Gemeente Alken

Zitting van 19 november 2025

van 09:00 tot 10:00

 

Aanwezig: Marc Penxten, Burgemeester; Cindy Vandormael,Andres Lesire,Frank Vroonen,Elien Secretin,Pierrette Putzeys, Schepenen; Pascal Giesen, Algemeen directeur;

 

Vanaf punt 8.3 verlaat schepen Cindy Vandormael de zitting conform artikel 50 van het decreet Lokaal bestuur vanwege een belangenconflict

Vanaf punt 8.4 is schepen Cindy Vandormael aanwezig.

Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Verslag van de vorige zitting dd. 12.11.2025

Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 12.11.2025 opgesteld.

Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.

 

Feiten en context

Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werden de notulen van de vergadering van 12.11.2025 opgesteld.

Deze notulen worden ter goedkeuring voorgelegd.

 

Juridische grond

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

 

Adviezen

Niet van toepassing

 

Argumentatie

Niet van toepassing.

 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

 

Besluit

Artikel 1: Het verslag van de vorige zitting wordt goedgekeurd.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Gemeenteraad - Mededeling Definitieve Agenda dd. 27.11.2025

Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur wordt de agenda van de eerstvolgende vergadering van de gemeenteraad dd. 27.11.2025 bekendgemaakt. 

Deze agenda, zie bijlage, wordt ter goedkeuring voorgelegd.

 

Feiten en context

Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur wordt de agenda van de eerstvolgende vergadering van de gemeenteraad dd. 27.11.2025 bekendgemaakt.

Deze agenda, zie bijlage, wordt ter goedkeuring voorgelegd.

 

Juridische grond

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

 

Adviezen

Niet van toepassing

 

Argumentatie

Niet van toepassing.

 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

 

Besluit

Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen neemt er kennis van dat de voorzitter van de gemeenteraad, de heer Jan Robeyns, de gemeenteraad samenroept op donderdag 27.11.2025 om 20u00.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Oprichting gemeentelijk vrijwilligerskorps

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Stakingsaanzegging ACOD/ABVV - 25.11.2025 en 26.11.2025

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Uitnodiging tot deelname aan Hubspotter+

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Watering De Herk - AV dd. 25.11.2025

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Omvorming lokale diensteneconomie naar aanvullende lokale diensten - besteding middelen 2025

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Nieuws van de week

De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.

Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.

 

Feiten en context

De Alkenaar is niet of weinig op de hoogte over de beslissingen die door het schepencollege worden genomen. Om de burgers beter op de hoogte te houden waarmee het bestuur bezig is, werd na overleg met de burgemeester, schepen Cindy Vandormael, Anouck Vanzeer en Lize Tits op 30 juni 2025 voorgesteld om wekelijks een beslissing van het schepencollege uit te lichten in een nieuwsbericht op de gemeentelijke communicatiekanalen.

Wij vragen aan het college om wekelijks een besluit met toelichting op te geven waarover de dienst communicatie een nieuwsbericht opmaakt en publiceert.

 

Juridische grond

Wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur 

 

Adviezen

Niet van toepassing

 

Argumentatie

In het kader van openbaarheid van bestuur is het aangewezen om de inwoners op een laagdrempelige manier op de hoogte te houden over belangrijke beslissingen die door het schepencollege worden genomen.

 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

 

Besluit

Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist dat er wekelijks via de gemeentelijke communicatiekanalen gecommuniceerd zal worden over 1 specifiek recent agendapunt, beslissing of actuele gebeurtenis.

Artikel 2 :Voor deze week heeft het beleid gekozen om te communiceren over het volgende:

De gemeente Alken moet haar ambassadeursrol opnemen binnen het project Alken vallei en is blij dat de provincie Limburg, met name de provinciale dienst voor lokaal klimaatbeleid, voor de Limburgse besturen (klimaatambtenaren) een excursie en workshop organiseert in Alken op 27 november.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

DB-PPS De Molen - werfverslag nr. 01 d.d. 06.11.2025.

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Betaalbaarstelling facturen SC

Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.

 

Feiten en context

Betaalbaarstelling facturen volgens lijst in bijlage.
 

Juridische grond

Conform interne afspraken keurt het college van burgemeester en schepenen de facturen goed voor betaling.
 

 Adviezen

Niet van toepassing.
 

Argumentatie

Alle facturen worden - na controle op juistheid - betaalbaar gesteld door het college van burgemeester en schepenen.
 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

 

Besluit

Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen beslist bijgevoegde lijst met facturen betaalbaar te stellen en geeft opdracht aan de financieel directeur om tot betaling over te gaan.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Organisatie Openluchtbar Chiro Mikado op 29 november 2025

Chiro Mikado wenst op zaterdag 29 november 2025 vanaf 20u een openluchtbar te organiseren aan de lokalen van Chiro Mikado en vraagt hiervoor de toelating. Checklist in bijlage. Advies politie: in bijlage. Zij vragen een sluitingsuur om2u00. Zij vragen een geluidslimiet aan van 85db(A)Laeq,15min. en wensen tevens te voldoen aan hun meldingsplicht voor het schenken van sterke dranken. Het college van burgemeester en schepenen wordt de toelating gevraagd voor deze activiteit.

 

Daarnaast vragen zij ook toelating voor het gebruik van vuurkorven tijdens hun Openluchtbar. De vuurkorven maken deel uit van hun Openluchtbar en zorgen voor de gezelligheid van hun evenement. De voorbije jaren was het gebruik hiervan geen probleem omdat de lokalen toen nog niet gelegen waren in het recreatiedomein. Echter werd in het huishoudelijk reglement van de nieuwe jeugdlokalen opgenomen dat het gebruik van vuurkorven verboden is. Zij vragen nu voor hun evenement een uitzondering hierop.

 

Feiten en context

Chiro Mikado wenst op zaterdag 29 november 2025 vanaf 20u een openluchtbar te organiseren aan de lokalen van Chiro Mikado en vraagt hiervoor de toelating. Checklist in bijlage. Advies politie: in bijlage. Zij vragen een sluitingsuur om2u00. Zij vragen een geluidslimiet aan van 85db(A)Laeq,15min. en wensen tevens te voldoen aan hun meldingsplicht voor het schenken van sterke dranken. Het college van burgemeester en schepenen wordt de toelating gevraagd voor deze activiteit.

Daarnaast vragen zij ook toelating voor het gebruik van vuurkorven tijdens hun Openluchtbar. De vuurkorven maken deel uit van hun Openluchtbar en zorgen voor de gezelligheid van hun evenement. De voorbije jaren was het gebruik hiervan geen probleem omdat de lokalen toen nog niet gelegen waren in het recreatiedomein. Echter werd in het huishoudelijk reglement van de nieuwe jeugdlokalen opgenomen dat het gebruik van vuurkorven verboden is. Zij vragen nu voor hun evenement een uitzondering hierop.

 

Juridische grond

Het gemeentelijk administratief sanctiereglement (GAS) van 1 januari 2023.

College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college

 

Adviezen

Advies van de politie: toegevoegd als bijlage.

 

Argumentatie

Met het oog op een veilig en goed verloop van de organisatie van een evenement is een schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en schepen nodig. Op basis van het ingediende dossier kan de organisatie goedgekeurd worden.

 

Een vergunning verlenen voor het schenken van sterke dranken op voorwaarde dat:

        Zij het verdelen van de polsbandjes, die de leeftijdscategorieën -16, +16 en +18 onderscheiden en het toepassen van het systeem ervan correct en nauwgezet doen.

        Dat een meerderjarig persoon toezicht houdt op het schenken van sterke dranken aan de juiste leeftijdscategorie.

 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

 

Besluit

Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen verleent toelating aan Chiro Mikado voor de organisatie van hun Openluchtbar op zaterdag 29 november 2025 bij the Locals, Rijdreef 28 vanaf 20u. Het uiterlijke sluitingsuur wordt vastgelegd op 02u en het maximale geluidsvolume is 85 dB(A)LAeq,15min.

Artikel 2: Het college van burgemeester en schepenen verleent een vergunning voor het schenken van sterke dranken op voorwaarde dat:

        Zij het verdelen van de polsbandjes, die de leeftijdscategorieën -16, +16 en +18 onderscheiden en het toepassen van het systeem ervan correct en nauwgezet doen.

        Dat een meerderjarig persoon toezicht houdt op het schenken van sterke dranken aan de juiste leeftijdscategorie.

Artikel 3: Voor het gebruik van de vuurkorven zal een apart besluit genomen worden via de dienst milieu. Indien de organisatie een burgemeesterbesluit ontvangt voor het branden in open lucht mogen vuurkorven met de nodige voorwaarden gebruikt worden tijdens het evenement.

Artikel 4: De organisator dient via een bewonersbrief de bewoners in de nabije omgeving van het evenement op de hoogte te brengen. Bezorg een kopie van de brief aan de Dienst Communicatie ter goedkeuring: communicatie@alken.be. Gelieve in de bewonersbrief steeds naam en gsm nummer van de verantwoordelijke te vermelden zodat men bij opmerkingen of vragen iemand kan bereiken.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Uitbetaling toelage Halloween 2025

Op zaterdag 25 oktober 2025 en vrijdag 31 oktober 2025 vonden de Halloweentochten in Terkoest en St.-Joris plaats, waar ook naar jaarlijkse gewoonte verenigingen, groepen en vrijwilligers aan deelnemen. Conform het geldende reglement en de afsprakennota ontvangen de deelnemende groepen een vergoeding. De nodige kredieten zijn voorzien in het budget onder MJP001328. Verdeling in bijlage. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt de goedkeuring gevraagd voor de uitbetaling van de toelagen.

 

Feiten en context

Op zaterdag 25 oktober 2025 en vrijdag 31 oktober 2025 vonden de Halloweentochten in Terkoest en St.-Joris plaats, waar ook naar jaarlijkse gewoonte verenigingen, groepen en vrijwilligers aan deelnemen. Conform het geldende reglement en de afsprakennota ontvangen de deelnemende groepen een vergoeding. De nodige kredieten zijn voorzien in het budget onder MJP001328. Verdeling in bijlage. Aan het college van burgemeester en schepenen wordt de goedkeuring gevraagd voor de uitbetaling van de toelagen.

 

Juridische grond

Het reglement ondersteuning herfstactiviteit georganiseerd door gemeentebestuur Alken met medewerking van een groep.

College – DLB art. 56 regelt bevoegdheden college​.

 

Adviezen

Niet van toepassing

 

Argumentatie

N.a.v. de organisatie van de Halloweentochten in Terkoest en Sint-Joris op zaterdag 25 oktober en vrijdag 31 oktober 2025 is het aangewezen de deelnemende groepen/verenigingen volgens een bepaalde verdeelsleutel achteraf een toelage toe te kennen.
 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:

Bedrag inclusief BTW

BTW-percentage dat wordt toegepast

MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien

€ 18.563

Niet van toepassing

MJP001328

Datum visumaanvraag:

Niet van toepassing

Datum goedkeuring visumaanvraag:

Niet van toepassing

 

Besluit

Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen geeft toelating voor de betaling van de toelagen aan de deelnemende verenigingen, groepen en vrijwilligers aan de Halloweentochten in Terkoest op zaterdag 25 oktober 2025 en in St.-Joris op vrijdag 31 oktober 2025.

Artikel 2: Het overzicht met de verdeling van de toelagen bevindt zich in bijlage en maakt integraal deel uit van dit besluit.

Artikel 3: De nodige kredieten zijn voorzien in het budget onder MJP001328.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Attest verkoopbaarheid OMV V698 - Heiligenbornstraat

Op 6 november 2025 ontvingen we van Wilsens Cleeren Verduyn D'Joos notarissen de vraag om een verkoopbaarheidsattest af te leveren aangaande een verkaveling aan de Heiligenbornstraat, kadastraal gekend als (afd. 1) sectie K 358p, 358m, 359f, 360h met referte V698.

 

Feiten en context

Op 6 november 2025 ontvingen we van Wilsens Cleeren Verduyn D'Joos notarissen de vraag om een verkoopbaarheidsattest af te leveren aangaande een verkaveling aan de Heiligenbornstraat, kadastraal gekend als (afd. 1) sectie K nrs. 358p, 358m, 359f en 360h met referte V698.

 

Juridische grond

Art. 4.2.16 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening

 

Adviezen

Niet van toepassing

 

Argumentatie

Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van een perceel grond met gemeentelijk kenmerk V698 werd afgeleverd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 25 juni 2025 aan Stefan Brugmans.

Het betreft de afbraak van bestaande bebouwingen en constructies en het realiseren van 1 lot open bebouwing op een perceel met adres Heiligenbornstraat, kadastraal gekend als (afd. 1) sectie K nrs. 358p, 358m, 359f en 360h.

De voorwaarden die werden opgelegd bij de omgevingsvergunning zijn:

        Het volledige terrein dient vrij gemaakt te worden van constructies binnen de aangeduide zone waar de af te breken gebouwen zich situeren, d.w.z. alle gebouwen en verhardingen dienen verwijderd te worden waardoor er een braakliggend terrein bekomen wordt.

        Indien er asbest aanwezig is op de werf, dient bij de sloop en verwijdering van het asbesthoudend materiaal de bepalingen van Vlarem II Hfdst. 6.4. opgevolgd te worden (www.asbestinfo.be).

        Bij de afbraakwerken dienen de nodige maatregelen te worden getroffen om de verkeersveiligheid en de stabiliteit van de aanpalende woningen optimaal te verzekeren.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        De loten 2 en 3 worden uit de verkaveling gesloten gezien lot 2 zijn bestemming reeds verkregen heeft door de bestaande bebouwing en lot 3 een achterliggend perceel betreft dienst doende als tuinzone..

        De verkavelaar dient zelf en op eigen kosten de nodige stappen te ondernemen om de aansluitbaarheid van de loten op de nutsvoorzieningen te waarborgen, dit cfr. de geldende bepalingen van de verschillende nutsmaatschappijen.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius d.d. 14.05.2025 met ref. 5000100191 dient strikt te worden nageleefd.

 

Op 14/11/2025 mochten we het bewijs ontvangen dat er voor Fluvius geen kosten zijn. En op 14/11/2025 kregen we ook bewijs dat voor de Watergroep de financiering van de waterbevoorrading in orde was.

 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

 

Besluit

Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen verklaart dat er aan de opgelegde voorwaarden werd voldaan, betreffende de verkavelingsvergunning met gemeentelijk kenmerk V698 afgeleverd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 25 juni 2025 aan Stefan Brugmans voor de afbraak van bestaande bebouwingen en constructies en het realiseren van 1 lot open bebouwing op een perceel met als adres Heiligenbornstraat en kadastraal gekend als (afd. 1) sectie K 358p, 358m, 359f, 360h.

Artikel 2: Het college van burgemeester en schepenen levert aan Wilsens Cleeren Verduyn D'Joos notarissen een attest van verkoopbaarheid conform artikel 4.2.16 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening af.

Artikel 3: De volgende voorwaarden bij de verkavelingsvergunning blijven van toepassing:

        Het volledige terrein dient vrij gemaakt te worden van constructies binnen de aangeduide zone waar de af te breken gebouwen zich situeren, d.w.z. alle gebouwen en verhardingen dienen verwijderd te worden waardoor er een braakliggend terrein bekomen wordt.

        Indien er asbest aanwezig is op de werf, dient bij de sloop en verwijdering van het asbesthoudend materiaal de bepalingen van Vlarem II Hfdst. 6.4. opgevolgd te worden (www.asbestinfo.be).

        Bij de afbraakwerken dienen de nodige maatregelen te worden getroffen om de verkeersveiligheid en de stabiliteit van de aanpalende woningen optimaal te verzekeren.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        De loten 2 en 3 worden uit de verkaveling gesloten gezien lot 2 zijn bestemming reeds verkregen heeft door de bestaande bebouwing en lot 3 een achterliggend perceel betreft dienst doende als tuinzone..

        De verkavelaar dient zelf en op eigen kosten de nodige stappen te ondernemen om de aansluitbaarheid van de loten op de nutsvoorzieningen te waarborgen, dit cfr. de geldende bepalingen van de verschillende nutsmaatschappijen.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius d.d. 14.05.2025 met ref. 5000100191 dient strikt te worden nageleefd.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening d.d. 12.05.2025 dient nageleefd te worden.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Hoogsimsestraat: principieel akkoord met  desaffectatie naar OD van het wegoverschot perceel 2e Afdeling Sie F nr 864/2C

Aanvraag omgevingsvergunning over: het verkavelen van 4 loten halfopen bebouwing en 1

lot open bebouwing ingediend door Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te

Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen

Hoogsimsestraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 864 K, (afd. 2) sectie F 864 H,

(afd. 2) sectie F 864 E, (afd. 2) sectie F 864/2 A en (afd. 2) sectie F 864/2 B.

Deze omgevingsvergunning kan echter niet afgeleverd worden gezien er nog een perceel in privé-eigendom van de gemeente voorligt, en zodoende niet alle percelen binnen deze verkavelingsaanvraag grenzen aan openbaar domein.

Het voorliggende perceel met kadastraal nummer 2e Afdeling Sie F nr. 864/2C in privé-eigendom van de gemeente Alken, zal gedesaffecteerd worden naar openbaar domein van de gemeente Alken, gezien er op dit moment nog geen duidelijkheid is aangaande de vastlegging van de rooilijn voor de Hoogsimsestraat. (procedure dient nog opgestart te worden i.f.v. heraanleg wegenis en rioleringswerken).

Gezien de omgevingsvergunning aan het CBS voorligt, wordt nu ook de principiële goedkeuring voor de desaffectatie voorgelegd aan het CBS. Deze zal vervolgens nog aan de gemeenteraad ter goedkeuring voorgelegd worden.

 

Feiten en context

Aanvraag omgevingsvergunning over: het verkavelen van 4 loten halfopen bebouwing en 1

lot open bebouwing ingediend door Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te

Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen

Hoogsimsestraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 864 K, (afd. 2) sectie F 864 H,

(afd. 2) sectie F 864 E, (afd. 2) sectie F 864/2 A en (afd. 2) sectie F 864/2 B.

Deze omgevingsvergunning kan echter niet afgeleverd worden gezien er nog een perceel in privé-eigendom van de gemeente voorligt, en zodoende niet alle percelen binnen deze verkavelingsaanvraag grenzen aan openbaar domein.

Het voorliggende perceel met kadastraal nummer 2e Afdeling Sie F nr. 864/2C in privé-eigendom van de gemeente Alken, zal gedesaffecteerd worden naar openbaar domein van de gemeente Alken, gezien er op dit moment nog geen duidelijkheid is aangaande de vastlegging van de rooilijn voor de Hoogsimsestraat. (procedure dient nog opgestart te worden i.f.v. heraanleg wegenis en rioleringswerken).

Gezien de omgevingsvergunning aan het CBS voorligt, wordt nu ook de principiële goedkeuring voor de desaffectatie voorgelegd aan het CBS. Deze zal vervolgens nog aan de gemeenteraad ter goedkeuring voorgelegd worden.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur Artikel 41 11°

VCRO

 

Adviezen

Niet van toepassing

 

Argumentatie

Aanvraag omgevingsvergunning over: het verkavelen van 4 loten halfopen bebouwing en 1

lot open bebouwing ingediend door Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te

Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen

Hoogsimsestraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 864 K, (afd. 2) sectie F 864 H,

(afd. 2) sectie F 864 E, (afd. 2) sectie F 864/2 A en (afd. 2) sectie F 864/2 B.

Deze omgevingsvergunning kan echter niet afgeleverd worden gezien er nog een perceel in privé-eigendom van de gemeente voorligt, en zodoende niet alle percelen binnen deze verkavelingsaanvraag grenzen aan openbaar domein.

Het voorliggende perceel met kadastraal nummer 2e Afdeling Sie F nr. 864/2C in privé-eigendom van de gemeente Alken, zal gedesaffecteerd worden naar openbaar domein van de gemeente Alken, gezien er op dit moment nog geen duidelijkheid is aangaande de vastlegging van de rooilijn voor de Hoogsimsestraat. (procedure dient nog opgestart te worden i.f.v. heraanleg wegenis en rioleringswerken).

Gezien de omgevingsvergunning aan het CBS voorligt, wordt nu ook de principiële goedkeuring voor de desaffectatie voorgelegd aan het CBS. Deze zal vervolgens nog aan de gemeenteraad ter goedkeuring voorgelegd worden.

Verkavelingsplan OMV V702 in bijlage.

Plan GIS in bijlage.

 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

 

Besluit

Artikel 1: Het college van burgemeester en schepenen gaat principieel akkoord met de desaffectie naar openbaar domein van de gemeente Alken,  van het perceel in prive-eigendom van de gemeente Alken nl. perceel 2e Afdeling Sie F nr. 864/2C.

Artikel 2: De desaffectatie van het perceel 2e Afdeling Sie F nr 864/2C naar openbaar domein zal vervolgens aan de gemeenteraad ter goedkeuring worden voorgelegd.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Omgevingsvergunning 1042 - de heer Frédérique Mercken met als contactadres Havermarkt 32 te 3500 Hasselt en Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. Het betreft een aanvraag over: de regularisatie van 2 halfopen ééngezinswoningen (gewijzigde aanvraag). De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Bulsstraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie E 1090 E, (afd. 2) sectie E 1090 C, (afd. 2) sectie E 1090 N en (afd. 2) sectie E 1090 P.

Aanvraag omgevingsvergunning over: de regularisatie van 2 halfopen ééngezinswoningen (gewijzigde aanvraag) ingediend door de heer Frédérique Mercken met als contactadres Havermarkt 32 te 3500 Hasselt en Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Bulsstraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie E 1090 E, (afd. 2) sectie E 1090 C, (afd. 2) sectie E 1090 N en (afd. 2) sectie E 1090 P. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.

 

VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN

1.a. Aanvraag

Aanvragers:

de heer Frédérique Mercken met als contactadres Havermarkt 32 te 3500 Hasselt en Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt

 

Ligging van het perceel:

Bulsstraat zn.

 

Kadastrale gegevens:

afdeling 2 sectie E nrs. 1090E, 1090C, 1090N en 1090P

 

Projectnaam:

Bulsstraat - JVMM

 

Dossiernummer:

202597

 

Intern dossiernummer:

1042

 

ID omgevingsplatform:

OMV_2025097348

 

Type dossier:

Aanvraag omgevingsproject

 

1.b. Omschrijving aanvraag

de regularisatie van 2 halfopen ééngezinswoningen (gewijzigde aanvraag)

 

Werken

Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:

- Het bouwen van 2 halfopen ééngezinswoningen met carport

 

1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften

Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 03.04.1979 – woongebied met landelijk karakter  (eerste 50m vanaf de rooilijn).

 

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven.

 

(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).

 

Het eigendom is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg en/of ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

De aanvraag is gelegen binnen de omschrijving van een niet-vervallen verkaveling met ref. V672 goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen op 20.10.2021 voor het verkavelen van 4 loten halfopen bebouwing en 1 lot open bebouwing.

 

Overwegende dat de voorschriften van de verkaveling V672 d.d. 20.10.2021 primeren op die van het gewestplan

 

Verordeningen:

        Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;

        Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;

        Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)

        Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 10.02.2023 houdende de vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater, dient gevolgd te worden.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.11.2022 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht heeft goedgekeurd.

 

1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)

Waterwetboek:

Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt in hoofdstuk III – afdeling I bepaalde verplichtingen op, die “de watertoets” genoemd worden Deze verplichtingen zijn ondertussen verstrengd in enkele wijzigingen van dit decreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten, waaronder het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 05/07/2013 en de latere wijzigingen en verstrengingsbeslissingen. De kaarten beschikbaar op www.waterinfo.be/watertoets , die vastgesteld zijn door de Vlaamse Regering op 25 november 2022, vormen de basis voor de watertoets.

 

Watertoets:

Overwegende dat het voorliggende project de realisatie van 2 halfopen ééngezinswoningen betreft, waarbij het perceel niet gelegen is in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is.  Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem beperkt.

 

De totale oppervlakte van het af te wateren dakoppervlak bedraagt ongeveer 124m² voor de woning links en ongeveer 108m² voor de rechter woning.  Het dakoppervlak watert af naar een hemelwaterput van 10 000 liter voor de linker woning en 7 500 liter voor de rechter woning die overloopt naar een open infiltratie/buffer voorziening in de tuinzone van 4 215 liter voor de linker woning met een infiltratieoppervlakte van 16,50 m² en 3 267 liter voor de rechter woning en een infiltratieoppervlakte van 11,25m².  Het in de hemelwaterput opgevangen hemelwater wordt hergebruikt voor de toiletten en een buitenkraan.

 

Er werd op de plannen aangeduid dat er verhardingen zullen worden aangelegd voor de inrit en een tuinpad in waterdoorlatende materialen.  Ook wordt er aan de achterzijde aansluitend aan de woningen een terras voorzien in keramische tegels, deze verharding loopt af naar de achterliggende tuinzone.  Voor deze verhardingen kan het hemelwater afwateren op het eigen perceel gezien dit ter plaatse kan infiltreren.  De aan te leggen verhardingen dienen zoveel mogelijk in waterdoorlatende materialen te worden voorzien zowel in fundering als opbouw. 

 

Het afvalwater wordt gescheiden afgevoerd tot op de perceelsgrens en aangesloten op de openbare riolering volgens de geldende richtlijnen en bepalingen.  De voorziene hemelwaterput en infiltratie/buffervoorziening compenseren de te verharden oppervlakte.

 

De voorliggende aanvraag voldoet aan het besluit van de Vlaamse regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.

 

Milieu:

///

 

Stikstofdecreet:

Het Decreet van de Vlaamse Overheid over de programmatische aanpak stikstof (kortweg ‘Stikstofdecreet’) verstaat het bouwen van dit project volgens artikel 2.41° als een vergunningsplichtig verkeergenererend project en dat geen verkeerdragend infrastructuurproject is en dat stikstofemissiegererende vervoersbewegingen veroorzaakt, of de wijziging van een dergelijk project.

 

De door de aanvrager berekende gecumuleerde effecten van de stikstofdepositie ten gevolge van vervoersbewegingen en/of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase en exploitatiefase, veroorzaakt door de activiteit, zijn lager dan 1% minimisdrempelwaardes en een verdere passende beoordeling voor de effecten van stikstofdepositie via lucht zijn niet nodig. Dit betekent dat zelfs indien het project op het meest kritische habitat gebouwd wordt, de impact niet zal zorgen voor een overschrijding van de 1% minimisdrempelwaardes.

 

1.e. Procedureverloop

Procedurestap

Datum

Ontvangst aanvraag

24 augustus 2025

Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs

29 september 2025

Opening openbaar onderzoek

9 oktober 2025

Afsluiten openbaar onderzoek

7 november 2025

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Dossierbehandelaar

Anne Hermans

Omgevingsambtenaar

Anne Hermans

Datum  verslag GOA

13 november 2025

 

1.f. Historiek

Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:

        Er werd een omgevingsvergunning verleend door het college van burgemeester en schepenen op 30 juni 2025 met ref. OMV_2025018242 voor het bouwen van 2 halfopen ééngezinswoningen (o./ref. OMV 998)

 

2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag

De aanvraag betreft het bouwen van 2 ééngezinswoningen in halfopen bebouwing met carport op de loten 6A en 6B van de verkaveling V672 d.d. 20.10.2021.

 

Deze loten zijn gelegen langs een uitgeruste gemeenteweg, zijnde de Bulsstraat, een weg in asfalt. De straat wordt gekenmerkt door eengezinswoningen in open bebouwing en halfopen bebouwing, hoeves en landbouwactiviteiten in een landelijke omgeving.  De percelen situeren zich tussen Bulsstraat 107, een open ééngezinswoning en Bulsstraat 115, een hoevegebouw in restauratie.  De loten 6A en 6B grenzen aan de zijde met de open bebouwing, Bulsstraat 107.

 

Op 30 juni 2025 werd er reeds een omgevingsvergunning verleend voor deze loten voor het bouwen van 2 halfopen ééngezinswoningen met carport (OMV_2025018242).  Huidige aanvraag betreft een aanpassing van de vergunde plannen.  Zo zal de inplanting binnen de huidige aanvraag gebeuren op de voorgeschreven 8m vanaf de rooilijn voor de woning links zoals voorzien binnen de verkaveling.  Ten aanzien van de voorgevellijn is er een verspinging voorzien naar achter waardoor de rechter woning op 8m75 zal ingeplant worden.

 

Woning 1 heeft op het gelijkvloers een totale bouwdiepte van 13,95m.  Binnen de huidige aanvraag werd er voorzien dat de bouwdiepte op de verdieping aangepast en gelijkgetrokken wordt met de achtergevel van woning 2.  Hierdoor komt de bouwdiepte van deze woning op de verdieping op 12,45m. Er is aansluitend nog een uitbouw met plat dak aanwezig voor de afwerking van de gelijkvloerse bouwlaag met een bouwdiepte van 1,50m.  Door de bouwdiepte op de verdieping gelijk te leggen ontstaat een eenvoudige architectuur, dewelke binnen meer ruimte creëert voor de slaapkamers.  De uitbreiding van het volume op de verdieping van woning 1 heeft geen impact aangaande de privacy ten opzichte van de aanpalende buren, gezien er geen gevelopeningen meer voorzien worden in de zijgevel na de eerste bouwdiepte van 7m.

 

Voor het overige blijft het ontwerp en de voorziene materialen behouden zoals voorzien in de omgevingsvergunning van 30.06.2025 met ref. OMV_2025018242.

 

2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)

De aanvraag is deels in strijd met de voorschriften van de verkaveling V672 voor wat betreft de inplanting van de woningen en de bouwdiepte op de verdieping.

 

Conform artikel 4.4.1.§1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordeningen kunnen in een stedenbouwkundige vergunning, na een openbaar onderzoek, beperkte afwijkingen worden toegestaan op stedenbouwkundige voorschriften en verkavelingsvoorschriften met betrekking tot perceelsafmetingen, de afmetingen en de inplanting van constructies, de dakvorm en de gebruikte materialen. Afwijkingen kunnen niet worden toegestaan voor wat betreft:

 

1° de bestemming;

2° de maximaal mogelijke vloerterreinindex;

3° het aantal bouwlagen.

 

De voorschriften van de verkaveling V672 stellen dat:

‘2.1.B Inplanting

Het hoofdgebouw wordt ingeplant zoals grafisch aangeduid op het verkavelingsplan.

De voorgevels op 8 m achter de rooilijn.

 

2.1.C Bouwvolume

BOUWDIEPTE

Geschakelde bebouwing (lot 6B)

Bouwdiepte gelijkvloers: maximaal 15 m

Bouwdiepte verdieping: maximaal 12 m

 

2.2.A Inplanting

De inplanting van aangebouwde bijgebouwen dient voorzien te worden binnen de zone voor hoofdbouw

 

2.2.B Bouwvolume

Carports: Worden niet toegelaten in de voortuin en de bouwvrije zijtuinstrook’

.

Het ontwerp voorziet de realisatie van 2 halfopen grondgebonden ééngezinswoningen waarbij het ontwerp zo is opgevat dat dit één geheel vormt en de woningen het uitzicht hebben van één vrijstaande woning in landelijke stijl.  De inplanting van de woningen wordt voorzien op 8m vanaf de rooilijn zoals voorzien op het verkavelingsplan, echter doordat de voorgevellijn iets inspringt ten aanzien van de rechter woning komt deze inplanting op 8m75.  Dit ontwerp sluit ook aan op de bestaande woning op het linker aanpalende perceel, zijnde Bulsstraat 107.  Echter dit ontwerp blijft volledig binnen de contouren van de bouwzone voorzien volgens het verkavelingsplan.  Verder wijkt het ontwerp voor beide woningen licht af van de bouwdiepte op de verdieping waarbij deze komt tot op 12m45 ipv de voorgeschreven 12m.  Echter dit betreft een zeer beperkte meerdiepte.  Ook worden er binnen de bouwvrij zijtuinstrook carports voorzien aansluitend aan het hoofdvolume.  Dit is tevens niet conform de voorschriften en vormt hierop een afwijking (dit werd reeds zo vergund in de vorige aanvraag).  Het betreffen beperkte open constructies die geen hinder geven naar de aanpalende percelen en door het voorzien van deze carports in de zijtuinstrook wordt er ook vermeden dat er nog bijkomende verhardingen moeten voorzien worden tot aan de achtertuinzone.  Voorgestelde afwijkingen kunnen ter plaatse aanvaard worden gezien ze beperkt zijn en geen hinder zullen veroorzaken ten aanzien van de aanpalende percelen en de omgeving.  Er werden ook geen bezwaarschriften ingediend door de aanpalende eigenaars waardoor men in de veronderstelling kan zijn dat deze aanpalende eigenaars akkoord kunnen gaan met het voorgesteld ontwerp.  Deze afwijkingen betreffen een minimale toename van de normen voorzien in de verkaveling waardoor deze afwijking rekening houdt met de basisvisie van de verkaveling en het ontwerp bijgevolg nog steeds conform is aan de ruimtelijke aanleg ter plaatse.

 

2.c. Adviezen

Externe Adviezen

Adviesinstantie

 

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Conclusie

Fluvius

29 september 2025

1 oktober 2025

voorwaardelijk gunstig

De Watergroep

29 september 2025

30 september 2025

voorwaardelijk gunstig

 

2.d. Bespreking van de adviezen

     De aanvraag werd op 29.09.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Fluvius - Kenniscentrum riolering.  Op 01.10.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies met ref. 5000111768  ontvangen.  De integrale inhoud van dit advies kan worden onderschreven

     De aanvraag werd op 29.09.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan De Watergroep.  Op 30.09.2025  werd er een voorwaardelijk gunstig advies via het omgevingsloket ontvangen.  De integrale inhoud van dit advies kan worden onderschreven

 

2.e. Openbaar onderzoek

Het openbaar onderzoek werd gehouden door aanplakking op de gewone aanplakplaatsen, van 9 oktober 2025 tot 7 november 2025.

 

Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en geen digitale bezwaren

 

2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek

Er werden geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en geen digitale bezwaren ingediend tijdens het openbaar onderzoek.

 

2.g. Beoordeling

Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:

De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.

 

        Functionele inpasbaarheid: de aanvraag betreft de realisatie van 2 halfopen grondgebonden ééngezinswoningen met carport.  Het voorgestelde ontwerp is functioneel aanvaardbaar, gelet op de geldende bestemmingsvoorschriften en de aanwezige bebouwingen in de onmiddellijke omgeving, rekening houdend met de gemotiveerde afwijkingen.  Het betreft de realisatie van 2 halfopen ééngezinswoningen in een landelijk woongebied waarbij de voorgestelde werken  bijgevolg zone-eigen en gangbaar zijn voor deze omgeving.

        Mobiliteitsaspect:. er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat onderhavige aanvraag geen invloed zal hebben op de mobiliteit.  Er worden ook voldoende parkeerplaatsen voorzien op het eigen terrein bij de ééngezinswoningen.

        Schaal, ruimtegebruik en bouwdichtheid: voorliggende aanvraag heeft dezelfde schaalgrootte als op de percelen in de nabije omgeving en valt dan ook niet uit de toon ten opzichte van de omliggende woningen.  De inplanting van de woningen blijft grotendeels behouden waardoor enige hinder naar buurpercelen toe zeer beperkt blijft en als niet-uitzonderlijk kunnen beschouwd worden.  Het perceel is ook voldoende ruim waardoor het voorgestelde ontwerp ruimtelijk inpasbaar is.  Het ontwerp is niet storend in de ruimtelijke context en kan bijgevolg worden aanvaard.  De aanvraag heeft geen invloed op het bestaande ruimtegebruik.  De tuinzone voor de ééngezinswoningen is gesitueerd aan de achterzijde en wordt gevrijwaard door de plaatsing van de carports in de zijtuinstrook, waardoor die op een kwalitatieve wijze kan worden ingericht.

        Visueel-vormelijke elementen: voorgestelde woningen worden voorzien in materialen die aansluiten op elkaar en waarbij er naar vormgeving, materiaalgebruik en architectuur gestreefd werd naar een harmonisch geheel.  Het ontwerp kan dus positief beoordeeld worden voor het beschouwde beoordelingscriterium binnen de bestaande landelijke omgeving.  De werken hebben een geringe impact ten aanzien van de omgeving en brengen de goede ruimtelijke ordening niet in het gedrang.  De materialen die gebruikt worden zijn afgestemd op de huidige bebouwing, zijnde lichtgrijze baksteen gecombineerd met houten accenten voor de carports, voordeur, dakkapellen en raamluikjes.  Dit geheel wordt gecombineerd met aluminium buitenschrijnwerk uit antraciet kleur.  De hellende daken worden voorzien van antracietgrijze dakpannen.

        Cultuurhistorische aspecten: . Het perceel en deze eigendom zijn niet gelegen binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht.  De aanvraag heeft geen invloed op de cultuurhistorische aspecten.

        Het bodemreliëf: Het bestaande bodemreliëf blijft grotendeels behouden.  Enkel rondom de zone voor de realisatie van de woningen wordt het reliëf licht aangepast/aangevuld.

        Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: Er dient in alle redelijkheid te worden gesteld dat, gelet op de inplanting, de voorgestelde woningen de privacy van de omwonenden niet wordt geschonden.  De voorgestelde invulling zal geen negatieve invloed hebben op de leefbaarheid en kwaliteit van de omgeving.

 

Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:

///

 

Conclusie

Voorwaardelijk gunstig advies

 

Gunstig advies, onder volgende voorwaarden:

        De algemene en bijzondere voorwaarden van Fluvius – kenniscentrum riolering met ref. 5000111768 d.d. 01.10.2025 dienen opgevolgd te worden.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening d.d. 30.09.2025 dient strikt nageleefd te worden.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        Er dienen voldoende maatregelen genomen te worden voor de opvang van het hemelwater op het eigen terrein.  De aangeduide verhardingen op het perceel voor de inrit en het tuinpad dienen in waterdoorlatende materialen te worden uitgevoerd zowel in opbouw als in fundering.

        Het bestaande terreinprofiel dient zoveel als mogelijk behouden te blijven en aan te sluiten op de aanpalende percelen.

        De infiltratievoorzieningen achteraan het perceel dienen binnen een straal van max. 20m van de woningen voorzien te worden en op min. 1m afstand van de perceelsgrenzen.

        Voor bronbemalingen moet voldaan worden aan de sectorale voorschriften voor subrubriek 53.2 van de indelingslijst van Vlarem I (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II); met betrekking tot de lozing van het bemalingswater wordt verwezen naar Vlarem II art. 6.2.2.1.2 § 5.

        De lozing van het bemalingswater dient te gebeuren overeenkomstig art. 6.2.2.1.2 § 5 van Vlarem II.

        De reglementeringen inzake bronbemaling/droogzuiging bij bouwwerken dient strikt na te worden geleefd. Indien er een bronbemaling/droogzuiging geplaatst wordt voor aanvang van de bouwwerken dient men een melding te doen bij de milieudienst van de gemeente Alken. Let op!  Bij de plaatsing van een bronbemaling/droogzuiging mag het opgepompte water nooit worden geloosd binnen/over het openbaar wegdomein!

        Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen.

 

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

 

Besluit

BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 19/11/2025 HET VOLGENDE:

 

1. De aanvraag ingediend door de heer Frédérique Mercken met als contactadres Havermarkt 32 te 3500 Hasselt en Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt, voor de regularisatie van 2 halfopen ééngezinswoningen (gewijzigde aanvraag), gelegen Bulsstraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie E 1090 E, (afd. 2) sectie E 1090 C, (afd. 2) sectie E 1090 N en (afd. 2) sectie E 1090 P .

 

2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:

        De algemene en bijzondere voorwaarden van Fluvius – kenniscentrum riolering met ref. 5000111768 d.d. 01.10.2025 dienen opgevolgd te worden.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening d.d. 30.09.2025 dient strikt nageleefd te worden.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        Er dienen voldoende maatregelen genomen te worden voor de opvang van het hemelwater op het eigen terrein.  De aangeduide verhardingen op het perceel voor de inrit en het tuinpad dienen in waterdoorlatende materialen te worden uitgevoerd zowel in opbouw als in fundering.

        Het bestaande terreinprofiel dient zoveel als mogelijk behouden te blijven en aan te sluiten op de aanpalende percelen.

        De infiltratievoorzieningen achteraan het perceel dienen binnen een straal van max. 20m van de woningen voorzien te worden en op min. 1m afstand van de perceelsgrenzen.

        Voor bronbemalingen moet voldaan worden aan de sectorale voorschriften voor subrubriek 53.2 van de indelingslijst van Vlarem I (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II); met betrekking tot de lozing van het bemalingswater wordt verwezen naar Vlarem II art. 6.2.2.1.2 § 5.

        De lozing van het bemalingswater dient te gebeuren overeenkomstig art. 6.2.2.1.2 § 5 van Vlarem II.

        De reglementeringen inzake bronbemaling/droogzuiging bij bouwwerken dient strikt na te worden geleefd. Indien er een bronbemaling/droogzuiging geplaatst wordt voor aanvang van de bouwwerken dient men een melding te doen bij de milieudienst van de gemeente Alken. Let op!  Bij de plaatsing van een bronbemaling/droogzuiging mag het opgepompte water nooit worden geloosd binnen/over het openbaar wegdomein!

        Indien er innames van het openbaar domein gebeuren tijdens de realisatie van de bouwwerken dient er rekening gehouden te worden met het geldende gemeentelijk reglement/verordening inzake inname openbaar domein en dient er een aanvraag te worden gericht tot inname openbaar domein aan de gemeente Alken – college van burgemeester en schepenen.

 

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

 

Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 99. § 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:

1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;

2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;

3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;

4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt;

5° als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangen.

 

De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:

1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;

2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.

 

De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.

 

Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.

 

§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:

1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;

2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;

3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.

 

§ 2/1. De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten vervalt van rechtswege als de kleinhandelsactiviteiten meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken.

 

§ 2/2. De omgevingsvergunning voor het wijzigen van de vegetatie vervalt van rechtswege als het wijzigen van de vegetatie niet binnen twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.

 

§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.

 

Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.

 

Artikel 100. De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.

 

In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.

 

Artikel 101. De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.

 

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.

 

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.

 

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.

 

Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 52. (…)

 

De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.

 

Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:

1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;

2° het betrokken publiek;

3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;

4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;

5° ...;

6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde;

7° de leidend ambtenaar van het Agentschap Innoveren en Ondernemen of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als het project vergunningsplichtige kleinhandelsactiviteiten omvat;

8° de leidend ambtenaar van het agentschap, bevoegd voor natuur en bos, of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde als het project vergunningsplichtige wijzigingen van de vegetatie omvat.

 

Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:

1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;

2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;

3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.

 

Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.

 

In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:

1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;

2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;

3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.

 

Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.

 

Als met toepassing van artikel 31/1 bij de Vlaamse Regering een georganiseerd administratief beroep werd ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg, bevat het beroep op straffe van onontvankelijkheid een afschrift van het beroepschrift bij de Vlaamse Regering.

 

Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:

1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;

2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;

3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.

 

De Vlaamse Regering bepaalt, eventueel met inbegrip van een onontvankelijkheidssanctie, nadere regels met betrekking tot de opbouw en de inhoud van het beroepsschrift en de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.

 

Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.

 

Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de provinciale respectievelijk gewestelijke omgevingsambtenaar of de door hem gemachtigde de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.

 

Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.

 

Artikel 57/1. Beroepen inzake omgevingsvergunningen die uitsluitend kleinhandelsactiviteiten omvatten en die louter gebaseerd zijn op economische criteria in functie van economische doelstellingen, zijn onontvankelijk.

 

Artikel 58. Het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 57, wordt aan de beroepsindiener binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de datum van de verzending van het beroepschrift per beveiligde zending meegedeeld.

 

De onvolledigheid of onontvankelijkheid heeft van rechtswege de stopzetting van de beroepsprocedure tot gevolg. De beslissing wordt ter kennis gebracht van:

1° de beroepsindiener;

2° de vergunningsaanvrager;

3° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;

4° het college van burgemeester en schepenen.

 

Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:

1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;

2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;

3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:

  1. een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
  2. het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;

4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.

 

Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:

1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;

2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;

3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.

 

Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.

 

Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.

 

Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.

 

De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.

 

Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.

 

Beroepsmogelijkheden – regeling “wegenberoep” (het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen)

 

Artikel 31/1. §1. Tegen het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering door de personen of instanties, vermeld in artikel 53. De vereiste, vermeld in artikel 53, tweede lid, is ook van toepassing op het beroep tegen het besluit van de gemeenteraad.

 

Het beroep leidt tot de vernietiging van het bestreden besluit of tot de afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan.

 

§ 2. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid met een beveiligde zending ingediend bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op:

1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;

2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;

3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.

 

De indiener van het beroep bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig met de beveiligde zending van het beroep aan de Vlaamse Regering, een afschrift van het beroepschrift met een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan de bevoegde beroepsinstantie, vermeld in artikel 52.

 

§ 3. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het volledige dossier of een afschrift daarvan onmiddellijk na de ontvangst van het afschrift van het beroepschrift, aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.

 

§ 4. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het beroep binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de ontvangst van het dossier, vermeld in paragraaf 3. Die termijn is een termijn van orde.

 

De Vlaamse Regering brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van haar beslissing.

 

§ 5. Het besluit van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan alleen worden vernietigd:

1° wegens strijdigheid met het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;

2° wegens strijdigheid met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van hetzelfde decreet;

3° wegens de niet-naleving van een substantiële vormvereiste.

 

(NVDR: Ingevolge het delegatiebesluit (BVR 25/7/2014) is de minister, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, bevoegd voor dit “wegenberoep”. Dit beroep kan niet digitaal worden ingesteld.)

 

Mededeling

 

Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Omgevingsvergunning V701 voor het verkavelen van gronden - Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. Het betreft een aanvraag over: het verkavelen van 6 loten halfopen bebouwing. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Klameerstraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 859 G.

Aanvraag omgevingsvergunning over: het verkavelen van 6 loten halfopen bebouwing ingediend door Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Klameerstraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 859 G. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.

 

VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN

1.a. Aanvraag

Aanvragers:

Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt

 

Ligging van het perceel:

Klameerstraat zn.

 

Kadastrale gegevens:

afdeling 2 sectie F nr. 859G

 

Projectnaam:

Klameerstraat - JVMM

 

Dossiernummer:

20257

 

Intern dossiernummer:

V701

 

ID omgevingsplatform:

OMV_2025090657

Type dossier:

Verkaveling

 

1.b. Omschrijving aanvraag

het verkavelen van 6 loten halfopen bebouwing

 

1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften

Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 03.04.1979 – woongebied met landelijk karakter  (eerste 50m vanaf de rooilijn) en agrarisch gebied (achterliggend gedeelte).

 

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven.

 

De agrarische gebieden zijn bestemd voor landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen de agrarische gebieden enkel mogen bevatten, de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt mogen slechts opgericht worden op ten minste 300m van een woongebied of op ten minste 100m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100m geldt evenwel niet in het geval van uitbreiding van bestaande bedrijven (artikel 11 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).

   -  .

 

(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).

 

Het perceel is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg, ruimtelijk uitvoeringsplan of niet-vervallen verkaveling.

 

Het blijft echter de bevoegdheid van de overheid de aanvraag te toetsen aan de gebruikelijke inzichten en noden betreffende een goede aanleg der plaats, gebaseerd op de eerder geciteerde voorschriften van het van kracht zijnde gewestplan.

 

Verordeningen:

        Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;

        Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;

        Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)

        Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 01.01.2014 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater, dient gevolgd te worden.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 30.04.2015 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht goedgekeurd.

 

1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)

Waterwetboek:

Onder verwijzing naar artikel 1.3.1.1 van de gecodificeerde decreten betreffende het integraal waterbeleid van 30/11/2018 werd voor deze aanvraag tot een omgevingsvergunning onderzocht of er een schadelijk effect door de werken en/of exploitatie wordt veroorzaakt.

Watertoets:

De voorliggende aanvraag heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een risicozone voor overstromingen zoals vastgesteld in bovenvermelde regelgeving, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is, en dat de aanvraag derhalve volledig verenigbaar is met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.

 

Enkel door de toename van de verharde oppervlakte bij de bebouwing van deze percelen zal de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt worden; dit dient gecompenseerd te worden door de plaatsing van een hemelwaterput en de aanleg van een infiltratiezone bij de realisatie van een woning bij het verlenen van de omgevingsvergunning op deze percelen, overeenkomstig de normen vastgelegd in de geldende verordening.

 

Milieu:

///

 

Archeologienota

Overeenkomstig artikel 5.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 werd er een afschrift van de gemotiveerde beslissing van het agentschap Onroerend Erfgoed over de archeologienota met ID: 34347   URI: https://id.erfgoed.net/archeologie/archeologienotas/34347 en onderwerp vooronderzoek_Alken_Klameerstraat overgemaakt aan de gemeente Alken.  Het Agentschap Onroerend Erfgoed heeft akte genomen van deze archeologienota op datum van 24.09.2025.

 

Algemene bepalingen inzake milieubeleid (MER)

Het ingediende dossier bevat een m.e.r.-screeningsnota zoals vermeld in artikel 4.3.3. §2 van het decreet van 05/04/1995 houdende de algemene bepalingen inzake milieubeleid (er op gelet dat het project onder bijlage 3, art. 10 van het “Besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 houdende vaststelling van de categorieën van projecten onderworpen aan milieueffectrapportage”).

 

Uit deze nota kan worden afgeleid dat het project geen nadelige milieueffecten tot gevolg heeft; er zijn geen gevolgen voor de mensen, fauna en flora en monumenten en landschappen. Hieruit blijkt dat de opmaak van een MER niet nodig is en dat er geen betekenisvolle milieueffecten te verwachten zijn, zowel in aanlegfase als exploitatiefase.

 

Asbestinventaris

De sloop- en verwijderingswerken van asbesthoudende materialen dienen te voldoen aan het Koninklijk Besluit van 16 maart 2006 (BS 23.03.2006) en de CODEX betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's van blootstelling aan asbest.

 

Stikstofdecreet:

Het Decreet van de Vlaamse Overheid over de programmatische aanpak stikstof (kortweg ‘Stikstofdecreet’) verstaat het bouwen van dit project volgens artikel 2.41° als een vergunningsplichtig verkeergenererend project en dat geen verkeerdragend infrastructuurproject is en dat stikstofemissiegererende vervoersbewegingen veroorzaakt, of de wijziging van een dergelijk project.

 

De door de aanvrager berekende gecumuleerde effecten van de stikstofdepositie ten gevolge van vervoersbewegingen en/of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase en exploitatiefase, veroorzaakt door de activiteit, zijn lager dan 1% minimisdrempelwaardes en een verdere passende beoordeling voor de effecten van stikstofdepositie via lucht zijn niet nodig. Dit betekent dat zelfs indien het project op het meest kritische habitat gebouwd wordt, de impact niet zal zorgen voor een overschrijding van de 1% minimisdrempelwaardes.

 

1.e. Procedureverloop

Procedurestap

Datum

Ontvangst aanvraag

31 juli 2025

Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs

20 augustus 2025

Opening openbaar onderzoek

28 augustus 2025

Afsluiten openbaar onderzoek

26 september 2025

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Dossierbehandelaar

Anne Hermans

Omgevingsambtenaar

Anne Hermans

Datum  verslag GOA

5 november 2025

 

1.f. Historiek

Perceelnummer : (afd. 2) sectie F 859 G

Volgende vergunningen en/of weigeringen werden verleend:

- Overwegende dat op 17/04/1985 een verkavelingsvergunning  (352) voor nieuwe verkaveling werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

 

Cf. de vervalregeling van verkavelingen zou 1/3 van de percelen geregistreerd moeten zijn voor verkoop, verhuring voor meer dan 9 jaar, erfpacht of opstalrecht binnen de 5 jaar na afgifte van de vergunning en 2/3 voor 1 mei 2005.  Daar blijkt niet aan voldaan te zijn, zodat de verkavelingsvergunning vervallen is.

 

2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag

Het betreft de aanvraag van een verkaveling van percelen grond voor de realisatie van 6 loten halfopen bebouwing.

 

De aanvraag is gelegen aan een gemeenteweg, zijnde de Klameerstraat, dewelke voldoende is uitgerust gelet op de plaatselijke toestand. De onmiddellijke omgeving wordt gekenmerkt door een verscheidenheid aan bouwtypes met voornamelijk open en halfopen ééngezinswoningen.  Op het rechter aanpalende perceel situeert zich een open bebouwing.  Deze percelen zijn aan de linkerzijde begrensd door de T-splitsing met de Hoogsimsestraat en grenzen dus aan deze zijde aan het openbaar domein van de Hoogsimsestraat (hoekperceel).  De omliggende bebouwingen verschillen zowel in jaar van opbouw als in bouwstijl.

 

De aanvraag betreft een nieuwe verkaveling voor 6 loten halfopen bebouwing.  Het betreft de grond gelegen tussen de woning Klameerstraat 106 en de Hoogsimsestraat dewelke zal verdeeld worden in 6 loten halfopen bebouwing.  De bouwzone wordt voorzien gelijk met de bouwlijn van de aanpalende woningen rechts.  Voor de loten 2, 3, 4, 5 en 6 komt de oppervlakte op ongeveer 4a40 en deze percelen hebben een breedte van ongeveer 11m80, hierdoor bekomt men een bouwbreedte van 8m80 per lot, uitgezonderd lot 6 waar er een bouwbreedte kan worden voorzien aan de voorgevellijn van 8m91.  Het hoekperceel, zijnde lot 1, heeft omwille van zijn ligging op de hoek met de Hoogsimsestraat en de Klameerstraat een ruimere breedte en oppervlakte, waarbij dit lot een oppervlakte heeft van 9a06.  Er wordt op dit lot een bouwbreedte ingetekend van 12m61 aan de voorgevellijn en 8m12 aan de achtergevellijn in aansluiting met lot 2.  Er blijft een afstand van 20m ten aanzien van de rooilijn met de Hoogsimsestraat behouden.  Op de andere loten blijft er een bouwvrije strook behouden van min. 3m ten aanzien van de zijdelingse perceelsgrens (aan één zijde gezien dit halfopen loten betreft) en op lot 6 blijft er een bouwvrije strook van 4m behouden ten aanzien van de bestaande bebouwing op de Klameerstraat.

 

Binnen de bouwvrije strook ten aanzien van de zijdelingse perceelsgrens kan er eventueel wel een schakelelement geplaatst worden in de vorm van een carport, dit werd ook zo aangeduid op het inplantingsplan.  Het hoofdvolume blijft echter min. 3m van de zijdelingse perceelsgrens verwijderd en op lot 6 zelfs 4m.

 

De bouwzone werd ingetekend cfr. de omliggende bebouwingen, en de voorgestelde loten hebben nog een diepte vanaf de bouwzone van ongeveer 12m waardoor er nog voldoende ruimte is op het perceel om te kunnen voorzien in een kwalitatieve groene buitenruimte bij de woningen.  Voorliggend aan deze percelen is er nog een ruime voortuinzone van ongeveer 10m tot aan het voorliggende openbaar domein gezien de woningen op gelijke bouwlijn werden ingeplant als de rechter aanpalende woningen.

 

Om de verkaveling te kunnen uitvoeren en de percelen bouwrijp te maken dienen er enkele stedenbouwkundige handelingen te worden opgenomen in de aanvraag.  . Het gaat met name over de afbraak van het schuilhok en het verwijderen van de aangrenzende verharding die binnen voorliggende verkaveling valt (zie plan bestaande toestand).  Hagen en afsluitingen die niet meer dienend zijn in de nieuwe situatie zullen tevens verwijderd worden.  Het terrein is actueel in gebruik voor paarden.  In het westelijk deel van het projectgebied staat een schuilhok.  Het betreft een eenvoudige vrijstaande

constructie in hout met beperkte omvang (30m²).  Dit volume zal worden afgebroken samen met de bijhorende verhardingen.

 

De voorschriften voorzien in grote lijnen volgende bebouwingsmogelijkheden:

* Hoofdbestemming

Grondgebonden open en halfopen ééngezinswoning

* Het gabarit – max. 2 bouwlagen afgewerkt met plat of hellend dak

* De bouwdiepte staat aangeduid op het inplantingsplan zowel voor het gelijkvloers niveau als de verdieping

 

2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)

De aanvraag is in overeenstemming met de geldende voorschriften van het gewestplan, zijnde woongebied met landelijk karakter.

 

2.c. Adviezen

Externe Adviezen

Adviesinstantie

 

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Conclusie

Fluvius

20 augustus 2025

8 september 2025

voorwaardelijk gunstig

De Watergroep

20 augustus 2025

22 augustus 2025

voorwaardelijk gunstig

Omgevingsloket Wyre

20 augustus 2025

27 augustus 2025

gunstig

 

2.d. Bespreking van de adviezen

       De aanvraag werd op 20.08.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Fluvius System Operator.  Op 08.09.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies met ref. 5000108625 ontvangen.  Dit advies wordt bijgetreden en onderschreven.

       De aanvraag werd op 20.08.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening.  Op 22.08.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies geformuleerd via het omgevingsloket.  De integrale inhoud van dit advies kan worden bijgetreden en onderschreven.

       De aanvraag werd op 20.08.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Wyre.  Op 27.08.2025 werd er een gunstig advies ontvangen.  Dit advies wordt bijgetreden en onderschreven.

 

2.e. Openbaar onderzoek

Het openbaar onderzoek werd gehouden door aanplakking op de gewone aanplakplaatsen, van 28 augustus 2025 tot 26 september 2025.

 

Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en 2 digitale bezwaren

 

Behandeling van de bezwaren:

Bezwaar1

Datum 26 september 2025

Inhoud van het bezwaar

‘Gelet op de beperkende voorschriften van de reeds aanwezige en/of aangrenzende verkavelingen in de straat, die ook slechts 1 bouwlaag toestaan ( 7003V85/7 d.d. 17041985 en 710/14.399 d.d. 30101969 )

Gelet op de beperkende voorschriften van de reeds aanwezige verkavelingen ( 7003V06-0001V01 11042006) op minder dan 50 m die volgende bijzondere bepalingen hebben gekregen :

   eengezinswoningen

   Open bebouwing met verplichte bouwvrije zijtuinstroken

   Vrijstaande gevels op minimaal 3m van zijdelingse perceelgrens

   Bouwhoogte : maximaal 1 bouwlaag onder de kroonlijst

Gelet op deze beperkingen en op een eenvormig, rustig en uniform straatbeeld met een landelijk karakter wijkt de betrokken verkavelingsaanvraag met meerdere halfopen bebouwingen en 2 bouwlagen onder de kroonlijst plus een hellend dak dermate af van de geldende beperkingen van de reeds aanwezige gebouwen, dat er hiervoor geen akkoord gegeven kan worden. Bovendien is verdichting buiten het wooncentrum hier niet noodzakelijk aangezien het kavel groot genoeg is ( >30 are) om meerdere open bebouwingen op te richten die beter in het landelijke straatbeeld passen.’

 

Bezwaar2

Datum 12 september 2025

Inhoud van het bezwaar

‘Na een eerder gesprek met jullie - gemeente Alken - werd me aangeraden mijn bezorgdheden via dit bezwaar in te dienen.  Het perceel langs me zal verkaveld en verkocht worden.  Nu heeft mijn buurman - de huidige eigenaar van het perceel - een afscheidingsdraad die ik op de grens geplaatst heb zonder overleg verwijderd.  In bijlage kan je foto’s terugvinden ter verduidelijking.  De groene draad staat op de scheidingslijn en is nog deels aanwezig.  De zwarte draad is nieuw aangelegd en staat ongeveer een halve meter van de correcte scheiding.  Graag hoor ik of de bestaande draad blijft staan of dat er een nieuwe voorzien zal worden om de grens te waarborgen.  Deze draad zorgde voor een volledig afgezette tuin waarin mijn huisdieren niet weg kunnen.  Dit wil ik graag blijven behouden.  Graag hoor ik naar een correcte oplossing.’

 

2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek

Gelet op de vereisten die de Raad voor Vergunningsbetwistingen ter zake oplegt aan de vergunningsverlener:

Om te voldoen aan de opgelegde motiveringsverplichting volstaat het dat de vergunningverlener in haar beslissing de redenen vermeldt waarop deze is gesteund.

Zij is er niet toe gehouden alle in de loop van de procedure aangevoerde bezwaren één voor één te beantwoorden (RvVb/A/1516/0884 van 31 maart 2016, in dezelfde zin: RvVb nr. A/2015/0261 van 21 april 2015 en RvVb/A/1516/0239 van 24 november 2015).

 

Er werd naar aanleiding van het openbaar onderzoek in totaal 2 bezwaarschriften/standpunten ingediend.  Deze bezwaarschriften werden binnen de periode van het openbaar onderzoek ingediend en zijn bijgevolg tijdig en ontvankelijk.

 

De inhoud van de bezwaarschriften wordt puntsgewijs besproken.  De bezwaarschriften werden onderzocht en kunnen als volgt worden beoordeeld:

 

Bezwaar 1:

        Voorgaande verkavelingen en beperkingen stedenbouwkundige voorschriften met één bouwlaag

De verkavelingen met open bebouwingen op ruime percelen waarnaar verwezen wordt zijn ontstaan in een andere tijdsgeest.  Inmiddels wordt een zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik nagestreefd, uiteraard met respect voor de omgeving.  Een halfopen bouwvorm, een duurzamere bouwwijze dan de open bouwvorm, is daarbij niet vreemd in deze omgeving.  Verderop langs de Klameerstraat komt al halfopen bebouwing voor (Klameerstraat 17 t.e.m. Klameerstraat 45), maar ook langs de Hoogsimsestraat staat een recente halfopen bebouwing (Hoogsimsestraat 64A)  Tevens werd er binnen de verkavelingen waarnaar verwezen wordt eveneens een verkavelingswijziging gevraagd en verkregen waarbij er 2 bouwlagen gerealiseerd werden met plat dak.  Langs de Hoogsimsestraat staan gebouwen van 2 bouwlagen met hellend dak, waaronder zelfs recente nieuwbouw. Daar vindt de verkaveling evenzeer rechtstreeks aansluiting bij. Daarnaast moet vastgesteld worden dat in de wat ruimere omgeving een afwisseling terug te vinden is van gebouwen met 1 tot 2 bouwlagen onder platte of hellende daken. Dergelijk afwisselend beeld is dus niet vreemd in deze omgeving. Volumes van 2 bouwlagen met een hellend dak zijn bovendien nog steeds beperkt van omvang en landelijk van aard en dus verenigbaar in de omgeving.

        Bouwdichtheid

Met de voorgestelde invulling blijft de woondichtheid beperkt tot 15 we/ha. Dergelijke dichtheid is laag en landelijk van aard en bijgevolg inpasbaar in deze omgeving. Het ligt ook in lijn met recentere verkavelingen/projecten in de directe omgeving (vb. Hoogsimsestraat 64A/B en Klameerstraat 37A-41B).  Voorgestelde bouwdichtheid sluit dus aan bij de norm van 15 we/hect. Voor het buitengebied en overschrijdt deze niet.

 

Het bezwaarschrift is ontvankelijk, doch zoals hierboven aangegeven ongegrond.

 

Bezwaar 2: afsluiting perceel

Het ingediende standpunt dient niet meegenomen te worden binnen de aanvraag voor omgevingsvergunning gezien het aspect van de perceelsafsluiting geen aspect aangaande  ruimtelijke ordening betreft maar eerder een burgerlijke kwestie omvat dewelke tussen de aanpalende eigenaars onderling dient geregeld te worden.

 

Het bezwaarschrift is ontvankelijk, doch zoals hierboven aangegeven ongegrond.

 

2.g. Beoordeling

Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:

De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.

 

- functionele inpasbaarheid: Gelet op zijn conformiteit met het geldende gewestplan is voorliggende verkaveling functioneel aanvaardbaar.  De bestemmingsvoorschriften blijven ongewijzigd t.o.v. het geldende gewestplan en er is rekening gehouden met de bestaande omliggende bebouwingen.

- mobiliteitsaspect: In alle redelijkheid kan worden gesteld dat voorliggende aanvraag geen invloed zal hebben op de mobiliteit.

- schaal, ruimtegebruik en bouwdichtheid: De aanvraag betreft een verkaveling waarbij er 6 loten voor halfopen bebouwing worden gecreëerd.  De voorschriften voorzien een mogelijkheid tot bouwen die gebruikelijk is voor gelijkaardige percelen in een gelijkaardige context en kan bijgevolg ter plaatse aanvaard worden. Binnen de voorschriften werd er dan ook rekening gehouden met de inplanting, het volume en bouwdiepte van de omliggende woningen  De percelen zijn voldoende ruim om in een dergelijke bebouwing te kunnen voorzien waarbij er voldoende rekening kan gehouden worden met de privacy van de aanpalende percelen en het voorzien van een groen- en tuinaanleg op het eigen terrein.

- visueel-vormelijke elementen: Het bestaande verkavelingsontwerp en de voorschriften zijn in harmonie en sluiten aan bij de bestaande bebouwingen in de omgeving.  Het ontwerp kan dus positief beoordeeld worden voor het beschouwde beoordelingscriterium binnen de bestaande omgeving gezien de variatie aan bouwtypes.

- Cultuurhistorische aspecten: Het perceel is niet gelegen in een beschermd stads- of dorpsgezicht, noch palend aan of in het gezichtsveld van een monument. Deze aanvraag heeft bijgevolg geen invloed op de cultuurhistorische aspecten van deze omgeving.

- het bodemreliëf: bij de realisatie van de verkaveling zullen er geen reliëfwijzigingen gebeuren.  Bij de realisatie van het ontwerp voor de bebouwing van deze percelen zal het bestaande reliëf dienen behouden te blijven en dienen de eventuele wijzigingen beperkt te blijven.

- hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: De te realiseren verkaveling en het realiseerbare bouwvolume geven geen aanleiding tot verlies van ruimtelijke kwaliteit.  De voorgestelde perceelsindeling is voor het gebied stedenbouwkundig verantwoord. Er wordt een voldoende ruime afstand gerespecteerd ten opzichte van de vrijblijvende perceelsgrenzen om een onaanvaardbare schaduw- of privacyhinder te vermijden.  De voorgestelde invulling zal geen negatieve invloed hebben op de leefbaarheid en kwaliteit van de omgeving.  Gezien de bestaande ruimtelijke configuratie en de reeds aanwezige bebouwing wordt het bestaande straatbeeld ook niet aangetast door de realisatie van deze verkaveling.  De goede ruimtelijke ordening van de plaats komt niet in het gedrang.  Voorgestelde verkaveling alsook de voorgestelde voorschriften kunnen derhalve qua vorm en afmetingen ter plaatse aanvaard worden.  Het ontwerp voldoet aan de vigerende normen en de algemene stedenbouwkundige voorschriften, waardoor het aanvaardbaar is voor wat betreft de beschouwde beoordelingscriteria.

 

Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:

///

 

Conclusie

Voorwaardelijk gunstig advies

 

Gunstig advies, onder volgende opschortende voorwaarden:

        Het volledige terrein dient vrij gemaakt te worden van constructies binnen de aangeduide zone waar de af te breken gebouwen zich situeren, d.w.z. alle gebouwen en verhardingen dienen verwijderd te worden waardoor er een braakliggend terrein bekomen wordt.

        Indien er asbest aanwezig is op de werf, dient bij de sloop en verwijdering van het asbesthoudend materiaal de bepalingen van Vlarem II Hfdst. 6.4. opgevolgd te worden (www.asbestinfo.be).

        Lot 7 wordt uit de verkaveling gesloten gezien de bestaande haag en bergplaats in het noorden behouden blijven bij het aanpalend goed Hoogsimsestraat 75.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        In geval van stedenbouwkundige aanvragen voor bebouwing van de bouwloten die halfopen bebouwing toelaten, kan de aanvrager van een lot dat deel uitmaakt van een bouwblok, vrij, maar conform de voorschriften, bouwhoogte, dakvorm en materialisatie bepalen. De andere loten binnen hetzelfde bouwblok dienen zich hier verplichtend naar te richten.

        De verkavelaar dient zelf en op eigen kosten de nodige stappen te ondernemen om de aansluitbaarheid van de loten op de nutsvoorzieningen te waarborgen, dit cfr. de geldende bepalingen van de verschillende nutsmaatschappijen.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius d.d. 08.09.2025 met ref. 5000108625 dient strikt te worden nageleefd.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening d.d. 22.08.2025 dient nageleefd te worden.

        Het gunstig advies van Wyre d.d. 27.08.2025 dient strikt nageleefd te worden.

        Er mogen geen terrassen voorzien worden op de verdieping, gezien dit grondgebonden woningen betreffen waarbij de buitenruimte dient voorzien te worden op het gelijkvloers niveau.

 

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

 

Besluit

BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 19/11/2025 HET VOLGENDE:

 

1. De aanvraag ingediend door Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt, voor het verkavelen van 6 loten halfopen bebouwing, gelegen Klameerstraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 859 G te vergunnen.

 

2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:

        Het volledige terrein dient vrij gemaakt te worden van constructies binnen de aangeduide zone waar de af te breken gebouwen zich situeren, d.w.z. alle gebouwen en verhardingen dienen verwijderd te worden waardoor er een braakliggend terrein bekomen wordt.

        Indien er asbest aanwezig is op de werf, dient bij de sloop en verwijdering van het asbesthoudend materiaal de bepalingen van Vlarem II Hfdst. 6.4. opgevolgd te worden (www.asbestinfo.be).

        Lot 7 wordt uit de verkaveling gesloten gezien de bestaande haag en bergplaats in het noorden behouden blijven bij het aanpalend goed Hoogsimsestraat 75.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        In geval van stedenbouwkundige aanvragen voor bebouwing van de bouwloten die halfopen bebouwing toelaten, kan de aanvrager van een lot dat deel uitmaakt van een bouwblok, vrij, maar conform de voorschriften, bouwhoogte, dakvorm en materialisatie bepalen. De andere loten binnen hetzelfde bouwblok dienen zich hier verplichtend naar te richten.

        De verkavelaar dient zelf en op eigen kosten de nodige stappen te ondernemen om de aansluitbaarheid van de loten op de nutsvoorzieningen te waarborgen, dit cfr. de geldende bepalingen van de verschillende nutsmaatschappijen.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius d.d. 08.09.2025 met ref. 5000108625 dient strikt te worden nageleefd.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening d.d. 22.08.2025 dient nageleefd te worden.

        Het gunstig advies van Wyre d.d. 27.08.2025 dient strikt nageleefd te worden.

        Er mogen geen terrassen voorzien worden op de verdieping, gezien dit grondgebonden woningen betreffen waarbij de buitenruimte dient voorzien te worden op het gelijkvloers niveau.

 

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

 

Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.

 

De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.

 

Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:


1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;

2° het betrokken publiek;

3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;


4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;


5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;


6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.

 

Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:


1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;


2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;


3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.

 

Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.

 

In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:

1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;

2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;

3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.

 

Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.

 

Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:

1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;

2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;

3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.

 

De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.

 

Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.

 

Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.

 

Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.

 

Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:

1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;

2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;

3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:

a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;

b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;

4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.

 

Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:

1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;

2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;

3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.

 

Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.

 

Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.

 

Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.

 

De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.

 

Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.

 

Verval van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 102.

§ 1. Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden waarbij geen nieuwe wegen worden aangelegd of het tracé van bestaande gemeentewegen niet moet worden gewijzigd, verbreed of opgeheven, vervalt van rechtswege als:

1° binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de verkoop, de verhuring voor meer dan negen jaar of de vestiging van erfpacht of opstalrecht ten aanzien van ten minste één derde van de kavels;

2° binnen een termijn van tien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot dergelijke registratie ten aanzien van ten minste twee derde van de kavels.

 

Voor de toepassing van het eerste lid:

1° wordt met verkoop gelijkgesteld: de nalatenschapsverdeling en de schenking, met dien verstande dat slechts één kavel per deelgenoot of begunstigde in aanmerking komt;

2° komt de verkoop, de verhuring voor meer dan negen jaar, of de vestiging van erfpacht of opstalrecht van de verkaveling in haar geheel niet in aanmerking;

3° komt alleen de huur die erop gericht is de huurder te laten bouwen op het gehuurde goed in aanmerking.

 

Voor de toepassing van het eerste lid wordt tijdige bebouwing door de verkavelaar conform de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, met verkoop gelijkgesteld.

 

§ 2. Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden waarbij nieuwe wegen worden aangelegd of waarbij het tracé van bestaande gemeentewegen gewijzigd, verbreed of opgeheven wordt, vervalt van rechtswege als:

1° binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot de oplevering van de onmiddellijk uit te voeren lasten of tot het verschaffen van waarborgen betreffende de uitvoering van deze lasten op de wijze, vermeld in artikel 75;

2° binnen een termijn van tien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de in paragraaf 1 vermelde rechtshandelingen ten aanzien van ten minste één derde van de kavels;

3° binnen een termijn van vijftien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de in paragraaf 1 vermelde rechtshandelingen ten aanzien van ten minste twee derde van de kavels.

 

Voor de toepassing van het eerste lid wordt tijdige bebouwing door de verkavelaar conform de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, met verkoop gelijkgesteld.

 

§ 3. Als de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het verkavelingsproject, worden de termijnen van verval, vermeld in de paragrafen 1 tot en met 2, gerekend per fase. Voor de tweede en volgende fasen worden de termijnen van verval dientengevolge gerekend vanaf de aanvangsdatum van de betrokken fase.

 

§ 4. Het verval, vermeld in paragraaf 1 en 2, 2° en 3°, geldt slechts ten aanzien van het niet bebouwde, verkochte, verhuurde of aan een erfpacht of opstalrecht onderworpen gedeelte van de verkaveling.

 

§ 5. Onverminderd paragraaf 4, kan het verval van rechtswege niet worden tegengesteld aan personen die zich op de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden beroepen als zij kunnen aantonen dat de overheid na het verval en ten aanzien van een of meer van hun kavels binnen de verkaveling, wijzigingen aan deze omgevingsvergunning heeft toegestaan of stedenbouwkundige of bouwvergunningen of stedenbouwkundige attesten heeft verleend in zoverre deze door de hogere overheid of de rechter niet onrechtmatig werden bevonden.

 

§ 6. De Vlaamse Regering kan maatregelen treffen aangaande de kennisgeving van het verval van rechtswege.

 

Artikel 103.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9, behoudens als de verkaveling in strijd is met een vóór de datum van de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.

 

Afstand van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden

 

Artikel 104.

 

Een verkavelaar kan eenzijdig afstand doen van de rechten die hij verkregen heeft uit de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, tenzij al een aanvang werd genomen met de verwezenlijking van deze omgevingsvergunning, hetzij door het stellen van een of meer rechtshandelingen, vermeld in artikel 102, § 1, hetzij door de uitvoering van de werken waaraan de afgifte van de omgevingsvergunning verbonden werd.

 

Aan het geheel van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden kan worden verzaakt door de eigenaar die alle kavels heeft verworven of in geval van akkoord van alle eigenaars, ongeacht of deze omgevingsvergunning geheel of gedeeltelijk verwezenlijkt is.

 

 

Een verzaking wordt per beveiligde zending gemeld aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Beroep tegen beslissingen genomen in laatste administratieve aanleg – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 105.

 

§ 1. De uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing betreffende een omgevingsvergunning, genomen in laatste administratieve aanleg, of de aktename of de niet-aktename van een melding, vermeld in artikel 111, kan bestreden worden bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, vermeld in titel IV, hoofdstuk VIII, van de VCRO.

 

§ 2. Het beroep kan worden ingesteld door:

 1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder, de exploitant of de persoon die de melding heeft verricht;

 2° het betrokken publiek;

 3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties, vermeld in artikel 24 of in artikel 42 of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als die instantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;

 4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;

 5° ...;

 6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde.

 

De persoon aan wie kan worden verweten dat hij een voor hem nadelige vergunningsbeslissing niet heeft bestreden door middel van het daartoe openstaande georganiseerd administratief beroep bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, wordt geacht te hebben verzaakt aan zijn recht om zich tot de Raad voor Vergunningsbetwistingen te wenden.

 

 Als de aanvraag overeenkomstig de gewone vergunningsprocedure behandeld is, kan het betrokken publiek alleen een beroep instellen als hij tijdens het openbaar onderzoek een gemotiveerd standpunt, opmerking of bezwaar heeft ingediend, tenzij aan een van de volgende voorwaarden is voldaan:

 1° het beroep is ingegeven door een wijziging aan de vergunningsaanvraag, aangebracht na het openbaar onderzoek;

 2° het beroep is ingegeven door:

 a) een bijzondere milieuvoorwaarde, opgelegd in de bestreden vergunning, in het geval van een omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit;

 b) een voorwaarde, opgelegd in de bestreden vergunning, in het geval van een andere omgevingsvergunning, dan de vergunning vermeld in punt a);

 3° het betrokken publiek toont aan dat hij door specifieke omstandigheden in de onmogelijkheid was om een standpunt, opmerking of bezwaar in te dienen tijdens het openbaar onderzoek.

 

 De bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, die nagelaten heeft een uitdrukkelijke beslissing te nemen in eerste administratieve aanleg, wordt geacht te hebben verzaakt aan zijn recht om zich tot de Raad voor Vergunningsbetwistingen te wenden, behoudens overmacht.

 

§ 3. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een vervaltermijn van vijfenveertig dagen die ingaat:

 1° de dag na de datum van de betekening, voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;

 2° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de beslissing in de overige gevallen.

 

§ 4. Elk van de personen, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, kan in de zaak tussenkomen.

Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:

1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;

2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;

3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:

a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;

b) b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;

4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.

 

Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:

1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;

2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;

3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.

 

Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.

 

Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.

 

Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.

 

De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.

 

Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.

 

Mededeling

 

Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Omgevingsvergunning V702 voor het verkavelen van gronden

Aanvraag omgevingsvergunning over: het verkavelen van 4 loten halfopen bebouwing en 1 lot open bebouwing ingediend door Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt. De aanvraag heeft betrekking op een terrein, gelegen Hoogsimsestraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 864 K, (afd. 2) sectie F 864 H, (afd. 2) sectie F 864 E, (afd. 2) sectie F 864/2 A en (afd. 2) sectie F 864/2 B. Dit dossier werd ingediend bij College van burgemeester en schepenen.

 

VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR VAN DE GEMEENTE ALKEN

1.a. Aanvraag

Aanvragers:

Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt

 

Ligging van het perceel:

Hoogsimsestraat zn.

 

Kadastrale gegevens:

afdeling 2 sectie F nrs. 864K, 864H, 864E, 864/2 A en 864/2 B

 

Projectnaam:

Hoogsimsestraat - JVMM

 

Dossiernummer:

20258

 

Intern dossiernummer:

V702

 

ID omgevingsplatform:

OMV_2025092288

 

Type dossier:

Verkaveling

 

1.b. Omschrijving aanvraag

het verkavelen van 4 loten halfopen bebouwing en 1 lot open bebouwing

 

1.c. Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften

Overwegende dat het goed ligt in het gewestplan Hasselt-Genk, koninklijk besluit van 03.04.1979 – woongebied met landelijk karakter  (eerste 50m vanaf de rooilijn) en agrarisch gebied (achterliggend gedeelte).

 

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven.

 

De agrarische gebieden zijn bestemd voor landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen de agrarische gebieden enkel mogen bevatten, de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt mogen slechts opgericht worden op ten minste 300m van een woongebied of op ten minste 100m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100m geldt evenwel niet in het geval van uitbreiding van bestaande bedrijven (artikel 11 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).

   -  .

 

(KB van 28.12.72 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).

 

Het perceel is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg, ruimtelijk uitvoeringsplan of niet-vervallen verkaveling.

 

Het blijft echter de bevoegdheid van de overheid de aanvraag te toetsen aan de gebruikelijke inzichten en noden betreffende een goede aanleg der plaats, gebaseerd op de eerder geciteerde voorschriften van het van kracht zijnde gewestplan.

 

Verordeningen:

        Overwegende dat het Vlaams Gewest een geïntegreerd rioleringsbeleid wenst te realiseren; dat het hergebruik van het hemelwater gevraagd wordt in het Besluit van de Vlaamse regering van 29.06.1999 en de gemeentelijke verordening van 27.04.2001;

        Overwegende dat op 29.04.1997 een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer werd goedgekeurd;

        Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (BVR 5/6/2009 - B.S. 2/9/2009)

        Overwegende dat het besluit van de Vlaamse regering van 01.01.2014 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater, dient gevolgd te worden.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 25.10.2002 een politieverordening inzake het splitsen van ééngezinswoningen naar tweewoonsten heeft goedgekeurd.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 30.04.2015 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het aanleggen van parkeerplaatsen heeft goedgekeurd.

        Overwegende dat de gemeenteraad van Alken op 24.03.2016 een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake vrijstelling van vergunningsplicht goedgekeurd.

 

1.d. Andere voorschriften en decreten (zoals monumenten en landschappen, wegen, natuurwetgeving, …)

Waterwetboek:

Onder verwijzing naar artikel 1.3.1.1 van de gecodificeerde decreten betreffende het integraal waterbeleid van 30/11/2018 werd voor deze aanvraag tot een omgevingsvergunning onderzocht of er een schadelijk effect door de werken en/of exploitatie wordt veroorzaakt.

Watertoets:

De voorliggende aanvraag heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een risicozone voor overstromingen zoals vastgesteld in bovenvermelde regelgeving, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is, en dat de aanvraag derhalve volledig verenigbaar is met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.

 

Enkel door de toename van de verharde oppervlakte bij de bebouwing van deze percelen zal de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt worden; dit dient gecompenseerd te worden door de plaatsing van een hemelwaterput en de aanleg van een infiltratiezone bij de realisatie van een woning bij het verlenen van de omgevingsvergunning op deze percelen, overeenkomstig de normen vastgelegd in de geldende verordening.

 

Milieu:

///

 

Archeologienota

Overeenkomstig artikel 5.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 werd er een afschrift van de gemotiveerde beslissing van het agentschap Onroerend Erfgoed over de archeologienota met ID 34349   URI: https://id.erfgoed.net/archeologie/archeologienotas/34349 en onderwerp vooronderzoek_Alken_Hoogsimsestraat overgemaakt aan de gemeente Alken.  Het Agentschap Onroerend Erfgoed heeft akte genomen van deze archeologienota op datum van 24.09.2025.

 

Algemene bepalingen inzake milieubeleid (MER)

Het ingediende dossier bevat een m.e.r.-screeningsnota zoals vermeld in artikel 4.3.3. §2 van het decreet van 05/04/1995 houdende de algemene bepalingen inzake milieubeleid (er op gelet dat het project onder bijlage 3, art. 10 van het “Besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 houdende vaststelling van de categorieën van projecten onderworpen aan milieueffectrapportage”).

 

Uit deze nota kan worden afgeleid dat het project geen nadelige milieueffecten tot gevolg heeft; er zijn geen gevolgen voor de mensen, fauna en flora en monumenten en landschappen. Hieruit blijkt dat de opmaak van een MER niet nodig is en dat er geen betekenisvolle milieueffecten te verwachten zijn, zowel in aanlegfase als exploitatiefase.

 

Stikstofdecreet:

Het Decreet van de Vlaamse Overheid over de programmatische aanpak stikstof (kortweg ‘Stikstofdecreet’) verstaat het bouwen van dit project volgens artikel 2.41° als een vergunningsplichtig verkeergenererend project en dat geen verkeerdragend infrastructuurproject is en dat stikstofemissiegererende vervoersbewegingen veroorzaakt, of de wijziging van een dergelijk project.

 

De door de aanvrager berekende gecumuleerde effecten van de stikstofdepositie ten gevolge van vervoersbewegingen en/of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase en exploitatiefase, veroorzaakt door de activiteit, zijn lager dan 1% minimisdrempelwaardes en een verdere passende beoordeling voor de effecten van stikstofdepositie via lucht zijn niet nodig. Dit betekent dat zelfs indien het project op het meest kritische habitat gebouwd wordt, de impact niet zal zorgen voor een overschrijding van de 1% minimisdrempelwaardes.

 

1.e. Procedureverloop

Procedurestap

Datum

Ontvangst aanvraag

31 juli 2025

Ontvankelijkheids- en volledigheidsbewijs

20 augustus 2025

Opening openbaar onderzoek

28 augustus 2025

Afsluiten openbaar onderzoek

26 september 2025

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Dossierbehandelaar

Anne Hermans

Omgevingsambtenaar

Anne Hermans

Datum  verslag GOA

5 november 2025

 

1.f. Historiek

- Overwegende dat op 15/02/1970 een verkavelingsvergunning  (159) voor nieuwe verkaveling werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

- Overwegende dat op 19/05/1999 een verkavelingsvergunning  (474) voor nieuwe verkaveling werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

 

Beide verkavelingen zijn vervallen voor de betreffende percelen opgenomen in de aanvraag.

 

2.a. Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en de aanvraag

Het betreft de aanvraag van een verkaveling van percelen grond voor de realisatie van 4 loten halfopen bebouwing en 1 lot open.

 

De aanvraag is gelegen aan een gemeenteweg, zijnde de Hoogsimsestraat, dewelke voldoende is uitgerust gelet op de plaatselijke toestand. De onmiddellijke omgeving wordt gekenmerkt door een verscheidenheid aan bouwtypes met voornamelijk open en halfopen ééngezinswoningen.  Op het rechter aanpalende perceel situeert zich een open bebouwing in hoeve vorm.  Ook op het linker perceel is er een open bebouwing gesitueerd.  De omliggende bebouwingen verschillen zowel in jaar van opbouw als in bouwstijl.

 

De aanvraag betreft een nieuwe verkaveling voor 4 loten halfopen bebouwing en 1 lot open bebouwing.  Het betreft de grond gelegen tussen de woning Hoogsimsestraat 67 en de hoeve Hoogsimsestraat 75 dewelke zal verdeeld worden in 6 loten.  In aansluiting met de woning Hoogsimsestraat 67 wordt er enerzijds een lot voorzien voor de realisatie van een electriciteitscabine, zijnde lot 7, en aansluitend een lot open bebouwing.  Anderzijds handelt de aanvraag dus ook over de realisatie van 4 loten halfopen bebouwing.  De bouwzone wordt voorzien gelijk met de bouwlijn van de aanpalende woningen links van de verkaveling, gezien de hoeve dateert van voor 1962 en deze werd opgericht tot tegen de rooilijn.  Het nieuw gevormde lot 1 zal een oppervlakte hebben van 10a62 en een perceelsbreedte op de bouwlijn van 17m35.  De bouwbreedte voor dit perceel komt hierdoor op 11m33 rekening houdend met de zijdelingse bouwvrije zijtuinstrook aan weerszijden.  Voor de loten 2, 3, 4 en 5 komt de oppervlakte op ongeveer 4a90 en deze percelen hebben een breedte van ongeveer 10m, hierdoor bekomt men een bouwbreedte van 7m per lot, uitgezonderd lot 5 waar er een diagonale ligging is van de zijdelingse perceelsgrens waardoor de bouwbreedte hier kan worden voorzien aan de voorgevellijn van 9m15, echter aan de achterzijde van dit lot zal dit herleid worden tot 6m11.

 

Binnen de bouwvrije strook ten aanzien van de zijdelingse perceelsgrens kan er eventueel wel een schakelelement geplaatst worden in de vorm van een carport, dit werd ook zo aangeduid op het inplantingsplan.  Het hoofdvolume blijft echter 3m van de zijdelingse perceelsgrens verwijderd.

 

De bouwzone werd ingetekend cfr. de omliggende bebouwingen, en de voorgestelde loten hebben nog een diepte vanaf de bouwzone van ongeveer 20m waardoor er nog voldoende ruimte is op het perceel om te kunnen voorzien in een kwalitatieve groene buitenruimte bij de woningen.  Voorliggend aan deze percelen is er nog een ruime voortuinzone van ongeveer 11m tot aan het voorliggende openbaar domein gezien de woningen op gelijke bouwlijn werden ingeplant als de linker aanpalende woningen.  Voor de loten ligt er aan de linkerzijde voor de loten 1 en 2 echter wel nog een strook privaat grond in eigendom van de gemeente Alken.  Deze strook zal door de gemeente Alken worden overgedragen naar het openbaar domein, gezien de gemeente wenst aan te vatten met de opmaak van een nieuw rooilijnplan en de aanleg van een gescheiden riolering op de Hoogsimsestraat.  Het is dan ook nog niet duidelijk welke de breedte van het nieuwe openbaar domein zal moeten bedragen, daarom dat de gemeente deze strook zal omzetten naar het openbaar domein om de loten te laten aansluiten op een voldoende uitgeruste weg.  Een principieel akkoord van deze omzetting werd geagendeerd op de agenda van het college van burgemeester en schepenen.

 

De voorschriften voorzien in grote lijnen volgende bebouwingsmogelijkheden:

* Hoofdbestemming

Grondgebonden open en halfopen ééngezinswoning

* Het gabarit – max. 2 bouwlagen afgewerkt met plat of hellend dak

* De bouwdiepte staat aangeduid op het inplantingsplan zowel voor het gelijkvloers niveau als de verdieping

 

2.b. Verenigbaarheid met voorschriften inzake ruimtelijke ordening (ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvoorschriften, verordeningen, …) en milieu (vogel- en habitatrichtlijn, biologische waardering, …)

De aanvraag is in overeenstemming met de geldende voorschriften van het gewestplan, zijnde woongebied met landelijk karakter.

 

2.c. Adviezen

Externe Adviezen

Adviesinstantie

 

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Conclusie

Fluvius

20 augustus 2025

10 september 2025

voorwaardelijk gunstig

De Watergroep

20 augustus 2025

22 augustus 2025

voorwaardelijk gunstig

Omgevingsloket Wyre

20 augustus 2025

27 augustus 2025

voorwaardelijk gunstig

 

2.d. Bespreking van de adviezen

       De aanvraag werd op20.08.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Fluvius System Operator.  Op 10.09.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies met ref. 5000108626 ontvangen.  Dit advies wordt bijgetreden en onderschreven.

       De aanvraag werd op 20.08.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening.  Op 22.08.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies geformuleerd via het omgevingsloket.  De integrale inhoud van dit advies kan worden bijgetreden en onderschreven.

       De aanvraag werd op 20.08.2025 digitaal voor advies voorgelegd aan Wyre.  Op 27.08.2025 werd er een voorwaardelijk gunstig advies met ref. 25205771 ontvangen.  Dit advies wordt bijgetreden en onderschreven.

 

2.e. Openbaar onderzoek

Het openbaar onderzoek werd gehouden door aanplakking op de gewone aanplakplaatsen, van 28 augustus 2025 tot 26 september 2025.

 

Resultaat : geen petitielijsten, geen schriftelijke bezwaren, geen schriftelijke gebundelde bezwaren, geen mondelinge bezwaren en geen digitale bezwaren.

 

2.f. Bespreking van het openbaar onderzoek

Overwegende dat het openbaar onderzoek werd gehouden van 28.08.2025 tot en met 26.09.2025.

 

Er werden geen bezwaren ingediend tijdens het openbaar onderzoek.

 

2.g. Beoordeling

Beoordeling van de goede plaatselijke aanleg:

De volgende beoordeling – als uitvoering van art. 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling en met het oog voor de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen – houdt rekening met de criteria als uitvoering van art. 4.3.1. van de codex.

 

- functionele inpasbaarheid: Gelet op zijn conformiteit met het geldende gewestplan is voorliggende verkaveling functioneel aanvaardbaar.  De bestemmingsvoorschriften blijven ongewijzigd t.o.v. het geldende gewestplan en er is rekening gehouden met de bestaande omliggende bebouwingen.

- mobiliteitsaspect: In alle redelijkheid kan worden gesteld dat voorliggende aanvraag geen invloed zal hebben op de mobiliteit.

- schaal, ruimtegebruik en bouwdichtheid: De aanvraag betreft een verkaveling waarbij er 1 lot voor open bebouwing en 4 loten voor halfopen bebouwing worden gecreëerd.  De voorschriften voorzien een mogelijkheid tot bouwen die gebruikelijk is voor gelijkaardige percelen in een gelijkaardige context en kan bijgevolg ter plaatse aanvaard worden. Binnen de voorschriften werd er dan ook rekening gehouden met de inplanting, het volume en bouwdiepte van de omliggende woningen  De percelen zijn voldoende ruim om in een dergelijke bebouwing te kunnen voorzien waarbij er voldoende rekening kan gehouden worden met de privacy van de aanpalende percelen en het voorzien van een groen- en tuinaanleg op het eigen terrein.

- visueel-vormelijke elementen: Het bestaande verkavelingsontwerp en de voorschriften zijn in harmonie en sluiten aan bij de bestaande bebouwingen in de omgeving.  Het ontwerp kan dus positief beoordeeld worden voor het beschouwde beoordelingscriterium binnen de bestaande omgeving gezien de variatie aan bouwtypes.

- Cultuurhistorische aspecten: Het perceel is niet gelegen in een beschermd stads- of dorpsgezicht, noch palend aan of in het gezichtsveld van een monument. Deze aanvraag heeft bijgevolg geen invloed op de cultuurhistorische aspecten van deze omgeving.

- het bodemreliëf: bij de realisatie van de verkaveling zullen er geen reliëfwijzigingen gebeuren.  Bij de realisatie van het ontwerp voor de bebouwing van deze percelen zal het bestaande reliëf dienen behouden te blijven en dienen de eventuele wijzigingen beperkt te blijven.

- hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen: De te realiseren verkaveling en het realiseerbare bouwvolume geven geen aanleiding tot verlies van ruimtelijke kwaliteit.  De voorgestelde perceelsindeling is voor het gebied stedenbouwkundig verantwoord. Er wordt een voldoende ruime afstand gerespecteerd ten opzichte van de vrijblijvende perceelsgrenzen om een onaanvaardbare schaduw- of privacyhinder te vermijden.  De voorgestelde invulling zal geen negatieve invloed hebben op de leefbaarheid en kwaliteit van de omgeving.  Gezien de bestaande ruimtelijke configuratie en de reeds aanwezige bebouwing wordt het bestaande straatbeeld ook niet aangetast door de realisatie van deze verkaveling.  De goede ruimtelijke ordening van de plaats komt niet in het gedrang.  Voorgestelde verkaveling alsook de voorgestelde voorschriften kunnen derhalve qua vorm en afmetingen ter plaatse aanvaard worden.  Het ontwerp voldoet aan de vigerende normen en de algemene stedenbouwkundige voorschriften, waardoor het aanvaardbaar is voor wat betreft de beschouwde beoordelingscriteria.

 

Gemotiveerde beoordeling van de aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichting of activiteit op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu:

///

 

Conclusie

Voorwaardelijk gunstig advies

 

Gunstig advies, onder volgende opschortende voorwaarden:

        Het achterliggende lot 6 gesitueerd binnen het agrarisch gebied wordt  uit de verkaveling gesloten gezien gelegen buiten de woonzone.

        Lot 7 wordt eveneens uit de verkaveling gesloten gezien dit lot zal dienen voor de oprichting van een elektriciteitscabine in het kader van de nutsvoorzieningen.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        In geval van stedenbouwkundige aanvragen voor bebouwing van de bouwloten die halfopen bebouwing toelaten, kan de aanvrager van een lot dat deel uitmaakt van een bouwblok, vrij, maar conform de voorschriften, bouwhoogte, dakvorm en materialisatie bepalen. De andere loten binnen hetzelfde bouwblok dienen zich hier verplichtend naar te richten.

        De verkavelaar dient zelf en op eigen kosten de nodige stappen te ondernemen om de aansluitbaarheid van de loten op de nutsvoorzieningen te waarborgen, dit cfr. de geldende bepalingen van de verschillende nutsmaatschappijen.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius d.d. 10.09.2025 met ref. 5000108626 dient strikt te worden nageleefd.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening d.d. 22.08.2025 dient nageleefd te worden.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Wyre d.d. 27.08.2025 met ref. 25205771 dient strikt nageleefd te worden.

        Het voorliggende perceel met kadastraal nummer 864/2C in eigendom van de gemeente Alken, zal overgedragen worden naar openbaar domein tot er meer duidelijkheid is aangaande de vastlegging van een nieuwe rooilijn voor de Hoogsimsestraat. (procedure dient nog opgestart te worden).

        Er mogen geen terrassen voorzien worden op de verdieping, gezien dit grondgebonden woningen betreffen waarbij de buitenruimte dient voorzien te worden op het gelijkvloers niveau.

 

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

 

Besluit

BIJGEVOLG BESLIST HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN IN DE ZITTING VAN 19/11/2025 HET VOLGENDE:

 

1. De aanvraag ingediend door Frédérique Mercken namens JVMM BV gevestigd te Havermarkt 32 te 3500 Hasselt, voor het verkavelen van 4 loten halfopen bebouwing en 1 lot open bebouwing, gelegen Hoogsimsestraat zn., kadastraal bekend: (afd. 2) sectie F 864 K, (afd. 2) sectie F 864 H, (afd. 2) sectie F 864 E, (afd. 2) sectie F 864/2 A en (afd. 2) sectie F 864/2 B te vergunnen.

 

2. Er worden volgende voorwaarden en/of lasten opgelegd:

        Het achterliggende lot 6 gesitueerd binnen het agrarisch gebied wordt  uit de verkaveling gesloten gezien gelegen buiten de woonzone.

        Lot 7 wordt eveneens uit de verkaveling gesloten gezien dit lot zal dienen voor de oprichting van een elektriciteitscabine in het kader van de nutsvoorzieningen.

        Er mag maximaal één inrit naar de openbare weg voorzien worden per lot dewelke niet breder is dan 4,5m.

        In geval van stedenbouwkundige aanvragen voor bebouwing van de bouwloten die halfopen bebouwing toelaten, kan de aanvrager van een lot dat deel uitmaakt van een bouwblok, vrij, maar conform de voorschriften, bouwhoogte, dakvorm en materialisatie bepalen. De andere loten binnen hetzelfde bouwblok dienen zich hier verplichtend naar te richten.

        De verkavelaar dient zelf en op eigen kosten de nodige stappen te ondernemen om de aansluitbaarheid van de loten op de nutsvoorzieningen te waarborgen, dit cfr. de geldende bepalingen van de verschillende nutsmaatschappijen.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius d.d. 10.09.2025 met ref. 5000108626 dient strikt te worden nageleefd.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening d.d. 22.08.2025 dient nageleefd te worden.

        Het voorwaardelijk gunstig advies van Wyre d.d. 27.08.2025 met ref. 25205771 dient strikt nageleefd te worden.

        Het voorliggende perceel met kadastraal nummer 864/2C in eigendom van de gemeente Alken, zal overgedragen worden naar openbaar domein tot er meer duidelijkheid is aangaande de vastlegging van een nieuwe rooilijn voor de Hoogsimsestraat. (procedure dient nog opgestart te worden).

        Er mogen geen terrassen voorzien worden op de verdieping, gezien dit grondgebonden woningen betreft waarbij de buitenruimte dient voorzien te worden op het gelijkvloers niveau.

 

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

 

Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.

 

De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.

 

Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:


1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;

2° het betrokken publiek;

3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;


4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;


5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;


6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.

 

Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:


1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;


2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;


3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.

 

Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.

 

In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:

1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;

2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;

3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.

 

Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.

 

Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:

1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;

2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;

3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.

 

De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.

 

Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.

 

Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.

 

Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.

 

Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:

1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;

2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;

3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:

a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;

b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;

4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.

 

Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:

1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;

2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;

3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.

 

Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.

 

Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.

 

Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.

 

De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.

 

Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.

 

Verval van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 102.

§ 1. Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden waarbij geen nieuwe wegen worden aangelegd of het tracé van bestaande gemeentewegen niet moet worden gewijzigd, verbreed of opgeheven, vervalt van rechtswege als:

1° binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de verkoop, de verhuring voor meer dan negen jaar of de vestiging van erfpacht of opstalrecht ten aanzien van ten minste één derde van de kavels;

2° binnen een termijn van tien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot dergelijke registratie ten aanzien van ten minste twee derde van de kavels.

 

Voor de toepassing van het eerste lid:

1° wordt met verkoop gelijkgesteld: de nalatenschapsverdeling en de schenking, met dien verstande dat slechts één kavel per deelgenoot of begunstigde in aanmerking komt;

2° komt de verkoop, de verhuring voor meer dan negen jaar, of de vestiging van erfpacht of opstalrecht van de verkaveling in haar geheel niet in aanmerking;

3° komt alleen de huur die erop gericht is de huurder te laten bouwen op het gehuurde goed in aanmerking.

 

Voor de toepassing van het eerste lid wordt tijdige bebouwing door de verkavelaar conform de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, met verkoop gelijkgesteld.

 

§ 2. Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden waarbij nieuwe wegen worden aangelegd of waarbij het tracé van bestaande gemeentewegen gewijzigd, verbreed of opgeheven wordt, vervalt van rechtswege als:

1° binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot de oplevering van de onmiddellijk uit te voeren lasten of tot het verschaffen van waarborgen betreffende de uitvoering van deze lasten op de wijze, vermeld in artikel 75;

2° binnen een termijn van tien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de in paragraaf 1 vermelde rechtshandelingen ten aanzien van ten minste één derde van de kavels;

3° binnen een termijn van vijftien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de in paragraaf 1 vermelde rechtshandelingen ten aanzien van ten minste twee derde van de kavels.

 

Voor de toepassing van het eerste lid wordt tijdige bebouwing door de verkavelaar conform de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, met verkoop gelijkgesteld.

 

§ 3. Als de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het verkavelingsproject, worden de termijnen van verval, vermeld in de paragrafen 1 tot en met 2, gerekend per fase. Voor de tweede en volgende fasen worden de termijnen van verval dientengevolge gerekend vanaf de aanvangsdatum van de betrokken fase.

 

§ 4. Het verval, vermeld in paragraaf 1 en 2, 2° en 3°, geldt slechts ten aanzien van het niet bebouwde, verkochte, verhuurde of aan een erfpacht of opstalrecht onderworpen gedeelte van de verkaveling.

 

§ 5. Onverminderd paragraaf 4, kan het verval van rechtswege niet worden tegengesteld aan personen die zich op de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden beroepen als zij kunnen aantonen dat de overheid na het verval en ten aanzien van een of meer van hun kavels binnen de verkaveling, wijzigingen aan deze omgevingsvergunning heeft toegestaan of stedenbouwkundige of bouwvergunningen of stedenbouwkundige attesten heeft verleend in zoverre deze door de hogere overheid of de rechter niet onrechtmatig werden bevonden.

 

§ 6. De Vlaamse Regering kan maatregelen treffen aangaande de kennisgeving van het verval van rechtswege.

 

Artikel 103.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9, behoudens als de verkaveling in strijd is met een vóór de datum van de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.

 

De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.

 

Afstand van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden

 

Artikel 104.

 

Een verkavelaar kan eenzijdig afstand doen van de rechten die hij verkregen heeft uit de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, tenzij al een aanvang werd genomen met de verwezenlijking van deze omgevingsvergunning, hetzij door het stellen van een of meer rechtshandelingen, vermeld in artikel 102, § 1, hetzij door de uitvoering van de werken waaraan de afgifte van de omgevingsvergunning verbonden werd.

 

Aan het geheel van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden kan worden verzaakt door de eigenaar die alle kavels heeft verworven of in geval van akkoord van alle eigenaars, ongeacht of deze omgevingsvergunning geheel of gedeeltelijk verwezenlijkt is.

 

Een verzaking wordt per beveiligde zending gemeld aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Beroep tegen beslissingen genomen in laatste administratieve aanleg – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Artikel 105.

 

§ 1. De uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing betreffende een omgevingsvergunning, genomen in laatste administratieve aanleg, of de aktename of de niet-aktename van een melding, vermeld in artikel 111, kan bestreden worden bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, vermeld in titel IV, hoofdstuk VIII, van de VCRO.

 

§ 2. Het beroep kan worden ingesteld door:

 1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder, de exploitant of de persoon die de melding heeft verricht;

 2° het betrokken publiek;

 3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties, vermeld in artikel 24 of in artikel 42 of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als die instantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;

 4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;

 5° ...;

 6° de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde.

 

De persoon aan wie kan worden verweten dat hij een voor hem nadelige vergunningsbeslissing niet heeft bestreden door middel van het daartoe openstaande georganiseerd administratief beroep bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, wordt geacht te hebben verzaakt aan zijn recht om zich tot de Raad voor Vergunningsbetwistingen te wenden.

 

 Als de aanvraag overeenkomstig de gewone vergunningsprocedure behandeld is, kan het betrokken publiek alleen een beroep instellen als hij tijdens het openbaar onderzoek een gemotiveerd standpunt, opmerking of bezwaar heeft ingediend, tenzij aan een van de volgende voorwaarden is voldaan:

 1° het beroep is ingegeven door een wijziging aan de vergunningsaanvraag, aangebracht na het openbaar onderzoek;

 2° het beroep is ingegeven door:

 a) een bijzondere milieuvoorwaarde, opgelegd in de bestreden vergunning, in het geval van een omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit;

 b) een voorwaarde, opgelegd in de bestreden vergunning, in het geval van een andere omgevingsvergunning, dan de vergunning vermeld in punt a);

 3° het betrokken publiek toont aan dat hij door specifieke omstandigheden in de onmogelijkheid was om een standpunt, opmerking of bezwaar in te dienen tijdens het openbaar onderzoek.

 

 De bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, die nagelaten heeft een uitdrukkelijke beslissing te nemen in eerste administratieve aanleg, wordt geacht te hebben verzaakt aan zijn recht om zich tot de Raad voor Vergunningsbetwistingen te wenden, behoudens overmacht.

 

§ 3. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een vervaltermijn van vijfenveertig dagen die ingaat:

 1° de dag na de datum van de betekening, voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;

 2° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de beslissing in de overige gevallen.

 

§ 4. Elk van de personen, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, kan in de zaak tussenkomen.

Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

 

Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:

1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;

2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;

3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:

a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;

b) b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;

4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.

 

Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:

1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;

2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;

3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.

 

Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.

 

Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.

 

Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.

 

De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.

 

Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.

 

Mededeling

 

Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Raad voor Vergunningenbetwisting - vraag tot tussenkomst - beroep Lindestraat

Op 7 november ll. ontvingen wij een schrijven van de Raad voor vergunningenbetwisting aangaande de mogelijkheid tot tussenkomst in de procedure tot schorsing en vernietiging van de beslissing van de Vlaamse Regering van 23 juli 2025 aangaande de wegenis- en rioleringswerken aan de Lindestraat. Binnen deze procedure vraagt de RvVB nu of de gemeente Alken wenst tussen te komen in de procedure.

 

Feiten en context

Op 7 november ll. ontvingen wij een schrijven van de Raad voor vergunningenbetwisting aangaande de mogelijkheid tot tussenkomst in de procedure tot schorsing en vernietiging van de beslissing van de Vlaamse Regering van 23 juli 2025 aangaande de wegenis- en rioleringswerken aan de Lindestraat.

 

Er werd op 15 september ll. een verzoekschrift tot schorsing en vernietiging van de beslissing van de Vlaamse Regering van 23 juli 2025 aangaande de wegenis- en rioleringswerken aan de Lindestraat ingediend bij de Raad voor vergunningenbetwisting door het advocatenkantoor LDR in opdracht van de heer Ivan Knapen, mevrouw Jenny Derwael en de heer Peter Truyers.

 

Binnen deze procedure vraagt de RvVB nu of de gemeente Alken wenst tussen te komen in de procedure.

 

De gemeente Alken kan tussenkomen in de procedure over de vordering tot schorsing, over de vordering tot vernietiging of over beiden. Wij dienen aan de Raad mee te delen in welke vorderingen we wensen tussen te komen binnen een vervaltermijn van twintig dagen. Die termijn gaat in de dag na de betekening van deze brief (artikelen 59/3 en 6211 Procedurebesluit).

 

Wanneer we wensen tussen te komen, dient er een rolrecht betaald te worden van 100 euro per tussenkomende partij en per vordering waarin u tussenkomt (artikel 21 DBRc-decreetl. Dit rolrecht dient meteen betaald te worden voor alle vorderingen waarin we tussen komen.

 

Juridische grond

Artikel 15 en 105, $3 van het OVD inzake het beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen Besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges Decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtsPleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.

 

Adviezen

///

 

Argumentatie

///

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen zijn voorzien als volgt:

 

Bedrag inclusief BTW

BTW-percentage dat wordt toegepast

MJP-nummer(s) waarop de uitgaven werden voorzien

100 euro

 

MJP 1909

Datum visumaanvraag:

 

Datum goedkeuring visumaanvraag:

 

 

Besluit

Artikel 1: het college van burgemeester en schepenen wenst tussen te komen in de procedure tot schorsing en vernietiging van de beslissing van de Vlaamse Regering van 23 juli 2025 voor het toekennen van de omgevingsvergunning voor de aanleg van wegenis- en rioleringswerken aan de Lindestraat ingediend door Aquafin nv met ref. OMV_2024117222.

Artikel 2: GD&A wordt aangesteld voor de opmaak van de schriftelijke uiteenzetting voor de Raad van Vergunningenbetwisting en de verdere opvolging van het dossier bij de Raad van Vergunningenbetwisting.

Artikel 3: Er wordt 100 euro voorzien op MJP1909 voor de betaling van het rolrecht in de procedure.

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Excursie onthardingsproject in Alken Vallei

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 19 11 2025

 

Verwerkingsovereenkomst Remmicom - goedkeuring

Besluit

 

 

Publicatiedatum: 16/01/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.