eengezinswoningen op ruime percelen.
De woning wordt langs de achterzijde uitgebreid met een overdekt terras, De uitbreiding bedraagt: 50,93 m2, inplanting: 1,50 m van de rechter perceelsgrens. Thv de rechterzijtuinstrook wordt de woning uitgebreid met een berging, de afstand tot de zijdelingse grens is 3,00 m. Op de eerste verdieping wordt de huidige badkamer uitgebreid met een inloopdouche.
2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)
Met een bebouwings- en verhardingspercentage van 63% werd de draagkracht van het woongebied met landelijk karakter ruim overschreden.
2.c. Adviezen
///
2.d. Bespreking van de adviezen
///
2.e. Openbaar onderzoek
Er werd geen openbaar onderzoek gehouden; de aanvraag valt immers niet onder de aanvragen voor een omgevingsvergunning die moeten openbaar gemaakt worden.
2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek
///
2.g. Beoordeling
Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:
De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.
● Functionele inpasbaarheid: De aanvraag is stedenbouwkundig verantwoord en verenigbaar met de bestaande bebouwing en de aanwezige infrastructuur. De werken zijn met uitzondering van de tuinberging en houten beplanking inpasbaar in de omgeving.
● Mobiliteitsaspect: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat de uitbreiding van één open eengezinswoning geen invloed zal hebben op de mobiliteit. Er worden voldoende standplaatsen voorzien op het eigen terrein voor het stallen van voertuigen.
● Schaal, ruimtegebruik en bouwdichtheid : Gelet op de geldende voorschriften geeft de geplande uitbreiding van de woning geen aanleiding tot verlies van ruimtelijke kwaliteit. De regularisatie van het terras in hout en de tuinberging die deels in agrarisch gebied staat is ruimtelijk niet aanvaardbaar en overschrijdt de draagkracht van het perceel. Gezien er ingezet wordt op ontharden is dergelijke inplanting en verharding ook ruimtelijk niet verantwoord.
● Visueel-vormelijke elementen: de verbouwing wordt voorzien met hedendaagse duurzame materialen. De aanvraag is naar materiaalgebruik en uitwerking stedenbouwkundig verantwoord en verenigbaar met de bestaande bebouwing in de omgeving en de aanwezige infrastructuur. Het geheel past binnen deze omgeving.
● Cultuurhistorische aspecten: Het eigendom ligt niet in een beschermd stads- of dorpsgezicht, noch palend aan of in het gezichtsveld van een monument. De aanvraag heeft geen invloed op de cultuurhistorische aspecten.
● Het bodemreliëf: Het bestaande bodemreliëf wordt grotendeels behouden
● Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat met huidige aanvraag mits uitsluiting van tuinberging en verhardingen de privacy van de omwonenden geenszins wordt geschonden. De voorgestelde invulling zal geen invloed hebben op de leefbaarheid en kwaliteit van de omgeving.
Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:
Conclusie
Ongunstig advies voor : regularisatie terras in houten beplanking en tuinberging.
Voorwaardelijk gunstig advies voor uitbreiding woning, terras in beton en regularisatie zwembad.
Gunstig advies, onder volgende voorwaarden:
● Voor bronbemalingen moet voldaan worden aan de sectorale voorschriften voor subrubriek 53.2 van de indelingslijst van Vlarem I (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II); met betrekking tot de lozing van het bemalingswater wordt verwezen naar Vlarem II art. 6.2.2.1.2 § 5.
● De lozing van het bemalingswater dient te gebeuren overeenkomstig art. 6.2.2.1.2 § 5 van Vlarem II. ● De reglementeringen inzake bronbemaling/droogzuiging bij bouwwerken dient strikt na te worden geleefd. Indien er een bronbemaling/droogzuiging geplaatst wordt voor aanvang van de bouwwerken dient men een melding te doen bij de milieudienst van de gemeente Alken. Let op! Bij de plaatsing van een bronbemaling/droogzuiging mag het opgepompte water nooit worden geloosd binnen/over het openbaar wegdomein!
● Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 10/12/2025 HET VOLGENDE:
1. De aanvraag ingediend door de heer Charlie Martens wonende te Poelgoedstraat 15 te 3570 Alken, het uitbreiden van bestaande eengezinswoning met een bergruimte en overdekt terras, gelegen Poelgoedstraat 15, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 591 S gedeeltelijk voorwaardelijk te vergunnen.
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
● Voor bronbemalingen moet voldaan worden aan de sectorale voorschriften voor subrubriek 53.2 van de indelingslijst van Vlarem I (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II); met betrekking tot de lozing van het bemalingswater wordt verwezen naar Vlarem II art. 6.2.2.1.2 § 5.
● De lozing van het bemalingswater dient te gebeuren overeenkomstig art. 6.2.2.1.2 § 5 van Vlarem II.
● De reglementeringen inzake bronbemaling/droogzuiging bij bouwwerken dient strikt na te worden geleefd. Indien er een bronbemaling/droogzuiging geplaatst wordt voor aanvang van de bouwwerken dient men een melding te doen bij de milieudienst van de gemeente Alken. Let op! Bij de plaatsing van een bronbemaling/droogzuiging mag het opgepompte water nooit worden geloosd binnen/over het openbaar wegdomein!
● Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;
5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.
De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.
De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.
Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.
§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.
§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.
Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.
Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. (…)
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° ...;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;
7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;
8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.
Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.
De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:
1° de beroepsindiener;
2° de vergunningsaanvrager;
3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
4° het college van burgemeester en schepenen.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)
Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.
Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.
§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.
§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.
De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.
§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:
1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;
2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;
3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.
(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Zitting van 10 12 2025
Omgevingsvergunning 1049 - Willem en Fabienne Walbers - Verdeyen met als contactadres Pleinstraat 122A te 3570 Alken. Het betreft een aanvraag over: de heropbouw van een vrijstaande garage. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Pleinstraat 122A, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie G 673 F en (afd. 2) sectie G 673 G.
Aanvraag omgevingsvergunning over: de heropbouw van een vrijstaande garage ingediend door Willem en Fabienne Walbers - Verdeyen met als contactadres Pleinstraat 122A te 3570 Alken. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Pleinstraat 122A, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie G 673 F en (afd. 2) sectie G 673 G. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.
VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers: | Willem en Fabienne Walbers - Verdeyen met als contactadres Pleinstraat 122A te 3570 Alken
|
Ligging van het perceel: | Pleinstraat 122A
|
Kadastrale gegevens: | afdeling 2 sectie G nrs. 673F en 673G
|
Projectnaam: | Pleinstraat 122A - Walbers-Verdeyen
|
Dossiernummer: | 2025105
|
Intern dossiernummer: | 1049
|
ID omgevingsplatform: | OMV_2025106043
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
de heropbouw van een vrijstaande garage
Werken
Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:
Afbreken van bestaande tuinberging
Heropbouw garage na brand
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van - woongebied met landelijk karakter en landschappelijk waardevol agrarisch gebied.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven;
De landschappelijke waardevolle gebieden zijn gebieden waarvoor bepaalde beperkingen gelden met het doel het landschap te beschermen of aan landschapsontwikkeling te doen. In deze gebieden mogen alle handelingen en werken worden uitgevoerd die overeenstemmen met de in grondkleur aangegeven bestemming, voor zover zij de schoonheidswaarde van het landschap niet in gevaar brengen.
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg of een ruimtelijk uitvoeringsplan.
De aanvraag is gelegen binnen de omschrijving van een niet-vervallen verkaveling met ref. V629 goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen op 22.06.2016.
Overwegende dat de voorschriften van de verkaveling primeren op die van het gewestplan.
Verordeningen :
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.
1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)
Waterwetboek:
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt in hoofdstuk III – afdeling I bepaalde verplichtingen op, die “de watertoets” genoemd worden Deze verplichtingen zijn ondertussen verstrengd in enkele wijzigingen van dit decreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten, waaronder het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 05/07/2013 en de latere wijzigingen en verstrengingsbeslissingen. De kaarten beschikbaar op www.waterinfo.be/watertoets , die vastgesteld zijn door de Vlaamse Regering op 25 november 2022, vormen de basis voor de watertoets.
Watertoets :
Overwegende dat het voorliggende project het bouwen van een vrijstaande garage gelegen is in pluviaal overstromingsgevoelig gebied. Advies werd gevraagd aan provincie Limburg - afdeling Waterbeheer en watering de Herk. De provincie Limburg - afdeling Waterbeheer geeft volgend advies :
Ingevolge artikel 1.3.1.1 betreffende de watertoets van het decreet integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018, is het nodig een wateradvies te verkrijgen van de waterbeheerder. De waterbeheerder die dit advies officieel moet verstrekken is Watering De Herk. In kader van de watertoets en/of bindende bepalingen treedt de afdeling Waterbeheer van de provincie Limburg voor dit dossier op als ondersteunende adviesverlenende instantie. Dit advies werd door de provincie opgeladen in het omgevingsloket. Aan de watering wordt gevraagd om dit advies tot het hare te maken en het advies van de afdeling Waterbeheer te bekrachtigen in het omgevingsloket. In het kader van OMV2020160085 werd op 5 mei 2021 reeds een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een woning en garage. De voorwaarden in de adviezen van de waterbeheerder werden in de vergunning opgenomen en nageleefd. De huidige aanvraag betreft de heropbouw van de garage na brand/afbraak. Het perceel is gelegen aan de Kraanbeek nr. 171, onbevaarbare waterloop van 2de categorie en cfr. de meest recente overstromingskaarten gelegen in een pluviaal overstromingsgevoelig gebied. Er wordt niet gebouwd in de zone non aedificandi van 5 meter vanaf de taludinsteek van de waterloop. Het kritisch overstromingspeil wordt ter hoogte van de garage bepaald op 44,80 m TAW. Dit is ± 75 cm onder het niveau van de wegas ter hoogte van de langse terreinsnede (terreinprofiel 1). Het vloerpeil van de garage wordt cfr. de terreinsnede ± 50 cm onder het niveau van de wegas gebouwd. Dit is 25 cm hoger dan het kritisch overstromingspeil en bijgevolg overstromingsveilig. Cfr. de plannen bij de aanvraag wordt het terrein rond de gebouwen bovendien niet aangehoogd en wordt de mogelijke overstroming van de Kraanbeek niet belemmerd. Hierbij kan ik u dan ook meedelen dat het dossier zowel voor wat betreft de bindende bepalingen ivm de waterloop (afstandsregels en machtigingen) als in het kader van de watertoets voorwaardelijk gunstig beoordeeld werd.
Ik verzoek u volgende VOORWAARDEN in deomgevingsvergunning op te nemen:
• De voorwaarden in de adviezen bindende bepalingen en watertoets bij de vergunning d.d. 5 mei 2021 in het kader van OMV2020160085 blijven onverminderd van kracht.
• Het vloerpeil van de garage boven het kritisch overstromingspeil moet cfr. de plannen voor de heropbouw gerespecteerd worden.
• Ophogingen van het terrein rond de gebouwen zijn niet toegestaan. Cfr. de plannen bij de aanvraag voor de heropbouw van de garage worden geen ophogingen uitgevoerd. Dit moet gerespecteerd worden.
• Het dakwater van de garage moet cfr. de plannen oppervlakkig op het terrein afwateren, en mag niet via ondergrondse leidingen aangesloten worden op een riolering of de waterloop.
Watering de Herk geeft een voorwaardelijk gunstig advies.
In het kader van OMV2020160085 werd op 5 mei 2021 reeds een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een woning en garage. De voorwaarden in de adviezen van de waterbeheerder werden in de vergunning opgenomen en nageleefd.
De huidige aanvraag betreft de heropbouw van de garage na brand/afbraak. Het perceel is gelegen aan de Kraanbeek nr. 171, onbevaarbare waterloop van 2de categorie en cfr. de meest recente overstromingskaarten gelegen in een pluviaal overstromingsgevoelig gebied. Er wordt niet gebouwd in de zone non aedificandi van 5 meter vanaf de taludinsteek van de waterloop. Het kritisch overstromingspeil wordt ter hoogte van de garage bepaald op 44,80 m TAW. Dit is ± 75 cm onder het niveau van de wegas ter hoogte van de langse terreinsnede (terreinprofiel 1). Het vloerpeil van de garage wordt cfr. de terreinsnede ± 50 cm onder het niveau van de wegas gebouwd. Dit is 25 cm hoger dan het kritisch overstromingspeil en bijgevolg overstromingsveilig. Cfr. de plannen bij de aanvraag wordt het terrein rond de gebouwen bovendien niet aangehoogd en wordt de mogelijke overstroming van de Kraanbeek niet belemmerd.
Hierbij kan ik u dan ook meedelen dat het dossier zowel voor wat betreft de bindende bepalingen ivm de waterloop (afstandsregels en machtigingen) als in het kader van de watertoets voorwaardelijk gunstig beoordeeld werd.
Ik verzoek u volgende VOORWAARDEN in de omgevingsvergunning op te nemen:
• De voorwaarden in de adviezen bindende bepalingen en watertoets bij de vergunning d.d. 5 mei 2021 in het kader van OMV2020160085 blijven onverminderd van kracht.
• Het vloerpeil van de garage boven het kritisch overstromingspeil moet cfr. de plannen voor de heropbouw gerespecteerd worden.
• Ophogingen van het terrein rond de gebouwen zijn niet toegestaan. Cfr. de plannen bij de aanvraag voor de heropbouw van de garage worden geen ophogingen uitgevoerd. Dit moet gerespecteerd worden.
• Het dakwater van de garage moet cfr. de plannen oppervlakkig op het terrein afwateren, en mag niet via ondergrondse leidingen aangesloten worden op een riolering of de waterloop.
De watering is waterbeheerder voor dit projectgebied, maar voor zowel het advies in het kader van de bindende bepalingen in verband met de waterloop (afstandsregels en machtigingen) als het advies in het kader van de watertoets treedt de Dienst Water en Domeinen van de provincie Limburg op als ondersteunende adviesverlenende instantie.
De watering neemt dit advies met de hierin opgenomen beoordeling en conclusie over en maakt dit advies tot het hare.
Milieu:
///
Stikstofdecreet:
///
1.e. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 9 september 2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 23 oktober 2025 |
Opening openbaar onderzoek | geen |
Afsluiten openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor wegenwerken | geen |
Dossierbehandelaar | Carla Van Acker |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum verslag GOA |
|
1.f. Historiek
Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:
- Overwegende dat op 05/05/2021 een omgevingsvergunning (471) voor bouwen van een ééngezinswoning met vrijstaande garage/tuinberging werd verleend door het college van burgemeester en schepenen.
Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:
- Overwegende dat op 22/06/2016 een verkavelingsvergunning (629) verleend werd 0voor het verkavelen van één lot open bebouwing door het college van burgemeester en schepenen.
2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag
De aanvraag situeert zich aan een gemeentelijke weg, nl. de Pleinstraat, die voldoende is uitgerust, gelet op de lokale toestand. Het betreft een landelijke omgeving gekenmerkt door vrijstaande en halfopen eengezinswoningen, landbouwbedrijfsgebouwen en landbouwgronden. Aan de rechterzijde situeert zich de Kaalbeek, waterloop van 2e categorie. Aan de linkerzijde is er een open ééngezinswoning gesitueerd.
Het project betreft een heropbouw van een garage na brand. In 2021 werd er een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een ééngezinswoning met vrijstaande garage/tuinberging. Door een brand in deze vrijstaande garage/tuinberging is deze totaal verwoest. In deze aanvraag wensen we het bijgebouw opnieuw aan te vragen. Enkel de bakoven aan de achterzijde van de garage wordt in deze aanvraag niet opnieuw aangevraagd.
Voor het nieuwe bijgebouw wordt er gekozen om te werken met geïsoleerde sandwichpanelen. Deze worden voorzien in grijze kleur zodat deze aansluiten bij de bestaande bouw. Het buitenschrijnwerk wordt in de originele kleur van de vorige aanvraag uitgevoerd, zijnde grijskleurig. Er wordt gekozen om te werken met sandwichpanelen omdat deze zorgen voor een snelle afwerking van het bijgebouw zodat deze snel terug in gebruik kan genomen worden na de brand. Gezien de gehele woning niet met de traditionele gevelsteen is afgewerkt, is dit gevelmateriaal verantwoordbaar in combinatie met de woning.
Het betreft een heropbouw van een bestaande garage. De afvoeren zullen niet aangesloten worden op de bestaande riolering maar ter plaatse achter het bijgebouw infiltreren. Het terrein helt naar achteren af, zodanig dat water op eigen terrein zal infiltreren. De verhardingen op het terrein zijn grotendeels vanuit een voorgaande vergunning vergund. De verharding aan de linkerzijde van de woning en de inrit tot het bijgebouw werden (tot op heden) niet uitgevoerd. Er werd wel bijkomend een pad aangelegd tot aan het bijgebouw. Voor het bijgebouw wordt de inrit nog uitgevoerd i.f.v. het stationeren van een auto.
2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)
Overwegende dat de aanvraag in regel is met de verkaveling 629 d.d. 22.06.2016.
2.c. Adviezen
Externe Adviezen
Adviesinstantie
| Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Conclusie |
info@wateringdeherk.be | 23 oktober 2025 | 7 november 2025 | voorwaardelijk gunstig |
provincie Limburg - afdeling Waterbeheer | 23 oktober 2025 | 6 november 2025 | voorwaardelijk gunstig |
2.d. Bespreking van de adviezen
- De aanvraag werd op 23 oktober 2025 digitaal voor advies voorgelegd aan de dienst waterbeheer van de provincie Limburg. Op 6 november 2025 heeft de dienst waterbeheer van de provincie Limburg via het omgevingsloket voorwaardelijk gunstig advies gegeven.
- De aanvraag werd op 23 oktober 2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Watering De Herk. Op 7 november 2025 heeft Watering De Herk via het omgevingsloket voorwaardelijk gunstig advies gegeven.
2.e. Openbaar onderzoek
Er werd geen openbaar onderzoek gehouden; de aanvraag valt immers niet onder de aanvragen voor een omgevingsvergunning die moeten openbaar gemaakt worden.
2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek
///
2.g. Beoordeling
Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:
De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.
Gezien de aanvraag in regel is met de voorschriften van de verkaveling 629 d.d. 22.06.2016 wordt de aanvraag cfr. art. 4.3.1. §2 3° van de codex verenigbaar geacht met de goede ruimtelijke ordening en is ze stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:
///
Conclusie
Voorwaardelijk gunstig advies Gunstig advies, onder volgende voorwaarden:
- Het advies van provincie Limburg - afdeling Waterbeheer d.d. 06/11/2025 en Watering de Herk dd 07/11/2025 dient gevolgd te worden in bijzonder de voorwaarden uit deze adviezen :
• De voorwaarden in de adviezen bindende bepalingen en watertoets bij de vergunning d.d. 5 mei 2021 in het kader van OMV2020160085 blijven onverminderd van kracht.
• Het vloerpeil van de garage boven het kritisch overstromingspeil moet cfr. de plannen voor de heropbouw gerespecteerd worden.
• Ophogingen van het terrein rond de gebouwen zijn niet toegestaan. Cfr. de plannen bij de aanvraag voor de heropbouw van de garage worden geen ophogingen uitgevoerd. Dit moet gerespecteerd worden.
• Het dakwater van de garage moet cfr. de plannen oppervlakkig op het terrein afwateren, en mag niet via ondergrondse leidingen aangesloten worden op een riolering of de waterloop.
- Voor bronbemalingen moet voldaan worden aan de sectorale voorschriften voor subrubriek 53.2 van de indelingslijst van Vlarem I 6 (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II); met betrekking tot de lozing van het bemalingswater wordt verwezen naar Vlarem II art. 6.2.2.1.2 § 5.
- De lozing van het bemalingswater dient te gebeuren overeenkomstig art. 6.2.2.1.2 § 5 van Vlarem II. - De reglementeringen inzake bronbemaling/droogzuiging bij bouwwerken dient strikt na te worden geleefd. Indien er een bronbemaling/droogzuiging geplaatst wordt voor aanvang van de bouwwerken dient men een melding te doen bij de milieudienst van de gemeente Alken. Let op! Bij de plaatsing van een bronbemaling/droogzuiging mag het opgepompte water nooit worden geloosd binnen/over het openbaar wegdomein!
- Het bijgebouw achteraan het perceel dient conform het inplantingsplan bij deze aanvraag gesloopt te worden binnen de twee jaar na het verkrijgen van deze vergunning.
- Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 10/12/2025 HET VOLGENDE:
1. De aanvraag ingediend door Willem en Fabienne Walbers - Verdeyen met als contactadres Pleinstraat 122A te 3570 Alken, de heropbouw van een vrijstaande garage, gelegen Pleinstraat 122A, kadastraal bekend: (afd. 2) sectie G 673 F en (afd. 2) sectie G 673 G voorwaardelijk te vergunnen.
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
- Het advies van provincie Limburg - afdeling Waterbeheer d.d. 06/11/2025 en Watering de Herk dd 07/11/2025 dient gevolgd te worden in bijzonder de voorwaarden uit deze adviezen :
• De voorwaarden in de adviezen bindende bepalingen en watertoets bij de vergunning d.d. 5 mei 2021 in het kader van OMV2020160085 blijven onverminderd van kracht.
• Het vloerpeil van de garage boven het kritisch overstromingspeil moet cfr. de plannen voor de heropbouw gerespecteerd worden.
• Ophogingen van het terrein rond de gebouwen zijn niet toegestaan. Cfr. de plannen bij de aanvraag voor de heropbouw van de garage worden geen ophogingen uitgevoerd. Dit moet gerespecteerd worden.
• Het dakwater van de garage moet cfr. de plannen oppervlakkig op het terrein afwateren, en mag niet via ondergrondse leidingen aangesloten worden op een riolering of de waterloop.
- Voor bronbemalingen moet voldaan worden aan de sectorale voorschriften voor subrubriek 53.2 van de indelingslijst van Vlarem I 6 (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II); met betrekking tot de lozing van het bemalingswater wordt verwezen naar Vlarem II art. 6.2.2.1.2 § 5.
- De lozing van het bemalingswater dient te gebeuren overeenkomstig art. 6.2.2.1.2 § 5 van Vlarem II. - De reglementeringen inzake bronbemaling/droogzuiging bij bouwwerken dient strikt na te worden geleefd. Indien er een bronbemaling/droogzuiging geplaatst wordt voor aanvang van de bouwwerken dient men een melding te doen bij de milieudienst van de gemeente Alken. Let op! Bij de plaatsing van een bronbemaling/droogzuiging mag het opgepompte water nooit worden geloosd binnen/over het openbaar wegdomein!
- Het bijgebouw achteraan het perceel dient conform het inplantingsplan bij deze aanvraag gesloopt te worden binnen de twee jaar na het verkrijgen van deze vergunning.
- Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;
5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.
De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.
De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.
Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.
§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.
§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.
Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.
Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. (…)
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° ...;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;
7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;
8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.
Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.
De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:
1° de beroepsindiener;
2° de vergunningsaanvrager;
3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
4° het college van burgemeester en schepenen.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)
Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.
Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.
§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.
§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.
De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.
§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:
1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;
2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;
3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.
(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Zitting van 10 12 2025
Omgevingsvergunning 1055 - Patricia en Stefan Frederix - Vannut met als contactadres Weyerstraat 23A te 3570 Alken. Het betreft een aanvraag over: de regularisatie van de verbouwing en uitbreiding van een ééngezinswoning. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Weyerstraat 23A, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie H 484 B.
Aanvraag omgevingsvergunning over: de regularisatie van de verbouwing en uitbreiding van een ééngezinswoning ingediend door Patricia en Stefan Frederix - Vannut met als contactadres Weyerstraat 23A te 3570 Alken. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Weyerstraat 23A, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie H 484 B. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.
VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN
1.a. Aanvraag
Aanvragers: | Patricia en Stefan Frederix - Vannut met als contactadres Weyerstraat 23A te 3570 Alken
|
Ligging van het perceel: | Weyerstraat 23A
|
Kadastrale gegevens: | afdeling 1 sectie H nr. 484B
|
Projectnaam: | Weyerstraat 23a - Vannut-Frederix
|
Dossiernummer: | 2025113
|
Intern dossiernummer: | 1055
|
ID omgevingsplatform: | OMV_2025112044
|
Type dossier: | Aanvraag omgevingsproject |
1.b. Omschrijving aanvraag
de regularisatie van de verbouwing en uitbreiding van een ééngezinswoning
Werken
Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:
de regularisatie van de verbouwing en uitbreiding van een ééngezinswoning
1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 - woongebieden. Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 3 april 1979 – Woongebieden met landelijk karakter (eerste 50m vanaf de rooilijn) en achterliggend agrarisch gebied.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven;
De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden
(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg noch ruimtelijk uitvoeringsplan. Het blijft de bevoegdheid van de overheid de aanvraag te toetsen aan de gebruikelijke inzichten en noden betreffende een goede aanleg der plaats, gebaseerd op de eerder geciteerde voorschriften van het van kracht zijnde gewestplan
Verordeningen
● Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;
● Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;
● Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)
● Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.
● Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.
1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)
Waterwetboek:
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt in hoofdstuk III – afdeling I bepaalde verplichtingen op, die “de watertoets” genoemd worden Deze verplichtingen zijn ondertussen verstrengd in enkele wijzigingen van dit decreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten, waaronder het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 05/07/2013 en de latere wijzigingen en verstrengingsbeslissingen. De kaarten beschikbaar op www.waterinfo.be/watertoets , die vastgesteld zijn door de Vlaamse Regering op 25 november 2022, vormen de basis voor de watertoets.
Watertoets :
Overwegende dat voorliggende aanvraag, het verbouwen van een eengezinswoning betreft waarbij de bestaande aansluitingen behouden blijven.
Milieu:
///
Stikstofdecreet:
///.
1.e. Procedureverloop
Procedurestap | Datum |
Ontvangst aanvraag | 29 september 2025 |
Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs | 23 oktober 2025 |
Opening openbaar onderzoek | geen |
Afsluiten openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor wegenwerken | geen |
Dossierbehandelaar | Carla Van Acker |
Omgevingsambtenaar | Anne Hermans |
Datum verslag GOA |
|
1.f. Historiek
Perceelnummer : (afd. 1) sectie H 484 B
De woning dateert van 1992 en wordt geacht vergund te zijn.
Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:
- Overwegende dat op 24/02/1988 een stedenbouwkundige vergunning (2273) voor het bouwen van een woonhuis werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.
2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag
De aanvraag omhelst het regulariseren van de bestaande toestand van de woning gelegen op de Weyerstraat. De Weyerstraat is een gemeenteweg, die voldoende is uitgerust gelet op de plaatselijke toestand. De onmiddellijke omgeving kenmerkt zich door landbouw activiteiten en eengezinswoningen, zowel open als halfopen woningen.
De aanvraag omhelst het regulariseren van de bestaande toestand :
- De woning werd conform de binnenmaten van het aangevraagde plan gebouwd. De buitenmaten op dit plan kloppen niet (Als we de binnenmaten optellen komen we op een totale breedte van 10m terwijl de buitenmaat 9.50m is.
- Het dak werd met wolfseinden uitgevoerd.
- De oorspronkelijke garage was wegens de te korte afstand tot de linker perceelsgrens niet bereikbaar omdat er onvoldoende afstand was om in te rijden. De woning werd uitgebreid met een volume en de poort werd aan de voorzijde van de woning geplaatst.
- Aan de achterzijde werd er een overdekt terras gemaakt waarvan de linkerzijde nadien afgesloten werd met ramen.
- In de tuin werd er een zwembad en een poolhouse gebouwd.
- Het achterliggende bijgebouw welk in agrarisch gebied gelegen is zal verwijderd worden.
2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)
De aanvraag is niet in strijd met de voorschriften van het geldende gewestplan.
2.c. Adviezen
Externe Adviezen
Adviesinstantie
| Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Conclusie |
info@wateringdeherk.be | 23 oktober 2025 | 7 november 2025 | geen advies |
provincie Limburg - afdeling Waterbeheer | 23 oktober 2025 | 6 november 2025 | geen advies |
2.d. Bespreking van de adviezen
De aanvraag werd op 23 joktober 2025 digitaal voor advies voorgelegd aan provincie Limburg - afdeling Waterbeheer en aan watering de Herk. Beide diensten gaven aan geen advies te verlenen.
2.e. Openbaar onderzoek
Er werd geen openbaar onderzoek gehouden; de aanvraag valt immers niet onder de aanvragen voor een omgevingsvergunning die moeten openbaar gemaakt worden.
2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek
///
2.g. Beoordeling
Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:
De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.
- Functionele inpasbaarheid:
De aanvraag is stedenbouwkundig verantwoord en verenigbaar met de bestemmingsvoorschriften van het geldende gewestplan.
- Mobiliteitsaspect:
Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat de aanvraag geen invloed zal hebben op de mobiliteit.
- Schaal, ruimtegebruik en bouwdichtheid:
Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat de aanvraag geen invloed zal hebben op de schaal. Er is geen verlies van ruimtelijke kwaliteit gezien de aanvraag een voldoende samenhangend geheel vormt. De aanvraag is niet storend in de ruimtelijke context en kan bijgevolg worden aanvaard. Voorliggende aanvraag overstijgt geenszins de draagkracht van het perceel.
- Visueel-vormelijke elementen:
Het bestaande hoofdvolume en de uitbreidingen worden voorzien in materialen die aansluiten op elkaar en waarbij er naar vormgeving, materiaalgebruik en architectuur gestreefd werd naar een harmonisch geheel. Het ontwerp kan dus positief beoordeeld worden voor het beschouwde beoordelingscriterium binnen de bestaande landelijke omgeving. Voorgesteld ontwerp is qua vormgeving, materiaalgebruik en architectuur stedenbouwkundig verantwoord en verenigbaar met de bestaande bebouwing in de omgeving. De voorgestelde materialen zijn aanvaardbaar binnen deze bebouwde context.
- Cultuurhistorische aspecten:
Het perceel en deze eigendom liggen niet in een beschermd stads- of dorpsgezicht, noch palend aan of in het gezichtsveld van een monument. De aanvraag heeft geen invloed op de cultuurhistorische aspecten.
- Het bodemreliëf: Het ontwerp wijzigt het bodemreliëf niet.
- Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat, gelet op het volume en de inplanting van de uitbreiding, de privacy van de omwonenden geenszins wordt geschonden. De voorgestelde invulling zal geen invloed hebben op de leefbaarheid en –kwaliteit van de omgeving.
Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:
Conclusie
Voorwaardelijk gunstig advies :
Gunstig advies, onder volgende voorwaarde:
- Het bijgebouw achteraan het perceel dient conform het inplantingsplan bij deze aanvraag gesloopt te worden binnen de twee jaar na het verkrijgen van deze vergunning.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Besluit
BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 10/12/2025 HET VOLGENDE:
1. De aanvraag ingediend door Patricia en Stefan Frederix - Vannut met als contactadres Weyerstraat 23A te 3570 Alken, de regularisatie van de verbouwing en uitbreiding van een ééngezinswoning, gelegen Weyerstraat 23A, kadastraal bekend: (afd. 1) sectie H 484 B voorwaardelijk te vergunnen.
2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:
- Het bijgebouw achteraan het perceel dient conform het inplantingsplan bij deze aanvraag gesloopt te worden binnen de twee jaar na het verkrijgen van deze vergunning.
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.
Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;
5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.
De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.
De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.
Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.
§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.
§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.
Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.
Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. (…)
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° ...;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;
7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;
8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.
Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.
De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:
1° de beroepsindiener;
2° de vergunningsaanvrager;
3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
4° het college van burgemeester en schepenen.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)
Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.
Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.
§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.
§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.
De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.
§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:
1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;
2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;
3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.
(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Zitting van 10 12 2025
Hameestraat: inleidingszittingen hoger beroep inzake wettigheid van de onteigening
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Opheffen tegoedbonnen
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Verkaveling binnengebied Hameestraat: vaststellen roolijnen nieuwe verkaveling n.a.v. OMV V694
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Verkaveling binnengebied Hameestraat: aanleg riolering, wegenis en infrastructuur
Besluit
Zitting van 10 12 2025
Subsidie bestrijding Aziatische hoornaar - budgetwijziging november 2025
De gemeenteraad mandateerde het college van burgemeester en schepenen om, indien nodig, het budget van de subsidie bestrijding van nesten Aziatische hoornaar te verhogen zodat alle subsidieaanvragen voor de verdeling van nesten gesubsidieerd kunnen worden. Het budget van € 1500 is overschreden en dient verhoogd te worden.
Feiten en context
De gemeenteraad mandateerde het college van burgemeester en schepenen om, indien nodig, het budget van de subsidie bestrijding van nesten Aziatische hoornaar te verhogen zodat alle subsidieaanvragen voor de verdeling van nesten gesubsidieerd kunnen worden. Het budget van € 1500 is overschreden en dient verhoogd te worden.
Juridische grond
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het besluit van de Gemeenteraad Alken van 28 augustus 2025 betreffende de subsidie bestrijding nesten Aziatische hoornaar.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
Er wordt een register bijgehouden van de huidige aanvragen voor de subsidie bestrijding van nesten Aziatische hoornaar. Het budget van € 1500 werd overschreden. Er wordt voorgesteld om het budget te verhogen met € 500, naar € 2000.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen worden voorzien als volgt:
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€ 2000,00 |
| MJP-sleutel 002001 |
Datum visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Datum goedkeuring visumaanvraag: | Niet van toepassing | |
Besluit
Artikel 1: Het budget voor de subsidie bestrijding nesten Aziatische hoornaar wordt verhoogd naar € 2000.
Zitting van 10 12 2025
Subsidie MOS (duurzame scholen, straffe scholen) 2025
Op de gemeenteraad van 30 september 2004 werd het subsidiereglement ter ondersteuning van MOS-acties van de Alkense scholen goedgekeurd.
Volgende scholen dienden voor 2024 een subsidiedossier in:
● Basisschool Wonderwijs, Hameestraat 11, 3570 Alken;
● Freinetschool ’t Schommelbootje, Dieregaertstraat 9, 3570 Alken;
● Gesubsidieerde Vrije Basisschool Sint-Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken;
● Vrije Basisschool ’t Laantje, Sint-Aldegondislaan 2, 3570 Alken;
● Vrije Basisschool De Kleine Reus, Parkstraat 11, 3570 Alken;
● Gemeentelijke basisschool De B@sis, Motstraat 10, 3570 Alken.
De scholen voldoen aan artikels 2 en 4 van het gemeentelijk subsidiereglement ter ondersteuning van MOS-acties:
● Artikel 2: beschikken over een ondertekende MOS- milieubeleidsovereenkomst
● Artikel 4: de subsidiedossiers bevatten volgende stavingsstukken: de samenstelling van de MOS-werkgroep, een bondige omschrijving van het project en één of meerdere facturen van de gedane kosten.
Voorstel tot uitbetaling van de voorziene subsidies: 125 € forfaitair per school en 1,5 € per leerling op januari van het lopende werkjaar. Het totaal uit te keren subsidiebedrag kan niet hoger liggen dan binnen de daartoe op de begroting goedgekeurde voorziene krediet.
De subsidies kunnen betaald worden van registratiesleutel MJP001217.
Feiten en context
Volgende scholen dienden voor 2025 een subsidiedossier voor MOS – duurzame scholen, straffe scholen in:
● Basisschool Wonderwijs, Hameestraat 11, 3570 Alken;
● Freinetschool ’t Schommelbootje, Dieregaertstraat 9, 3570 Alken;
● Gesubsidieerde Vrije Basisschool Sint-Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken;
● Vrije Basisschool ’t Laantje, Sint-Aldegondislaan 2, 3570 Alken;
● Vrije Basisschool De Kleine Reus, Parkstraat 11, 3570 Alken;
● Gemeentelijke basisschool De B@sis, Motstraat 10, 3570 Alken.
Juridische grond
Op de gemeenteraad van 30 september 2004 werd het subsidiereglement ter ondersteuning van MOS-acties (Milieuzorg op School) van de Alkense scholen goedgekeurd.
De scholen voldoen aan artikels 1 tot en met 5 van het gemeentelijk subsidiereglement ter ondersteuning van MOS-acties:
● Artikel 1: Het totaalbedrag van de toegekende subsidies kan niet hoger liggen dan binnen de daartoe op de begroting goedgekeurde voorziene kredieten;
● Artikel 2: beschikken over een ondertekende MOS- milieubeleidsovereenkomst;
● Artikel 3: de gemeentelijke subsidie wordt vastgesteld op € 125 forfaitair per school en € 1,5 per leerling;
● Artikel 4: de subsidiedossiers bevatten volgende stavingsstukken: de samenstelling van de MOS-werkgroep, een bondige omschrijving van het project en één of meerdere facturen van de gedane kosten.;
● Artikel 5: Het totaal uit te keren subsidiebedrag kan niet hoger liggen dan binnen de daartoe op de begroting goedgekeurde voorziene krediet.
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
MOS – duurzame scholen, straffe scholen ondersteunt scholen om van de school een milieuvriendelijke en duurzame leeromgeving te maken en leerlingen op te voeden tot milieubewuste burgers. De gemeente wil hierin ondersteunen door een subsidie voor MOS-acties.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:
De subsidieberekening per school
● Basisschool Wonderwijs, Hameestraat 11, 3570 Alken, totaal aangetoonde kosten: € 3.897,14 (€ 125 forfaitair + (€ 1,5 x 208 leerlingen) = € 437,00 op rekeningnummer BE08 9733 7461 1913;
● Freinetschool ’t Schommelbootje, Dieregaertstraat 9, 3570 Alken, totaal aangetoonde kosten: € 5.306,53 (€ 125 forfaitair + (€ 1,5 x 101 leerlingen) = € 276,50 op rekeningnummer BE32 0011 0825 4302;
● Gesubsidieerde Vrije Basisschool Sint- Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken, totaal aangetoonde kosten: € 1.826,92 (€ 125 forfaitair + (€ 1,5 x 255 leerlingen) = € 507,50 op rekeningnummer BE82 7845 3559 9468;
● Vrije Basisschool ’t Laantje, Sint-Aldegondislaan 2, 3570 Alken, totaal aangetoonde kosten € 859,20 (€ 125, forfaitair + (€1,5 x 178 leerlingen) = € 392,00 op rekeningnummer BE05 2350 3915 5575;
● Vrije Basisschool De Kleine Reus, Parkstraat 11, 3570 Alken, totaal aangetoonde kosten € 3.552,94 (€ 125, forfaitair + (€1,5 x 196 leerlingen) = € 419,00 op rekeningnummer BE89 8600 0748 9085;
● Gemeentelijke basisschool De B@sis, Motstraat 10, 3570 Alken, totaal aangetoonde kosten € 379,72 (€ 125, forfaitair + (€1,5 x 189 leerlingen) = € 408,50, het bedrag dat ze ontvangen is € 379,72 omdat hun gemaakte kosten lager zijn dan het subsidie bedrag op rekeningnummer BE67 0689 3468 8387.
Bedrag inclusief BTW | BTW-percentage dat wordt toegepast | MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien |
€ 2.411,72 | Niet van toepassing | 001217 |
Besluit
Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist om de volgende scholen een subsidie toe te kennen;
● Basisschool Wonderwijs, Hameestraat 11, 3570 Alken;
● Freinetschool ’t Schommelbootje, Dieregaertstraat 9, 3570 Alken;
● Gesubsidieerde Vrije Basisschool Sint-Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken;
● Vrije Basisschool ’t Laantje, Sint-Aldegondislaan 2, 3570 Alken;
● Vrije Basisschool De Kleine Reus, Parkstraat 11, 3570 Alken;
● Gemeentelijke basisschool De B@sis, Motstraat 10, 3570 Alken.
Artikel 2: De subsidie per school bedraagt:
● Basisschool Wonderwijs, Hameestraat 11, 3570 Alken, € 437,00 op rekeningnummer BE08 9733 7461 1913;
● Freinetschool ’t Schommelbootje, Dieregaertstraat 9, 3570 Alken, € 276,50 op rekeningnummer BE32 0011 0825 4302;
● Gesubsidieerde Vrije Basisschool Sint- Joris, Schoolstraat 13, 3570 Alken, € 507,50 op rekeningnummer BE82 7845 3559 9468;
● Vrije Basisschool ’t Laantje, Sint-Aldegondislaan 2, 3570 Alken, € 392,00 op rekeningnummer BE05 2350 3915 5575;
● Vrije Basisschool De Kleine Reus, Parkstraat 11, 3570 Alken, € 419,00 op rekeningnummer BE89 8600 0748 9085;
● Gemeentelijke basisschool De B@sis, Motstraat 10, 3570 Alken, € 379,72 op rekeningnummer BE67 0689 3468 8387.
Artikel 3: De dienst financiën wordt opdracht gegeven om de berekende bedragen te storten op de respectievelijke rekeningen van de scholen. Het totaal van deze subsidie bedraagt € 2.411,72 Dit bedrag is voorzien onder registratiesleutel: MJP001217 (MOS-subsidies).
Zitting van 10 12 2025
Goedkeuring reglementen Limburg.net
Besluit
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.