Stefan Jacobs Bart Jeuris Cindy Vandormael Anouck Ponsard Kris Franssens Pierrette Putzeys Elien Secretin Piet Wijgaerts Soetkin Jehaes Silvia Lieben Jan Robeyns Frank Vroonen Paul Dirickx Filip Vanvinckenroye Joren Froyen Pascal Giesen Janne Loix Lori Parroni Alex Dubois Andres Lesire Marc Penxten Stefan Jacobs Bart Jeuris Cindy Vandormael Anouck Ponsard Kris Franssens Pierrette Putzeys Elien Secretin Piet Wijgaerts Soetkin Jehaes Silvia Lieben Jan Robeyns Frank Vroonen Paul Dirickx Filip Vanvinckenroye Joren Froyen Janne Loix Lori Parroni Alex Dubois Andres Lesire Marc Penxten Frank Vroonen Pierrette Putzeys Alex Dubois Cindy Vandormael Jan Robeyns Andres Lesire Stefan Jacobs Elien Secretin Anouck Ponsard Janne Loix Filip Vanvinckenroye Marc Penxten Joren Froyen Kris Franssens Lori Parroni Paul Dirickx Bart Jeuris Soetkin Jehaes Piet Wijgaerts Silvia Lieben aantal voorstanders: 12 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 8 Goedgekeurd
Zitting van 18 12 2025
Belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij het optrekken van nieuwe gebouwen en bij het uitvoeren van verbouwingswerken/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen.
De belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij nieuwbouwprojecten en bij het uitvoeren van verbouwingswerken en/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen is ingevoerd om een evenwichtige mobiliteit en leefbaarheid in de gemeente te waarborgen. Nieuwe gebouwen zonder voldoende parkeervoorzieningen veroorzaken extra druk op het openbaar domein en leiden tot parkeerproblemen in de omgeving. Door deze belasting wordt de bouwheer gestimuleerd om zelf in de nodige parkeerplaatsen te voorzien, wat bijdraagt aan een ordelijk straatbeeld, verkeersveiligheid en een duurzame mobiliteitsplanning.
Feiten en context
De belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij nieuwbouwprojecten en bij het uitvoeren van verbouwingswerken en/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen is ingevoerd om een evenwichtige mobiliteit en leefbaarheid in de gemeente te waarborgen. Nieuwe gebouwen zonder voldoende parkeervoorzieningen veroorzaken extra druk op het openbaar domein en leiden tot parkeerproblemen in de omgeving. Door deze belasting wordt de bouwheer gestimuleerd om zelf in de nodige parkeerplaatsen te voorzien, wat bijdraagt aan een ordelijk straatbeeld, verkeersveiligheid en een duurzame mobiliteitsplanning.
Bij gemeenteraadsbesluit van 24 oktober 2019 werd het belastingreglement op ontbrekende parkeerplaatsen goedgekeurd voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025.
Dit reglement moet opnieuw goedgekeurd worden voor de aanslagjaren 2026 tot en met
2031.
Juridische grond
Artikel 170 §4 van de Grondwet;
Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, zoals gewijzigd ;
De gemeentelijke stedenbouwkundige verordening op het aanleggen van parkeerplaatsen, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 30 april 2015;
Adviezen
Niet van toepassing.
Argumentatie
De belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij nieuwbouwprojecten en bij het
uitvoeren van verbouwingswerken en/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen
is ingevoerd om een evenwichtige mobiliteit en leefbaarheid in de gemeente te waarborgen.
Nieuwe gebouwen zonder voldoende parkeervoorzieningen veroorzaken extra
druk op het openbaar domein en leiden tot parkeerproblemen in de omgeving. Door deze
belasting wordt de bouwheer gestimuleerd om zelf in de nodige parkeerplaatsen te voorzien,
wat bijdraagt aan een ordelijk straatbeeld, verkeersveiligheid en een duurzame
mobiliteitsplanning
Met ingang van 1 januari 2026 worden, in de toepasselijke reglementen, de vastgestelde
tarieven van het gemeentebestuur herzien. De voorgestelde tariefaanpassingen zijn
gerechtvaardigd aangezien de huidige tarieven gedurende een lange periode ongewijzigd
zijn gebleven, terwijl de algemene kosten voor het waarborgen van de wettelijke taken en
maatschappelijke dienstverlening aanzienlijk zijn gestegen. Deze stijging is onder meer toe
te schrijven aan hogere personeelskosten, inflatie en toenemende uitgaven voor onderhoud
en investeringen.
Door het uitblijven van een periodieke indexatie is een discrepantie ontstaan tussen de reële
kosten van de uitvoering van gemeentelijke verplichtingen en de opbrengsten uit
belastingen. Om de financiële duurzaamheid, continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening
te garanderen, is een actualisering van de belastingtarieven noodzakelijk en proportioneel.
Financiële gevolgen
De ontvangsten zijn voorzien in het meerjarenplan op MJP001029/73730000/0020 - ontbreken van parkeerplaatsen.
Besluit
12 stemmen voor: Jan Robeyns, Marc Penxten, Cindy Vandormael, Andres Lesire, Frank Vroonen, Elien Secretin, Pierrette Putzeys, Anouck Ponsard, Janne Loix, Alex Dubois, Stefan Jacobs en Filip Vanvinckenroye
8 stemmen tegen: Soetkin Jehaes, Bart Jeuris, Piet Wijgaerts, Paul Dirickx, Joren Froyen, Kris Franssens, Silvia Lieben en Lori Parroni
Artikel 1: Belastbare grondslag
De gemeente heft een belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij het optrekken van nieuwe gebouwen en bij het uitvoeren van verbouwingswerken en/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen.
Artikel 2: Belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3: Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de houder van een stedenbouwkundige vergunning die wordt aangevraagd na de eerste invoering van dit reglement en die:
1° op grond van deze vergunning, ontheven wordt van de verplichting of in de onmogelijkheid verkeert één of meer van de in de stedenbouwkundige vergunning voorgeschreven parkeerplaatsen aan te leggen binnen de voorgeschreven tijd;
2° één of meer van de in deze stedenbouwkundige vergunning verplicht aan te leggen parkeerplaatsen niet heeft aangelegd binnen de voorgeschreven tijd;
3° een andere bestemming geeft aan parkeerplaatsen, welke voor een stedenbouwkundige vergunning in aanmerking kwamen, voor de berekening van het aantal nodige parkeerplaatsen en indien de inrichting blijft bestaan waaraan deze parkeerplaatsen verbonden zijn.
Artikel 4: Vrijstellingen
De belasting is niet van toepassing indien er kan worden aangetoond dat de toepassing van de verordening leidt tot een onredelijke situatie, mits de nodige motivatie en bewijzen.
Onder “onredelijke situatie” wordt verstaan dat in het aanvraagdossier voor het bekomen van een stedenbouwkundige vergunning voor andere functies dan de woonfunctie, kan worden aangetoond dat het vereist aantal parkeerplaatsen niet in verhouding is met de werkelijke bezetting van het gebouw waardoor een onredelijke situatie wordt gecreëerd.
Artikel 5: Berekeningsgrondslag en tarieven
Alle bepalingen opgenomen in het gemeenteraadsbesluit van 30 april 2015 (en latere wijzigingen) aangaande de stedenbouwkundige verordening op het aanleggen van parkeerplaatsen buiten de openbare weg zijn van toepassing op onderhavig belastingreglement.
De belasting is verschuldigd na de definitieve vaststelling van het aantal ontbrekende parkeerplaatsen zoals omschreven in de stedenbouwkundige verordening.
De belasting bedraagt 8.400,00€ per ontbrekende parkeerplaats.
Artikel 6: Indexering tarieven
De in dit reglement vastgestelde bedragen worden jaarlijks op 1 januari aangepast volgens
de evolutie van het gezondheidsindexcijfer zoals gepubliceerd door Statbel.
De aanpassing gebeurt door het gezondheidsindexcijfer van de maand november van het
jaar dat voorafgaat aan het aanslagjaar te delen door het gezondheidsindexcijfer van de
maand november van het jaar dat voorafgaat aan de inwerkingtreding van dit reglement. Het
aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd met het oorspronkelijke tarief.
Het aangepast bedrag wordt afgerond naar het dichtsbijzijnde eurobedrag. De verhoging van
het bedrag van heffing wordt enkel toegepast indien het verschil tussen het oorspronkelijk
bedrag en het geïndexeerde bedrag minimum één euro bedraagt.
Artikel 7: Belastingverhoging
Indien de belastingplicht ontstaat door het niet aanleggen van de in de stedenbouwkundige vergunning verplicht aan te leggen parkeerplaatsen, zal er een bijkomende toeslag van 25%worden geteld op basis van het totale belastingbedrag.
Artikel 8: Wijze van inning
De belasting wordt ingekohierd op naam van de natuurlijke of rechtspersonen die volgens
artikel 3 van deze belastingverordening belastingplichtig zijn.
Artikel 9: Betalingstermijn
De belasting moet betaald worden binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 10: Bezwaarmogelijkheid
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de
belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van
burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei
2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en
gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf
de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de
kennisgeving van de aanslag.
Artikel 11: Verwerking van persoonsgegevens
In het kader van de uitvoering van dit reglement worden door de gemeente Alken
persoonsgegevens verwerkt in de hoedanigheid van verwerkingsverantwoordelijke in
overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en
toepasselijke wetten en normen die het recht op privacy en gegevensbescherming
waarborgen.
In het kader van de uitvoering van dit reglement worden de volgende persoonsgegevens
verwerkt: persoonlijke contactgegevens, identificatiegegevens, rijksregisternummer /
identificatienummer van de sociale zekerheid.
De meegedeelde persoonsgegevens die deel uitmaken van financiële bewijsstukken worden
na maximaal 10 jaar vanaf de verzending van het aanslagbiljet gewist. De gegevens kunnen
voor een langere periode bewaard worden indien ze uitsluitend worden verwerkt voor
archiveringsdoeleinden voor openbaar belang, voor historisch of wetenschappelijk
onderzoek of voor statistische doeleinden of indien de gemeente Alken daartoe wettelijk
verplicht is.
De gemeente Alken deelt geen persoonsgegevens met derden, behalve in de specifieke
gevallen die hieronder worden vermeld:
- Externe dienstverleners aan wie bepaalde verwerkingsactiviteiten werden uitbesteed: zij
zijn beperkt tot het verwerken van de gegevens in overeenstemming met de door de
gemeente Alken gegeven instructies.
- Andere overheidsinstanties indien dit wettelijk verplicht is of noodzakelijk is voor de
uitvoering van taken van algemeen belang: deze gegevensuitwisseling wordt in de meeste
gevallen geregeld in protocollen, dewelke worden bekendgemaakt op de website van
gemeente Alken.
Indien een betrokken burger of zijn gemachtigde gebruik wil maken van zijn recht op inzage
of andere rechten onder de AVG dan kan men een e-mail sturen naar info@alken.be.
Meer informatie over hoe er wordt omgegaan met persoonsgegevens en de uitoefening van
rechten kan worden gevonden op de privacyverklaring van gemeente Alken.
Register der bekendmakingen
Deze webpagina vormt het openbare register van gemeentelijke reglementen en verordeningen, in overeenstemming met het besluit van de Vlaamse regering van 28 april 2023 betreffende de bekendmakingen en raadpleegbaarheid van besluiten en documenten van het lokale bestuur met betrekking tot de manier waarop ze moeten worden bijgehouden.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, zal er een expliciete "bundel" van het document worden opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker.
Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie heeft plaatsgevonden.
Al deze gegevens staan in een aparte publicatie omgeving die beveiligd en toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.