Zitting van 18 12 2025

 

Belasting op de aanplakborden geplaatst op het grondgebied van de gemeente langs de openbare weg of op een plaats zichtbaar van op de openbare weg.

De belasting op aanplakborden wordt ingevoerd om het gebruik van het openbaar domein voor commerciële reclame op een billijke manier te laten bijdragen aan de gemeentelijke kosten. Aanplakborden beïnvloeden het straatbeeld en kunnen leiden tot visuele vervuiling. Door deze belasting wordt overmatig gebruik ontmoedigd.

 

Feiten en context

De belasting op aanplakborden wordt ingevoerd om het gebruik van het openbaar domein voor commerciële reclame op een billijke manier te laten bijdragen aan de gemeentelijke kosten. Aanplakborden beïnvloeden het straatbeeld en kunnen leiden tot visuele vervuiling. Door deze belasting wordt overmatig gebruik ontmoedigd.

 

Bij gemeenteraadsbesluit van 19 december 2019 werd het belastingreglement op aanplakborden goedgekeurd voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025.

Dit reglement moet opnieuw goedgekeurd worden voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.

 

Juridische grond

Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994;

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen;

Het Decreet van 30 mei 2088 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;

 

Adviezen

Niet van toepassing.

 

Argumentatie

Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle

belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van

de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.

De belasting op aanplakborden wordt ingevoerd om het gebruik van het openbaar domein voor commerciële reclame op een billijke manier te laten bijdragen aan de gemeentelijke kosten. Aanplakborden beïnvloeden het straatbeeld en kunnen leiden tot visuele vervuiling. Door deze belasting wordt overmatig gebruik ontmoedigd. 

 

Met ingang van 1 januari 2026 worden, in de toepasselijke reglementen, de vastgestelde tarieven van het gemeentebestuur herzien. De voorgestelde tariefaanpassingen zijn gerechtvaardigd aangezien de huidige tarieven gedurende een lange periode ongewijzigd zijn gebleven, terwijl de algemene kosten voor het waarborgen van de wettelijke taken en maatschappelijke dienstverlening aanzienlijk zijn gestegen. Deze stijging is onder meer toe te schrijven aan hogere personeelskosten, inflatie en toenemende uitgaven voor onderhoud en investeringen.

Door het uitblijven van een periodieke indexatie is een discrepantie ontstaan tussen de reële kosten van de uitvoering van gemeentelijke verplichtingen en de opbrengsten uit belastingen. Om de financiële duurzaamheid, continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening te garanderen, is een actualisering van de belastingtarieven noodzakelijk en proportioneel.

 

Financiële gevolgen

De ontvangsten zijn voorzien in het meerjarenplan op MJP001247/73422000/0020 - aanplakborden

 

Besluit

12 stemmen voor: Jan Robeyns, Marc Penxten, Cindy Vandormael, Andres Lesire, Frank Vroonen, Elien Secretin, Pierrette Putzeys, Anouck Ponsard, Janne Loix, Alex Dubois, Stefan Jacobs en Filip Vanvinckenroye

8 stemmen tegen: Soetkin Jehaes, Bart Jeuris, Piet Wijgaerts, Paul Dirickx, Joren Froyen, Kris Franssens, Silvia Lieben en Lori Parroni

 

Artikel 1: Belastbare grondslag

De gemeente heft een belasting op de aanplakborden geplaatst op het grondgebied van de gemeente langs de openbare weg of op een plaats zichtbaar van op de openbare weg. Onder aanplakborden worden verstaan elke constructie in onverschillig welk materiaal, geplaatst langs de openbare weg of op een plaats in open lucht die zichtbaar is vanaf de openbare weg, waarop reclame wordt aangebracht door aanplakking, vasthechting, schildering of door elk ander middel. Worden gelijkgesteld met genoemde borden: de muren of gedeelten van muren en de omheiningen die gehuurd of gebruikt worden om reclame op aan te brengen. Voor de muren waarop reclame wordt aangebracht, moet de bedekte totale oppervlakte beschouwd worden als één reclamebord, ook indien er verschillende reclames op voorkomen.

 

Artikel 2: Belastbare periode

De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.

 

Artikel 3: Belastingplichtige (hoofdelijke aansprakelijkheid)

De belasting is verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersoon die het recht heeft gebruik te maken van het aanplakbord en, in bijkomende orde, als de gebruiker onbekend is, de eigenaar van de grond of van de muur waarop het aanplakbord zich bevindt.

 

De natuurlijke of rechtspersoon die het recht heeft gebruik te maken van het aanplakbord en de eigenaar van de grond of van de muur waarop het aanplakbord zich bevindt, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.

 

Artikel 4: Berekeningsgrondslag en tarieven

Deze belasting wordt bepaald per aanplakbord en zij wordt vastgesteld op € 60 per m² of gedeelte van één m². Voor de berekening van de belasting dient de publicitair nuttige oppervlakte, d.w.z. de oppervlakte die voor aanplakking kan worden gebruikt, in aanmerking genomen te worden, met uitzondering van de omlijsting. Niet het oppervlak van het aanplakbiljet is dus betaalbaar. Voor de muren is alleen het gedeelte van de muur belastbaar dat werkelijk voor reclame wordt gebruikt.

 

De belasting is verschuldigd voor heel het jaar, ongeacht het tijdstip in de loop van het jaar waarop het bord wordt geplaatst, in gebruik wordt genomen of wordt weggenomen, met uitzondering van hetgeen bepaald wordt in artikel 6 2° van het reglement. De verwijdering, om welke reden ook, van het aanplakbord tijdens het aanslagjaar geeft geen recht op terugbetaling van de belasting.

 

Artikel 5: Indexering tarieven

De in dit reglement vastgestelde bedragen worden jaarlijks op 1 januari aangepast volgens

de evolutie van het gezondheidsindexcijfer zoals gepubliceerd door Statbel.

De aanpassing gebeurt door het gezondheidsindexcijfer van de maand november van het

jaar dat voorafgaat aan het aanslagjaar te delen door het gezondheidsindexcijfer van de

maand november van het jaar dat voorafgaat aan de inwerkingtreding van dit reglement. Het

aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd met het oorspronkelijke tarief.

 

Het aangepast bedrag wordt afgerond naar het dichtsbijzijnde eurobedrag. De verhoging van

het bedrag van heffing wordt enkel toegepast indien het verschil tussen het oorspronkelijk bedrag en het geïndexeerde bedrag minimum één euro bedraagt.

 

Artikel 6: Vrijstellingen

1° de aanplakborden geplaatst op of aan de handelshuizen welke dienen voor het maken van reclame, die betrekking heeft op de handel die in deze huizen wordt uitgeoefend op voorwaarde dat de afstand tussen het aanplakbord en het handelshuis in kwestie niet meer dan 20 meter bedraagt;

2° de aanplakborden, die opgericht worden na 1 december van het jaar waarop de belasting slaat;

3° de aanplakborden geplaatst door openbare besturen of openbare diensten voor zover geen winst beoogd wordt;

4° de aanplakborden, die enkel en alleen gebruikt worden bij gelegenheid van wettelijke verkiezingen;

5° de aanplakborden, die enkel en alleen gebruikt worden voor notariële aankondigingen;

6° de aanplakborden, alhoewel zichtbaar van op de openbare weg, geplaatst op sportterreinen en gericht naar de plaats van de sportbeoefening;

7° de borden geplaatst door politieke, culturele, sportieve, sociale of godsdienstige organisaties, wanneer het gaat om aankondigingen van hun eigen activiteiten op politiek, cultureel, sportief, sociaal of godsdienstig vlak, op voorwaarde dat die borden niet langer dan 6 weken voor de aankondiging van hun activiteit aangewend worden.

 

Artikel 7: Aangifteplicht

De bij artikel 3 van dit reglement vernoemde belastingplichtigen zijn gehouden de in dit belastingreglement vermelde belastingobjecten op te geven volgens de toestand op 1 januari van het belastingjaar aan het gemeentebestuur van de gemeente waar de belastbare elementen zich bevinden. De aanplakborden dienen op de aangifte nauwkeurig te worden gelokaliseerd.

Aan de belastingplichtigen worden voor het begin van het belastingjaar de nodige aangifteformulieren overgemaakt.

Zij zijn er toe gehouden om de belastbare objecten aan te geven binnen de 30 dagen na ontvangst van het aangifteformulier. De belastingplichtige die geen aangifteformulier zou ontvangen hebben, is verplicht er een aan zijn gemeentebestuur te vragen vóór het einde van de maand juni van elk aanslagjaar.

De belastingplichtige die, na inzameling van de aangiften door het gemeentebestuur, belastingplichtig wordt of die het oorspronkelijk opgegeven aantal belastingobjecten vermeerdert of de oppervlakte van deze objecten vergroot, is verplicht uit eigen beweging hiervan binnen de 20 dagen aangifte te doen bij het gemeentebestuur.

 

Artikel 8:  Wijze van inning

De belasting wordt ingekohierd op naam van de natuurlijke of rechtspersonen die volgens artikel 3 van deze belastingverordening belastingplichtig zijn.

 

Artikel 9:  Meldingsplicht bij verkoop of overdracht

De belastingplichtige die zijn aanplakbord(en) verkoopt of overdraagt is verplicht dit binnen de veertien dagen mede te delen aan de financieel directeur. In dit geval mag de voor het lopend jaar betaalde belasting overgedragen worden op naam van de persoon die het nieuw beschikkingsrecht heeft over het aanplakbord.

 

Artikel 10:  Ambtshalve vestiging en belastingverhoging

Bij gebrek aan aangifte binnen de termijn als vermeld in artikel 7, of in geval van onjuiste,

onvolledige of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting ambtshalve worden gevestigd,

volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt.

 

De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd

gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het dienstjaar. Deze termijn

wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te

bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.

 

In het geval van de ambtshalve vestiging van de belasting wordt de belasting verhoogd met

100%.

 

Artikel 11: Vaststelling overtredingen

De overtredingen op dit reglement worden vastgesteld door een daartoe aangesteld personeelslid van de gemeente.

De door hen opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het

tegendeel.

 

Artikel 12: Wijze van inning

De belasting wordt ingevorderd met een kohier.

De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni

van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.

Het kohier wordt overgezonden aan de financieel directeur die onverwijld zorgt voor de

verzending van de aanslagbiljetten, zonder kosten voor de belastingschuldige.

 

Artikel 13: Betalingstermijn

De belasting moet betaald worden binnen de twee maanden na de verzending

van het aanslagbiljet.

 

Artikel 14: Bezwaarmogelijkheid

De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de

belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van

burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei

2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en

gemeentebelastingen.

Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf

de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de

kennisgeving van de aanslag.

 

Artikel 15: Verwerking van persoonsgegevens

In het kader van de uitvoering van dit reglement worden door de gemeente Alken persoonsgegevens verwerkt in de hoedanigheid van verwerkingsverantwoordelijke in overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en toepasselijke wetten en normen die het recht op privacy en gegevensbescherming waarborgen.

In het kader van de uitvoering van dit reglement worden de volgende persoonsgegevens verwerkt: persoonlijke contactgegevens, identificatiegegevens, rijksregisternummer / identificatienummer van de sociale zekerheid.

De meegedeelde persoonsgegevens die deel uitmaken van financiële bewijsstukken worden na maximaal 10 jaar vanaf de verzending van het aanslagbiljet gewist. De gegevens kunnen voor een langere periode bewaard worden indien ze uitsluitend worden verwerkt voor archiveringsdoeleinden voor openbaar belang, voor historisch of wetenschappelijk onderzoek of voor statistische doeleinden of indien de gemeente Alken daartoe wettelijk verplicht is.

De gemeente Alken deelt geen persoonsgegevens met derden, behalve in de specifieke gevallen die hieronder worden vermeld:

- Externe dienstverleners aan wie bepaalde verwerkingsactiviteiten werden uitbesteed: zij zijn beperkt tot het verwerken van de gegevens in overeenstemming met de door de gemeente Alken gegeven instructies.

- Andere overheidsinstanties indien dit wettelijk verplicht is of noodzakelijk is voor de uitvoering van taken van algemeen belang: deze gegevensuitwisseling wordt in de meeste gevallen geregeld in protocollen, dewelke worden bekendgemaakt op de website van gemeente Alken.

Indien een betrokken burger of zijn gemachtigde gebruik wil maken van zijn recht op inzage of andere rechten onder de AVG dan kan men een e-mail sturen naar  info@alken.be.

Meer informatie over hoe er wordt omgegaan met persoonsgegevens en de uitoefening van rechten kan worden gevonden op de privacyverklaring van gemeente Alken.

 

 

Disclaimer

Register der bekendmakingen

Deze webpagina vormt het openbare register van gemeentelijke reglementen en verordeningen, in overeenstemming met het besluit van de Vlaamse regering van 28 april 2023 betreffende de bekendmakingen en raadpleegbaarheid van besluiten en documenten van het lokale bestuur met betrekking tot de manier waarop ze moeten worden bijgehouden.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, zal er een expliciete "bundel" van het document worden opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker.

Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan in een aparte publicatie omgeving die beveiligd en toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.