Zitting van 18 12 2025

 

Retributiereglement: parkeren in een blauwe zone

Op 18 mei 2006 werd het reglement inzake de retributie op parkeren in een blauwe zone goedgekeurd door de gemeenteraad. Met de opmaak van het nieuwe meerjarenplan is het opportuun de gemeentelijke retributie op het parkeren in een blauwe zone te herbekijken.

 

Feiten en context

Op 18 mei 2006 werd het reglement inzake de retributie op parkeren in een blauwe zone goedgekeurd door de gemeenteraad. Met de opmaak van het nieuwe meerjarenplan is het opportuun de gemeentelijke retributie op het parkeren in een blauwe zone te herbekijken.

 

Juridische grond

Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen;

Wet van 22 februari 1965 waarbij aan de gemeenten wordt toegestaan parkeergeld op motorvoertuigen in te voeren;

Wet van 7 februari 2003 houdende verschillende bepalingen inzake verkeersveiligheid, en het Koninklijk Besluit van 22 december 2003 tot aanwijzing van de zware overtredingen per graad van de algemene reglementen overgenomen ter uitvoering van de wet betreffende de politie over het wegverkeer;

Ministerieel besluit van 7 mei 1999, gewijzigd bij ministerieel besluit van 3 maart 2003 en 26 september 2005 betreffende de parkeerkaart voor mensen met een handicap;

Wet van 20/07/2005 tot wijziging van de gecoördineerde wetten van 16/03/1968 betreffende de politie over het wegverkeer, inzonderheid hoofdstuk III art. 25;

Gemeenteraadsbesluit van 18 mei 2006 betreffende het retributiereglement inzake het parkeren in een blauwe zone

 

Adviezen

Niet van toepassing.

 

Argumentatie

De retributie op parkeren in een blauwe zone is ingevoerd om de kosten die de gemeente maakt bij de vaststelling van deze dossiers op een billijke manier te recupereren. Het opstellen, controleren en verwerken van retributie op parkeren in een blauwe zone vergt  administratieve en personeelsinspanningen. Door een retributie te heffen, wordt het principe "de gebruiker betaalt" toegepast, zodat de lasten niet volledig op de algemene middelen drukken.

 

Met ingang van 1 januari 2026 worden, in de toepasselijke reglementen, de vastgestelde

tarieven van het gemeentebestuur herzien. De voorgestelde tariefaanpassingen zijn

gerechtvaardigd aangezien de thans geldende tarieven gedurende jaren ongewijzigd zijn

gebleven, terwijl de structurele kosten verbonden aan de uitvoering van de dienstverlening -

waaronder personeelskosten, materiaalkosten en overige operationele uitgaven -

substantieel zijn toegenomen. Door het uitblijven van een periodieke indexatie is een

onevenwicht ontstaan tussen de reële kostprijs van de dienstverlening en de aan de

gebruikers aangerekende tarieven. Om de continuïteit, kwaliteit en financiële haalbaarheid

van de dienstverlening te waarborgen, is een actualisering van de tarieven noodzakelijk en

proportioneel.

 

Financiële gevolgen

De ontvangsten zijn voorzien in het meerjarenplan op MJP001027/70058000/0020 - Parkeervergoedingen.

 

Besluit

12 stemmen voor: Jan Robeyns, Marc Penxten, Cindy Vandormael, Andres Lesire, Frank Vroonen, Elien Secretin, Pierrette Putzeys, Anouck Ponsard, Janne Loix, Alex Dubois, Stefan Jacobs en Filip Vanvinckenroye

8 stemmen tegen: Soetkin Jehaes, Bart Jeuris, Piet Wijgaerts, Paul Dirickx, Joren Froyen, Kris Franssens, Silvia Lieben en Lori Parroni

 

Artikel 1: Onderwerp

Er wordt een retributie geheven voor het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg op plaatsen waar dat parkeren toegelaten is én waar een blauwe zone-reglementering van toepassing is.

Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.

Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaats verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, §2, van de wet van 25 juni 1993, gewijzigd door de wet van 4/7/2005, betreffende de uitvoering van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten.

 

Artikel 2: Opheffing vorig besluit en inwerkingtreding

Het gemeenteraadsbesluit van 18 mei 2006 wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026 en dit reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2026.

 

Artikel 3: Retributieplichtige (hoofdelijke aansprakelijkheid)

De retributie is verschuldigd door de bestuurder die het motorrijtuig parkeert en bij onstentenis de titularis van de inschrijving van het rijtuig in het repertorium van de motorrijtuigen, de

houder van de proefritten- of handelaarsplaat op het rijtuig aangebracht. Beide partijen zijn hoofdelijke mederetributieplichtigen. 

 

Artikel 4: Tarieven

De retributie wordt als volgt vastgesteld :

- gratis voor de maximale duur die toegelaten is door de verkeersborden;

- een bedrag van € 25,00 per dag voor elke periode die langer is dan deze die gratis is.

De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen achter de voorruit van het voertuig van de correct ingestelde parkeerschijf, overeenkomstig artikel 27.1.1 van het Koninklijk Besluit van 1.12.1975, gewijzigd bij Koninklijk Besluit van 14.05.2002 – artikel 7, later gewijzigd bij Koninklijk besluit van 21.10.2002;

- een herinneringskost van € 10,00 indien de retributie niet binnen de gevraagde termijn betaald wordt.

 

Artikel 5: Indexering tarieven

De in dit reglement vastgestelde bedragen worden jaarlijks op 1 januari aangepast volgens

de evolutie van het gezondheidsindexcijfer zoals gepubliceerd door Statbel.

De aanpassing gebeurt door het gezondheidsindexcijfer van de maand november van het

jaar dat voorafgaat aan het aanslagjaar te delen door het gezondheidsindexcijfer van de

maand november van het jaar dat voorafgaat aan de inwerkingtreding van dit reglement. Het

aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd met het oorspronkelijke tarief.

Het aangepaste bedrag wordt afgerond naar het dichtsbijzijnde hele eurobedrag.

De verhoging wordt enkel toegepast indien het verschil tussen het oorspronkelijk bedrag en

het geïndexeerde bedrag minimum één euro bedraagt.

 

Artikel 6: Vrijstellingen

1° het parkeren van voertuigen van personen met een handicap: het statuut van “persoon met een handicap” wordt beoordeeld op het ogenblik van het parkeren door het aanbrengen op een zichtbare plaats achter de voorruit van het voertuig, of indien er geen voorruit aanwezig is op het voorste gedeelte van het voertuig, van de kaart uitgereikt door het bevoegde organisme overeenkomstig het ministerieel besluit van 7 mei 1999, gewijzigd bij ministerieel besluit van 3 maart 2003 en van 26 september 2005.

2° het parkeren van gelegitimeerde voertuigen van gemeentediensten en hulpdiensten en voertuigen van de Politiezone, OCMW-dienstvoertuigen, en voor voertuigen van Interelectra, Belgacom, Pligas, VMW, Administratie Wegeninfrastructuur en Verkeer in uitoefening en voor de duur van hun opdracht.

3° het parkeren van voertuigen van firma’s die privé-werken uitvoeren, hiervoor moet vooraf de toelating bekomen worden van het college van burgemeester en schepenen.

4° het parkeren op zon- en feestdagen en vóór 9 uur en na 19 uur op gewone dagen

 

Artikel 7: Betalingswijze en -termijn

De gebruiker van een motorvoertuig die de parkeerschijf niet zichtbaar achter de voorruit van zijn voertuig plaatst, wordt steeds geacht te kiezen voor de betaling van het in artikel 4 vermelde tarief.

Bij toepassing van dit tarief brengt de aangestelde een uitnodiging om de retributie binnen de vijf dagen te betalen, aan op de voorruit van het voertuig, of als er geen voorruit is op het voorste gedeelte van het voertuig.

Als de betrokkene de retributie niet betaald heeft binnen de vijftien dagen, wordt een herinnering verstuurd, vermeerderd met een herinneringskost.

 

Artikel 8: Verwerking van persoonsgegevens

In het kader van de uitvoering van dit reglement worden door de gemeente Alken

persoonsgegevens verwerkt in de hoedanigheid van verwerkingsverantwoordelijke in

overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en

toepasselijke wetten en normen die het recht op privacy en gegevensbescherming

waarborgen.

In het kader van de uitvoering van dit reglement worden de volgende persoonsgegevens

verwerkt: persoonlijke contactgegevens, identificatiegegevens, rijksregisternummer /

identificatienummer van de sociale zekerheid.

De meegedeelde persoonsgegevens die deel uitmaken van financiële bewijsstukken worden

na maximaal 10 jaar vanaf de verzending van het aanslagbiljet gewist. De gegevens kunnen

voor een langere periode bewaard worden indien ze uitsluitend worden verwerkt voor

archiveringsdoeleinden voor openbaar belang, voor historisch of wetenschappelijk

onderzoek of voor statistische doeleinden of indien de gemeente Alken daartoe wettelijk

verplicht is.

De gemeente Alken deelt geen persoonsgegevens met derden, behalve in de specifieke

gevallen die hieronder worden vermeld:

- Externe dienstverleners aan wie bepaalde verwerkingsactiviteiten werden uitbesteed: zij

zijn beperkt tot het verwerken van de gegevens in overeenstemming met de door de

gemeente Alken gegeven instructies.

- Andere overheidsinstanties indien dit wettelijk verplicht is of noodzakelijk is voor de

uitvoering van taken van algemeen belang: deze gegevensuitwisseling wordt in de meeste

gevallen geregeld in protocollen, dewelke worden bekendgemaakt op de website van

gemeente Alken.

Indien een betrokken burger of zijn gemachtigde gebruik wil maken van zijn recht op inzage

of andere rechten onder de AVG dan kan men een e-mail sturen naar info@alken.be.

Meer informatie over hoe er wordt omgegaan met persoonsgegevens en de uitoefening van

rechten kan worden gevonden op de privacyverklaring van gemeente Alken.

 

Artikel 8: Melding aan de toezichthoudende overheid en bekendmaking

Van deze beslissing wordt melding gemaakt bij de toezichthoudende overheid

overeenkomstig artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur.

Deze beslissing wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, 287 en 288 van het

Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017.

 

 

Disclaimer

Register der bekendmakingen

Deze webpagina vormt het openbare register van gemeentelijke reglementen en verordeningen, in overeenstemming met het besluit van de Vlaamse regering van 28 april 2023 betreffende de bekendmakingen en raadpleegbaarheid van besluiten en documenten van het lokale bestuur met betrekking tot de manier waarop ze moeten worden bijgehouden.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, zal er een expliciete "bundel" van het document worden opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker.

Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan in een aparte publicatie omgeving die beveiligd en toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.